Haaropstand

24 apr 2026 · 35 keer gelezen · 0 keer geliket

In het koele licht van de kapperszaak vielen de donkere kringen om haar ogen hard op. De vermoeidheid had zich in en rond haar blik gevestigd en het leek erop dat deze daar nog even ging blijven. Haar net gewassen haar viel op haar schouders en de uiteinden zwiepten omhoog als gekrulde zwaluwstaartjes. De kapster had het naar achter gekamd, maar het haar gleed zonder aarzelen weer naar de het kapsel dat ze nu al jaren droeg: steil naar beneden, een deftige zijstreep aan de linkerkant, met enkele weerbarstige haartjes aan het begin van de scheidinglijn. Ze haatte die priegelige haartjes die zich op haar hoofd nestelden na haar zwangerschappen. Alsof vanaf dan alles klein en onbeduidend hoorde te zijn, inclusief zijzelf. ‘Vandaag kies ik eens iets anders’, hoorde ze zichzelf zeggen tegen de kapster. Ze viste haar smartphone vanonder de mantel, en toonde een foto van zichzelf, zo’n 7 jaar geleden. ‘Dit wil ik’, en met een knikje stemde de kapster in. 

Ze was vergeten hoe ze hield van het krakende geluid van de schaar die zich in de haren vastbeet. Het regende stukjes zwaluwstaart en brokjes oude overtuiging. Stilaan werd het meer duidelijk waar ze naartoe wou. Een rechte frou. Scherp, aanwezig, speels en frivool dansend op haar voorhoofd. Een nieuwe grens aan haar wenkbrauwen. Er borrelde iets op in haar borst, iets wat al te lang onder haar huid had liggen fermenteren. Er nestelde zich een bittere smaak in haar mond. De zijstreep had haar jaren wijsgemaakt dat ze zich moest schikken. Aan de zijlijn blijven. Ze had te vaak geknikt, weggewuifd, opgekropt. Ze was de scheidsrechter binnen het gezin die telkens weer beslissingen moest nemen, en grenzen moest aangeven. Behalve bij zichzelf, daar bestonden geen grenzen. Ze was bezet gebied waar haar kinderen en haar man de plak zwaaiden. Maar de zijlijn was nu een rechte lijn geworden. Haar frou schreeuwde: ‘tot hier, maar niet verder’. 

Ze zag het meteen aan zijn gezicht. Een bedenkelijke blik, gevolgd door een twijfelende glimlach. ‘Waarom heb je dat gedaan’, vroeg hij. Zijn ogen bleven hangen op haar voorhoofd. 
‘Gewoon. Omdat ik het wou’, antwoordde ze. 
‘Je weet dat ik een rechte frou niet mooi vindt. Het was toch goed zoals het was? En waarom vraag je zoiets niet eerst?’, zei hij. Hij probeerde het onschuldig te laten klinken, maar ze hoorde de afwijzing de boventoon voeren. 
‘Ik wil gewoon terug mezelf zijn’, en met die woorden rechtte ze haar rug. 
Er kwam een golf van zuur opzetten. Wat al jaren had zitten gisten leek zich nu een weg uit haar lichaam te zoeken. Ze slikte om het zuur terug beneden te duwen maar de wrange smaak liet zich niet wegjagen. Niet nu, fluisterde het. 
Hij zuchtte. “Je hoeft niet meteen zo defensief te doen. Ik zeg gewoon mijn mening.”
“Jouw mening, zoals altijd” zei ze, haar stem nu scherper. “En daarbij, wat kan jou die f*cking frou schelen? Het is toch gewoon maar wat haar?”
Ze merkte hoe het stof in het zonlicht opdwarrelde, en dan langzaam naar beneden kwam. De stilte sijpelde de ruimte binnen. Ze was zich plots bewust van haar borst die op en neer ging. Ze zoog haar longen vol met lucht en stof. Hij wendde zijn blik af en wandelde de kamer uit. De stilte woog en haar hart raasde, maar ze bleef gewoon staan. Voor het eerst in lange tijd nam ze zichzelf opnieuw bij de hand en liep ze niet achter hem aan. De frou ruste genoegzaam op haar voorhoofd. Het verzet was ingezet. 

Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.

Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver.

24 apr 2026 · 35 keer gelezen · 0 keer geliket