heerst er dan een bovenaardse kracht waarin wij geloven
laat geen gewaad ons groots, maar een kosmische kolos
ons kleins beloven
een midden in solitaire standpunten
een kort kassaticket
als wij genoeg inkrimpen
het uitdijen alleen nog naar ons binnen toe
lukt het misschien samen te verdwijnen als supernova
in een paar miljard keer machteloos
te verschijnen bedaard als sterrenstof
en zij die onverbogen weer naar andere woorden trekken
laat ze gaan, laat ze lopen, hoe zijn we zo ver gekomen
daar komt een wereldlijder gecontroleerd ten val
en leeft nog kort en gelukkig
