Op Godsakker, daar fluisteren de bomen;
ze spreken zacht, over de dood van de man,
hij verstoorde hun kalme, vaste plan
wat hij verlangde, stierf in zachte dromen.
Ze wilden hem niet op het weidse land
of achter de struik bij de oude kerk,
waar mos en onkruid kerven in de zerk
en schimmen fluisteren met hun nieuwe klant.
Het land kon hij voorlopig nog niet kopen
en zelfs de roos op het militaire graf
sluimerde stil onder een grote vlag.
Vannacht houdt men de ingang voor hem open
het sterven onderzocht zwijgend zijn straf
hij glimlachte naar zijn zoon die naast hem lag.
