ziek kind: eet niet, drinkt niet, moet aan infuus, snel snel met spoed naar de spoed waar een vriendelijke arts een paar uur op zich laat wachten; "je komt beter 's morgens, meneer, dan is het hier niet zo druk" (sorry, dat moest ik even kwijt; het is ook allemaal zo echt gebeurd)
haar mond staat vol aften, ware kraters
op haar tong en wang, tegen haar gehemelte
(is het tekenend voor wat het leven kan betekenen?
kan ik het aangrijpen om dit te schrijven?)
"ik heb honger, maar het doet pijn"
broer mag bij zijn moeke en vake in het logeerbed
wie blijft er hier, wie gaat er morgen naar het werk?
je zegt tegen jezelf dat het goed komt, maar
je moet het zeggen om het te kunnen geloven
(het is ook allemaal niet zo dramatisch als het lijkt)