Stukken van mensen; hier is visser Fred.

30 jun. 2016 · 0 keer gelezen · 0 keer geliket

Hier is visser Fred.

Een man met nieuw vismateriaal en een raam om door te kijken. Hij ziet het water.

Hij wordt lid van de visclub zodra het raam uit pvc aangekocht is.

 

De andere leden kijken op wanneer hij gedecideerd naar de visput komt gelopen.

Ze zijn verbaasd; een handige helper monteert het raam in het gras, zet er een versleten visbak achter. De jongen controleert nog even, keurt het goed en Fred neemt plaats.  Hij houdt ervan naar buiten te kijken. Naar het water, de andere gezichten, de drijvende wolken in de verte.

Hij zuigt zich vol met lucht. Zijn kastanjebruine haar tot op schouderlengte, het pokdalige gelaat ongeschoren. 

 

Op de tweede zondag aan de visput heeft hij zijn helper weer mee. Die draagt een deur onder de arm. Opnieuw monteert hij dat ding in het gras. Vissers kijken vol ongeloof naar wat gebeurt.  Eerst een raam bij de vijver, dan een deur uit pvc. Wordt daar schaamteloos een opslagplaats opgetrokken? De andere leden begrijpen dat ze hem moeten stoppen. Wat zullen de vissen daarvan denken? Waterwezens worden niet graag begluurd door ramen en deuren, door de ogen van een visser met ondoorzichtige plannen? Belangrijk is om goed te weten wat de vissen willen eten.

 

De snoeken wilden geurende dode zeevis. Ze snakten naar een kikker om door te slikken. Daar droeg elk lid van de visclub een verpletterende verantwoordelijkheid. Met een plug in hun kieuwen zweefden de snoeken in een boog van onderwater door de lucht. Tijdens die vlucht kietelde hun buik tot ze bij de vissers aankwamen. Een ruwe hand nam hen beet en wierp hen weer de vijver in. En nog een hand, en nog één...

Behalve de hand van Fred. Hij liet de vangst op het droge gras liggen of smeet ze zonder veel zorg in de visbak. Liet daar geen streepje licht meer binnen.

 

De derde zondag. Zonnig, 24 graden celsius en een gematigde wind. Ze verzamelden in het vergaderlokaal. Iedereen was het erover eens: hij kon niet blijven. Hij had het profiel van iemand die zich wilde isoleren en respecteerde de wet op terugzetting van snoeken niet. Hij moest eruit! 

'Kende hij de wetgeving?' Jack bleef goedgelovig tot het tegendeel bewezen was.

 

Op de vierde zondag werd de nieuweling verrast. Hij zat weer bij het water en staarde door het raam naar zijn vislijn. Naast hem op de grond werd de hoeveelheid lege flesjes bier steeds groter. Omstreeks vier uur viel hij in een korte maar diepe slaap, de lijn slap in de hand. Van zijn gesnurk werden de vogels bang. Grassprieten maakten dat ze weg kwamen door hun eindjes aan mekaar te knopen en weg te duiken in de aarde. Daar was het heerlijk stil. 

De snoeken werden zenuwachtig. Van stress wipten ze naar het oppervlak van het water. Steeds maar wippend naar het oppervlak en dan weer met de neuzen naar beneden. Dat duurde een heel kwartier, veel te lang voor vissen met een grote honger. Ze versterkten al doende wel hun spieren.

Na een onuitstaanbaar half uur maakten ze gebruik van die fysieke kracht en sprongen vijandig naar het ergerlijke gesnor, met hun scherpste tanden richting het slapende lichaam. Ze zogen zich vast op zijn huid. Ze beten gretig stukken vlees uit hem tot ze er moe van werden.

 

Dan vormden ze een kring rond de bloedende man. Met ogen als helden in hun kassen. Met korte stootjes stem uit de keel gaven ze blijk van een geslaagde missie.

 

Jack stond nog bij het raam in het gras. Hij opende het en liet een lage, donkere wolksliert binnen.

 

 

 

 

 

 

Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.

Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver en help je hem of haar verder op weg.

30 jun. 2016 · 0 keer gelezen · 0 keer geliket