Lezen

Schildpadsoep

Julian kwam thuis na veel dagen werken buiten op het platteland. Zijn jachtgeweer op de ene schouder, zijn prooi op de andere. Er hang een tecomate vol water van een zelf gemaakte mecate touw aan zijn taille. In zijn cebadera brengt hij een cadeautje voor zijn dochter, een rivier schildpad. Het meisje was de laatste tijd heel verdrietig. "Brisa", haar hert huisdier, was overleden door een giftige spin beet. Het meisje huilde elke namiddag toen zij zich herinnerde dat om deze tijd van de dag ze Brisa voederde en samen speelden tot zonsondergang. Dat was het moment toen zij afscheid namen en het dier naar de paardenstal werd gebracht om te gaan slapen.  Hij wist dat een schildpad geen vervanging van haar geliefde Brisa kon zijn. Het was wel een curiositeit dat haar dochter nog nooit had gezien. Hij kwam snel binnen. Hij zette zijn geweer en prooi opzij op een rustieke houten tafel. Hij ging naar de achtertuin waar hij zijn handen en gezicht proper maakte met het water van de gootsteen. Hij voelde zicht gerenoveerd door elke druppel zuivere water die hun zongebruinde huid veegde. Eenmaal gewassen kleedde hij zich om. Hij was klaar om zijn dochter te zien. Een van zijn grootste genoegens was een glimlach op het gezicht van zijn dochter zien. Hij nam het cadeautje mee en zo snel als hij kon, richtte hij zich naar het huis van zijn zus. Zij was de opvoeder van het meisje vanaf haar moeders dood.  Hij vond ze melancholisch naar de hemel te staren. Zij had een halverwege gegeten fruit in haar mond. Haar bennen hingen vanaf de guava tak waarmee zij zich schommelde. Hij riep ze. Fidelina! Kom naar beneden aapmeisje! Dat kleedje is zeker al kapot! Kom! ik heb hier iets mooi voor jou. De belofte van een cadeau maakte dat zij zich naar beneden haasten. Zij gleed van tak naar tak met de soepelheid van een eekhoorn. Zij einde haar daad met een acrobatische salto en landde naast haar vader.  Zij veegde haar kleren met haar vieze handen. Zij maakte moeite om er goed uitzien voor haar vader. Zij keek nieuwsgierig naar uit met een grote glimlach op haar gezicht en vroeg: Wat heb je voor me? Snoepen, mijn favorieten gele bloemen?  Wat is het? Mag ik het zien? Dat was het meisje waar van hij hield. "Doe jouw ogen toe" zei hij. Zij deed zoals gevraagd en strekte ineens haar handen uit. Hij zette voorzichtig het beestje op haar handen. Zij kreeg kippenvel van de koude schild van het dier. Zij keek het boos en verbaas te gelijker tijd terwijl zij zei: Een schildpad? Waarom gaf je me een dier? Heb ik jou niet gezegd dat ik geen huisdier meer wil!  Zij liet het diertje op de grond vallen. Hij keek zij stomverbaasd aan. Dat was niet haar gewoon gedraag. Hij raapte het dier van de grond. Hij had een verwijtende bliek. Hij hield niet van mensen die wreed waren tegen dieren. Zij onverstoorbaar sprak hij tegen: Weet je wat, ik heb gehoord dat de schildpadsoep heel lekker is. Ik heb nooit schildpad gegeten. Maak het dat voor me klaar? Hij was gechoqueerd. Hij keek zij met grote ogen aan en probeerde haar gedachten te veranderde: Hoe kun je dat denken? Kijk het aan! Het is een mooi diertje, het zal zeker lang leven en je kan met het veel spelen.  Haar gezicht was rood geworden, toen zij hoorde: "het zal zeker lang leven..." Hoe oneerlijk kan het leven zijn? Waarom had de dood haar Brisa weg genomen? Nu wou zij die stom schildpad meer eten.  Zij zei tegen hen met de wreedheid die allen kinderen kenmerkt: "Als je het niet voor me kook zal ik geen cadeau meer van jou pakken." Julian wist hoe koppig zijn dochter kon zijn. Het was een van haar kenmerken die van hem had geërfd. Hij krabde zijn hoofd, onzeker: "Wat ben je koppig meisje! Wat kunnen wij van dat eten? Maar goed wij zullen schildpadsoep voor het avondmaal hebben ter voorwaarde dat je jouw bord leeg moet eten zonder te klagen over de smaak. Begrepen?" Zij keek hem uitdagen aan en knikte. Toen hij het dier slachtte ontdekte dat het een vrouwtje met eieren was. Hij maakte het schild leeg en zette het apart. Hij naam als de eetbare gedeelten en waste hem goed. Hij kruidde het en maakte en soep klaar. Het was onverwacht overheerlijk! Het vlees smolt of hun mond.  Het meisje at alles en veegde met een stuk tortilla het kommetje. Hij grinnikte, hij dacht: 'Kijk hoe zij aan genieten is!, Hoe zou ik weten dat het dier een hoge kwaliteit ingrediënt was! Zij is de mijne waardig. Ik zal het mooi schild aan mijn collectie toevoegen.' Na het avondmaal liet hij haar de afwas doen. Als zij klaar was met die taak, gaaf hij haar een nachtzoen terwijl hij haar haar in de war bracht. Zij klaagde en zei dat haar haar al slordig genoeg was. Vanaf die dag stopte zij met huilen. Het was zoals de soep een soort van geneesmiddel was tegen het verliest van haar huisdier.  

Van Rivier
0 0

Vlieg...

Na een uurtje klimmen bereiken wij de top van de bergflank. Daar ontvouwt zich het onwaarschijnlijke schouwspel dat ons jaren geleden voor het eerst overdonderde. Zo ver het oog reikt zie je besneeuwde bergtoppen. Dit is de plek waar ik Tim voor het eerst ontmoette op een jeugdkamp. Wij kenden elkaar niet maar werden er vrienden voor het leven. Onze  gezinnen kennen het verhaal en de echtgenotes en kinderen hebben ons op Vaderdag verrast met een weektrip voor ons beiden naar het Zwitserse Melchtal.  “Zie jij wat ik zie?”“Bedoel je dat witte wolkje?” Ik wijs naar een helwit iets in de staalblauwe hemel.“Het is een ballon. Het doet mij denken aan de duizenden ballons die in Brussel opstegen tijdens de Witte Mars.”“Indrukwekkend was dat. Driehonderdduizend mensen die protesteerden tegen het manklopen van de justitie in de zaak Dutroux. Sedertdien zijn witte ballons symbool geworden voor het herdenken van overleden kinderen.”Wij volgen de vlucht van de ballon. Vanuit de bergen steekt een briesje op dat hem onze kant uitstuurt.  Tim slaagt erin het touwtje te grijpen. Er hangt een plaatje aan waarop staat: ‘Vole, vole, mon amour –Gregory-12 ans’.“Geloof jij in toeval?”“Wat bedoel je?”“Weet je nog hoe we samen keken naar Star Academy op de Franse televisie? De jongen die toen de wedstrijd won heette Gregory. Hij was een Mucopatient en overleed kort na zijn overwinning. Heel Frankrijk stond in rep en roer.”“Ik las onlangs dat het programma na dertien jaar nieuw leven is ingeblazen. Bij de laatste drie overgebleven kandidaten is een Belgische jongedame. Vanavond is de halve finale, zullen wij weer samen kijken?”De longen volgezogen en met ijle hoofden van de pure berglucht komen wij bekaf terug in onze chalet.Wij eten Geschnetzeltes en ploffen daarna op de bank om de uitzending te kijken.  Onze landgenote zingt als solonummer het lied van Céline Dion. Ik heb het plaatje dat aan de ballon hing meegenomen. Het refrein van het lied wordt ingezet Vole, vole, …  Ik zie een glinster in Tims ogen en zeg: “Ja, ik geloof in toeval”.  Vole 

Vic de Bourg
50 4

Een paradijs met klootzakken

God schiep een paradijs en in Haar oneindige goedheid besloot Zij dat alles er mocht zijn. Ze blies in elke mogelijke bestaansvorm bewustzijn, alsook voorzag Zij elk wezen van een vrije wil. Zowel het duister als het licht kreeg een plaatsje, in Haar hart was er altijd plaats voor beide, daar Zij volledig vrij van oordeel was en gevuld met onvoorwaardelijke liefde. Alles wat Ze schiep, was op een ingenieuze manier met elkaar verbonden. Het was een beweeglijk geheel van komen en gaan, van creëren en vernietigen en van liefde en angst. En zo vonden hardheid en zachtheid aarding in dezelfde bodem. De Moeder zag hoe pure liefdevolle wezens werden getergd door kwaadaardige creaturen. En hoe er uit zulke confrontaties nog meer bewustzijn groeide. Zij deed niets dan alles in zijn volledigheid laten bestaan en genoot van de oneindige veelzijdigheid waaruit Haar creatie bestond. Met goddelijk mededogen aanhoorde Zij de ontelbare smeekbedes van de wanhopige wezens die hun armen ten hemel richtten. Vragend waarom Zij zo onverschillig scheen te zijn tegenover al dat leed. De absolute en alles omvattende liefde van God, geheel neutraal en vrij van enige voorkeur of weerstand, werd dus verward met onverschilligheid. Zij voelde geen aandrang om deze misvatting recht te zetten, want wist dat wanneer het bewustzijn zou blijven groeien dit inzicht vanzelf zou verschijnen. Het was niet zo dat God nooit sprak met haar kinderen. Dat deed Ze wel en zelfs quasi constant. Maar Ze koos ervoor om enkel zacht te fluisteren. Want ze wou dat Haar kinderen aandachtig leerden luisteren. Ook liet Zij zich niet zien, maar wel voelen. Als een observerende aanwezigheid in elk atoom. Ieder die de Moeder niet voelde en Haar bestaan zelfs ontkende, woonde even warm in Haar hart als elkeen die haar eerde. Omdat alle verderfelijke en vernietigende krachten van evenveel ruimte en creatiekracht genoten, gingen veel zachtaardige wezens gebukt onder de grootsheid van die onvoorwaardelijke liefde van de Moeder. Ze schreeuwden hun ongenoegen uit. Ze noemden Haar meedogenloos en hard. Zagen geen rechtvaardigheid noch evenwicht. Pijn leek immers veel uitdrukkelijker door te wegen dan vreugde. ‘Moeder,’ zeiden ze. Laat alstublieft het licht zegevieren! Verlos ons van het kwade!’ Terwijl ze dit uitspraken, voelden sommigen onder hen dat dit verlangen het einde van alles wat ze kenden en van zichzelf inhield. Want het duister kon nooit volledig verdwijnen zonder het licht mee te nemen. Er was slechts de keuze: bestaan in dualiteit of niet bestaan. En dus nuanceerden sommigen: ‘Moeder, geef ons de kracht en inzichten om in vrede en gezondheid te kunnen leven te midden van het duister.’ Dat ze reeds over die kracht beschikten. En dat de gevraagde inzichten voortkwamen uit het contact met het duister, fluisterde ze heel zacht. Het duister was daar ten dienste van het licht. Het bood de kortste weg naar verlichting. Telkens wanneer het duister van schemering overging naar zwarte massa, werd het licht aangemoedigd om feller te schijnen. Het vergeten van de Moeder stond ten dienste van de herinnering aan haar, hoe vreemd dat ook mocht klinken. De vernietiging van schoonheid gaf alleen maar meer waarde aan Haar bestaan. ‘Fuck that!’ riepen de experts in kommer en kwel. ‘Wij willen leven en niet overleven! Laat ons groeien en stralen op een manier die niet zo’n pijn doet! Kunnen wij onszelf niet ontplooien in een paradijs zonder klootzakken? Er moet toch een andere mogelijkheid zijn?!’ En jazeker, andere mogelijkheden waren er. Oneindig veel zelfs. De Moeder had ze allemaal geschapen en Ze aanschouwde, enthousiast als een kind, hoe deze zich als een kleurrijke caleidoscoop voor zich ontvouwden. Hoe ze zichzelf heruitvonden en transformeerden. Absoluut perfect op elkaar aansluitend en elkaar aanvullend. Als je al het verdriet, onmacht en pijn zou wegnemen, zou dit goddelijk kunstwerk gaten vertonen en in elkaar storten. De Moeder had nooit gewild dat Haar kinderen iets ontbraken. En als er niets ontbrak, dan was werkelijk alles er. Ook intenties die liefde wilden smoren. De antwoorden van de Moeder waren als dunne dekentjes voor Haar rillende kinderen. Sommigen onder hen ontdekten gestaag hoe ze zich konden laven aan het warme licht in zichzelf. Anderen bleven tasten in het duister, waar ze ook uiteindelijk altijd iets bruikbaar vonden, al was het maar iets kleins. En ze leefden nog relatief lang en gefragmenteerd gelukkig in het paradijs waar alles mogelijk was.

KarolienDeman
13 0