Penrose lees ik en zijn tekst vervaagt.
Margrieten in de vaas staan helder,
ook tafelkleed, parket, tapijt.
Ik adem hoorbaar uit,
mijn middenrif zakt in,
mijn hart klopt traag,
ik voel mijn huid.
Ik proef en meet zijn stem.
Ik ets. Dit beeld zinkt in.