Ik houd ervan om weg te waaien
verdwijnen naar de zeelucht
over het strand waar zeedruppels
hersenspinsels de nek omdraaien
waar spoken smelten in brandend zout
en de meeuwen mijn rugzak afpakken
in geen schelp verstop ik me hier houdt
geen schaduw me om in te verzakken
de zeewind etaleert haar felle kracht
we wervelen samen over een golfbreker
weer terug blaast ze tranen weg en lacht
Ik vind mijn spiegel-niet-aan-de-wand
waar ik mij naar zeelucht meeneem daar
spoel ik weer aan daar ben ik geland
AMK

