De stenen bank stond tussen twee rozenstruiken. Greorius lag op zijn rug en keek met holle ogen naar de blauwe lucht. HIj bleef roerloos liggen, zijn hle lijf deed pijn. Hij wilde overiend krabbelen maar het lukte niet: stevige touwen sneden in zijn polsen. Hij schreeuwde het uit.
Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.
Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver.
