VAN WAT ZIJ DAARNA DAN

20 dec 2015 · 16 keer gelezen · 1 keer geliket

VAN WAT ZIJ DAARNA DAN

 

De dagen blijven groeien tot het duister wordt zeg ik haar terwijl geluid van treinen op de ingesneeuwde sporen glijdt naar verre achtergronden en weer terugkomt. Dit is namelijk een verlaten zuidstation een strand voor aangespoelde vogels waar niemand ooit verwacht dat avondtreinen toch vertrekken.

 

Het is maar dat jij het ziet probeer ik nog, het resterende winterlicht, de dag die afbreekt in ijs en kraakt en valt en ja wij verlaten onszelf. De stad schrapt zich uit ons wederzijds archief, zij wordt steeds kleiner op de achtergrond van uitgestelde noodzaak. Maak je geen zorgen zeg jij dan, weldra vind jij je scherven toch terug om daarna alles te vergeten.

 

Toch moet ik bekennen: al jaren ken ik jou, zoals jij jezelf al jaren kent, jij bént de stad. Jij vindt wel je binnenkant terug waar iedereen die slaapt zijn naam vergeet en iedereen die vergeet te slapen droomt van onbestaande vrede. Alsof er op deze dag aan dit raam van deze trein op deze wereld maar één mens zit die dit wil geloven.

 

Voortaan zeggen wij het anders, één mens die zich deze stad herinnert als een decemberdag. Een donderdag wellicht.

Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.

Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver.

20 dec 2015 · 16 keer gelezen · 1 keer geliket