ik leefde alleen nog maar op
mistige illusies en een enkele schimmige vlek
vond geen plek meer
om mezelf levend in te begraven
dus had ik me dan maar onder het bed
verstopt
waar spinnen onverstoord hun huizen bleven
weven
en verboden dromen werden waargemaakt
wij hadden elkaar nog nooit omhelsd
nooit de warmte van een zelfde moederschoot
gedeeld
het was mijn eerste en zou mijn laatste worden
en
hoe dieper we het donkere bos in werden gedreven
hoe zwaarder het me viel om niet in licht
gehinnik uit te barsten
niet blindelings de krassen te negeren die onveilig
in mijn zere hartstreek waren
aangebracht
