De nacht dat mijn oma stierf wist ik niet dat het mooiste cadeau in een schoendoos op mij lag te wachten.

Het was totaal onverwacht toen het ziekenhuis belde.

Er waren complicaties. Een longembolie. Het had niet lang geduurd. 

Ik kon het niet geloven. Hoe kon mijn oma nu doodgaan?

De familie was kwaad en overlegde of ze een klacht zouden indienen.

Wat ik mij vooral herinner was de machteloosheid en het immense gemis dat ons toen overviel.

 

 

De laatste groet was pijnlijk, maar ik wou er absoluut bij zijn. Ook al was ik nog maar een kind, ik moest met eigen ogen zien of het wel mijn oma was die daar lag.

Op de begrafenis liet ik geen traan. Deed mij vooral stoerder voor dan ik was. Misschien ook wel onbewust, om de plaats van mijn mama in te nemen, voor haar was het emotioneel te zwaar. 

Van de plechtigheid heb ik nog maar een paar vage beelden. De weg naar het kerkhof en wat er daarna gebeurde, het is allemaal weg. Alsof mijn geheugen het ergste gewist heeft.

 

Bij het leeghalen van het huis verdeelden mijn mama, haar zus en broer de inboedel. De kleinkinderen, waaronder ik mochten een aandenken uitkiezen. Mijn zus had vooral oog voor de porseleinen pop waar ze altijd mee gespeeld had telkens we op bezoek gingen en mijn neef koos de go-cart met houten blokken over de pedalen.

Als ik had mogen kiezen, dan had ik mijn oma gekozen, maar dat ging niet zei mijn mama. 

 

Toen dacht ik aan de brief van jaren geleden.

Het was bijna Pasen. Ik had mijn oma geschreven dat ik graag bij haar paaseitjes kwam rapen, dat ik mijn best deed op school en of ze mijn brief voor altijd wilde bewaren.

Of die brief er nog was, wist ik niet.

Maar in haar nachtkastje stond een schoendoos.

Tussen vergeelde krantenknipsels, oude bankbiljetten en enkele verkreukte doodsprentjes vond ik hem.

Ik was veertien maar ik wist meteen, een mooier cadeau dan dit zou ik nooit meer krijgen.

 

Volgende week word ik eenenveertig.

Zoals ieder jaar op mijn verjaardag lees ik dan luidop voor. Uit eerbetoon aan mijn oma, uit machteloosheid en immens gemis, maar vooral opdat mijn geheugen haar nooit zou wissen.

 

Diegem 18 maart 1983

 

Lieve oma,

 

Het is bijna Pasen en dan kom ik weer bij u.

Dan kan ik in de tuin paaseitjes rapen maar

ik mag er niet te veel eten anders word ik ziek

en krijg ik misschien buikpijn.

Ik doe mijn best op school en ik vraag een brief

van mijn lieve oma terug.

Nu sluit ik maar. Dag oma tot binnenkort.

Nog vele lieve kusjes van mijn zus, mama, papa en je kapoen.

 

Sascha

xxxxxx

xxxxxx

xxxxxx

 

Ps. Kun je mijn briefje altijd bewaren

Geschreven door Sascha Beernaert op 19/06/2016 - laatst aangepast op 22/06/2016

  • autobiografisch schrijven
  • flitsverhaal
  • kortverhaal

Deze pagina is enkel toegankelijk op een groter scherm.

Home