Het universum is klein behuisd,
leeft in achtergebleven kruimels op het aanrecht,
een verloren haartje in de lavabo
of de paardenbloemparachute
die naar de tuin van de buren verhuist,
in de wimper waar een verbeten traan mee vecht
of dat onooglijk sproetje in je hals.
Ja, daar woont het sowieso.
