Ik ben de Escher van de poëzie
en creëer met zinnen een illusie.
Mijn woorden zijn van hout, onbuigzaam, strak.
In mijn speelgoedkisten liggen
rechte houten blokken, dito hoekstukken.
Ik meet en lijm onmogelijke driehoeken op.
Lees je mijn regels onder één bepaalde hoek,
dan grijpen armen in elkaar.
Draai je door of zwaai ik met mijn hand
tussen regels in, dan merk je mijn bedrog.
Maar staar je niet op foute hoek, op korte afstand
of op taalillusie blind: mijn woorden overlappen.
Ik ben de Escher van de poëzie
en bouw de Penrose-driehoek
met rechte stukken, zonder draaien of verwringen.
Vergis je niet: ik lijm elk gedicht dat jou bedriegt,
en biedt een eeuwig vergezicht
van licht en hoe het draait.