In zeven dagen
Negen maanden gelegd.
In de kiem gesmoord,
Stilte doorboort
de blik naar morgen.
Niets zo vluchtig als een pril begin
Dat niet heeft gemogen,
Dat in stilte is gekomen, in stilte wordt weggenomen.
Je moet nog weggaan, mijn plek verlaten.
Ik voel je weggaan, mijn rivier verlaten.
Je waadt niet langer in mijn stroom water.
Ik kan niet weten wie je wordt of wie je was,
Nog klein in mij, zo klein uit mij.
In zeven dagen
Negen maanden gelegd.
In zeven dagen
Een leven verlegd.