1.
de oogst van gister
brood voor morgen; het leven
van een trekpaard
2.
wasvrouwen –
hun gesprekken meegevoerd
door de stroom
3.
een dorpje –
wolken trekken voorbij
in een diepe droom
4.
de speler –
op zijn rug torst hij de last
van een dobbelsteen
5.
bloemen in een vaas –
de eerste blaadjes vallen
of zijn het vlinders
6.
gekwaak –
uit de mist verschijnen
ineens eendjes
7.
door de wolken
een maan die de stadstoren
zijn trots teruggeeft
8.
haar aanwezigheid
houdt hem ’s nachts wakker –
Japanse pop
9.
een oorbel schittert
net wanneer de man zijn oog
op haar laat vallen
10.
een naakte vrouw
vastgeketend aan een rots –
dreigende wolken
11.
een mensenengel
met vleugels gebeiteld
uit granietsteen
12.
een lange dag –
de klok op de kerktoren
slaat twaalf uur