valavond en ik zit bij het raam, gedachten strompelen voorbij in een oude man, een hond, aan de lijn het duister
het nadert, en blaft niet lang
in mijn knie die op en neer gaat, op en neer, in mijn bevende been zit emotie, een jas moedigt me aan
naar de voordeur, ik stap het maanlicht in
een vriendelijke regenbui plenst richting aarde, er valt wat van mijn schouders, ik schud het nat van me af
straks ben ik weer thuis
zacht geblaf komt uit mijn mond, ik slaap in een mand, oogopslag van een nieuwe ochtend

