De zon keert zich om,
alsof zij zich schaamt
voor wat zij achterliet
in de jaszak van de nacht.
De rand van het licht verkilt.
Adem wordt dun.
Het licht aarzelt,
houdt zich in,
zoals iemand
die te lang blijft staan.
De klok tikt niet meer hard.
Zijn eigen slag
verdwijnt tegen de muur,
alsof de tijd
zich terugtrekt.
Een laatste beweging lost op.
Haar richting verdwijnt.
Alleen het natrillen
blijft hangen
in stof en tijd.
—
Dit.
Geen einde.
Geen antwoord.
Een komma
van donker.
Hier wennen je ogen
aan minder.
Hier leren je handen
loslaten.
Luister.
Stilte
is niet leeg.
Zij weegt,
zwaar
als lucht
voor regen.
Vragen
verliezen hun tanden
wanneer je ze laat vallen.
Blijf.
Niet omdat het veilig is,
maar omdat je valt
en iets
je opvangt.
De grond
onthoudt je gewicht.
Iets onder je
blijft dragen,
ook wanneer alles stilstaat
en jij
niets hoeft
te zijn.
Mephis (aka) Evelyn Mérida

