Lezen

En toen sloeg Sara drie keer

Ze zit tegenover me aan de houten tuintafel in de oude herfstzon, knijpt haar winterjas dicht over haar hals. De bries, het seizoen, de hele wereld; ze heeft zoveel vijanden gemaakt dat ze er niet meer wil zijn. Dat zegt ze ook, tot drie keer toe. Ik weet niet wat ik voor haar kan doen, elk plezier wordt afgewezen. We verschillen zo. Ze vertelt, keer op keer, hoe ze elke dag de mindfulness oefeningen doet uit het boek dat ik haar gaf, op het matje naast haar bed. Het lijkt haar laatste houvast aan het leven. Zullen we? Wil je? En als je nu eens? Nee, allemaal niks voor haar.Ik zie hoe mager ze is geworden, gerimpeld ook. Alle kleur heeft haar gezicht verlaten. Haar omhelzen durf ik niet, want er is corona.En zo blijven mijn woorden tussen ons in op het tafelblad stuiteren, als pingpongballetjes die niet worden teruggeslagen. De zon schijnt hard op mijn achterhoofd en ik voel hoofdpijn opkomen, denk erover mijn truitje uit te trekken. 'Maar heb jij het nu niet koud?' vraagt ze voor de tweede keer vol ongeloof. Ik besef dat dit de laatste keer is dat ik haar kan zien voor lange tijd, want vanavond houdt de zomer ermee op. Ik ben overprikkeld, al weken. Het minste geluid is een aanslag op mijn lichaam. Als ik niet ineen zit te krimpen onder het urenlange geblaf van de hond van de buren, ver weg maar monotoon enerverend in mijn allesomvattende hoofd - als een waterdruppel die daar eindeloos op wordt gedropt, of de elektrische zaagmachine van andere buren jammerend door mijn ingewanden gaat, dan wandel ik, ren ik, wèg van dat hoofd, want mijn lichaam is de kracht die alles overeind moet houden. Dan denk ik: kom maar hoofd, verstop je in de bossen, in je adem, in de mantra op het ritme van mijn stevige tred. En 's nachts, ach, 's nachts, met dat bonzende hart en jakkerende longen als liep ik voor mijn leven.Vannacht was een stukje pil mij net tot bedaren aan het brengen, ik las nog wat zinnen uit 'Such small hands', en toen kroop er plots een vlieg in mijn oor. Op mijn yogamat in de grote donkere zaal, een van mijn laatste toevluchtsoorden, voelde ik me veilig. Geen facebookvenijn, geen chauffeurs die me van de weg willen maaien, niemand die me beschuldigt, geen vrienden die een verbaasde emoticon onder rampspoed zetten maar nooit eens vragen hoe, of het met me gaat, geen coronaontkenners, geen egoïsten, geen coronaontkennende egoïsten, geen berichten waarop ik niet weet hoe te reageren, geen onheilsmeldingen, geen afwijzing, geen onbegrip, een lichaam dat eindelijk uitgedobberd is aan het einde van het uur.En toen sloeg Sara drie keer op haar klankschaal, en de trillingen zongen door de zaal, kropen mijn rugliggende, overgegeven lijf in, en trilden het bijna tot tranen. Ik besefte: dit is alles wat ik nodig heb, dit is geluk.

Katrin Van de Velde
19 0

De onvoorspelbaarheid

Een vriend vertelt me over zijn oma. "Vroeger keek ze graag naar tennis op tv. Vooral naar de wedstrijden met Kim Clijsters. Het was Kim hier en Kim daar. Maar ze kon niet zo goed tegen de wedstrijdspanning. Het was nog in de tijd van de videorecorders. Ze nam de wedstrijden waarin Kim Clijsters meespeelde telkens op. Als de tennismatch gedaan was, keek ze op teletekst eerst naar de uitslag. Pas dan kon ze de wedstrijd volledig bekijken. Als ze wist of Kim Clijsters gewonnen had of niet. De spanning was eraf."  "In het weekend naar een voetbalmatch kijken waarin ik meespeelde vond ze ook moeilijk”, gaat hij verder. “Als ik op de grond lag na een sliding of een tackel zou ze het veld opgelopen zijn. En roepen dat ze deed. Zelfs als ik mezelf bezeerd had bij een slechte tackel", lacht hij. "Het is een schitterend verhaal", zeg ik. Het is de spanning van een spel. Niet iedereen is er voor in de wieg gelegd. Ik heb het nog altijd met de sportwedstrijden van de kinderen. Maar ook met spannende films. Zeker thuis. Dan loop ik om de haverklap naar de keuken, waar ik wat sta rond te draaien. Als een leghen die een plek zoekt om haar ei te leggen. Ik trek er de koelkast nog maar eens open. Of ik schenk mezelf een glas water in terwijl er nog eentje op de salontafel staat. In de bioscoop ligt het natuurlijk een stuk moeilijker om telkens naar buiten te lopen. En al zeker om daar achter de toog de ijskast te openen. Als de suspense in de bioscoop te erg wordt, sluit ik mijn ogen tot het spannend stuk voorbij is. Het is de onvoorspelbaarheid. Niet weten waar het allemaal naartoe gaat. Eigenlijk weet je het nooit. 

Rudi Lavreysen
8 0

I. Genese van een these

Sterven zal ik nooit; ik stel mijn deadlines immers steeds uit.   Desondanks zou ik praktisch dood zijn als ik mijn thesis niet voltooide. Ik had al lang genoeg getalmd. Ditmaal zou ik mijn bureau niet verlaten, zolang ik mijn taak niet volbracht had.   Ik besloot een mentaal spel met mezelf aan te gaan. In mijn verbeelding zou de uitvoering van het vereiste werk mijn eigen executie beletten, terwijl niet-uitvoering zou resulteren in mijn onmiddellijke terechtstelling. Een mantra nestelde zich in mij, dat in beide richtingen gelezen kon worden: “EXECUTE = NO EXECUTE”.   Desalniettemin bleef ik vastzitten op een essentieel punt.   Mijn onderzoek betrof de regulering van Artificiële Intelligentie, kortweg AI. De vraag stelde zich of het technologisch gebruik van auteurswerken, waarbij de inhoud enkel machinaal verwerkt wordt en niet wordt vrijgegeven aan de buitenwereld, in strijd is met het auteursrecht. Bij het benodigde Text & Data Mining maakt men immers kopieën van ontelbaar veel werken om er vervolgens via software patronen en inzichten aan te onttrekken. Het was onduidelijk of dit de toestemming van de respectievelijke auteur vereist.   Een strekking binnen de doctrine vindt van niet omdat het auteursrecht enkel bedoeld zou zijn om de originele expressie van de auteur te beschermen, dewelke bij het technologisch gebruik in kwestie niet wordt veruitwendigd. Aan de andere kant van het spectrum vindt men dat auteurs vergoeding verdienen voor elke exploitatie van hun werk, inclusief niet-expressief gebruik. De twee strekkingen leken me onverenigbaar.   Opeens schoot mij het citaat te binnen waarmee de Duitse filosoof Gadamer zijn filosofie samenvatte: “Het zou kunnen dat de ander gelijk heeft.” Hiermee ging ik aan de slag.   Wat als elkeen een punt had?   Mijn oog viel op de groeicurve die exponentiële technologieën kenmerkt. Zo verdubbelt de rekenkracht van computers elke twee jaar volgens de zogenaamde Wet van Moore. Op een grafiek wordt een exponentiële functie zoals ex weergegeven als de zogenaamde hockey stick-curve, waarbij de waarde aanvankelijk geleidelijk lijkt te stijgen om vervolgens als een vuurwerkpijl de lucht in te schieten.   Wat als het antwoord op mijn vraagstuk reeds schuilde in de grafiek?   Als een auteurswerk slechts eenmalig niet-expressief wordt gebruikt, is het aanvaardbaar dat de toestemming van de auteur niet gevraagd moet worden en dat aan deze geen vergoeding verschuldigd is. Als het auteurswerk echter op exponentiële wijze gebruikt zal blijven worden, is het daarentegen wel gepast de toestemming van de auteur te behoeven en deze te vergoeden.   Door de richtlijn van de exponentiële groei te volgen, was ik er eindelijk in geslaagd een compromis te bewerkstelligen tussen de twee - aanvankelijk onverzoenbaar ogende - strekkingen.   Ik stond versteld. Het antwoord had me de hele tijd in het gezicht gestaard. Ik moest gewoon de lijn volgen die de verschillende punten met elkaar verbindt. Het onzichtbare schuilt achter het overduidelijke.   Ik moest terugdenken aan het gesprek dat ik destijds met mijn kotgenoot Mo had gevoerd over religie.   ****************************************************************************************************   Als ik met Mo uitging, was hij altijd bezig meisjes te versieren. “Ik ben teveel man voor slechts één vrouw!”, verklaarde hij me. Hij beweerde reeds tientallen eerstejaars ontmaagd te hebben. “Fuck al die bitches, man!”, raadde hij me aan, “Ze vragen er gewoon om.” “Ik heb ooit ergens gehoord dat je niet van vrouwen moet houden, omdat je anders er niet zoveel zou kunnen neuken”, had ik hem één keer ingewreven. Die opmerking had Mo louter schamper weggelachen.   ****************************************************************************************************   Hoewel hij veelvuldig alcohol en vrouwen consumeerde, was Mo er evenwel van overtuigd dat God bestond en dat dit onweerlegbaar bleek uit een analyse van onder meer het Heilige Schrift. Zo zouden er wiskundige wetmatigheden in de Koran terug te vinden zijn, net als in de natuur, die te onwaarschijnlijk zijn om louter op toeval te berusten en kunnen ze dus niet anders dan het werk zijn van een intelligente schepper. God zou tot ons spreken via de wiskunde.   Destijds had ik het als bijgeloof weggezet: “Dat zijn slechts toevalligheden.” “Hoeveel toevalligheden kun je meemaken totdat het geen gelukkig toeval meer is?” was Mo’s respons.   Nu kreeg ik zijn redenering niet meer uit mijn gedachten. Wat als ook Mo een punt had?   Die nacht kon ik de slaap niet vatten.   Bij het ochtendgloren installeerde ik me onmiddellijk terug aan mijn werktafel. Bij wijze van klad, trachtte ik een gek hersenspinsel uit mijn hoofd te schrijven:   “Het universum breidt zich op exponentiële wijze uit. Om het heelal te doorgronden, hebben we exponentiële technologieën nodig. Om exponentiële technologieën mogelijk te maken, hebben we exponentieel recht nodig.   De bekende Harvard-rechtsgeleerde Lawrence Lessig heeft reeds gesteld dat code recht is, doelende op het feit dat menselijk gedrag steeds meer geleid wordt door computercode. Ik stel mij de vraag: ‘Wat als de code ex Gods wet is?’   God heeft zichzelf gecodeerd in de ruimte, en elke dag verwijderen we ons verder van Hem.    Om het mysterie van God op te lossen, moeten we Hem vinden. Daar, waar Hij op ons wacht sinds het begin der tijden, in het hart van het universum, waar het allemaal begon met een grote knal.   Religie en wetenschap zouden elkaar niet moeten bekampen, maar tezamen de ruimte verkennen in hun gezamenlijke zoektocht naar Gods bestaan.”   Deze gedachtegang bracht me zo van mijn stuk dat ik in foetushouding in warme tranen op de koude vloer oploste.   Ik had mezelf steeds bestempeld als agnost uit veiligheidsoverwegingen om niet in de hel te belanden wegens de verwerping van God, indien deze toch zou blijken te bestaan. Nu had ik voor het eerst een indicatie van de mogelijkheid van Zijn bestaan ervaren.   Ik bracht de nacht ijsberend rond mijn bureau, zoals moslims rondom de Kaäba, door. Het monotone schuifelen bracht mijn brein enigszins tot rust.

Odin
5 0

Wat wil jij later worden?

Haar glimlach verbreedde toen nonkel Mon zei dat ze talent had om piano te leren spelen. Met blozende wangen van plezier, speelde Maartje het eenvoudige kinderliedje nog een keer. De omzittenden zongen mee,  ‘Broeder Jacob, broeder Jacob …’ Ze genoot zichtbaar en haar favoriete oom werd haar meest toegewijde fan. Het zingen ging nog even door, afgewisseld met mopjes vertellen en vrolijke raadseltjes oplossen. Zo in het middelpunt van de belangstelling voelde ze zich in haar nopjes. ’s Nachts droomde ze haar eigen komende succes. De volgende dag in de klas, vertelde de juf over beroepen. Dat triggerde haar wel. Nog half dromend over de vorige avond, waarin ze zich een beroemde ster voelde met nonkel Mon als haar grootste fan, antwoordde ze enthousiast ‘pianospeler’, toen het haar beurt was om te antwoorden op de vraag wat ze later wilde worden. De hele klas schoot in de lach en zelfs de juf moest haar best doen om zich in te houden. Ze keek een beetje beteuterd rond. Haar klasgenootjes vonden haar soms een beetje raar, maar wel altijd grappig. ‘Gisteren was het juffrouw’, ‘vorige week wilde ze nog mensenhelper worden’ of ‘klerenmaakster’ … werd er zacht gefluisterd. Maartje was het wel gewoon. Ze had meestal ook genoeg aan zichzelf en haar dromen. Ze zweeg, bleef in haar eigen wereld, waar nog net genoeg plaats was om de les te volgen. ‘Misschien,’ dacht ze, ‘misschien moet ik eerst maar eens groot worden.’   (dit korte verhaal schreef ik als oefening voor een cursus van Wisper)

Anemos
14 1

Brief aan Jeanneke

Lieve Jeanneke, Een paar dagen na de start van die bevreemdende lockdown, hebben wij gejubeld en gelachen. Het voelde bijna ongepast om temidden van zoveel drama zo’n intens geluk te voelen. Alsof je de slappe lach krijgt tijdens een uitvaartplechtigheid. Maar er was nu eenmaal wonderlijk nieuws, zo massief dat het simpelweg niet te onderdrukken viel: in mijn buik zou een kind groeien. Jij! En groeien doe je volop. Nog 7 weken en dan maakt de wereld kennis met jou, en jij met de wereld.  Maar ik kan het niet helpen: ik maak me zorgen. Want op wat voor een wereld zal ik je zetten? Fraai is die er niet aan toe. Onze samenleving wankelt onder een pandemie. Er is een klimaatcrisis die met de dag tastbaarder wordt. En het publieke debat geraakt verzuurd met polarisatie, racisme en gecrispeerde bekrompenheid. Op Facebook en in de media overstemt een handvol roeptoeters al wie zich kwetsbaar opstelt, al wie niet meekan, of wie vooral een knuffel nodig heeft.  Net nu iedereen nood heeft aan wat mildheid, trekken velen zich terug in het starre eigen gelijk. De muurtjes rond de eigen mening worden hoger, wat zich daarachter afspeelt, wordt minder zichtbaar en moeilijker te ontrafelen. Net nu een klein gebaar van vriendelijkheid, zoals de glimlach van een toevallige passant, zo’n deugd zou doen, verdwijnt die achter een masker. Corona heeft ons veel afgepakt, maar misschien wel vooral: de vanzelfsprekendheid en spontaniteit van het alledaagse. En toch. Terwijl jij veilig in mijn buik groeide, groeiden er ook mooie dingen in Vlaanderen, dingen waardoor we weer hoop kregen dat het alsnog goed komt. Zoals Herman Van Veen het zingt: de wereld is niet mooi, maar jij kan haar een beetje mooier kleuren.  Want misschien lijk je wel op je tante, die elke dag de stormloop aan ongeruste patiënten in haar huisartsenpraktijk trotseert. Of op die andere tante, die er op alle mogelijke manieren voor zorgt dat nieuwkomers toch nog Nederlands kunnen leren en hier een toekomst kunnen opbouwen. Misschien heb je wel wat weg van die Afghaanse vriend die al zoveel tegenslagen kende en ook nu weer rechtkrabbelt. Of heb je de ruime blik van die kranige grootnonkel, die zich ondanks zijn ziekte zorgen maakt om mensen in armoede. Of misschien ontpop jij je wel tot een soort van sociale superlijm, zoals die ene vriend die onze vriendengroep op creatieve wijze bij elkaar weet te brengen. Misschien treed jij wel in de voetsporen van die zeldzame experte die de nuance zoekt en ruiterlijk toegeeft dat zij het ook allemaal niet zo goed weet.  Of word je zoals die koppige buurman, die blijft klappen voor de mensen in de zorg, nog lang nadat iedereen daarmee gestopt is.  Misschien raak je wel geïnspireerd door die zonderling, die tussen al het geweeklaag door, mildheid predikt. Mildheid tegenover onszelf en tegenover elkaar. Of krijg je energie door die kleine, maar groeiende groep politieke leiders, die de strijdbijl en het gekibbel begraaft, en zich eindelijk echt wil inzetten voor de toekomst van ons allemaal. Wat zijn we ontzettend benieuwd naar jou. Zal je de schone krullen van je vader hebben, en de aanstekelijke lach van je moeder? Of erf je ons piekergedrag en je moeders ambetante voeten? Maar vooral: wat voor iemand zal je worden? Soms dromen we daar hardop over. Dan word jij een handelaar in goeds, een geluksmarchand die wiegende bomen plant, een bellenblazer onversaagd, die alles en iedereen met vrolijke glans belaagt. Een liefdesverspreider, een armoedebestrijder, een onvermoeibare levensbegeleider. Maar het is niet aan ons om jouw pad uit te stippelen. Word maar gewoon helemaal wie je zelf wil. En ongeacht wat de toekomst brengt: jij bent er nu al in geslaagd om de wereld mooier te maken de voorbije maanden. Uitkijken naar jouw komst was een kristalhelder lichtpunt, het bracht ons en onze families en vriendengroepen dichter bij elkaar, en deed ons beseffen wat er echt toe doet. En nee, onze samenleving is er nog niet. We hebben nog heel wat voor de boeg. Maar maak je maar geen zorgen, daarvoor is het nog te vroeg. Veel te vroeg. Bemoedigende groetjes, Je mama in spé (en je papa schreef mee)   Auteurs: Lies Steurs (17-11-1990) & Hendrik Moeremans (27-07-1987)

LiesSteurs
86 0

Een onvergetelijke vakantie...

Beste Vlamingen “Met een gigantische snelheid razen we door de lucht. Ik zit op een vliegtuig met aan boord nog twintig andere reizigers. we zijn verplicht om onze gordel aan te houden tijdens onze lange vlucht van 258 dagen. Op dit moment is onze vliegreis bijna afgelopen, we komen morgen eindelijk aan land. Ik ben blij en opgelucht tegelijkertijd want de vlucht was eentje van lange tijdsduur. Ik vind het spannend om terug te keren naar het land waar ik oorspronkelijk op de wereld ben gebracht. slapen zal moeilijk worden met al de gevoelens die door mijn hoofd spoken. Zullen mijn grootouders nog leven? Liesl mijn oude schoolvriendin, zou ze mij nog kennen? Ik heb geen besef van hoe laat het ondertussen is want tijd bestaat hier niet. Ik kijk door het raampje van het vliegtuig en droom weg in de weelde van de verschillende lichtbronnen die rechtstreeks op het netvlies van mijn ogen vallen. Ik begin een beetje slaperig te worden. Ik pak een deken en mijn vestje zodat ik mij kan klaarmaken om te verdwalen in mijn onvoorspelbare dromen. Dit was het voor vandaag. Morgen ben ik weer terug! Sven Wirix” Op het moment dat ik het dagboek sloot verloor het vliegtuig zijn evenwicht. Het alarm gaat af maar omdat alle passagiers aan het slapen waren, heeft niemand het alarm opgemerkt. De piloot heeft zijn best gedaan om zijn koers verder te zetten maar tevergeefs. Het vliegtuig stort neer op aarde. Alle passagiers zijn buiten bewustzijn behalve één persoon, namelijk Sven. Hij kijkt naar boven en kan niet begrijpen wat er zich allemaal afspeelt. Hij kruipt naar het mobieltje dat ligt te rinkelen op tien meter afstand verwijdert van hem. Hij is zwaar getroffen door de crash, hij verliest veel bloed en kan moeilijk ademen.Met alle moed pakt hij het mobieltje en belt hij de hulpdiensten. Het laatste wat hij zag waren de blauwe zwaailampen die zijn richting uit kwamen. “Het werd opeens zwart voor mijn ogen. Ik kan me nog vrij weinig herinneren wat zich daar afspeelde op het moment van de crash. De verplegende robot die mijn bloedwaarden kwam opmeten en de nodige medicamenten op mijn nachtkastje van mijn kamer achterliet, vertelde mij dat ik een maand in coma heb gelegen. Ik schrok natuurlijk enorm van wat de robot mij vertelde. Hij had ook positief nieuws, ik mocht morgen eindelijk het ziekenhuis verlaten! Mijn ouders hebben het helaas niet overleefd, telkens als ik er over begin te praten krijg ik het zwaar. Ik heb het er liever niet over. De zon duikt onder de horizon en de avond valt. Dit was het voor vandaag. Tot Morgen!” Sven werd de volgende dag wakker gemaakt door de brandende zonnestralen die door het grote glasraam op zijn gezicht schenen. Om negen uur werd hij ontslagen uit het ziekenhuis. Voordat hij uiteindelijk mocht gaan moest hij nog een test op het coronavirus doen. Hij lag met zijn lichaam bekrompen op het bed en de robot maakt een hersenscan. Op basis van de hersenactiviteit kon de zorgrobot zien als de hersenstructuur van de persoon verandert was of de oorspronkelijke vorm had. Vol enthousiasme stapte hij naar buiten maar die vreugde was van korte duur. Alles was verandert. De gehele samenleving was verandert, net zoals de sociale en samenhangende omgeving waar hij was opgegroeid. Hij zag zelfrijdende voertuigen, ook krioelde het van de fietsers en voetgangers. Slenterend zette hij een stap richting de stoep maar ver geraakte Sven niet. Hij bewoog van links naar rechts en zijn evenwicht was ook niet optimaal. Eenmaal aangekomen bij de supermarkt wreef hij diep in zijn ogen. Ze voelden aan alsof ze al dagen niet meer waren geopend. Een felle lichtflits was alles wat hij zag. Hij was op zoek naar de knapperige zoete kaneelbroodjes die zijn oma altijd maakte toen ze nog leefde. De broodjes waren altijd mooi goudbruin met een egaal laagje glazuur bovenop. Hij kreeg het water in zijn mond. Zijn oog valt op een hoekje van de winkelrek waar de producten uitgestald staan. Er steekt een minuscuul opgevouwd briefje tussen de spleet van de rek. Hij pakt het briefje voorzichtig op en plooit het open. “Vandaag 18 Oktober 2020. Complete volksverhuizing richting Mars wegens coronacrisis.” Sven schrikt en door zijn reactie dwarrelt het papiertje op de grond. Hij zet het op een rennen en verstopt zich in een verlaten achterbuurt waar de vele drugsdealers zich verschuilen en  de muren zijn volgespoten met de meest vulgaire graffiti.  “Iemand help! Ik kan dit niet meer! waar, waar zijn mijn ouders? Ze waren dood gebleven in het ongeluk. Iemand die mij alstublieft wilt uitleggen wat er allemaal is gebeurd? Ik ben zo verward. Radeloos. Alles is zo veranderd, en met alles bedoel ik de hele wereld. Letterlijk alles! Toen ik voorbij de kassa’s rende in de supermarkt merkte ik op dat er helemaal geen caissières waren. De gehele betaling werd automatisch geregistreerd en het geld werd van de persoon zijn bankrekening gehaald zonder iets te tonen.” Toen ik aan het schuilen was in de achterbuurt zag ik een kleine hond. Het was geen puppy meer want de hond had geelbruine tanden,verwarde grijze haren en zijn mobiliteit was uitermate slecht. Ik strompelde naar het hondje en gaf hem een naam. Ik noemde hem Max want zo heette mijn vorige viervoeter die helaas twee jaar geleden overleden was. De hond gedroeg zich vreemd, precies alsof hij me iets wou laten waarnemen.” Met de hond voorop, volgt Sven zijn spoor. Samen doorkruisen ze de zijbuurten, het centrum van de stad en de verschillende natuurparken tot ze op een gegeven moment aankomen bij een trap. De hond keert weer terug naar zijn oorspronkelijke leefomgeving en Sven staart naar het bordje bij de trap :”l’histoire des catastrophes dans le monde de l’enfer”. Zonder erbij na te denken spurt hij naar de trap,ademt hij diep in, pakt hij de railing van de trap stevig vast en gaat stapvoets naar beneden waarna hij tenslotte arriveert. Hij ziet een groot boek liggen getiteld naar het bordje bij de trap. Met trillende vingers klapt Sven het boek open. In het boek staan alle rampen in van de voorbije jaren. Hij krijgt waterige ogen en leest verder. Na al die jaren is het allemaal duidelijk geworden. Het coronavirus werd zo intens dat een volksverhuizing genoodzaakt was. Mensen werden kannibalen en gingen hun eigen soort uitmoorden. Complete paniek brak uit want zowel overheid als de bevolking deed weinig aan deze grote crisis. Na het lezen van de allerlaatste pagina vouwt hij het boek toe met een gevoel van tevredenheid en loopt hij naar buiten. Hij pakt een foto tevoorschijn van zijn gezin, sluit zijn ogen en droomt over de mooie momenten die toen nog de realiteit waren.      

sven wirix
0 0
Tip

Borstvoeding

Sommigen menen dat het doel van ons verblijf op aarde bestaat uit werken tot we erbij neervallen. Anderen zoeken de zin van het leven in de voortplanting. En nog anderen geloven dat we alleen hier zijn omdat dat vat Jupiler zichzelf niet kan opdrinken. Nonsens uiteraard, en ik zal je vertellen waarom. De enige reden waarom we over deze zwevende bal slijk mógen strompelen van Het Opperwezen, is natuurlijk, no pun intended, om te borstvoeden. Borstvoeding is het hoogste goed, het summum der moederschap, het ultieme genot voor de jongsten der aardbewoners. Dat wij mannen nog steeds niet geleerd hebben hoe het te doen, bewijst dat onze taak hier nog lang niet volbracht is. Vraag het aan eender welke kersverse moeder en ze zal zeggen: 'Mooi is het zeker, moeder zijn. Maar ook wel pittig.' Je moest dan ook net de zwaarste daad uit je leven tot een goed einde zien te brengen. De hormonen jagen door je lijf, onzekerheid zwaait de plak in je hoofd: 'Doe ik het wel goed?' Want dat wezentje ligt daar weer te krijsen, terwijl je nochtans elke mogelijke reden waarom hebt afgecheckt en uitgesloten. Daarbij komt dat elke vrouw die ooit een kind baarde, hoeveel decennia terug dat ook was, een lidkaart kreeg om kritiek te geven, vermomd als raad, die haaks staat op wat een andere kinderbaarster je gisteren aanraadde. En dat elke dag opnieuw, op de weinige momenten dat je niet gegijzeld tussen die vier muren zit te wachten op de volgende huilmonoloog van dat roze hoopje hulpeloosheid. Je zou voor minder depressief worden. Daarom is het hartverwarmend dat de maatschappij jonge ouders tegenwoordig één keuze minder dwingt te maken, met name gaan we voor borstvoeding of niet? Wat zou je anders doen? Flessenvoeding? Hahaha, stel je voor! Sla er een willekeurig babyboek op na en het is duidelijk: borstvoeding is het übernatuurlijkste dat er is en als jij er als mama niet in slaagt om het te doen, wil dat zeggen dat je niet hard genoeg je best doet. Niet om druk te zetten, maar je wil je kind toch zeker niet ontzien van colostrum, de eerste melk na de bevalling? Colostrum zit tjokvol eiwitten, mineralen en vitaminen, begunstigt je baby z'n eerste ontlasting en geeft 'm net geen overdosis antistoffen. Herinner je je Asterix en Obelix nog, en de ketel waarin die laatste gevallen was? Dat was een ketel colostrum. Kortom, deze wondermelk maakt het verschil tussen een kind dat met moeite op zijn vijftien z'n eigen poeperd kan afvegen of eentje dat haar universitair diploma (grootste onderscheiding en felicitaties van de jury) met de DIY-skills van Roger Wat-Je-Zelf-Doet-Doe-Je-Beter aan de muur van haar eigen succesvolle advocatenbureau ophangt. Dat we de colostrumproductie nog niet geïndustrialiseerd hebben om het goedje de godganse dagen zelf achterover te slaan, snapt geen mens. Nu zullen sommigen opperen: 'Maar meneer, mijn kind heeft borstvoeding gekregen en het is helemaal niet zo uitzonderlijk succesvol of perfect. Het is allergisch aan peulvruchten, luistert enkel naar Qmusic en is te dom om zelfs ongewild zwanger te raken.' Nogal wiedes! Jij hebt duidelijk je kind niet lang genoeg geborstvoed. 'Maar meneer...' Of net veel te lang! Dat je dat als moeder niet hebt aangevoeld, 't is nochtans de natuur. Doch allerminst verrassend, want recent wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat 90% van onze maatschappelijke problemen te herleiden valt naar het gebrek aan borstvoeding of het geven van gebrekkige borstvoeding: files op de E40, een mailbox vol dt-fouten, de verkiezingsuitslag van 2019, de klimaatopwarming en serveuses die vergeten mayonaise te brengen terwijl je daar uitdrukkelijk om gevraagd had. Ook bij bekende mensen moet je het niet ver zoeken. Want hoewel Theo Francken eruitziet alsof hij nog dagelijks z'n dosis via de moederlijke tepelaar binnenslurpt, spreken zijn tweets en gedachtegoed van een overduidelijke borstvoedingsleemte. 'En wat met Hitler of Trump, meneer, kregen zij van de borst?' Ik denk dat je het antwoord zelf wel kan raden. Maar ondanks de wetenschap zijn ze er nog altijd. De luie luxezoekers. De monstermoeders. De hedendaagse heksen die het durven wagen om hun kind een niet afgekolfde fles melk in de mond te duwen. Mishandelende duivelinnen zijn het, en je moet je dan ook niet inhouden om als je zo'n kwaadaardige feeks haar kind ziet 'voeden' met een fles, ze de huid vol te schelden tot de tranen over haar waardeloze moederwangen stromen. Tepelkloven? Ik wil het niet horen! Borstontsteking? Bullshit! De kinderinspectie op afsturen, zeg ik. Verbranden op het dorpsplein! Aan de verkeerslichten hangen zodat passanten die de 'HIER DRINKT MEN BORST!'-posters niet zagen hangen, weten dat er hier geen flessenvoedsters geduld worden! Zolang het maar duidelijk is. Want borstvoeding is het goddelijkste op aarde, de essentie van het leven, het rechtstreekse pad naar het paradijs. Als jij het daar niet mee eens bent is dat enkel en alleen omdat je je nooit aan de tepelbron mocht laven en je beseft dat je leven in geen honderd jaar zo vol, rijk en geslaagd zal worden als dat van hen die het wel deden.

Hans Verhaegen
130 3

Veiligheid Verantwoordelijkheden en Plichten!

Hey,dag,hallo,hoi,… Vlaanderen   Ik zou het graag willen hebben over de veiligheid van bepaalde dingen die spijtig genoeg dagelijks gebeuren. En waar niet heel veel mensen zich druk over maken, of ook niemand die hier iets aan doet. Daarvoor ben ik hier! Ik zal jullie mijn kijk op bepaalde dingen   Ik heb een groot probleem met de VEILIGHEID in Vlaanderen. Niet alleen voor meisjes maar ook voor jongens, omdat ik altijd iedereen hoor zeggen dat meisjes hun niet veilig voelen. ik denk dat dit ook zo is voor jongens. Maar die geven het gewoon veel minder snel toe. Met veiligheid bedoel ik niet alleen de veiligheid buiten, maar ook de veiligheid online. Ik vind het belangrijk dat iedereen zich veilig voelt. En niet dat als we rond 10 uur nog buiten zijn, en alleen naar huis zouden moeten dan nog moeten denken over wat je zou doen als er iemand stopt, of moeten nadenken over wat je allemaal zou kunnen doen als er iemand je zo maar zou aanraken, ik weet dat heel veel vriendinnen dit maar normaal vinden, maar zelf denk ik zelf dat dit helemaal niet normaal is en dat dit onderwerp zo genormaliseerd wordt dat niemand het als een groot probleem gaat zien, terwijl dit wel zo is. Ik heb ook al eens meegemaakt, toen school was gedaan en ik nam de bus naar huis zoals ik elke dag doe, ik stapte af met een vriendin. We zagen een man in de auto zitten die naar meisjes was aan het kijken en ondertussen was hij aan het masturberen. Hij zag ons ondertussen ook al en begon allemaal signalen en tekens te doen dat we naar hem moesten komen. Tuurlijk hebben we dit niet gedaan, maar voor jongere meisjes is dit wel een groot probleem die zouden misschien nog niet weten wat hij is aan het doen en ook niet wat zijn bedoelingen. We hebben uiteindelijk een hele omweg gedaan en sindsdien hebben we toch wel een beetje schrik. Ik vind het heel onlogisch dat wij zelf stappen moesten ondernemen, en dat dit gewoon “normaal” lijkt. Meerdere mensen hadden die dag ook die zelfde man gezien er werd toen ook naar de politie gebeld, maar die zijden dat ze hier niet echt iets aan konden doen. OMDAT HIJ ONS NIET FYSIEK AANRAAKT!!! VINDT U DIT ZELF NORMAAL? Momenteel zitten we ook aan meer dan 4000 aangiften die jaarlijks gedaan worden voor verkrachting voor zowel jongens als meisjes, ik vind dit persoonlijk heel veel en dit getal is nog niet eens iedereen er zijn heel wat meisjes en ook wel jongens die al eens aangetast of verkracht zijn geweest, maar hier gewoon niks over durven zeggen. Ik vind het heel belangrijk om hier iets aan te doen, ik weet zelf ook wel dat het niet makkelijk is om iemand voor zijn daden te stoppen, maar ik heb hier misschien een oplossing voor door naar elke persoon in Vlaanderen een brief te sturen, waarin ze gewoon 1 vraag moeten beantwoorden of we zouden dit ook kunnen doen via een mail. De vraag zou dan zijn op welke plaats voelt u zich onveilig zowel overdag als overnacht en dan zouden we de antwoorden met elkaar kunnen vergelijken en zien op welke plaatsen de meeste mensen zich onveilig voelen. Dan zouden we daar misschien camera’s kunnen plaatsen als het een openbare plaats is of we zouden ook politieagenten kunnen inzetten op die plaatsen die er misschien meerdere keren per dag voorbij zouden kunnen rijden. Er is wel een kans dat het probleem zich dan gaat verplaatsen naar andere plaatsen, maar dan moeten we met iets beters komen. En om de veiligheid niet alleen op straat te veranderen, maar ook online zouden we misschien onder elke foto die je stuurt op snapchat een watermerk zetten. Voor de mensen dat niet weten wat een watermerk inhoudt; dit is een logo, tekst of het zou ook een patroon kunnen zijn, dat wordt toegevoegd aan een drukwerk, foto’s, documenten om de echtheid aan te tonen of om het doorsturen/ kopiëren van bijvoorbeeld de foto tegen te gaan. Ik denk persoonlijk als we dit merk automatisch zouden zetten op elke foto dat online wordt gezet of verstuurd wordt, dan zou dit sterk helpen bij het niet verder verspreiden van bijvoorbeeld naaktfoto’s en dan zou je ook direct weten wie de persoon is die de foto heeft doorgestuurd, dus dan zou je die ook makkelijker kunnen straffen. En dan zou je het ook kunnen voorkomen dat die foto’s of video’s verspreid zouden worden op school. Want ik denk dat dit heel zwaar is voor de meisjes of jongens die dit meemaken door 1 misschien domme fout, al vindt ik het geen fout, want je mag zelf gewoon nog kiezen wat je doet en als je zelf vindt dat je er goed uitziet en dit wilt delen met iemand dan kan en mag dat gewoon. Dus ik vind niet dat de meisjes of jongens die die naaktfoto’s doorsturen naar iemand niet in fout zijn maar wel de personen die die foto’s dan gaan verspreiden.   Ik hoop dat hier iets aan gedaan zal worden, ik hoop dat jullie iets doen met mijn irritaties en oplossingen.   Vriendelijke groet, Lara De Bock :)

lara1
1 0

Racisme kan van mij part den hoogste boom in

Beste Vlaanderen, Racisme is niet makkelijk uit te leggen, want het is juist zeer complex. Het kunnen kleine onschuldige gebeurtenissen zijn die tot schrijnende zaken en gevolgen lijden. De oorzaak hiervan zijn racisten. Een racist is iemand die zijn eigen ras verkiest boven een ander ras op basis van godsdienst, huidskleur, afstamming,… Dit HAAT ik aan onze maatschappij en daarom schrijf ik hier een brief over voor te laten weten dat niet allen ik maar nog veel mensen hier niet achter staan er iets aan willen doen. Ik zal beginnen over iets wat vriendinnen er ik hebben meegemaakt. U kent waarschijnlijk wel Vlaamse Belang awel daar heeft het mee te maken. Dus een vriendin van mij Liza heeft een andere huidskleur. En op een dag stond er een lid van deze politieke partij flyers uit te delen. Haar vriendinnen dus ook Liza komen samen uit school. Wat doet de persoon die geeft alleen aan mij en een paar andere vriendinnen een flyer en niet Liza! Waarop Liza zegt “En ik?” waarop hij antwoord “Jij krijgt er geen!” Dit is puur racisme, Liza kreeg er geen omdat zij een andere huidskleur heeft. Vinden jullie dat oké? Nee toch? Racisme bestaan jammer genoeg al heel lang. Het was vroeger altijd de blanken die het goede deden en alles mochten. Denk maar aan de kolonisatie waarbij Belgen ja wij Belgen mensen uit Congo gingen halen om als slaaf in Amerika te gaanwerken. Waarbij ze tijdens de toch naar Amerika nog is afgrijselijk werden behandeld en daarna werden verkocht als slaven op een markt. Zo kan ik wel nog een aantal voorbeelden opnoemen over racistische gebeurtenissen in het verleden. We denken nu  zo extreem is het allemaal niet meer, maar dat is het wel. Het is nu op andere vlakken bij ons, vooral vooroordelen waardoor deze mensen veel minder kansen krijgen en minderwaardig worden behandeld. Iedereen heeft vooroordelen dikke mensen zijn lui, dakloze zijn profiteurs,… Soms moet je is beter nadenken waarom is die zo. Voor je direct een oordeel over iemand klaar hebt. Iedereen is gelijk en heeft gelijke kansen zo staat het geschreven in de wet maar in de maatschappij is dat NIET zo. Werknemers gaan bijvoorbeeld vaak iemand rapper op sollicitatie laten komen met een Belgische naam. Dit heeft een meisje bewezen ze had eerst CV gestuurd met haar echte naam die buitenlands klonk en dan met de naam Laura. Alleen Laura mocht op sollicitatie komen. Dit bedoel ik met vooroordelen maar als je goed nadenkt weet je ook dat dit puur racisme is. Waarom worden mensen beoordeeld op hun afkomst en niet op hun capaciteiten, gewoon omdat ze een andere huidskleur hebben of een ander geloof? Ik zal dit nooit maar ook nooit begrijpen.   Wat we hieraan kunnen doen is geen vooroordelen hebben. Dan is er automatisch ook geen racisme meer, maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Ik denk niet dat het mij zal lukken om iedereen hun maindset te kunnen veranderen. Alleen gaat dat niet en met een paar ook niet. Je moet al met duizenden, miljoenen zijn omdat te kunnen oplossen! Het is wel al beter dan vroeger geworden, maar ik denk dat er altijd racisten zullen blijven rondlopen, waarbij je nooit hun maindset gaan kunnen veranderen. Als we altijd bij deze acties gaan blijven protesteren, hoop ik dat er altijd meer en meer mensen gaan inzien dat ze fout zitten. En hierbij hun gedrag gaan aanpassen. Ik hoop Vlaanderen uit het diepste van mijn hart dat jullie uit deze brief kunnen afleiden dat racisme niet kan en mag getolereerd worden. Het moet echt veranderen,  dat is beter voor de maatschappij en voor ons zelf. Zo kunnen we iedereen aanvaarde hoe die is, wat die doet en waar hij of zij in geloofd en daar geen probleem mee hebben. En als we dat kunnen, kunnen we iedereen gelijke kansen geven. De wereld zou er zoveel mooier van worden en iedereen zal er gelukkiger van worden! Samen tegen racisme #BLM! Groetjes Floor De Ridder  

deridderfloor
0 0