Lezen

Tip

COLRUYT

Het duurt niet lang of na mij schuift een oudere man aan. Het geronk van zijn ademhaling en de geur van bedorven tandvlees doen mij vermoeden dat ik liever niet achterom kijk. De moeder met baby in de rij naast mij, heeft vandaag duidelijk al iets te veel gejongleerd met het moederschap, haar carriëre, en het updaten van haar sociale media. Ze werkt vermoeid haar veel te hoge hakken af tot groot jolijt van de behaarde man achter haar. Die heeft meer oog voor haar derrière dan voor het voortduwen van zijn winkelkar, maar wordt af en toe aangespoord verder te rijden door twee kleuters die een andere kar tegen zijn enkels duwen. Het aanschuiven gaat tergend traag. Minuten gaan voorbij, de verveling slaat toe. GSM’s worden bovengehaald en er wordt schaamteloos naar elkaars boodschappen gestaard. Maar dan ineens komt een kassierster met vastberaden tred door de deur waarvan niemand weet wat erachter schuilt. De harige held ruikt naast zijn eigen zweetgeur als eerste onraad, gevolgd door de nauwkeurig in het pak geduwd, licht neurotische zenuwpees die vermoedelijk als enige nauwgezet de pijltjes volgde in de gangen van de winkel.Zijn tikkende vingers wakkeren de alertheid van de moeder aan. De indommelende baby op haar borst wordt dooreengeschud door haar toenemende hartslag. De man achter mij rochelt nog harder dan voordien en alhoewel het theoretisch onmogelijk is, gezien de kar tussen ons, lijk ik nu ook zijn adem in mijn nek te voélen. De temperatuur stijgt aanzienlijk, en door de verdampende zweetparels op menig voorhoofd stijgt ook de luchtvochtigheid. Winkelkarren worden vastgegrepen, de wielen reeds in de juiste richting gemanoeuvreerd. Kassa 3 wordt geopend. De behaarde man krijgt zijn volle lichaam en gezwollen enkels net iets te traag in gang en moet het onderspit delven tegen de man in kostuum die nooit zijn concentratie verloor. Die passeert op zijn beurt gezwind de tussenliggende rij, maar blijft helaas met de voorwielen haperen aan de uitgespeelde hakken, die de moeder daar bij nader inzien strategisch had neergelegd. De spanning stijgt nu ook bij de andere rijen die nog niet goed door hebben wat er aan de hand is, maar die als kuddedieren de voortrekkers volgen richting kassa 3. En dan… de moeder maakt haar baby los van haar lichaam en duwt hem met gestrekte armen zo ver mogelijk van zich af, schreeuwend dat hij niet meer ademt en daarmee terrein winnend. De baby komt, geholpen door de volle luier, als eerste over de eindmeet en wint nietsvermoedend maar kerngezond de strijd. De ongeschreven regel dat de winst ten allen tijde moet geaccepteerd worden, doet de afkeurende blikken teniet. De rust herstelt zich, blikken en wielen worden terug afgewend, rijen hervormd. Ik wacht geduldig verder tot de man aan de kassa mijn boodschappen inscant, ze netjes ordent en ze tot mijn grote verbazing ook perfect in daarvoor geschikte dozen gepuzzeld krijgt. Ik betaal en stap naar buiten. Bij het inladen van de wagen merk ik dat de moeder iets verderop staat te vloeken. Ze werd zonet ondergekotst.Karma

Sarah Vanheuverzwijn
374 9

Jan

Jan was al de dagen vergeten waar hij stuiptrekkend over de vloer wriemelde op zoek naar zijn eigen kamerdeur . De enige deur in de witte rivierlange gang met een papier pal in het midden van het deuroppervlak geplakt . Met als functie dat hij ze makkelijker zou terug vinden . Wat er op het papier stond speelde totaal geen rol , het ging om het papier . & Voornamelijk dat zijn deur zich dus onderscheidde van de andere deuren in de gang . Een wit licht in de vorm van een A4 in dagen van bedwelming , platliggen onder antipsychoticum & alprazolam & overleven op ingedikte melk & ongezoete pudding , hij verdraagt geen zoetigheid in zijn kapotgeknarste gebit . Hij was de dagen al vergeten waar hij zichzelf vervloekte voor de zoveelste verslaving & voornamelijk om van die verslaving af te geraken . Hij was de dagen al vergeten waar hij een halve eeuw oud werd in de psychiatrie . Hij was de dagen al vergeten waar hij nog goed at , ook al vond hij goed eten datgene wat de gemiddelde Belg beschouwt als slecht eten , lees fastfood van fastfoodketens met epilepsietriggerende logo's . Lees Mcdonalds . Hij was de dagen al vergeten dat de heroïnewaas wegtrok & hij weer kon vertellen over de goude jaren negentig , de hoogdagen van The Stone Roses , het vergeten one hit wonder van de jaren negentig . Hij was de dagen al vergeten waar hij het positieve inzag van zijn job als dokwerker . Roken kon er ten allen tijde & ge ontmoet wel ne man of vier vijf & alles valt er nu eenmaal veel goedkoper te regelen , de legale zowel als de illegale middelen . Jan was de dagen al vergeten waarin hij niet zat vastgebeiteld in vervelend cynisme alhoewel het vaak dichtbij vervelend realisme lag in zijn wereld . Jan was de dagen alweer vergeten dat hij terug zijn eigen moeder herkende . Jan was weer te druk bezig met andere dingen , zoeken achter dagene wat het snelste geeft . Slenterend aan de bouwbevallige bruingebladerde appartementsblokken aan den Beerschot , het kiel . De holle kies in het gebit van Antwerpen , de nagel aan Meneer De Wever zijn doodskist , de golden ticket in het achterhoofd van Meneer Van Grieken . Het kiel . Die plekken aan de randstad waar de schimmel op het gemiddelde badkamerplafond meer leeft als de gehele buurt bij elkaar . Die plekken waar de gemiddelde inwoner nog in nihilisme gelooft & waar gentrificatie nooit in de mond zal genomen worden maar eenieder die het uitspreekt wel stevig aan de tand zal gevoeld worden . Hier haten ze Tourist Lemc , want die man is niet eens een echte Antwerpenaar & zo teren op de miserie van een ander . Sukkeleir! Hier is het café op de hoek de stront die het ongedierte uit hun huizen slurpt & waar er af en toe nog echt geleefd word . Maar hier verstaat men onder leven , liefst zo snel mogelijk het huidige moment vergeten . Hier in dit kruipkotgroot kot zijn de oudste stukken antiek de mensen die er de krukken warm houden & de mensen hun mentaliteit geurt ouder als dat antiek worden kan . Boerkesglazen , bifiworsten , roycosoep & Oxo . Pitjesbak , beeldbuis , sigarettenbakken op den toog . Authenticiteit is hier belangrijker als beleefdheid , hier weet men wat men wilt & wat men niet wilt . Hier kleuren de straten vijtig tinten grijs & vijftig tinten spierwit . Hier loopt geen Marokkaan of neger een paar uur leven rond & diegene die er dan toch rondlopen zijn even halfdood als Jan in zijn ontwennigsperiodes van weleer . Even diep , even ver weg , even van alles vandaan . Hier wordt de kebabzaak gediscrimineerd , maar ze hebben wel friet te graaien , carapils is hier water & brood & de colruyt iets voor de rijke mensen . Jan was te druk bezig met halfdood te zijn in het badkamergroot appartement dat hij ooit van zijn grootmoederlief had geërfd . Smack . Daar moest hij het van hebben . Smack . De cocaïne die je kan roken , daar diende je niet voor in de aders te prikken , die in Jan zijn geval al vijftig maal hergebruikt leken te zijn . Ecologisch leven heeft in Jan zijn wereld een geheel andere betekenis als de algemeen herkende , maar Jan kent er al effe iets van . Een Junk in hart & nieren . Een Junk in menselijk verval . Een held in escapisme , een held in herval . Jan nam de dingen terug zoals ze altijd al waren geweest . Jan was het weeral maar eens niet verleerd . 

Schrikkentist
19 0

winter 1994

Het vers verdiende nieuwjaarsgeld rinkelde en schuurde in onze broekzakken. De koude wind blies alle neuzen in dezelfde richting en kondigde een nieuw jaar aan met ongetwijfeld meer van hetzelfde. Enorme saaie weken gebald in een schooljaar dat nu al verloren leek. De lichte motregen sloeg in ons haar. In de tijd die restte voor de bus zou komen rolden en rookten we nog snel een sigaret. We stapten in de karig gevulde bus. Altijd een opluchting als er ruim plaats is om te gaan zitten. Dat was tijdens schoolweken wel anders. Dan moest je je vaak door mensen murwen die je of niet zagen omdat je probeerde zo geruisloos mogelijk in de massa op te gaan of die onverzettelijk hun ochtendhumeur met meer égards wilden behandeld zien dan een medepassagier. Mijn moeder stond te zwaaien achter de gordijnen van het livingraam, toen de oranje bus ons huis passeerde. Tot zes uur ’s avonds had ik gekregen om mijn buit te verzilveren. Free record shop, Fnac en Superclub zouden de komende uren onze habitat en toevluchtsoord worden. Mijn schoolmakker en beste vriend Fred was er bij. Hij: groot, slank, lang blond sluik haar en een beetje verlegen. Ik: klein, nog meer verlegen en vervelend bruin, krullend haar. We waren net twee puzzelstukjes die bij elkaar pasten. Op de een of andere manier vulden we elkaar aan, vanaf de eerste dag dat we elkaar zagen, een paar maanden eerder, hij was nieuw in de klas dat schooljaar. We deelden dezelfde muzieksmaak. Hielden van dezelfde meisjes. Moesten dezelfde bus op. En, we waren ingenieuze spiekers. Kortom we deelden alles: de taken, de punten én onze sigaretten. Gent, in die dagen, zowat midden jaren negentig, was een stuk rauwer en donkerder dan het nu is. De gevels waren grijs, de mensen ook. Het regende constant, zelfs in de zomer waar, na de ‘Gentse feesten’, alles maanden apocalyptisch stil was, leek het wel. ‘Het Damberd’ was de enige referentie voor vertier, toch voor twee onschuldige pubers uit een nabijgelegen boerengat. Hoewel de bus ook stopte aan de Korenmarkt stapten wij toch al af aan de Dampoort. Dat gaf ons tijd om te roken en na te denken welken cd’s we zeker moesten kopen. De treinen die boven ons hoofd naar bestemmingen zoefden waar wij het raden naar hadden, maar die in ons toch het vuur ontstaken van een spannender leven, maakten een schurend geluid op de rails, ook dat vonden wij muziek. We passeerden onze school. Een statig wit pand dat enigszins werd verdonkeremaand door de met troleylijnen vertekende straat.   Iets voor de school zat een gigantische speelgoedwinkel. Amper een paar jaar voordien had ik daar een gameboy aangeschaft. Ook met nieuwjaarscenten. Dat was bizar, mijn zus en ik hadden beslist te sparen voor een gameboy. We hadden een tante, rijk maar krenterig. We hadden voorgerekend dat we met alles wat we normaal gezien ophalen voldoende zouden hebben om een spelconsole en één spelletje te kopen. We waren er bijna, juist die ene tante moest ons nog iets geven, daar verwachtten we niets van, tot we de envelop openden en het bedrag zagen. Ze had de geest gekregen, zoveel was duidelijk. In die envelop zat voldoende om ons vooropgestelde doel te behalen, console en spelletje. Het lijkt allemaal al zo lang geleden nu ik hier met Fred wandel. Ik bleek niet vatbaar voor een gameverslaving en mijn zus deed vooral haar eigen ding, liefst zonder mij en daar was ik niet rouwig om. Die middag, die laatste middag, voor alles zich opnieuw op gang zou trekken en de regen en de wind ons zou blijven teisteren tot we volwassen waren geworden kocht ik ‘Vitalogy’ van Pearl Jam en ‘Unplugged in New-York’ van Nirvana. Het werd donker, liep tegen zessen en we keerden huiswaarts. Mijn moeder had soep gekookt en stond er op dat we eerst een tas dronken voor ze Fred naar huis zou brengen. Later trok ik me terug op mijn kamer, luisterde naar beide albums. Nog één weekend en dan terug naar school, dus. Terug volle bussen en gejaagde speelplaatsrituelen, gehaaide jongens met knappe meisjes. Ik werd er week van, verder gebeurde er, in lengte van dagen, absoluut niets.

Thomas De Mulder
23 0

De teleurstellende kunstwereld

Kunstonderwijs, dat was voor mij een vanzelfsprekendheid. Het was het transcendentale aspect van kunst dat mij aantrok. Hoe kunst de grenzen van het alledaagse kan overschrijden. En tegelijk daarmee het alledaagse op ongeziene wijze zichtbaar maakt.  Met de kunstenaar als onderzoeker en interpretator, gezegend met een geest die het voor de hand liggende steeds een stap voor is. Deze persoonlijke definiëring kleurde de keuze van mijn studietraject. Van mijn ervaring met het kunstsecundair onderwijs rest er enkel nog eelt op mijn ziel. De opleiding schoot schromelijk tekort omdat de waarde van het creatief denkend brein werd onderschat. Het kso is als een restafvalbakje waarin de leerlingen die zich niet vlekkeloos in het onderwijssysteem laten gieten worden gekieperd. Men reduceert kunsteducatie tot veredelde handenarbeid en plaatst het onderaan de sociale ladder der studierichtingen, op gelijke hoogte met het beroeps en technisch onderwijs. Ik zat het uit, zes ellendige puberjaren, met mijn hoop en verlangen gericht op meer verzadiging in het hoger onderwijs. Daar kon ik uiteindelijk smullen van vakken zoals filosofie, psychologie en literatuur. Vakken die mij ook evidente input hadden geleken tijdens mijn middelbare opleiding. In de hoge school is kunsteducatie weer serious business. De marginale positie van de kso-er wordt prompt ingewisseld voor de status van iemand die het zich kan permitteren om hogere studies te doorlopen in een vakgebied dat in essentie enkel als spielerei in de zijlijn van het echte leven bestaat. Alleen wie het overleven heeft overstegen, heeft de tijd en ruimte om diepgaand over kunst te contempleren. Van de vele door studenten opgezette toonmomenten in de aanwezigheid van koffie slurpende juryleden, grootmeesters in gewichtig doen en bedenkelijk kijken, leerde ik dat een hoge score vaak school in de overtuigingskracht van de presentatie en niet zozeer in de kwaliteit ervan. Charismatisch gelul gehuld in een hip kunstenaarsjasje van pedante onverschilligheid haalde het vaak van een kwetsbaar oprecht onderzoeks- en ontwikkelingsproces. Er werd languit gekauwd op het concept achter de bewegingen van de maker, dewelke men graag vertaald zag in een zo droog en complex mogelijk uitgeschreven filosofisch essay. Ondanks het gevoel onder een elitaire stolp te vertoeven, smeerde ik de hogere kunstopleiding breed uit over mijn twintigerjaren en verteerde zowel een master, postgraduaat als lerarenopleiding. Totaal vervreemd van de praktische realiteit en gebrainwashed in mijn ideeën van wat kunst en het kunstenaarschap eigenlijk inhoudt, opende ik samen met mijn voormalige partner een kunstgalerij waar we laagdrempeligheid met kwaliteit trachtten te verenigen. Het was tien jaar lang op verschillende vlakken een mooie oefening in het worden van wie ik vandaag ben. In een wereld waarin namedropping een sport is, gelakte puntschoenen en opzichtige brilmonturen inspiratieloze uitingen van artistieke apartheid zijn en cirkels bewust klein gehouden worden, heb ik niets (meer) te zoeken. Mijn weerstand wordt in het licht van de huidige crisis alleen maar bevestigd, want ook nu lijkt het zelfzuchtige behoud van status en de exclusieve bubbel de koers van de kunstwereld te bepalen. Gedwee worden de absurde en discriminerende maatregelen van de overheid opgevolgd. Men laat zich voorliegen, muilkorven, isoleren, commanderen en chanteren. Ziel en gezond verstand worden voor een appel en een ei verkocht zodat de show onverstoord door kan gaan. Want de plannen waren al gemaakt, de contracten reeds getekend. Ook in de kunstwereld, staat succes gelijk aan een drukke agenda. Er rest geen tijd om plots opdoemende barsten in het systeem nader te onderzoeken. En als scheuren kloven worden, dan zijn er de talrijke drogredenen om deze tot de laatste snik te overbruggen en negeren. Geoccupeerd en afgeleid door de kleine warme interne keuken, heeft de hedendaagse kunstenaar en zijn entourage niet gemerkt dat ook zij gehypnotiseerd werden door het verhaal dat in de marge van hun verheven wereldje stond te flikkeren. Het storende en onvermijdelijke poppenspel krijgt een boze blik toegeworpen, maar helaas wel voor waar aangenomen. Mits het toepassen van opgedrongen aanpassingen waarmee een resem grenzen en rechten worden overschreven, krijgt men de toelating om zichzelf weer vrolijk te verliezen in zoete dikdoenerij en de verkoop van gebakken lucht. En daar lijkt men zich warempel gelukkig mee te prijzen, want halleluja, de deuren van de sacrale white cubes mogen weer open. Ik ben er mij bewust van dat mijn relaas hier door verdomd korte bochten vliegt, wat enkel maar bijgedragen heeft aan de ontlading en het plezier van dit schrijven. Ondanks de teleurstellingen die de zich consequent afzijdig houdende kunstwereld mij bracht, blijft mijn creatiedrang en liefde voor kunst onaangetast. Enkel mijn reeds gehavende beeld van gerenommeerde kunstinstellingen en hun aanhangers is verder de dieperik ingetuimeld. Dit is een tijd waarin de onderliggende structuren en hun mankementen bloot komen te liggen. Het rammelt en kraakt langs alle kanten en status biedt niet langer een betrouwbare houvast. Het ziet ernaar uit dat ook de kunstwereld dit op hardhandige wijze zal moeten ondervinden.https://www.karoliendeman.com/blog/2022/1/3/de-teleurstellende-kunstwereld-onverstoorbaar-afzijdig

KarolienDeman
33 1

De voortekens

We hadden ons voorgenomen om er een rustige kerstavond van te maken. De lege stoel aan tafel vulden we aan met de warmte van elkaar. Maar ik had de voortekens moeten zien. Het begon met de bevroren kalkoen, die ik te laat uit de vriezer had gehaald. Domweg vergeten om ‘kalkoen’ in mijn agenda te zetten. Al was ‘kieken’ misschien beter geweest. Ons ma zei vroeger al 'ge gaat uwe kop nog eens vergeten’. Ze krijgt nog ooit gelijk, al zal het geen gezicht zijn. Het tweede voorteken was de oven zelf, die al een tijdje moeilijk deed. Ik dacht dat het aan de knoppen lag. De oven had de hele dag op volle toeren en hoge temperaturen gedraaid. De tweede ovenschotel stond een tijdje te pruttelen toen het gebeurde. De deur van de oven sprong plots met een luide knal open. Maar het klonk het niet als ‘knal’,  eerder als ‘baaf’. Of zoiets. Het hele gezelschap viel van zijn stoel. Ook omdat meteen het licht uitviel. Alsof dat sympathiseerde met de oven. Het had erger kunnen zijn, mocht ik bijvoorbeeld net een kijkje hebben genomen bij de oven. Maar toegeven, het was een oud beestje. De oven bedoel ik, niet de kalkoen. En de voortekens waren er. Misschien wist de oven dat ‘knaldrang’ tot woord van het jaar was gekozen. En dat we geen ‘knalfeest’ wilden. Och, 2021. Mocht ik een eindbalans opmaken, kan ik zeggen dat het niet het beste jaar der jaren was. Maar daar waag ik me niet aan. ‘Na tweeëntwintig jaren in dit leven’, oké, maar toch niet elk jaar. Je wordt van dat achteromkijken niet altijd even vrolijk. Maar kijk, ik gooi het jaar 2021 er samen met de oven uit. Ze mogen allebei beschikken. Wat mij betreft is het oven en uit.

Rudi Lavreysen
7 0