Lezen

CONTOUR

CONTOUR Een poëtisch drieluik over de ziel van de polder   De polder is leeg, zegt men. Maar leegte spreekt. En soms droomt ze.   De Polder Droomt van Iemand Anders (deel I) De polders ademen mist
 die nergens vandaan komt.
 Door geen weerbericht aangekondigd.
 Ze ligt daar,
 vlak als waarheid zonder getuigen.   De dijk loopt krom
 hij iets ontwijkt —
 een gedachte,
 of een voetstap
 klinkt te licht voor dit zware land.   De kerk in het dorp heeft geen klok meer.
 Toch hoor ik hem slaan.
 Elke middag op een ander uur.
 Mensen knikken. Niemand vraagt.   Ik zie een koe
 met ogen als mensen
 en mensen die loeien
 als het avond wordt.   Het vlas groeit achterstevoren.
 De klei ruikt naar ijzer,
 iets dat ooit bloed was,
 maar niemand zich herinnert
 behalve de schapen
 hun ruggen naar de hemel.   In een café zonder naam
 schenkt men koffie zonder warmte.
 Er hangt een schilderij van een boerderij
 die er niet staat
 en nooit heeft gestaan
 maar iedereen zegt:
 “Daar ben ik geboren.”   ’s Nachts komt de mist terug
 door de sleutelgaten,
 ligt op de lakens als adem.
 En in je droom zegt de polder:
 “Je woont hier nu. Je was hier altijd.”     De Polder wordt wakker in jou (deel II) Je draagt de polder in je rug,
 zoals wind een naam fluistert
 die jij nooit hebt uitgesproken.   Hij kruipt in je schaduw
 wanneer je denkt te vluchten,
 drinkt uit je voetsporen
 nog voor je zelf beseft
 dat je hier bent.   De horizon volgt je,
 laag en traag,
 als een oog
 dat nooit knippert.   Een kauw zegt je naam
 in drie klanken die niet bestaan,
 en je begrijpt haar.   Je probeert de lucht te negeren,
 maar zij buigt zich voorover —
 een plafond van wolken
 die ademen op je huid.   Een oude vrouw veegt haar stoep
 met een bezem zonder steel.
 Ze glimlacht naar je
 alsof je haar kleinzoon bent.
 Je hebt haar nooit ontmoet.
 Toch weet zij hoe je koffie drinkt.   De vaart weerspiegelt je gezicht
 maar knippert niet tegelijk.
 De wind heeft je stem gestolen
 en praat ermee tegen het gras.   Je opent een deur die je niet sloot,
 binnen ruikt het naar thuiskomen,
 maar niemand woont er,
 behalve jij
 in een leven dat je je niet herinnert.   De polder slaapt niet meer.
 Jij droomt nu voor hem.
 En elke ademtocht
 is klei.     De Laatste Schemer van de Polder (deel III) De avond valt
 niemand ziet het gebeuren.
 Het licht trekt zich terug
 een dier sterft zonder geluid.
 Er blijft een glans op de klei,
 alsof het land zich herinnert
 wat wij vergeten zijn.   Je ruikt niets meer.
 De geur van mest, van nat hout, van mens —
 verdwenen.
 De lucht smaakt naar kalk
 en naar een naam
 die je ooit had.   Een haas zit midden op het pad
 hij beweegt niet.
 Je denkt: hij hoort hier.
 Maar dan zie je:
 hij ademt niet.   De bomen —
 want er zijn opeens bomen,
 waar gisteren nog niets stond —
 houden hun takken  als vingers voor hun mond.
     Je zakt weg in het pad.
 Niet diep, maar net genoeg.
 Klei zuigt je voeten
 alsof ze je willen houden,
 niet met geweld,
 maar met zorg.
 Een moeder
 die een kind niet laat gaan
 zonder jas.   De kleuren verlaten de dingen.
 Het gras wordt grijs,
 de vaart en de sloten zwart,
 jij zelf
 wordt een contour.   Je voelt je vingers niet meer.
 Je tast nog wel —
 maar de wereld voelt niet terug. En dan zegt de polder
 niets.   En dat is het ergste:
 dat hij zwijgt,
 nu hij jou geworden is.   Tekst : Manfred - 5 april 2025 Foto : Manfred - Snaaskerke

Manfred
5 1

Ketters.

"Wie zich niet onderwerpt aan de christelijke drug alcohol, wordt beschouwd als een ketter. Dit soort mensen mag men onderwerpen, en geestelijk en fysiek martelen. Dat is wat men ketters eeuwenlang heeft aangedaan." Er zijn DAGELIJKS 400 meldingen van huishoudelijk geweld door alcohol. Een topje van de ijsberg, zegt men. Veroorzaakt door het bloed van christus.   ******************************************************* FOTO GALLERY verf ed https://www.2dehands.be/q/verf+ed+altaar+de+culturen/ Rond 1995 heb ik dat werk gemaakt. Ik noem het "altaar der culturen." Links ziet men een tv, onze gemeenschappelijke identiteit valt van het - silicium - glas - zand.De gemeenschappelijke informatiebronnen zijn verdwenen.De wijzen van vroeger opgevolgd door radio en uiteindelijk als laatste de tv die een ongeveer gemeenschappelijke boodschap uitdragen, ons collectief geheugen, is niet meer.De informatie is versplinterd.Rechts ziet men een gietijzeren kandelaar daar in een mensenhoofd in papier. Stukken teksten. Krantenpapier "De encyclopedische mens".Gietijzer = nationalistenKandelaar = religieIn het midden staat de hedendaagse mens. Opgesloten. "de encyclopedische mens".Dit deel is gemaakt van een reclame voor lippenstift.Regeneratie KosmetikIn de dubbele wand gaan luchtbellen in het water de hoogte in.In die dubbel - transparantie - plexiglas zit diezelfde "encyclopedische mens".Het geheel staat op dunne platen, glas = chips = zand = silicium.Het geheel steunt op een gietijzeren pilaar = industriële cultuur.De gietijzeren plaat staat op de grond = landbouwcultuur.HET ALTAAR DER CULTUREN. Ik woonde toen in de Aalmoezenierstraat in Antwerpen. De jaren 90 tig. http://www.anamorfose.be/verf/misc-images/verf-t-i-r-e  

verf ed: Contemporary interdisciplinair ArtTIST, nen tjolder, nen prutser. BIO.
122 0
Tip

De rol van twijfel

Twijfel zorgt ervoor dat alles los blijft staan, dat wankelheid de toestand is waarin bepaalde ideeën blijven hangen. Twijfel schept ruimte tussen mezelf en de wereld; een ruimte die geen vast verhaal wil dragen, maar enkel in mogelijkheden verschijnt. Twijfel kan iemand tot stilstand brengen of alles doen vertragen. Wie niet twijfelt, is te vast aangedraaid en kent de speling of beweeglijkheid van een onbepaald bestaan niet. Het is immers het onbepaalde dat vrijheid brengt; de vrijheid om te fantaseren, speculeren, dromen, visualiseren, bedenken, voelen, hopen en nog zoveel meer. Een leven zonder twijfel mist magie en maakt alles hard, terwijl er zo te genieten valt van magische misschiens als zachte wolkjes. Er zijn echter verschillende soorten twijfel, de ene al wat moeilijker dan de andere. Want hoewel twijfel vrijheid en ruimte schept, kan ze ook fel beperken. Zoals zelftwijfel bijvoorbeeld. Twijfel over mezelf maakt me klein, terwijl twijfel over de wereld diezelfde wereld juist groter en onbegrensder maakt. Mysterieuzer. Ik vind mezelf niet mysterieuzer als ik aan mezelf twijfel, eerder banaler en minder interessant. Zelftwijfel wil zich ook weleens als introspectie voordoen. Onder het mom van ‘jezelf onder de loep leggen’ kan zelftwijfel een loopje nemen met je eigenwaarde. Twijfel is iets dat op ervaringen dient te worden geprojecteerd, en op de interpretaties van die ervaringen, maar niet op de interpretator zelf, want dat vernauwt het perspectief. Ik zou zeggen: kijk in de spiegel, neem je intenties, gedachten en gevoelens waar, toets hun integriteit en weet dat je niets weet. Maar ga niet twijfelen aan de waarde van de twijfelaar. Je kan twijfelen aan het twijfelen, maar vanaf het moment dat je de bron van al dat twijfelen in twijfel trekt, implodeert de eens zo onbegrensde ruimte. Want de schepper van de ruimte, de twijfelaar, is de ruimte zelf. De observator mag twijfelen aan zijn observaties en zou ook kunnen twijfelen aan wie de observator in essentie is, maar dat is niet wat we in deze wereld met zelftwijfel bedoelen. Zelftwijfel gaat over de waardebepaling van de observator; je afvragen waaruit de observator bestaat, is iets geheel anders. Twijfelen aan de waarde van de observator, aan de waarde van het zelf van waaruit wordt waargenomen, bracht me geen verruimende inzichten, integendeel. Ik kan aan alles twijfelen, behalve aan de bron van waaruit dat twijfelen voortkomt. Het woord twijfelaar heeft in deze wereld een negatieve bijklank: iemand die wankel op zijn benen staat. Niet kunnen kiezen wordt als zwak beschouwd. Er wordt ‘kieskracht’ verwacht van een vitaal subject. Toch is het belangrijk dat er speling blijft, in het belang van vreugde en verwondering. Het is mogelijk om gedecideerd keuzes te maken en daarbij toch te blijven twijfelen. Je kan de twijfel aanvaarden, maar er niet naar handelen. Alles is twijfelachtig, de wereld kent geen zekerheden, en toch kunnen we dat naast ons neerleggen en keuzes maken. Twijfelen en kiezen staan daarom niet loodrecht tegenover elkaar als twee uitersten, maar kunnen elkaar overlappen. Er zijn keuzes waarbij geen enkele twijfel voelbaar is en er zijn keuzes die twijfel in zich meedragen, als een zaadje waarvan niemand wil dat het uitgroeit tot spijt. Het wordt interessant als men gaat twijfelen aan grote, hardnekkig ingeprente ideeën of overtuigingen, zoals het wereldbeeld, de geschiedenis, de maatschappelijke consensus, gewoontes, tradities en protocollen. Het in vraag stellen van wat de meerderheid als ‘vaststaand’ beschouwt, is een bodem van waaruit twijfel kan uitgroeien tot iets verruimends en verrijkends, iets dat openheid en vrijheid kan brengen. Conclusie: twijfel trekt de grenzen van het denken open, zolang die niet gericht is op de eigenwaarde of op de generator van twijfel. Karolien Deman  

KarolienDeman
83 2