Hoe haar oude handen fors een vers gewassen handdoek vouwen,
nog warm van het drogen. Dwingend, maar uit toewijding naar
haar hand gezet, zegt ze.
Hoe haar oude handen de stof bevoelen en achter de spiegel
van vermoeide ogen naar een verloren herinnering zoeken,
een verleden herbeleven en zij het zorgvuldig in de plooi legt.
Als een manier van rouwen.
Hoe haar oude handen de gedachten aan hem en het katoen
gladstrijken, zonder valse rimpels. Om te troosten, net gelijk
wasverzachter, zegt ze.
