je huilde niet
hoop kapseisde in de kamer
een kraambed verdraagt immers
geen stilte
gehaaste handen wikkelden je
in een doopkleed van aluminium
namen je mee
te ver van mijn reikende handen
te ver om ooit nog je weg terug te vinden
ze hoorden ons niet schreeuwen
thuis trok alle lucht uit de kamers
het galmende huis met onbeslapen bedden
klapte ineen toen ik het verliet
niemand hoorde ons breken
