‘Nee!’ schreeuwde ze vanuit het diepst van haar ziel. Ze voelde hoe hij zijn laatste adem uitblies en hoe de kracht uit zijn hand verdween, die ze urenlang trouw had vastgehouden. Geen seconde was ze nog van zijn zijde geweken. Hij mocht niet weggaan. Hij mocht niet uit haar leven verdwijnen. Wat was ze zonder hem? Helemaal niets, zo voelde dat.
De machine liet een vervelende pieptoon horen. Een bevestiging van het einde van hun maandenlange strijd. Een oneerlijke strijd. Een strijd die ze hoe dan ook ooit zouden verliezen. De tranen kwamen, terwijl ze naar het gezicht van haar vechter keek. Al die maanden had hij zich heel moedig en sterk gehouden. Ondanks dat hij wist dat hij ging verliezen, had hij weerstand geboden tot de laatste seconde. Zo was hij.
Daar was de onvermijdelijke verleden tijd. Vanaf nu was hij een onderdeel van het verleden. Een stuk leven dat was en niet meer zal zijn. Hij kwam nooit meer terug. Vanaf nu moest ze alleen verder door het leven, zonder zijn beschermende armen om haar heen. Ze waren slechts vier maanden getrouwd toen ze het onuitspreekbare woord als diagnose te horen kregen.
Ze voelde een hand op haar schouder en het kostte haar moeite om haar blik van hem los te maken. Een verpleegkundige deed haar best om een gepaste blik op te zetten, een blik die ze op deze afdeling natuurlijk veel vaker moest gebruiken. Hier wonnen of verloren de mensen hun strijd. Een groter contrast was niet mogelijk. Het monotone gepiep hield op en zijn ogen werden voorzichtig gesloten. De eindeloze blik verhuld.
Respectvol werd hij losgekoppeld van de machines die de tekenen van leven geregistreerd hadden en die hem hadden geholpen bij de genadeslag. De hulp was minimaal geweest, dat was zijn enige wens. Hij wilde geen ondraaglijke pijnen doorstaan en op een waardige manier verliezen. Hem kregen ze niet klein, zo had hij altijd in elkaar gestoken.
‘Kom,’ werd er uitnodigend gezegd. Ze wist niet hoelang ze nog bij hem had gezeten, maar nu was het blijkbaar tijd om te gaan. Het echte afscheid nemen. Vanaf hier moest ze hem echt laten gaan. Ze stond op, maar ze voelde hoe haar knieën moeite hadden met haar gewicht. Ze ging niet zonder hem kunnen. Ze hield zielsveel van hem.
Een zachte hand begeleidde haar subtiel de kamer uit. Weg van hem. Een onzichtbare lijn met hem die verbroken werd. Ze kon dit niet. Het was alsof een stuk van haar hart vernietigd werd. ‘Nee!’ schreeuwde ze. ‘Nee!’ Het klonk hartverscheurend. Ze stortte op haar knieën neer en gaf zich over aan de onophoudelijke stroom van tranen.
Zo sterk als hem was ze niet.