Lezen

Er was eens. a

Er was eens een landje waar herders en schapen zij aan zij leefden. De schapen moesten op eigen kracht, tussen de doornen en takken door, hun kostje bij elkaar scharrelen. Zodra ze echter verzadigd waren, kwamen de herders de melk opeisen om er samen uitbundige feesten mee te vieren.Hun kabbelende bestaan werd plots verstoord door vreemdelingen die een spoorweg wilden aanleggen dwars door hun weiden. Eén van de herders, de beruchte ‘Klein Lowieke uit L.’, verkondigde luidkeels dat dit nooit zou gebeuren; hij zou zich nog liever persoonlijk op de rails werpen. Zijn vijanden dachten: "Mooi, dan zijn we direct van hem af," terwijl zijn bewonderaars jubelden over de krachtige man die hen zou redden van de moderne indringers.Lowieke kende het politieke spel echter als geen ander. Slechts enkele jaren later stond hij op de eerste rij om trots het lintje van de nieuwe spoorweg door te knippen. "Wat een daadkracht," blêerden de schapen, "zo innovatief!" Zijn vijanden zwegen, maar trokken zich terug in de schaduw om zijn listen af te kijken. Al snel ontstond er een verbond dat precies dezelfde technieken hanteerde.Toen dacht de sluwe Lowieke: "Tijd om wat angst te zaaien." Al snel verscheen zijn gezicht op elk weiland en in elke straat, vergezeld van de leuze: "UW SPAARPOTJE". De boodschap was duidelijk: wie niet voor hem koos, zou zijn zuurverdiende melkvoorraad voor de ouderen en kinderen verliezen. En jawel, de kudde volgde hem opnieuw blindelings, marcherend met vlaggen en wimpels.Sommige schapen kleurden paars van enthousiasme; een nieuwe kleur die populair werd bij hen die zich jarenlang bedrogen voelden. Dankzij de spoorweg kwamen er schapen van heinde en verre om van het gras te proeven. De vijanden van Lowieke, die inmiddels zijn streken hadden overgenomen, begonnen te zwaaien met zwarte vlaggen van verdoemenis. Degenen die het paarse gezelschap niet vertrouwden, spraken samen met Lowieke de legendarische woorden: "Paars eindigt in bont en blauw." Maar nog voor de echo van zijn woorden was weggestorven, stond Lowieke alweer vooraan op het volgende podium. ******************************************************************* FOTO GALLERY verf ed https://www.2dehands.be/q/verf+ed+/ https://www.2dehands.be/q/verf+ed+rooie+flikkers+amsterdam%3a+montaigue+de+quercy%2c+frankrijk/ ***********************************************************************************   Rond 1995 heb ik dat werk gemaakt. Ik noem het "altaar der culturen."Links ziet men een tv, onze gemeenschappelijke identiteit valt van het - silicium - glas - zand.De gemeenschappelijke informatiebronnen zijn verdwenen.De wijzen van vroeger opgevolgd door radio en uiteindelijk als laatste de tv die een ongeveer gemeenschappelijke boodschap uitdragen is niet meer.De informatie is versplinterd.Rechts ziet men een gietijzeren kandelaar daar in een mensenhoofd in papier. Stukken teksten. Krantenpapier "De encyclopedische mens".Gietijzer = nationalistenKandelaar = religieIn het midden staat de hedendaagse mens. Opgesloten. "de encyclopedische mens".Dit deel is gemaakt van een reclame voor lippenstift.Regeneratie KosmetikIn de dubbele wand gaan luchtbellen in het water de hoogte in.In die dubbel - transparantie - plexiglas zit diezelfde "encyclopedische mens".Het geheel staat op dunne platen, glas = chips = zand = silicium.Het geheel steunt op een gietijzeren pilaar = industriële cultuur.De gietijzeren plaat staat op de grond = landbouwcultuur.HET ALTAAR DER CULTUREN. Ik woonde toen in de Aalmoezenierstraat in Antwerpen. De jaren 90 tig.   http://www.anamorfose.be/verf/misc-images/verf-t-i-r-e      

verf ed: Contemporary interdisciplinair ArtTIST, nen tjolder, nen prutser.
7 0

De Reis van Aurion en de Sterren tranen 

In een mystiek woud genaamd Sylvana woonde een jonge elf genaamd Aurion.  Hij onderscheidde zich van zijn soortgenoten door de gave van het begrijpen van de fluisterende stemmen van de bomen en de taal van dieren.  Deze bijzondere gave vulde zijn dagen met verwondering en nieuwsgierigheid, en het was deze nieuwsgierigheid die hem op een onvergetelijk avontuur zou sturen. Op een stralende ochtend, toen het zonlicht door de dichte bladeren van Sylvana sijpelde, hoorde Aurion een fluistering in de wind.  Een oude wilg, met zijn takken als kronkelende armen, vertelde hem over een lang vergeten schat diep verborgen in het hart van het betoverde woud.  Het was een kristal, bekend als de "Sterrentranen," die de verstoorde harmonie van de natuur kon herstellen.  De roep van het avontuur weerklonk in Aurions hart, en vastberaden besloot hij op reis te gaan. Zijn eerste metgezel was een wijze havik genaamd Lyra, die hoog in de toppen van Sylvana haar nest had gebouwd en de eeuwenoude verhalen van het woud kende. Samen begonnen ze aan een reis die hen door weelderige valleien, langs kabbelende beekjes en over met dauw bedekte bergkammen voerde.  Onderweg voegde zich een nieuwsgierige wasbeer genaamd Thistle bij hun gezelschap, aangetrokken door de onverklaarbare energie die Aerion met zich meebracht. Terwijl ze dieper het woud in trokken, ontmoetten ze magische wezens die hen hielpen of hen op de proef stelden.  Soms leken de bomen zelf te spreken, hun bladeren ritselden met geheimen en wijsheid.  Elke uitdaging, elke ontmoeting, versterkte de band tussen de reisgenoten en voedde de vastberadenheid van Aerion om de Sterrentranen te vinden. Na dagen van reizen bereikten ze een betoverend meer, omringd door nachtbloemen die alleen in het maanlicht openden en een bedwelmende geur verspreidden. In het midden van het meer doemde een eiland op, omringd door een zachte gloed.  Op dat eiland stond de legendarische Zilverlinde, die met haar takken naar de sterren reikte en de bewaker was van de Sterrentranen. De boom begroette hen met een zachte bries en onthulde dat alleen een zuiver hart de Sterrentranen kon aanraken. Aurion, gedreven door zijn diepe liefde voor Sylvana, strekte voorzichtig zijn hand uit naar de glinsterende kristallen.  Op het moment dat zijn vingers de Sterrentranen aanraakten, verspreidde een stralend licht zich door het woud, verdreef de duisternis en herstelde de natuurlijke balans. Met de Sterrentranen veiliggesteld, keerden Aurion en zijn metgezellen terug naar hun elfendorp als helden. Sylvana, die eerder in een sluier van somberheid was gehuld, begon weer op te leven.  De nachtbloemen bloeiden met nieuwe pracht, en de dieren leken te dansen van vreugde. Aerion besefte dat zelfs de kleinste wezens, met moed, vastberadenheid en de steun van vrienden, een wereld van verschil konden maken. Het verhaal van Aurion, de elf met de gave van de taal der bomen, verspreidde zich als een zachte bries door Sylvana en werd een legende van moed, vriendschap en de eeuwige kracht van de natuur, doorgegeven van generatie op generatie, als een bron van inspiratie voor alle bewoners van het magische woud.  En zo leefde het verhaal voort, als een lied gezongen door de bladeren van de eeuwige bomen, vastgelegd in de geschiedenis van Sylvana.    

BrameetHam
5 0

Ivory hotel

‘Heb je alles mee’ Remi keek snel in zijn zak. ‘Ja, ik denk het’ ‘Oké! 'Ik rij' Felix ging aan het stuur zitten. De rit duurde 3 uur. Het was lang geleden sinds ze elkaar hadden gezien, dus ze hadden veel bij te praten. Ze praatten 3 uur aan een stuk. Je kon het hotel moeilijk missen. Het was een prachtig gebouw, in grote letters stond ‘ivory hotel’. Het was een oud gebouw, dat niet paste bij de rest van de moderne straat.  Felix en Remi haalden hun zakken uit de auto en gingen naar binnen.  ‘Hallo, wij hadden een kamer gereserveerd voor 2 personen, we blijven 4 nachten’ zei Remi. ‘Wat is uw naam?’ ‘Remi en Felix Michel’ ‘Ik zie jullie hier niet staan’, zei de vrouw. Ze zette haar rechthoekige bril recht op haar neus. ‘Jij had toch een kamer geboekt?’, vroeg Remi. ‘Ja, ik had gebeld met een vrouw, ik heb al betaald’ ‘Heb je daar bewijs van?’ Felix haalde zijn gsm uit zijn zak.  ‘Kijk hier, -520 euro voor ivory hotel’ Felix toonde zijn gsm aan de vrouw.  ‘Dat is raar’, de vrouw keek naar haar computer, ‘We hebben nog wel kamers vrij, ik zal jullie een mooie kamer geven op de 1ste verdieping’, de vrouw nam een sleutel van de muur achter haar. ‘kamer 112, hier de trap op, en dan naar links, onze excuses voor dit ongemak’ ‘Oké! 'Dankjewel', Remi en Felix gingen de trap op, wat moeilijk ging door hun koffers. Ze kwamen in een gang, met witte muren en een lang bruin tapijt. Het tapijt had allemaal vlekken. ‘109…, 108… , Felix, we zijn de verkeerde kant op aan het lopen’ ‘Die vrouw zei toch naar links?’, Remi knikte. ‘foutje’ Ze verwisselden van richting en liepen naar hun kamer. ‘Hier, 112’, Remi zette zijn koffer op de vloer en haalde zijn sleutel uit zijn zak. De deur ging open. In tegenstelling tot de vieze gang, was de kamer prachtig. Het had een prachtig uitzicht en een groot tweepersoonsbed.  ‘Zet je koffers hier, het is al laat, ik heb honger’, zei Felix. Ze sloten hun deur en gingen naar het restaurant. Na het eten, kwamen ze terug in hun kamer. Allebei vol van het lekkere eten. ‘Het is 9 uur, gaan we een film kijken?’,vroeg Remi. ‘Ja, we kunnen ‘The Truman Show' kijken’, Felix wist dat dit de favoriete film was van zijn broer. ‘Ja! Goed idee, ik zal hem opzetten, dan kan jij hapjes halen’ ‘Oké, doe jij straks open?' ‘Ja, natuurlijk, laat de sleutel maar hier’ Felix ging naar beneden, beneden aan de trap botste een jongen tegen hem. ‘KIJK UIT WAAR JE LOOPT!’ roept de jongen, Felix, die net zijn excuses ging aanbieden, was geschrokken dat de jongen zo boos werd. ‘Het spijt me’, zei Felix. De jongen staarde boos naar hem. Hij had enorm grote neusgaten, viel hem op.  De jongen duwde hem en liep op de trap. Felix viel bijna op de grond, maar vond zijn evenwicht al snel terug. ‘Wat een irritante gast’, dacht hij. Hij liep naar het automaat, dat naast de trap in de gang stond. ‘Ik wil eerst!’, zei een schelle stem achter hem. ‘Oh, oké, sorry, ga je gang’, zei Felix uit beleefdheid.  De vrouw duwde hem opzei en stak haar geld in de automaat. Er kwam niks uit en ze begon gefrustreerd te geraken. Ze schudde aan de automaat. ‘Mevrouw, je moet nog een nummer intypen’, zei hij stil. ‘Zwijg’ Felix knikte en zette een stap naar achter. Ze tikte 45 in. Gezouten nootjes. Het viel naar beneden en ze nam hem er uit. Ze keek raar naar het pakje. ‘Dit wou ik helemaal niet!’, ze gooide het op de grond. Ze probeerde het opnieuw. Opnieuw kwamen de nootjes er uit. ‘STOM DING’, ze gooide de nootjes bij het andere pakje.  ‘Mevrouw, wat wilt u, je moet het nummer invullen van het pakje dat je wel wilt’ ‘HEB GEDULD’, ze deed hetzelfde nog drie keer. ‘Mevrouw, wat wilt u?’ ‘Die chips natuurlijk, wat anders?’ ‘Dat is nummer 39’ ‘Hoe kon ik dat weten’ ‘Het staat daar letterlijk’, dacht Felix, maar hij durfde het niet te zeggen. In plaats daarvan knikte hij verlegen. Er kwam een chipszakje uit. Ze pakte het en rende weg. Felix pakte de 5 nootjes pakjes en stopte het met een glimlach in zijn zak. Veel winst gemaakt! Hij wilde ook nog een chipszakje, dus betaalde daarvoor en ging terug naar zijn kamer. Hij klopte op de deur. Er werd niet opengedaan. Hij klopte opnieuw, harder deze keer en riep zijn broer.‘REMI!’ Hij wachtte even.  ‘REMI!’ ‘Ja, ja, ik kom al’, hoorde hij zijn broer mompelen. Remi deed de deur open. ‘Alles oké Remi,  je ziet er zo moe uit’ Remi negeerde de vraag en liep naar binnen. ‘Je raad nooit wat er gebeurd is, haha’, zei Felix. Hij vertelde over de gast waartegen hij was gebotst, en over de vrouw. Remi had weinig reactie op zijn verhaal, wat Felix raar vond.  ‘Zeker dat je niet moe bent? Anders kijken we morgen wel de film’ ‘Nee’, Remi ging gaan zitten. Felix zat naast hem.  Ze keken naar de film, en aten hun hapjes, of, Remi at hun hapjes, want na een kwartier waren de 6 zakjes eten al op. ‘Iemand heeft honger’, lachte Felix. ‘Wat, wie?’ ‘Jij natuurlijk’. Remi keek hem geïrriteerd aan. Ze keken verder, er kwam een bekende quote uit de film, die ze altijd mee zeiden toen ze vroeger de film keken.  ‘Good morning, and in case I don't see ya: Good afternoon, good evening, and good night!’, zei Felix, maar Remi zei het niet mee.  ‘Stil, ik probeer te kijken’, zei hij. ‘Sorry’ ‘Ik heb honger’, zei Remi.  ‘Haha!’ ‘Ik maak geen grapje’ Felix vond dat Remi zich echt raar gedroeg.  ‘Ga eens eten halen’ ‘Ik heb net eten gehaald, genoeg voor 10 man!’, Felix begon boos te worden, moest hij nu echt weer om eten? Hij ging weer naar beneden, eerder om even weg te zijn van zijn broer, dan om eten te halen.   Hij kwam beneden aan. Het was al redelijk donker buiten, en sommige lichten werkten niet. Hij kwam dezelfde jongen weer tegen, maar er was iets veranderd. Hij had enorme wallen onder zijn ogen, en zijn neusgaten leken nog groter dan daarnet. Hij zag er niet uit. ‘KIJK UIT WAAR JE LOOPT!’, riep hij weer. Hij duwde hem deze keer nog harder dan de vorige keer. Felix lag op de grond. Links van hem zag hij de vrouw van daarnet, schuddend aan het automaat. De grond lag vol met eten uit de automaat. Felix besloot die dingen te nemen, zodat hij niks hoefde te kopen.  ‘Mevrouw, bent u van plan die dingen nog te eten? Anders kan ik je wel betalen’ De vrouw draaide haar hoofd traag om, en Felix verschoot van hoe ze eruit zag. Haar haar zat in een strakke dot op haar hoofd waardoor haar al magere gezicht er nog magerder uitzag. Ook zij had wallen. Ze zei niks en draaide zich terug naar de automaat.  ‘Mevrouw, mag ik het meenemen, anders is het verspilling’, ze antwoordde niet. Hij ging ervan uit dat het mocht, dus hij begon de pakjes te verzamelen. Bij elk pakje dat hij nam sloeg ze hard op de automaat. ‘Mevrouw, kunt u daarmee stoppen?’ Ze stopte niet, en bleef op de automaat te slaan, altijd maar harder. Het geluid irriteerde Felix. Hij liep terug op de trap naar boven. Zijn armen zaten vol met eten, hij kon het bijna niet in één keer naar boven dragen.  ‘REMI’, geen antwoord. ‘Niet weer’, dacht hij. ‘REMI, IK HEB ETEN’, Remi deed meteen open, en nam al het eten van hem.  De film stond niet meer op. ‘Gaan we niet verder kijken?’ ‘Het was saai’, Remi keek hem aan, en ook hij had opeens wallen. Zijn ogen waren rood. ‘Wat is er met je oog? Heb je er te veel in gewreven?', geen antwoord. Remi ging naar buiten. 'Remi! 'Naar waar ga je?’ Felix volgde hem naar buiten, maar opeens zag hij hem niet meer. Hij liep naar beneden, en zag de jongen weer. Deze keer zei hij niets. Zijn wallen waren niet meer paars, maar zwart. Zijn ogen waren ook rood, net als die van Remi.  De grond lag vol met eten, je zag de tegels niet meer. Hij hoorde de vrouw kloppen nog voor hij haar zag, maar in de plaats van die weg op te gaan liep hij naar beneden. Beneden aan de trap stond Remi.  ‘FELIX’, riep hij. ‘FELIX, FELIX, FELIX, FELIX’, hij bleef maar roepen. ‘STOP, REMI’, Felix werd gek van hem.  ‘FELIX, FELIX’ ‘REMI HOU JE MOND’, Felix liep naar beneden. Hij had gemerkt dat zijn broer ook zwarte wallen had gekregen, en opeens waren zijn pupillen ook zwart. Normaal had hij groene ogen. Onder aan de trap stond hij weer, hoe kan dat?  ‘FELIX, FELIX’, zijn ogen en wallen waren ‘versmelt’ en je zag nog alleen een zwart gat. Zijn neusgaten waren dubbel zo lang als normaal. Uit schrik liep Felix naar boven en hij bleef Remi horen, die naar hem zat te roepen. Hij keek achter zich en zag dat Remi hem volgde, maar net toen hij boven kwam, zag hij Remi weer voor hem. Hij was opeens heel mager, en dat zag je vooral in zijn hoofd. Hij zag er heel ongezond uit. Ook zijn huid was opeens wit. Hij liep door de gang en zag overal op de grond voedselverpakkingen liggen. Hij probeerde de uitgang te zoeken, maar die was dicht.  ‘Waar ga je naartoe?' Je bleef toch 4 nachten’, zei de vrouw aan de receptie. Ook zei had zwarte gaten als ogen en lange neusgaten.  Felix hoorde een deuntje achter hem, ting ting ting ting ting ting. ‘Wat is dat?’, vroeg hij aan de vrouw. ‘Sfeermuziekje’, ze lachte naar hem. Haar lach werd altijd maar breder en luider en Felix rende weg. Hij ging de trap op, en hoorde opeens alles door elkaar, de vrouw die hysterisch lachtte, TING TING, FELIX!, BAF, BAF, van de vrouw die op de automaat sloeg. Hij begon te huilen, hij wou hier weg, maar alle deuren waren dicht en hij kon nergens heen. Hij bleef de trap op gaan en elke verdieping waren de geluiden luider en de geur van al het eten sterker. Er waren oneindig veel verdiepingen, wat niet klopte want normaal waren er maar 6. Felix bleef de trap op rennen, ook al werd alles luider en de geluiden irriteren hem elke keer meer. Het stonk verschrikkelijk, maar hij probeerde het te negeren.  Remi stond voor hem, nu zag hij er niet meer menselijk uit.  ‘Felix, waar ben je?’, vroeg hij. Hij keek naast Felix. Felix rende naar boven en, opeens, waren alle geluiden weg. Felix lachte, hij liep naar de uitgang en tot zijn verbazing was die open, en hij liet het hotel achter zich. Achter hem hoorde hij de stem van zijn broer die riep: ‘Felix, waar ga je naartoe?’ Einde

Dinolena231
9 2

wit en zwart.

"Wat is dat hier toch met al dat wit?" vroeg mijn Afrikaanse vrouw."Wit?" herhaalde ik."Ja, al dat wit. Ik word er bang van. Je moest eens weten hoe het is in de Afrikaanse zon: dat verzengende licht dat al onze krachten opslorpt. Ik hou meer van de avondzon, van getemperd licht en de koelte van de zwarte nacht.""Het zit in onze cultuur," legde ik uit. "Voor ons is dat miezerige straaltje zon een zeldzame, welkome vriend die ons maar zelden in volle kracht bezoekt. Wat schaars is, dat vereren we. Kijk naar de Amerikanen: zij aanbidden filmhelden die met angstaanjagende snelheden over het scherm razen, terwijl ze in het echt bij negentig kilometer per uur al de cel in vliegen," grinnikte ik. "Veel Europeanen denken dat Amerikanen zijn zoals hun filmhelden, maar we zien slechts hun dromen.""Jammer," zei mijn vrouw. "Wat jammer." FOTO GALLERY verf ed https://www.2dehands.be/q/verf+ed+/ Rond 1995 heb ik dat werk gemaakt. Ik noem het "altaar der culturen."Links ziet men een tv, onze gemeenschappelijke identiteit valt van het - silicium - glas - zand.De gemeenschappelijke informatiebronnen zijn verdwenen.De wijzen van vroeger opgevolgd door radio en uiteindelijk als laatste de tv die een ongeveer gemeenschappelijke boodschap uitdragen is niet meer.De informatie is versplinterd.Rechts ziet men een gietijzeren kandelaar daar in een mensenhoofd in papier. Stukken teksten. Krantenpapier "De encyclopedische mens".Gietijzer = nationalistenKandelaar = religieIn het midden staat de hedendaagse mens. Opgesloten. "de encyclopedische mens".Dit deel is gemaakt van een reclame voor lippenstift.Regeneratie KosmetikIn de dubbele wand gaan luchtbellen in het water de hoogte in.In die dubbel - transparantie - plexiglas zit diezelfde "encyclopedische mens".Het geheel staat op dunne platen, glas = chips = zand = silicium.Het geheel steunt op een gietijzeren pilaar = industriële cultuur.De gietijzeren plaat staat op de grond = landbouwcultuur.HET ALTAAR DER CULTUREN. Ik woonde toen in de Aalmoezenierstraat in Antwerpen. De jaren 90 tig. http://www.anamorfose.be/verf/misc-images/verf-t-i-r-e

verf ed: Contemporary interdisciplinair ArtTIST, nen tjolder, nen prutser.
14 0

Voor kwantum-groepies.

  Kwantum. Weet je wat het betekent dat het heelal zich uitbreidt? In de verre toekomst, in een onvoorstelbare ruimte, ver weg in de tijd, zullen de atomen in ons lichaam zo ver van elkaar gescheiden zijn als nu de afstand tussen de zon en de aarde. Misschien is er wel een uiterste rekbaarheid in de kwanta, de kleinste deeltjes van de kleinste deeltjes. En misschien, als die uiterste rekbaarheid is bereikt, krimpt het heelal in een minimum van tijd terug naar zijn oorsprong. Een punt met daarin alle materie van het heelal. Daarna, een nieuwe BIG BANG. Op een moment waarop tijd geen menselijke betekenis meer heeft, zal plotseling een blauwe planeet ontstaan. Met daarin het allerkleinste van het alerkleinste uit mijn lichaam.   FOTO GALLERY verf ed https://www.2dehands.be/q/verf+ed+/   Rond 1995 heb ik dat werk gemaakt. Ik noem het "altaar der culturen."Links ziet men een tv, onze gemeenschappelijke identiteit valt van het - silicium - glas - zand.De gemeenschappelijke informatiebronnen zijn verdwenen.De wijzen van vroeger opgevolgd door radio en uiteindelijk als laatste de tv die een ongeveer gemeenschappelijke boodschap uitdragen is niet meer.De informatie is versplinterd.Rechts ziet men een gietijzeren kandelaar daar in een mensenhoofd in papier. Stukken teksten. Krantenpapier "De encyclopedische mens".Gietijzer = nationalistenKandelaar = religieIn het midden staat de hedendaagse mens. Opgesloten. "de encyclopedische mens".Dit deel is gemaakt van een reclame voor lippenstift.Regeneratie KosmetikIn de dubbele wand gaan luchtbellen in het water de hoogte in.In die dubbel - transparantie - plexiglas zit diezelfde "encyclopedische mens".Het geheel staat op dunne platen, glas = chips = zand = silicium.Het geheel steunt op een gietijzeren pilaar = industriële cultuur.De gietijzeren plaat staat op de grond = landbouwcultuur.HET ALTAAR DER CULTUREN. Ik woonde toen in de Aalmoezenierstraat in Antwerpen. De jaren 90 tig.   http://www.anamorfose.be/verf/misc-images/verf-t-i-r-e

verf ed: Contemporary interdisciplinair ArtTIST, nen tjolder, nen prutser.
17 0

Een paradijs met klootzakken

God schiep een paradijs en in Haar oneindige goedheid besloot Zij dat alles er mocht zijn. Ze blies in elke mogelijke bestaansvorm bewustzijn, alsook voorzag Zij elk wezen van een vrije wil. Zowel het duister als het licht kreeg een plaatsje, in Haar hart was er altijd plaats voor beide, daar Zij volledig vrij van oordeel was en gevuld met onvoorwaardelijke liefde. Alles wat Ze schiep, was op een ingenieuze manier met elkaar verbonden. Het was een beweeglijk geheel van komen en gaan, van creëren en vernietigen en van liefde en angst. En zo vonden hardheid en zachtheid aarding in dezelfde bodem. De Moeder zag hoe pure liefdevolle wezens werden getergd door kwaadaardige creaturen. En hoe er uit zulke confrontaties nog meer bewustzijn groeide. Zij deed niets dan alles in zijn volledigheid laten bestaan en genoot van de oneindige veelzijdigheid waaruit Haar creatie bestond. Met goddelijk mededogen aanhoorde Zij de ontelbare smeekbedes van de wanhopige wezens die hun armen ten hemel richtten. Vragend waarom Zij zo onverschillig scheen te zijn tegenover al dat leed. De absolute en alles omvattende liefde van God, geheel neutraal en vrij van enige voorkeur of weerstand, werd dus verward met onverschilligheid. Zij voelde geen aandrang om deze misvatting recht te zetten, want wist dat wanneer het bewustzijn zou blijven groeien dit inzicht vanzelf zou verschijnen. Het was niet zo dat God nooit sprak met haar kinderen. Dat deed Ze wel en zelfs quasi constant. Maar Ze koos ervoor om enkel zacht te fluisteren. Want ze wou dat Haar kinderen aandachtig leerden luisteren. Ook liet Zij zich niet zien, maar wel voelen. Als een observerende aanwezigheid in elk atoom. Ieder die de Moeder niet voelde en Haar bestaan zelfs ontkende, woonde even warm in Haar hart als elkeen die haar eerde. Omdat alle verderfelijke en vernietigende krachten van evenveel ruimte en creatiekracht genoten, gingen veel zachtaardige wezens gebukt onder de grootsheid van die onvoorwaardelijke liefde van de Moeder. Ze schreeuwden hun ongenoegen uit. Ze noemden Haar meedogenloos en hard. Zagen geen rechtvaardigheid noch evenwicht. Pijn leek immers veel uitdrukkelijker door te wegen dan vreugde. ‘Moeder,’ zeiden ze. Laat alstublieft het licht zegevieren! Verlos ons van het kwade!’ Terwijl ze dit uitspraken, voelden sommigen onder hen dat dit verlangen het einde van alles wat ze kenden en van zichzelf inhield. Want het duister kon nooit volledig verdwijnen zonder het licht mee te nemen. Er was slechts de keuze: bestaan in dualiteit of niet bestaan. En dus nuanceerden sommigen: ‘Moeder, geef ons de kracht en inzichten om in vrede en gezondheid te kunnen leven te midden van het duister.’ Dat ze reeds over die kracht beschikten. En dat de gevraagde inzichten voortkwamen uit het contact met het duister, fluisterde ze heel zacht. Het duister was daar ten dienste van het licht. Het bood de kortste weg naar verlichting. Telkens wanneer het duister van schemering overging naar zwarte massa, werd het licht aangemoedigd om feller te schijnen. Het vergeten van de Moeder stond ten dienste van de herinnering aan haar, hoe vreemd dat ook mocht klinken. De vernietiging van schoonheid gaf alleen maar meer waarde aan Haar bestaan. ‘Fuck that!’ riepen de experts in kommer en kwel. ‘Wij willen leven en niet overleven! Laat ons groeien en stralen op een manier die niet zo’n pijn doet! Kunnen wij onszelf niet ontplooien in een paradijs zonder klootzakken? Er moet toch een andere mogelijkheid zijn?!’ En jazeker, andere mogelijkheden waren er. Oneindig veel zelfs. De Moeder had ze allemaal geschapen en Ze aanschouwde, enthousiast als een kind, hoe deze zich als een kleurrijke caleidoscoop voor zich ontvouwden. Hoe ze zichzelf heruitvonden en transformeerden. Absoluut perfect op elkaar aansluitend en elkaar aanvullend. Als je al het verdriet, onmacht en pijn zou wegnemen, zou dit goddelijk kunstwerk gaten vertonen en in elkaar storten. De Moeder had nooit gewild dat Haar kinderen iets ontbraken. En als er niets ontbrak, dan was werkelijk alles er. Ook intenties die liefde wilden smoren. De antwoorden van de Moeder waren als dunne dekentjes voor Haar rillende kinderen. Sommigen onder hen ontdekten gestaag hoe ze zich konden laven aan het warme licht in zichzelf. Anderen bleven tasten in het duister, waar ze ook uiteindelijk altijd iets bruikbaar vonden, al was het maar iets kleins. En ze leefden nog relatief lang en gefragmenteerd gelukkig in het paradijs waar alles mogelijk was.

KarolienDeman
13 0

VOORSTELING ACT I senne a

"Beste mensen, welkom.Graag stel ik u voor aan een goede vriend en een magistraal muzikant. Toen ik hem voor het eerst hoorde spelen, werd ik stil. Hij raakte een snaar bij iedereen in de zaal. Maar voor hem was dat talent bijna een last; hij werd er verveeld van en koos voor het smidsvuur. In zijn cultuur moet een man immers fysiek lijden, ijzer smeden en presteren. De muziek werd ingeruild voor de atletische waan.Gelukkig heb ik hem kunnen terughalen. Een simpele joint was genoeg om de starre moraal van zijn achtergrond te doorbreken. Hij is niet bezweken voor religieuze dogma’s of de destructieve drang van de topsport. Hij heeft gekozen voor de vrijheid en voor zijn instrument.Vanavond strijkt hij de laatste resten roet van zijn vingers en doet hij waar hij voor geboren is. Een groot applaus voor mijn muzikant!"      ACT I een FLITS die de donkere zaal met een flits in een helder wit licht doet baden, zo wit dat de witheid een nevel veroorzaakt, die de toeschouwers omringt. FLACH;;;;;;;;;;;;FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;applaus;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;   white separate atwhite apartments color witkleurniets aan de murenniets in de hand kleur witniets aan de muren niets die de geest kan verstoren grijsgrijze hersencellendoor nietsverstoord ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ H;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/;white separate at, white separate at, white separate at, white separate at, white separate at, white separate at, \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ white separate at, white separate at,;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O white separate at, white separate at, /;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;   ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;; color ;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ color  \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O;;;;;;;;;;;;;;;FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ kleur witniets aan de muren niets die de geest kan verstoren \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \ grijsgrijze hersencellendoor nietsverstoord grijsgrijze hersencellendoor nietsverstoord -\O/\O/ \O/ \O/ ;………………GRIJS;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS VVVVV;………………GRIJS VVV;………………GRIJS V;………………GRIJS V;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;……………… ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ;………………GRIJS ……;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;'Ï';;;;;;;; ;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;\/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O;;;;;;;;;;;;;;;FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;'Ï';;;;;;;; ;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;'Ï';;;;;;;; ;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;Ï;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;-i*FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ ;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; ;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ ;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-\O/\O/ \O/ \O/ ;;;;;;;;;;;;;;OOOOO;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;iiiiiii;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;\-O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O\O;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ \O;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;'Ï';;;;;;;; ;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; FLACH;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;; \-;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;O/;;;;;;;;;;;\;O;/;;;;;;;;;;;\O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \O/ \/O/ \/O/ ;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;\O;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;;   foto gallery https://www.2dehands.be/q/verf+ed+/ T.A.V. SENNE 

verf ed: Contemporary interdisciplinair ArtTIST, nen tjolder, nen prutser.
0 0

De poortjes stonden open

De poortjes stonden open.   Doordrijver die ik was Zette ik voet op niemandsland Aangespoeld op het eiland van de verstotenen De kwallen vroegen zich af Waar die nieuwe lading voedsel vandaan kwam Het was zomaar komen aanspoelen Op een strand zo veilig als het krabbenhol Een zee vol haaien Ach, het leven loopt wel los, dachten ze Maar wat hadden ze zich vergist Levenslust spoel je niet weg Het vermenigvuldigt zich met elke traan Gesmolten in zee Het groeit gestaag uit tot één élan, Een vuur dat niet te blussen valt Het eiland zal wel verlaten geweest zijn En onherbergzaam En net niet was er het wrak van een schip te vinden Dus geen schipbreukelingen Of mede-overlevenden Behalve de kwallen Stond er niemand van het welkomstcomité Zoals de naam het al zegde Want het was een niemandsland En de verstotenen hadden Elkaar verstoten Nu hadden hun lijven gezamenlijk het eiland Hoog boven het water verheven Want je moest ‘ns weten Één levenslustige was aangespoeld Ze beraadslaagden, de lijken, of ze deze ziel In leven moesten houden Opgegeten door kwallen Kwamen ze tot een besluit De verstotenen verenigden zich in een vakbond, De VVHN, de verstotenen van het niemandsland En niemand, echt niemand minder dan ik Werd hun voorzitter Voor het leven benoemd De kwallen werden geknecht Ze moesten vanaf nu af en aan zwemmen Met feestschotels, het was een zeebanket En ik, die nimmer kwallen had, Bedankte voor de eer Een huis kon hier niet gebouwd worden Zelfs geen hutje op palen Ik was veroordeeld tot verstotenheid En een zeebanket Elke dag buiten en elke dag vis Het was een gezond leven, dàt wel.

HildeA
4 0

De drie krijgers en de verloren stad

Het verhaal begint in het Kyushu Historical Museum dat nu geen museum is maar een trainingskamp om een krijger te worden als je een echte meester erin bent geworden. Er waren drie broers die deze droom wilden waarmaken. Tom, Julius en Kasper. Ze moesten taken doen van hun meester die hen leerde om een krijger te worden. Zoals houthakken in de bossen, de meester zijn kleren wassen. Zo ging het er elke dag aan toe. Op een dag werden ze het zat en vroegen ze wanneer het echte werk kwam.De meester zei dat ze op zoek moesten naar iets niet zo ver hiervandaan. Het was ergens in het bos dat ze moesten zoeken waardoor ze in een andere wereld terechtkomen. Toen verdween hun meester, hij vervaagde.Ze moesten het nu zelf uitzoeken. Ze waren nu onderweg in het bos. Tom en Kasper hadden geen idee welke weg ze op moesten dus ze volgden Julius die het wel wist. Ineens waren ze omsingeld door papegaaien. Maar Tom had een net om hen te vangen, zo konden ze verder zonder dat er papegaaien achter hen aan zaten. Onderweg vonden ze een hol. Ze sprongen erin en kwamen in een nieuwe wereld terecht. Die wereld was onbewoonbaar. Dus de broers hadden dit voor hen alleen. “dachten ze”. Want twee maanden later, toen ze het al wat hadden ingericht met alles dat ze er vonden, kwam er plots iets in hun wereld. Iemand had hun onbewoonde plek gevonden, die persoon wist veel over de verloren stad waar ze waren. Dus hij leerde hen kennen en vertelde dat hij hier ook plots was terechtgekomen. Hij was alleen de weg kwijt. De drie broers vroegen of hij hun kon trainen om krijger te worden.  Dus hij deed dat, want hij wou niet dat ze faalden. Ze leerden elke dag iets. De ene na de andere werd er sterker in. Op een dag waren ze er klaar voor en werden ze tot krijger genoemd. Ze konden hun eigen weg op, ze bleven in groep. Hun doel was om krijger te worden en de natuur te beschermen dus sommige dagen gingen ze ook terug naar het bos om te kijken of er geen sluikstorters waren want de nieuwe persoon vertelde hun dat er op dit moment veel sluikstorters waren. Dus ze moesten het vuil maar bij hem brengen. Hij had toch verschillende vuilbakken staan in de verloren stad waarvan ze nog niet wisten. Ze bleven bij de nieuwe persoon wonen die ze hebben leren kennen in de verloren stad. Het was een soort vader voor hen. Zo leefden ze nog lang en gelukkig. Einde.  

ikbenboris
3 0