In een wereld leef ik die zichzelf berekent -
een computer, algoritmen, een programma -,
helemaal berekenbaar blijkt ze niet.
Ik ontdek, los het raadsel toch niet op.
Een eindstation zal ik op mijn reis nooit vinden,
alleen complexe, nieuwe informatieborden.
Ik bewijs: de schepping van mijn wereld is failliet.
Ik improviseer: mijn universum is de jazz.
Ik ontdek de nieuwe melodieën en ik spring.
Ik bereken nu niet langer, maar speel mooi en nieuw.