Lezen

ECHT GEBEURD. a

"Waarom schrijft ge altijd over den bruin?" vroeg iemand mij onlangs."Omdat den bruin in de verdomhoek zit," zei ik."De allochtoon, bedoelt u," verbeterde hij me.Ik zuchtte om zoveel onbegrip. "Ik bedoel wel degelijk den bruin. Neem nu de witte allochtoon, de Oost-Europeaan. Buiten een laag loontje — dat vaak onze sociale zekerheid belast omdat het meestal zwart geld is — wordt die man niet bespot of dagelijks vernederd. Dit in tegenstelling tot mijn bruine vrienden, die elke dag vuile, kwade blikken moeten trotseren." Neem nu een van mijn beste vrienden: in Antwerpen geboren en getogen, maar hij is bruin. Zijn hele leven moet hij al vernederingen ondergaan, op school en op straat. Uit angst heeft hij zichzelf herschapen in een 'halve Italiaan'. Weet u hoeveel geld hij betaalt om er 'netjes' uit te zien? Het ontkroesen van zijn prachtige haar kost hem maandelijks een fortuin. En dan is er nog de druk van zijn familie; zij geloven dat wie de beste is, niet vernederd wordt. Dus staat hij dagelijks onder enorme prestatiedruk. Alcohol heeft hij afgezworen, daar wordt hij te snel agressief van. Zijn redding is zijn joint. Na een haaltje staat hij weer lachend en positief in de samenleving. Iedere pipo die hem agressief benadert, wordt onthaald op een lachsalvo. Dat werkt zo ontregelend dat de agressor uit pure verbazing zijn aanval staakt. Wanneer hij drinkt, reageert hij verbaal veel scherper. Hij kan er eigenlijk weinig aan doen; de dagelijkse druk is zo hoog dat ik het begrijp, al zeg ik hem dat hij ermee moet ophouden. Hij doet er alleen zichzelf pijn mee. Hij wordt gestraft, niet de agressor.Als ik hem dat zeg, zucht hij. Met tranen in zijn ogen zegt hij: "Ik weet het, ik weet het. Maar als er weer iemand in mijn gezicht spuwt of mijn dure jasje besmeurt terwijl ik wat gedronken heb, dan wordt het mij te machtig. Trouwens, niks doen is voor zo’n agressor een teken om door te gaan. Op de goegemeente hoef ik niet te rekenen. Ze hebben een grote bek als ik agressief uithaal, maar de blanke agressors laten ze begaan." Hij vervolgt: "Weet u, ik doe mijn uiterste best op school, ik ben een van de besten. Op een dag vierden we met de klas ons eindfeest. We hadden wat gedronken en stonden bij een bushalte toen twee oudere kerels mij begonnen uit te schelden. Eerst reageerde ik niet, maar de doodse stilte die over ons vrolijke groepje neerdaalde, sprak boekdelen. Iedereen was sprakeloos door de grofheid van die woorden. Het voelde als een koud bad. De agressors dachten waarschijnlijk dat we een gemakkelijke prooi waren en vielen ons fysiek aan. Kan ik het helpen dat ik een getrainde atleet ben? Ik sport en hoor bij de top; door het vele trainen sta ik scherp. Toen ik uithaalde, dacht ik niet aan dat onnozele jasje. Ik dacht aan de tranen van mijn moeder die dat jasje straks zou zien. Ik sloeg. Twee keer, zeer geconcentreerd. Het was nooit de bedoeling dat het zo erg zou aflopen: een gebroken pols en een gebroken been — dat laatste niet eens door mijn slag, maar doordat hij verkeerd viel. Alle omstanders kozen direct partij voor die 'brave witte jongens' die lagen te kermen. Alleen mijn schoolvrienden verdedigden mij. Daarna kwam de politie." Uiteindelijk oordeelde de rechter dat hij zich als getrainde atleet beter had moeten beheersen en dat hij een gevaar vormde. Hij werd voor een paar maanden naar een jeugdinstelling gestuurd. "Op dat moment zag ik weer het huilende gezicht van mijn moeder," vertelt hij. "Ik beet mijn lippen kapot om niet te huilen. Het lukte. In de krant stond dat ik emotieloos overkwam, maar ik heb geleerd dat mannen niet huilen. Begrijp je nu waarom ik van alcohol ben overgeschakeld op wiet? Van drank word ik te snel agressief. Het zullen de genen wel zijn.""Genen?" zei ik verontwaardigd. "Daar bestaat geen enkel bewijs voor. Zou het niet door de dagelijkse vernederingen komen?""Nee," zei hij, "het kwam door die ogen. Ik had telkens het gevoel dat ik háár teleurstelde. Weet u hoeveel pijn dat deed? En elke keer werd die pijn erger. Het enige wat hielp, was een stevige joint. Daar word ik kalm van."Ik luisterde sprakeloos. "Maar geraak je dan zo gemakkelijk aan wiet?""Dat is een probleem," gaf hij toe. "Ze hebben het al vaker in beslag genomen.""Word je dan niet kwaad?" vroeg ik."Kwaad wel, maar niet agressief. Voor ik de trein opstap, rook ik een paar flinke toeters. Wiet maakt me vrolijk, dan kan ik erom lachen. Het pijnlijke is dat als het geld op is, ik een week niks heb. Ik vrees de dag dat ik weer naar de alcohol grijp.""Heb je nu iets?" vroeg ik."Nee," zei hij bedeesd."Wel, tast toe," zei ik en ik gaf hem wat. Mijn toehoorder was even stil van mijn woordenvloed. "Wat is er verder met uw bruine vriend gebeurd? " klonk het, en hij vermeed het woord allochtoon. Mijn bruine vriend werd opgesloten in een zaal. Mijn bruine vriend moest slapen in een bed, die naast een bed stond waar een zwaar getatoeëerde man sliep. De meeste tattoo's waren hakenkruisen. De gehele nacht moest mijn bruine vriend de racistische kreten aanhoren, van een man die al 25 jaar opgesloten zat. Een bewaker zei mijn hoog intelligente bruine vriend dat teveel boeken lezen slecht is voor de hersenen. Een patiënt die in een crisis terecht kwam werd door drie HULK'S met baseball bats kalm geslagen, met een verdovend product ingespoten en naakt vastgebonden opgesloten in een kale cel. En het gebeurt nu nog in, achterlijk conservatief België. De enige arts die voor honderden patiënten beschikbaar was, werd veroordeeld voor seksueel misbruik van zijn patiënten. *************************************** ************************************************ *********************************************************************   foto galerie verf ed GALLERIJ VERF ED   Rond 1995 heb ik dat werk gemaakt. Ik noem het "altaar der culturen."Links ziet men een tv, onze gemeenschappelijke identiteit valt van het - silicium - glas - zand.De gemeenschappelijke informatiebronnen zijn verdwenen.De wijzen van vroeger opgevolgd door radio en uiteindelijk als laatste de tv die een ongeveer gemeenschappelijke boodschap uitdragen is niet meer.De informatie is versplinterd.Rechts ziet men een gietijzeren kandelaar daar in een mensenhoofd in papier. Stukken teksten. Krantenpapier "De encyclopedische mens".Gietijzer = nationalistenKandelaar = religieIn het midden staat de hedendaagse mens. Opgesloten. "de encyclopedische mens".Dit deel is gemaakt van een reclame voor lippenstift.Regeneratie KosmetikIn de dubbele wand gaan luchtbellen in het water de hoogte in.In die dubbel - transparantie - plexiglas zit diezelfde "encyclopedische mens".Het geheel staat op dunne platen, glas = chips = zand = silicium.Het geheel steunt op een gietijzeren pilaar = industriële cultuur.De gietijzeren plaat staat op de grond = landbouwcultuur.HET ALTAAR DER CULTUREN. Ik woonde toen in de Aalmoezenierstraat in Antwerpen. De jaren 90 tig.    http://www.anamorfose.be/verf/misc-images/verf-t-i-r-e https://www.2dehands.be/q/verf+ed+encyclopedische+mens/ https://www.2dehands.be/q/verf+ed+altaar+de+culturen/    

verf ed: Contemporary interdisciplinair ArtTIST, nen tjolder, nen prutser. BIO.
9 0

Brievenpost van Dinges | Aan dhr. Ruben Van Gucht

Geachte heer Van GuchtBeste Ruben Ik botste vorige week toevallig op uw nieuwe vriendin. Afijn, niet letterlijk, want het was een foto in de krant en u stond er zelf ook bij. Maar wat blijkt nu? In het meest recente bericht over u in de online dagbladpers – het vergt een dagelijkse opvolging – blijkt dat u op vakantie bent met een vorige vriendin. Begrijpen wie begrijpen kan. Een week daarvoor las ik nog een artikel dat betrekking had op uw persoon en uw vroegere vriendinnen. Het ging over het aantal bedpartners dat u op uw conto mag schrijven. Eerst waren het er 68, maar u verbeterde het zelf naar 69. Kijk, iedereen doet wat hij wil Ruben, laat daar geen misverstand over verstaan, maar als dit niet om te stoefen is, dan ben ik Harry Potter. Al zal u zich daar ook mee vereenzelvigen, met het toverstokske dat u denkt te hebben. Om te zorgen dat de rekening klopt, dat u niemand vergeet bij het tellen van uw bedpartners, duidt u het aan bij de desbetreffende persoon op uw telefoon. Wat een werk. Het lijkt me een soort van dubbele boekhouding te zijn. Ik vind het persoonlijk een rare sport, om dat allemaal bij te houden. Alhoewel, Marcel van de Boks houdt in de Kiezel ook bij wat de anderen drinken als we ‘pot’ leggen. Als er dan iemand zware bieren drinkt, weet hij dat en dan eist hij op het einde van de avond een stuk van de pot terug. Het is echt een gierige pin. Een gloeiige koe, zou ons vader vroeger hebben gezegd. Nog een trend waarbij u aan het stuur zit, net als bij heel wat andere BV's, is het kwijtraken van het rijbewijs. Wat is dat toch? Uzelf, Matthias S., Tom W., Adriaan VdH. en Tanja D. om er maar een paar te noemen. Het is ondertussen een lange lijst. Zelfs realityster Fabrizio Tzinaridis staat op het lijstje. Pas op, ik weet niet wie dat is (en ik weet ook niet wat een realityster is), maar hij was dus ook zijn rijbewijs kwijt.  Er zijn nog van die dinges. Zoals het live-gesprek met uzelf waarbij op de achtergrond plots een stel vrouwenbenen in beeld verscheen. Ook hebt u een tijdje geleden ruzie gehad met Jacques Vermeire, dat zelfs tot een rechtszaak leidde. Het houdt gewoon niet op.  Mijn geheel gratis advies? Zorg dat u terug een gewone BV wordt. Of nog beter: een BB. Een brave burger. Misschien kan ik het als volgt samenvatten. Blijf bij de sport. Blijf bij het wielrennen of bij het veldrijden. Maar rij u niet keer op keer vast. Ondertussen verblijf ik Met de meeste hoogachting   Désiré Dinges

Désiré Dinges
11 1

En jij? Tussen 2026 en Allerheiligen?

De januarilucht is nog zoet van goede voornemens. Alsof de wereld nog even collectief haar zuchten inhoudt en nog champagne-zoete beloftes uitademt. Ik zie ze, voel ze bijna, die vluchtige verlangens naar heruitvinding. Papieren vliegtuigjes met zoetgevooisde woorden, intenties en blijdschap –  de met zorg geschreven nieuwjaarsbrieven. Helaas tonen de statistieken een andere werkelijkheid. Tegen de tijd dat de kerstboom aan de straatkant staat, keert het oude vertrouwde stilletjes terug. In de schemer van een woonkamer gloeit een sigaret weer op, en is het wijnglas alweer gevuld. De nieuwe sportschoenen zijn ondertussen stofvangers onder de bank, terwijl het ritueel van de chips zak en het flikkerende televisielicht zijn troostrijke, onverbiddelijke regelmaat hervat. Het is geen verraad. Het is de zachte, maar meedogenloze terugkeer van de gewoonte. De zwaartekracht van de gewoonte is genadeloos. Men zegt dat eenentwintig dagen nodig zijn. Eenentwintig dagen om het lichaam en de geest een nieuw pad in te prenten. Maar hoe vaak worden voornemens gebakken in de oven van emotionele overvloed, gevoed door schuimwijn en peerpressure? We gooien ze feestelijk in de  lucht als confetti: licht, vrolijk, en gedoemd om neer te dwarrelen. Levensveranderingen zijn geen confetti’s met een moment van vrolijkheid. Het is een langzaam, vaak ongemakkelijk verschuiven van het fundament van je bestaan. Het vraagt niet om bubbels, maar om harde discipline, de sleur van herhaling, het geduld van de lange adem. Daarom schrijf ik mijn brief nu pas. Nu de laatste slingers zijn opgeruimd en de stilte is teruggekeerd. Een stilte die gevuld is met het gestage getik van regen tegen het raam. Dit is het uur van de rauwe helderheid. Geen glitter, geen voornemens, alleen maar het naakte feit van de dag. En juist hier, in deze nuchtere leegte, kan het echte werk beginnen. Het is in deze zelfreflectie dat een andere, diepere vraag opwelt. Niet: wat wil ik veranderen? Maar: waarvoor ben ik dankbaar? Wat heb ik nog steeds lief? Omdat dit de grondtoon is die alle veranderingen mogelijk maakt. Een leven geleefd in overgave is geen leven van passiviteit, maar een leven dat vertrekt vanuit die kern van erkende rijkdom. Het is de liefde voor de gewone dagen, het vertrouwen in de zoektocht, de zuivere intentie om aanwezig te zijn – niet enkel op de feestdagen, maar vooral op druilerige dagen. Daar ligt de echte vernieuwing. Niet in het afweren van wat was, maar in het omhelzen van wat ís, met een hart dat vol zit van dankbaarheid. De enige echte basis voor grote veranderingen in het leven.        

Heidi Schoefs
4 1

De wet van de rek

In dit land zijn we zelden voor perfectie.Perfectie is iets voor Duitsers en Britten — landen die handboeken schrijven over hoe het leven moet, en daar vervolgens ook naar leven.Wij zijn Vlamingen. Bij ons is er altijd marge. Frictie die mag blijven liggen. Een akkoord dat nooit exact getekend wordt maar wel leeft: het is goed genoeg. Neem nu auto’s.Een Mercedes is een perfecte auto — dat voelt ge zelfs in de zetel, daar zakt ge anders in dan in een Skoda. Maar niemand sterft van een Skoda. Een Skoda brengt u waar ge moet zijn. Niet sexy, wel degelijk. Een tweedehands van vijftien jaar oud doet dat ook, en die leidt vooral niet tot ruzie met de boekhouder in huis, maar zorgt alleen maar voor je imago als je die Maggy noemt of Chantal.  Zelfde verhaal bij wellness.Een dag wellness is de absolute max:stoom, eucalyptus, een badjas die uw uitstraling opwaardeert, en een stilte die tot in uw schouderbladen landt. Maar een bad thuis na een te lange dag is ook goed genoeg.Geen detoxwater met komkommer maar kraantjeswater in een plastieken beker.Geen therapeute die uw spanning aanraakt, maar een kat die op uw schoot komt liggen.Goed genoeg. En dan kleding.Natuurlijk is Natan schoon, maar dat is voor Koningin Mathilde.Daar hangt klasse en een prijskaartje aan, dat voelt ge tot in uw vingertoppen.Een jeans van De ZEB is perfect goed genoeg voor de gewone Vlaming: comfortabel, degelijk en aanvaardbaar bij familie-feestjes.Maar of het nu alle dagen van de Zeeman moet komen — dat weet ik niet.Er is een verschil tussen goed genoeg en net iets te ver doorgeduwd in het concept. We noemen het 'De wet van de rek'.  Zo leven we: op het continuum tussen luxe en compromis, tussen ideaal en draaglijk, tussen schoon en doe-maar-gewoon.Onze volksaard is gebouwd op de zone daartussen: daar waar men tevreden kan zijn zonder zich schuldig te voelen dat men niet meer heeft nagestreefd.Dat heet maturiteit. Of luiheid.Waarschijnlijk allebei. En dan de liefde.Daar werkt het niet anders.Geen mens kiest een lief als men een Mercedes kiest: op opties, vermogen en luxe.Wij kiezen een lief volgens 'De wet van de rek'.We beseffen dat perfectie niet bestaat, dat iedereen stekels heeft en ook een handleiding- die soms in een taal geschreven is die ge niet machtig zijt. We kiezen op 'goed genoeg', niet persé op perfectie. De vraag is alleen:Hoeveel rek hebt ge?Hoeveel sokken naast de wasmand zijn aanvaardbaar?Hoeveel stilte? Hoeveel woorden?Hoeveel dromen die nooit gerealiseerd raken, plannen die nooit vertrekken, of trauma’s die meeverhuizen in dozen waar niemand nog weet wat erin zit? Mensen zijn geen wellnessdagen, geen Mercedes en geen Natan.Ze zijn eerder tweedehands, met gebruikerssporen en een verhaal.Ze zijn jeans van De ZEB met een onverwacht mooie pasvorm.Soms zelfs Zeeman, maar ge moet het kunnen dragen. Dan, zachtjes, stelt zich de echte vraag:Hoe werkt liefde eigenlijk?Is er zoiets als één perfect, of bestaan er gewoon meerdere goed-genoeg’s die elkaar op verschillende momenten van het leven kruisen?En verandert de standaard als ge ouder wordt, wijzer, moe, of simpelweg eerlijker? Liefde is geen keuze-examen met juiste antwoorden.Het is een stille wetenschap. Half psychologie, half buikgevoel.Geobserveerd in de keuken, op zondag in de zetel, in het verkeer, in een conversatie die te laat begon of te vroeg eindigde. Onder een dekentje. Of in stilte aan twee kanten van de tafel met koffie die koud werd terwijl niemand het merkte. Stille wetenschap heeft geen woorden nodig. Ze meet geen perfectie, maar compatibiliteit.Ze werkt met marges, met schroom, met het voordeel van de twijfel.Ze rekent niet in status maar in houdbaarheid. Hoe lang kunnen twee systemen samen bestaan zonder te scheuren?Hoeveel frictie kan er ontstaan zonder dat het gevaarlijk wordt?Hoeveel kleine wanverhoudingen kan een mens verdragen zonder dat hij zichzelf verliest? En misschien is liefde daarom zo Vlaams als het maar kan zijn.Omdat we het nooit helemaal op de spits drijven.Omdat we mild zijn in onze verwachtingen en hardnekkig in ons proberen.Omdat we weten dat niet alles spectaculair hoeft te zijn om waarde te hebben.Dat warmte belangrijker is dan glans.Dat de meeste dagen geen wellnessdagen zijn, maar wel badwater dat goed genoeg is. Misschien is dat 'De wet van de rek'. Dat het niet gaat over perfect, maar over blijven.Over wie met u in de zetel wil zitten wanneer ge geen Natan draagt, maar Zeeman.Over wie nog start op maandagochtend, ook al zijt ge zelf een tweedehands met kilometers op.Over wie, met alle rek die er nodig is, zacht genoeg is om u niet te breken

Katrien Daniels
85 4