Een mens kan zonder linker en rechtervoet,
terwijl het lopen zich blijft bezeren.
Waarom zou je op een beweging teren,
als verlies nog altijd niet weet wat het doet?
Het allerliefste aten ze een marathon,
vooral dan de flauwe bochten en randen,
de oneffen grond waar ze op landen,
en ik weer van de hevige pijn won.
Aan de schrale huid woonde menige wond,
een stukje winst dat het net niet haalde,
waardoor de finale nog steeds niet zong.
Ze wisten dat nonchalance bestond,
de hevige strijd achteloos vertaalde;
ze ademen wat mijn leven binnen drong.
