achter me aan het ronde tafeltje
roepen twee jonge mannen
wat ze niet te zeggen hebben
(ik verzin dit niet: het gesprek verliep zoals het hieronder staat)
"eigenlijk heb je een soort een deel van een grote puzzel
en da's fucking waardevol, en dan op het einde what the fuck"
"dat lijkt mij heel logisch"
"ik heb er nog nooit over nagedacht, maar dat is mijn probleem"
"ja maar toch is het logisch"
"is dat niet gewoon focus?"
"je moet kijken wat het meeste opbrengt natuurlijk"
Robin, zeven jaar, fluisterde gisterenavond door de stilte heen
die spontaan ontstond
nadat ik zes bladzijden uit haar boek had voorgelezen
(ik kan die meid te weinig weigeren, zegt Joke)
"kom je bij me liggen, papa?"
"Ik ga eerst een verhaaltje vertellen bij Arthur, meisje, en dan kom ik, is dat goed"
"pinkiebelofte?"
"pinkiebelofte!"
(we haken - hihi, tussen deze haakjes - onze pinken in elkaar)
ze sliep al toen ik terugkwam
maar beloofd was beloofd
ze kroop instinctief dicht tegen me aan
en ademde veelzeggend in mijn oor
hoe anders is deze koffievolle ochtend
- de muziek staat trouwens ook te luid
(ik vertel dit en plots denk ik: oeps, ik heb een gedicht
over gesprekken gedicht: eentje bij het breken van de dag,
eentje bij het dichten ervan)