Machteld

Gebruikersnaam Machteld

Teksten

Familiefeest

Bij mijn moeder in de familie heerst de goede gewoonte om mijlpalen te vieren. Dus toen onlangs haar jongste broer de tachtig aantikte, viel er een uitnodiging in de bus. Omdat mijn moeder niet meer zo heel mobiel is, was de uitnodiging ook aan mij gericht. Ik functioneerde als chauffeur en ondersteunende arm bij het lopen. Dat klinkt alsof ik het een opgave vond maar dat is helemaal niet waar. Ik verheugde me er op. En ik werd beslist niet teleurgesteld. Sowieso is het leuk om weer eens mensen te ontmoeten die je normaal gesproken niet zo vaak tegen komt. Sommigen geen spat veranderd, anderen stiekem toch ook wel wat ouder geworden. Waarschijnlijk denken ze van mij hetzelfde. Van dat ouder worden dan hè. Er was voor ieder wat wils. Natuurlijk begonnen we met koffie en speciaal voor de jarige ontworpen gebakjes. Heerlijk om die oudjes te zien peuzelen. En oudjes, dat klinkt misschien niet respectvol, maar zo is het absoluut niet bedoeld. Alleen was ik een van de jongere in het gezelschap. En dat wil toch ook wel wat zeggen. Later zaten de meesten heel tevreden aan een drankje. De uitgebreide lunch zorgde ervoor dat er niemand omviel. En dat mijn moeders nieuwe outfit naar de stomerij moest. Het was ook heerlijk om met mijn nicht, die ik ook al in geen eeuwen meer had gezien, bij te praten. Ook over onze moeders, zussen van elkaar, en hen goedmoedig te plagen met het feit dat ze toch echt wat ouder worden. ‘Vertelt jouw moeder ook alles een paar keer?’ ‘Oh ja, zeker. En ze is niet te stoppen, het verhaal moet worden afgemaakt.’ De jarige was echt jarig en stond in het middelpunt. Hij genoot zichtbaar. Af en toe zag ik hem heel tevreden rond kijken. Dit was dan toch allemaal maar ter ere van hem. En hij was niet de enige die genoot, ik deed dat ook, met volle teugen. Later die middag heb ik mijn moeder weer thuis afgezet. Ik geloof dat ze best moe was. En ik denk niet dat ze die middag verder nog veel gedaan heeft. Gelijk heeft ze, ze is tenslotte niet meer de jongste. Dat is niemand van haar gezin. Maar ze zijn nog best met een behoorlijk aantal, en dat kan toch niet iedereen zeggen.      

Machteld
2 1

Kaatje van Gogh

Een tijdje geleden heb ik met Stef een workshop schilderen gevolgd bij de Hondenschool waar ik met Stef en Kaatje kwam. Stef heeft jarenlang behendigheidslessen gevolgd en Kaatje moest natuurlijk naar puppycursus en de cursus Gehoorzame Huishond. Als ik dat vertel tegen mensen, beginnen ze direct te lachen. Maar Kaatje luistert heus wel goed hoor. Ze is alleen af en toe een stout meisje. Dus toen ik de aankondiging zag voor een nieuwe schilderworkshop, heb ik me gelijk samen met Kaatje aangemeld. Het schilderij dat ik met Stef had gemaakt, was super en ik was benieuwd hoe dat samen met Kaatje zou gaan. Die is wat onbesuisder dus de uitdaging leek me wel wat groter. Kaatje vond het sowieso al geweldig dat ze mee mocht. In de auto zitten vindt ze wat minder. Niet dat ze bang is, of ziek, maar het is een ernstige zaak. Ze zat heel bedachtzaam mee te kijken. Totdat ze zag waar we naar toe gingen. Toen was het enthousiasme nauwelijks te onderdrukken. Want de dame die de hondenschool leidt, is absoluut favoriet bij Kaatje. Dan ziet ze niemand verder staan. En daar gingen we nu naar toe, ze had het heus wel in de gaten. Na de enthousiaste begroetingen en het kennis maken met de andere honden was het dan zo ver. Ik deed verf op het doek, dat ging in een plastic zak en Kaatje mocht er overheen stappen. En met haar neus snuffelen om zo de snoepjes van het doek af te halen. Het is echt zo leuk om te doen. Je bepaalt zelf de kleuren maar de hond maakt er een heel eigen compositie van. Als ik om me heen keek, zag ik heel veel verschillende honden met heel veel verschillende manieren van schilderen. Sommigen stapten heel bedachtzaam over het doek. Anderen gingen er op zitten of liggen. Kaatje moest ik natuurlijk in bedwang houden. Die zou in haar enthousiasme alle verf vertrapt hebben. Want wat niemand voor elkaar kreeg, lukte Kaatje wel. Ondanks alle voorzorgsmaatregelen zat er toch lichtblauwe verf in haar zwarte vacht. Ze was ook behoorlijk bekaf toen ze thuis kwam. Al die indrukken, het was veel. Maar, de schilderijen zijn mooi geworden. Ze liggen nu in de garage te drogen. En nu ga ik op zoek naar mooie lijsten. Want ze verdienen zeker een mooi plaatsje aan de muur.    

Machteld
0 1

Kerstreclames

Het is weer zover, december, de mooiste tijd van het jaar. Tenminste, als je de supermarktreclames mag geloven. Dit jaar zijn ze weer mooier en uitgebreider dan vorig jaar. Twee eenzame mannen die ruzie hebben, een meisje dat last heeft van prikkels. Gelukkig komt het wel allemaal goed en is niemand alleen met Kerst. Als je tenminste dan je inkopen maar doet bij de supermarkt in kwestie. En je hoeft niet te denken, ik ga naar een andere supermarkt, één die niet van die overdreven reclames maakt, want dat is niet mogelijk. Ze zijn allemaal hetzelfde. Ok, de Aldi, die zegt het geld liever uit te geven aan goede aanbiedingen. Nou, eigenlijk is dat nog niet zo’n slechte gedachte. Want ik kan me ook zo maar voorstellen dat er mensen zijn die naar die reclames kijken en denken, ‘dat kan ik helemaal niet betalen.’ Die mensen zouden ook graag zo’n rijk gevulde tafel willen hebben en Jan en alleman uitnodigen voor het Kerstdiner. Maar dat gaat niet want de voedselbank verzorgt wel eten maar niet op zo’n manier.  Nee, ik begrijp best dat deze tijd zich bijzonder goed leent om lekker bij elkaar te kruipen. Kaarsje aan, drankje, hapje, gezellig. Ik ga dat ook doen hoor. Ik kan alleen niet zo goed tegen het ophemelen en idealiseren van de feestdagen. Je moet met de hele familie aan het diner. Net of dat altijd goed gaat. Je zou de families niet de kost moeten geven waar ome Jan aan het eind van de avond bijna slaags raakt met ome Bert. Omdat ze allebei een borrel te veel op hebben en de familievete weer in alle hevigheid toeslaat. Eigenlijk vind ik dat wel grappig. En dat dan hun vrouwen proberen de boel te sussen. Je kunt mensen niet dwingen gezellige dagen te hebben. Maar goed, dat verkoopt natuurlijk niet. Dus daarom kijken we allemaal naar zoete gezinnen, in allerlei samenstellingen, met kadootjes onder de boom en de meest exotische gerechten op tafel. Ik ben niet alleen met Kerst. En ik ben ook niet zielig. Maar ik mis wel iemand met Kerst. En die stomme reclames drukken me steeds weer met mijn neus op de feiten. Ik zal blij zijn als het allemaal weer normaal is.      

Machteld
7 1

Kaatje op strafkamp

Kaatje heeft op dit moment een leeftijd dat er enorme bananen in haar oren zitten. Ze kan er niks aan doen maar dat zorgt er voor dat ze echt niet kan luisteren. Ze wil het wel, maar ze kan het gewoon niet. Het is onmogelijk. En omdat ze het ook allemaal niet kan uitleggen, moet ze soms haar toevlucht nemen tot haar laatste redmiddel. Althans, dat denkt ze. En zo kon het gebeuren dat ze van mij iets moest doen dat ze niet wilde en dat ze me in mijn hand beet. Niet heel hard, maar venijnig en om me te corrigeren. En dat, dat was natuurlijk wel heel fout. Ik overlegde met de dame van de hondenclub en Kaatje ging op strafkamp. Niet zomaar een snoepje, niet zomaar een aai over haar bol en Kaatje maakte niet meer zelf uit wanneer ze op schoot wilde zitten. Alleen maar een beloning als ze braaf was geweest. Ach, het hondje wist niet wat haar overkwam. Het viel voor mij ook niet mee hoor, ik zag een heel zielig en eenzaam hondje op de bank zitten. Helemaal alleen. Natuurlijk was dat helemaal niet zo, want als er één hondje niet zielig is, dan is het Kaatje wel, maar ze kan heel goed toneelspelen, die kleine meid. Maar, ik moet zeggen, het werpt wel zijn vruchten af. En als ze denkt, nu kan het wel weer, dan wordt de lijn weer aangehaald. En gaat ze weer op strafkamp. Net zo lang tot ze het leert. En als het nodig is, ga ik om echte hulp vragen. Want ondanks het feit dat het een heel lief meisje is, moet ze toch echt wel gaan luisteren. En natuurlijk gieren ook de hormonen door dat kleine lijfje. De eerste loopsheid zal niet zo heel lang meer op zich laten wachten. ‘Gelukkig’, wil ik bijna zeggen. Niet dat ik daar naar uitkijk maar ik hoop dat ze daarna weer wat rustiger wordt. Dat de grootte van de bananen wat gaat afnemen. En dat ze niet meer iedere keer pontificaal op Stef zijn kop gaat zitten. Arm beest. Hij heeft er ook wat mee te stellen.      

Machteld
7 0

Eindelijk herfst

Het is zo lang warm geweest dat het toch wel even wennen was. Zomaar ineens 14 graden. Brr. Ik zag al mensen lopen met een dikke sjaal om. Beetje overdreven, in mijn opinie, want wat moet je dan aan als het vriest, maar ik snap wel dat iedereen in shock was. Maar eindelijk dan toch, wordt het echt herfst. Mijn favoriete seizoen waar ik van mezelf eens per jaar over mag schrijven.  Ik heb ook alweer een bolchrysant gekregen.  ‘Want die zul je zelf ook dit jaar wel weer niet kopen.’ Heel lief, want nee, ik ga geen bolchrysant meer kopen. Dat deed ik (alweer) jaren geleden bij de Delhaize in Aywaille. In België verkopen ze de grootste, ik weet het zeker. En bij de Delhaize waren ze enorm. Ik zie mezelf weer tobben, met die plant in een tas aan het stuur, al wiebelend en slingerend. Want ik had natuurlijk ook nog de rest van mijn boodschappen. Met ware doodsverachting fietste ik naar huis, ik had de hele breedte van het pad nodig. ‘Waarom ga je niet even met de auto terug?’, vroeg mijn maatje dan. Tja, eerlijk gezegd had ik daar dan niet eens over nagedacht. Ze hadden bolchrysanten en die wilde ik één hebben. Thuis werd de plant dan ook nog eens laatdunkend bekeken door Andréa. ‘Bah, kerkhofbloemen.’ Inderdaad, eind oktober, begin november staan in België de kerkhoven er mee vol. De kleuren zijn geweldig. Ook daar kon ik van genieten. Ieder jaar weer een bezoek aan het kleine kerkhof in Aywaille. Mijn maatje vond het prima, als hij maar niet mee hoefde. Nee hoor, dat deed ik het liefst alleen. Heerlijk, dit seizoen. ’s Ochtends lekker fris maar ’s middags toch zo dat je vaak nog zonder jas naar buiten kunt. Lekker naar de bossen, honden mee, soms ook echt wel door de plassen banjeren. Ach, ook dat is prima. De riemen en tuigen van Stef en Kaatje door een sopje en er is geen zand meer te zien. Denk ik. Er is maar één ding jammer aan de herfst. En dat is dat daarna onvermijdelijk weer die winter komt. Jakkes. Maar goed, ook die heeft een eind en dan begint de lente. Er komt altijd weer een nieuw begin.    

Machteld
0 0

Biechtgeheim

Begin oktober is het alweer vierentwintig jaar geleden dat mijn vader overleed. Hij ging slapen en werd niet meer wakker. Zomaar. Mijn vader was ook nog niet oud, pas zesenzestig jaar. Ik denk wel dat, hoe hard ook voor ons, dit voor hem wel het mooiste was. Een ziekbed is hem in ieder geval bespaard gebleven. Natuurlijk worden er nog heel vaak anekdotes verteld. Mijn vader was conservatief tot in zijn tenen en een overtuigd katholiek. Niet dat hij ons dit probeerde op te dringen maar toen ik wat ouder was, vond ik het heerlijk om daar met hem over te discussiëren. Ik vond het namelijk onvoorstelbaar dat een clubje oude mannen zoveel macht had. Mijn vader stond daar vanzelfsprekend heel anders tegenover. Toch geloof ik wel dat hij ook plezier had in onze gesprekken. Hij kapte het onderwerp in ieder geval nooit af. Ik luisterde ook graag naar zijn verhalen over vroeger. Over zijn moeder, die meerdere keren per week naar de kerk ging. Over zijn tante, die in de buurt ‘kwezel’ werd genoemd. Ik moest het woord opzoeken, een kwezel is ‘een vrouw met een overdreven vroomheid en overeenkomstige levenswijze’. Ik heb die tante nooit gekend, mijn vader was een nakomertje en zijn familie was nog maar heel klein. Op zich wel jammer, ook dat had vast leuke verhalen opgeleverd. Waar mijn vader ook altijd over vertelde, was over het fenomeen biechten. Zelfs hij vond dat iets raars. Hij vertelde ook altijd dat hij als kleine jongen iedere week moest van zijn moeder. Maar ja, welke vreselijke zonden bega je als je tien jaar oud bent. Gejokt, een koekje uit de trommel gepikt, het was iedere week hetzelfde. Vijf weesgegroetjes en je was weer klaar. Mijn vader vond het maar niks en keek in de catechismus of hij niet iets spannenders kon vinden. De volgende zondag zat hij verwachtingsvol in de biechtstoel. Het schuifje ging open en meneer pastoor vroeg wat hij deze week fout had gedaan. ‘Nou,’ zei mijn vader, ‘ik heb onkuisheid gepleegd.’ Rang, het schuifje ging met een klap dicht en meneer pastoor kwam uit zijn stoel gestoven. Hij pakte mijn vader bij zijn oor en zette hem zonder pardon de kerk uit. Toen hij het vertelde, kwam ik niet meer bij van het lachen. ‘Ja,’ zei hij verontwaardigd, ‘maar weet je wat het ergste was. Ik wist helemaal niet wat onkuisheid was. En niemand wilde het me uitleggen. Het heeft jaren geduurd voor ik er achter kwam.’ Arme pap, dat was nu eens een echt biechtgeheim.    

Machteld
7 0

Met de deur in huis vallen

Mijn grote vriend Stef is niet het toonbeeld van subtiliteit. Nooit geweest ook. In wezen is hij eigenlijk een beetje lomp. Heel lief, maar lomp. Hij bezorgt je in een handomdraai een blauwe plek waar je u tegen zegt. Toen Kaatje dus bij mij kwam wonen, had ik niet het idee dat ik nog een grotere sloper in huis zou halen. Bovendien, Kaatje is een meisje, die zal toch wel een beetje subtieler zijn. Ha, dat had ik gedacht. Stef heeft in zijn tijd echt wel dingen kapot gemaakt. Het dure outdoor hondenkussen dat we hadden gekocht, was in een middag veranderd in een hoopje vodden. Het leek wel of er een grote sneeuwbui door de huiskamer was getrokken. Stef zat er trots bij te kijken. ‘Heb ik gedaan!’ Maar Kaatje, nee, die spant echt de kroon. De hondenmand laat ze met rust. Maar dat is denk ik meer omdat het Stef zijn domein is. Voor de rest heeft ze helemaal nergens ontzag voor. Het kind is ook nergens bang voor. Ze stort zich met volle overgave in alle avonturen die op haar pad komen. En als ze denkt dat die avonturen misschien wel buiten plaatsvinden, dan rent ze met volle vaart door het hondenluik. Remmen? Nooit van gehoord! Op een gegeven moment zat er zelfs een scheurtje in het kunststof. Ach, dacht ik, het is ook al niet zo nieuw meer. Ik koop tegen de winter wel een nieuw exemplaar. Inmiddels ben ik daar maar van afgestapt. De winter gaat het deurtje niet halen. Het hangt aan elkaar van duct-tape en de afsluitrand aan de buitenkant is zelfs al helemaal afgebroken. Dat heeft Stef in zijn elfjarige leven nog niet voor elkaar gekregen.  En wat nog erger is, Kaatje is amper te straffen. Als ze stout is geweest, en dat weet ze heel goed, loopt ze zelf al vast naar de bench. ‘Want daar zal ik dan toch wel weer in moeten.’ Dat is dan ook zo, maar twee minuten later hoor ik haar dan heel tevreden snurken. En als ze er uit mag, kijkt ze vol verwachting uit naar nieuwe avonturen. Het enige dat helpt, dat vindt ze echt heel erg, is negeren. Want ja, het is wel een vrouw natuurlijk, en die worden niet graag over het hoofd gezien. Het zal heus wel goedkomen, ze is een puber en haar hormonen zitten ook in de weg. Maar soms kijken Stef en ik elkaar aan en dan denken we: ‘wat hebben we toch in huis gehaald.’      

Machteld
0 0

Energieleed

Afgelopen zondag was het weer zover, ik had geen warm water. Natuurlijk kom je daar altijd pas achter als je onder de douche wilt stappen. Maar goed, ik trok opgeruimd een badjas aan en klom de zoldertrap op. Tenslotte weet ik precies hoe ik de ketel bij moet vullen. Helaas had dat deze keer geen effect. Ik was er al bang voor want het display gaf een andere melding dan vorige keren. Ach, geen nood, ik heb een contract met Eneco dus ik ging gewoon de storingsdienst bellen. En dat ging ook prima, ik kreeg een hele vriendelijke meneer aan de telefoon die een keurige afspraak voor mij maakte, maandagochtend kwam de monteur. Niet dus. Want een uur later kreeg ik een telefoontje van Eneco dat dat niet ging want mijn onderhoudscontract was beëindigd. Waarom, wanneer, door wie, dat was allemaal niet meer terug te vinden. Ik moest gewoon maandag om 09.00 uur even naar de klantenservice bellen, het contract weer activeren, dan de storingsdienst bellen en een nieuwe afspraak maken. Omdat ik heus wel begrijp dat de dame die ik sprak er ook niks aan kon doen, heb ik me ingehouden. Ik heb niet gescholden. Ik heb alleen maar verteld dat ik dat wel heel slecht vond. Want waarom wordt een contract gewoon beëindigd. Zonder reden. “Ja mevrouw, dat kan ik u ook niet vertellen.” Maandagochtend om 09.00 uur hing ik bij Eneco aan de lijn. Na ongeveer 20 minuten in de wacht te hebben gestaan, kon ik mijn contract activeren en de storingsdienst bellen. Wat me weer een kwartier in de wacht opleverde. Maar, ik had een afspraak. Dinsdag tussen 11.00 en 14.00 uur. Ik verzette wat werkafspraken en zorgde dat ik om 11.00 uur thuis was. Wat fijn dat ik thuis kan werken. De dag verstreek en het werd 14.00 uur. ‘Nee, nou niet gelijk gaan bellen, even wachten.’ Om half 3 kon ik er niet meer tegen en belde ik de storingsdienst. Weer een hele vriendelijke dame aan de telefoon. ‘Heeft onze onderaannemer u dan nog niet gebeld?’ Nee, dat was niet het geval. Ik voelde alweer een onzinnig gesprek aankomen dus ik vroeg het telefoonnummer van die onderaannemer, ‘dan ga ik die zelf wel bellen.’ De dame aan de andere kant gaf me het nummer en wenste me een fijne dag. Gelukkig zat ze niet binnen mijn handbereik. Bij de onderaannemer werd ik echt heel vriendelijk behandeld. Alleen hadden ze helaas de opdracht teruggegeven aan Eneco omdat ik niet binnen hun postcodegebied woon. Op maandagmorgen al. En het was nu dinsdagmiddag kwart voor 3. En ik had nog altijd geen warm water. Nog een geluk dat het zomer is.  Laat ik een lang verhaal kort maken. De dame van de onderaannemer trok zich mijn lot aan en een supervriendelijke monteur heeft uiteindelijk ’s avonds om half acht gezorgd dat ik weer warm water heb. Er bestaan zeker heel klantvriendelijke bedrijven. Ze heten alleen geen Eneco.        

Machteld
3 0

Opruimwoede

Je hebt echte opruimgoeroe’s, zoals bijvoorbeeld Marie Kondo, die hele studies hebben gemaakt van ontspullen en hoe je dat volgens allerlei processen kunt doen. Ik ben een simpele ziel, ik ga gewoon weggooien. Volgens de eenvoudige stelregel ‘iets dat je een jaar niet gebruikt hebt, heb je niet meer nodig.’ Natuurlijk moet je daar wel enige nuance in aanbrengen, sommige dingen heb je echt niet nodig maar wil je gewoon bewaren. Omdat het een aandenken is of gewoon omdat je het mooi vindt. Maar ik kan heel gelukkig worden van opruimen. Ruimte in mijn huis geeft me ruimte in mijn hoofd. Dus onlangs was het weer tijd. Er kwam een containertje en ik ging aan de slag. Volgens Marie Kondo moet je per categorie opruimen maar ik ga gewoon van boven naar beneden. Ik loop mijn zolder rond en beslis daar ter plekke wat er weg kan. Dat was veel, heel veel. Vooral de garage en het zoldertje op de garage hebben het moeten ontgelden. Heerlijk, ik bleef maar spullen in die bak kletteren. De overweging ‘word ik er gelukkig van en mag het daarom blijven’ ging daar helemaal niet op. Het was meer van ‘ha, ik kan er toch niks mee en het staat hier al een eeuwigheid spinrag te verzamelen.’ Soms moet je gewoon afscheid nemen. Bovendien ben ik van het kaliber ‘twee linkerhanden’ dus al die klusspullen zijn aan mij niet besteed. Gereedschap heb ik natuurlijk niet weggegooid. Stel je voor dat ik aan iemand moet vragen mij te komen helpen. Dan moet ik wel goed materiaal hebben. Zoveel heb ik wel geleerd van mijn maatje. Dat hij zelf alles dubbel had, was een ander verhaal.  Eenmaal gevuld, stond de container nog een paar dagen op de oprit voordat hij werd opgehaald. En wat me enorm verbaasde, was de interesse die voorbijgangers hadden in mijn troep. Er werd wat afgegraaid tussen die spullen, onvoorstelbaar. Uitslapen op zaterdagmorgen was er dat weekend niet bij. Om 7.00 uur werd er al gerommeld. De hond, wiens ochtendwandeling het eigenlijk was, stond er ongeduldig bij te kijken.  Het grappigste vond ik de jongeman die kwam aanbellen. ‘Mevrouw, ik ga altijd met mijn oma naar de rommelmarkt. Mag ik kijken of ik wat spulletjes uit uw container kan gebruiken?’ ‘Natuurlijk mag dat, ga je gang, als je maar zorgt dat er geen spullen naast de container terecht komen.’ Even laten zag ik hem intens tevreden vertrekken met zijn buit. Toch weer iemand blij gemaakt. Na het weekend werd de container gelukkig snel opgehaald. Ik werd er toch wat onrustig van, al die mensen die zich bemoeiden met mijn afval. Het was het uiteindelijk wel waard, ik heb weer meer ruimte. Overal.                

Machteld
6 0

Fantoompijn

Ik werd vanmorgen wakker uit een hele rare droom. Ik weet niet eens meer waar hij over ging, het was niet eng of zo, het was alleen maar vreemd. Ik had heel vast geslapen. En even, heel even, keek ik opzij en dacht: 'Oh, Huub is al naar beneden.' Zo maar een seconde. En toen dreunde het natuurlijk weer binnen.  'Oh nee, natuurlijk niet, Huub is er niet meer.' Voor mijn gevoel al zo lang geleden en toch nog als gisteren.  Zo gaat het ook met herinneringen. Daar heb je helemaal geen controle over. Ik rij naar mijn werk, zie een caravan rijden en hop, ik ben weer op vakantie. Of in de Ardennen. En dat gaat zo met heel veel dingen. Dat is ook logisch natuurlijk, ik heb een schat van 35 jaar aan herinneringen. Dat zijn er heel veel. We hebben heel veel gedaan, samen. Heel veel beleefd en heel veel gelachen. En heel veel gehuild. Want natuurlijk zijn er ook herinneringen waar ik liever niet meer mee geconfronteerd word. We zijn in de loop van de jaren ook mensen verloren. Vaak veel te jong. En we werden geconfronteerd met tegenslagen en ongelukken. Dat kan niet anders als je zo lang bij elkaar bent. Het klinkt suf maar niemand haalt zonder krassen de eindstreep. En nu, in de zomer en de vakantieperiode, zijn de herinneringen levendiger dan ooit. Mijn maatje zijn favoriete seizoen. Waarin hij samen met mij op vakantie ging met onze Eriba Puck-caravan. En later met het campertje dat hij 't Duveltje had gedoopt. We waren op luxe campings maar ook op veredelde grasvelden. Het maakte allemaal niks uit, we hadden plezier. Later gingen we natuurlijk regelmatig naar de Ardennen.  De bootjes voor mijn huis in de haven herinneren me aan de dagen dat we door de Biesbosch voeren met ons bootje. Samen of met een hele groep. De keer dat ik met mijn zussen ging plassen. We gingen over een boomstam hangen, net zo makkelijk. Helaas zijn boomstammen rond. Hij rolde om en wij eindigden op onze rug met de benen omhoog. Wat hebben we gelachen. Gelukkig had niemand het gezien. Een goede vriend noemde het onlangs 'fantoompijn'. Helaas weet hij waarover hij spreekt dus ik nam het gelijk van hem aan. En eigenlijk is het ook wel zo. Want in dat hele korte moment, net na het wakker worden, was de wereld nog even zoals hij ooit was. Compleet.  

Machteld
7 1

Schrijffouten

Ik dacht altijd dat ik best goed was in onze Nederlandse taal. Dat ik best wist hoe en waar ik komma’s en hoofdletters moest gebruiken. Tenslotte word ik altijd redelijk narrig als mensen het hebben over me boek en zich irriteren aan mijn commentaar daarop. Natuurlijk maak ik ook fouten, dat weet ik echt wel. En soms krijg ik ook opmerkingen, zelfs van professionals, dat ik iets te veel spreektaal gebruik in mijn blogs. Ik probeer er op te letten. Maar, ik vond dat ik toch altijd wel aandacht schonk aan de manier waarop ik mijn teksten op papier zette. Totdat een echte redacteur het verhaal dat ik heb geschreven voor de Texel-verhalenbundel Voetsporen onder ogen kreeg. En ik het weer terug ontving. Poeh, tijd voor een lesje nederigheid. Want er zat niet één fout in, er zaten ettelijke tientallen fouten in. Zeker, over het algemeen weet ik wel wanneer ik deetjes en teetjes moet gebruiken maar mijn interpunctie is echt om te huilen. Komma’s waar punten moesten, kleine letters die toch echt een hoofdletter moesten zijn. Oei, het was niet mals.  Het leuke en leerzame er van is, dat je ook zelf je fouten moet herstellen. En dan heel goed moet kijken of je geen nieuwe fouten maakt. Dat je een zin herschrijft omdat er een fout in zit, maar dat je dan bijvoorbeeld weer twee nieuwe maakt. Want dat kan zomaar gebeuren. En dan maak je je werk niet beter maar slechter. Door al deze ervaringen krijg ik toch steeds meer ontzag voor alles dat komt kijken bij het proces van het uitgeven van een boek. Want dan is het verhaal geschreven en dan begint het pas. De schrijver denkt dat hij of zij een helder en duidelijk relaas op papier heeft gezet. Tenslotte kan de schrijver in het hoofd van de personages kijken, hij heeft ze immers zelf bedacht. Maar de lezer kan dat niet. Want die ziet alleen wat de schrijver laat zien. En die kan in zijn ongeduld of arrogantie nog wel eens denken, ‘nou, dat snap je toch wel.’ Ik ben erg blij dat ik aan het avontuur van de schrijfweek ben begonnen. Natuurlijk ook omdat het mijn allereerste vakantie alleen was. Maar ook omdat er ongelooflijk veel van leer. En wie weet, misschien lukt het me om het boek dat in mijn hoofd zit echt op papier te krijgen. Een boek, hoeveel fouten zullen daar dan wel niet in zitten. Arme redacteur.    

Machteld
6 0

Fantasie

Het hebben van een uitgebreide fantasie is een groot goed. Vooral als je dit kunt delen met andere mensen. Een aantal van mijn collega’s kan hier ook uitstekend in mee gaan. En dat resulteert soms in de meest geweldige verhalen en aannames. Onlangs nog. Nadat ik verteld had dat ik het deurtje van mijn hondenluik had gerepareerd met duct tape, omdat Stef en Kaatje elkaar geen voorrang hadden willen geven, kwam het gesprek op de kwaliteit van duct tape en de toepassingen die daarmee mogelijk zijn. Een collega vertelde heel onschuldig dat hij altijd een rol duct tape in zijn auto had. En een mes. Nadat wij hem allemaal verwachtingsvol zaten aan te kijken, besefte hij wat hij had gezegd.  ‘Heb je ook een plastic zak bij je, om over het hoofd van je slachtoffer te trekken?’ ‘Ik ga met jou nooit mee in de auto, dat weet ik wel.’ ‘Hmm, weet HR dat we een potentiële seriemoordenaar in ons midden hebben? Dat heb je tijdens de sollicitatieprocedure natuurlijk niet gezegd.’ Hilariteit alom. De arme collega kreeg het ook niet meer rechtgebreid. Hij probeerde zich nog te verdedigen maar het gelach om hem heen deed hem toch maar opgeven. Hij boog het hoofd en accepteerde dat hij een domme opmerking had gemaakt. Natuurlijk gaven daarna de meesten toe dat zij ook wel iets dergelijks in de auto hadden liggen. Uiteindelijk weet je nooit waar je onderweg voor komt te staan. Zeker als je dan ook nog gaat kamperen. Mijn maatje had altijd een uitgebreid assortiment gereedschap bij zich. Hij was niet voor één gat te vangen. ‘Mach, beter mee dan om verlegen.’ Fantasie, het maakt het leven meer kleurrijk. Ik hou van mensen met fantasie. Ze maken de verhalen levendiger dan ze eigenlijk waren. Sommigen noemen het overdrijven of zelfs liegen, maar zo zie ik dat niet. Mijn maatje kon ook kleurrijk vertellen. Sommige verhalen vertelde hij, op verzoek, keer op keer. Totdat ik hem bijna smeekte om het verhaal nu te laten rusten. Waarna vrienden hem dan toch weer uitdaagden om opnieuw te vertellen. Niet om de inhoud van het verhaal maar om de voordracht die het inmiddels was geworden. Daarom hoop ik dat mijn fantasie me niet in de steek laat. Tenslotte moet je het kind in je koesteren. Want anders word je volwassen. En dat is echt heel saai.          

Machteld
3 1

Schrijven is een vak

Schrijven, het is een complex proces. Zit ik net lekker in de flow, denk ik, ‘wat ruikt het hier ineens raar.’ Heeft Kaatje eerst buiten door de poep gelopen en daarna door de hele woonkamer. En dat valt niet te negeren, dat haalt je resoluut uit je concentratie. Dan kun je verstoord kijken, maar ze gaat het echt niet zelf schoonmaken. Het maakt haar namelijk niet uit dat de vuiligheid tussen haar tenen zit. Dus, plaids in de was, vloer schoonmaken en dweilen. En het gevecht met Kaatje aangaan. Want die voeten, die moeten schoon. Gelukkig weegt ze nog maar elf kilo. Dat kan ik wel in bedwang houden als ik haar onder de kraan hou. Maar ze is het er niet mee eens, dat is duidelijk. Daarna maar weer terug naar mijn verhaal. Tijdens de schrijfweek op Texel was het toch makkelijker om te focussen. Marelle Boersma en Heleen van den Hoven van de Online Schijfschool hielden de groep wel geconcentreerd. We waren met een grote groep schrijvers bij elkaar om een verhalenbundel te schrijven. De begeleiding was super, het programma bood workshops, coaching maar ook tijd om het eiland te verkennen. ‘Research,’ zeiden we ernstig tegen elkaar. Om daarna op de kade van een haventje te zitten met onze blote voeten in het water. Onder het genot van een ijsje. Toch was het wel super om de sfeer op te snuiven. Na een midweek schrijven, leren en genieten stond mijn verhaal in de steigers maar moest het toch nog wel afgebouwd worden. De twijfel sloeg toe, is het wel goed genoeg, moet ik niet opnieuw beginnen. Ik zocht mijn aantekeningen erbij, wat had ik geleerd, waar moest ik op letten. En ik begon. Na het nog tig keer nagelezen te hebben, stuurde ik het concept naar de medecursisten van mijn ‘leesgroepje’. Dat is spannend, ik ken mijn personages door en door, ik weet wat ze denken en hoe ze handelen. Maar heb ik dat ook duidelijk genoeg op papier gezet? Of denkt de lezer, ‘nou ja, wat een raar verhaal, ik begrijp er niks van.’ Het is best griezelig om hetgeen wat jij hebt bedacht zo maar vrij te laten.  Gelukkig gaan er ook nog professionals naar mijn verhaal kijken. Ik ben heel benieuwd naar hun feedback. Het verhaal kan er alleen maar beter van worden. En als de bundel dan uitkomt, in december, kan ik hem in ieder geval vol trots aan iedereen laten zien. Deze manier van schrijven is iets waar ik heel erg van kan genieten. Ik ben dan ook heel blij dat ik aan de schrijfweek op Texel heb deelgenomen. Sterker nog, het duurt nog wel lang, maar ik heb me al aangemeld voor de editie van november 2024. Lekker vooruitzicht!        

Machteld
4 2

Langste dag

Afgelopen woensdag was het weer zo ver, de langste dag van het jaar, 21 juni. Tijdens de daaropvolgende midzomernacht bereikt de zon, gezien vanaf de aarde, zijn meest noordelijke positie en blijft het op de meest noordelijke plekken van de aarde de hele nacht licht. De wending van de zon wordt eeuwenlang gevierd tijdens het midzomerfeest op 24 juni en vindt zijn oorsprong in de tijd van de Vikingen. Ik heb daar wel wat mee, met die folklore en die geschiedenis.  Tijdens midzomernacht bezochten de Vikingen waterbronnen met genezende krachten en ontstaken zij grote brandstapels om kwade geesten te verdrijven. In de 7e eeuw werd het midzomerfeest een christelijk feest, doordat geestelijken het tot dan toe heidense feest koppelden aan de geboorte van Johannes de Doper op 24 juni. De katholieke kerk liet tenslotte geen enkel middel ongeschuwd om de mensen ervan te overtuigen dat hun geloof het enige ware was. Ik heb dan toch meer met de oude betekenis. De tovenarij, trollen, heksen, elfen, draken. Mooie verhalen. Natuurlijk, ook door de overlevering steeds mooier geworden maar de symboliek erachter getuigt toch van een verbondenheid met de natuur die de meesten van ons al lang verloren zijn. Het ritueel van plukken van lijsterbessen om voor de ramen en deuren van huizen te hangen om heksen te weren wordt ook niet meer uitgevoerd. We weten niet eens dat heksen niet bestand zijn tegen de geur van lijsterbessen. En zeker, ik geloof niet in heksen, maar het is wel mooi om te lezen over al die gebruiken. Zeker in de Scandinavische landen zijn heel veel mooie legendes te vinden. Misschien omdat de mensen daar in de winter, als het er veel minder lang licht is, samen rond het haardvuur zaten en elkaar verhalen vertelden. Daar zou ik dan toch wel eens graag bij hebben willen zijn. De langste dag, wat onvermijdelijk ook weer tot gevolg heeft dat de dagen nu korter gaan worden. Het duurt gelukkig nog lang voor we dat merken en voor we daar last van gaan krijgen. En dat ik in gedachten mijn schoonvader hoor zeggen ‘Ge kunt het al goed zien aan de dagen….’             

Machteld
11 0

Waldorf en Statler

Als je vertelt dat je vroeger graag naar The Muppet Show keek, verraad je direct weer je leeftijd. Maar ik keek heel graag. Mijn favoriete personages waren Waldorf en Statler. Heerlijk, die twee oude mannetjes die vanaf hun balkon alles bekeken en overal commentaar op leverden. En ‘boeh’ riepen naar iedereen die zich maar op het podium waagde. Ze waren wel eerlijk in hun opmerkingen, ze vonden iedereen slecht. Soms voel ik me ook een beetje als een van hen. Niet dat ik mezelf oud vind, dat niet. En ik denk dat ik ook best nog redelijk moderne denkbeelden heb. Daar moet je natuurlijk wel mee uitkijken, want dat vind ik zelf. En dat toets ik aan mensen van mijn leeftijd. Wat natuurlijk wel gevaarlijk is. Misschien dat mijn jonge collega’s me achter mijn rug meewarig bekijken en denken “ze kan het allemaal niet meer zo goed volgen, ach gussie.” Maar zo lang ze dat niet tegen me zeggen, leef ik in de vrolijke veronderstelling dat het allemaal nog best meevalt. En toch gebeuren er dingen die ik niet kan volgen en niet kan begrijpen. Ik denk dat dat nog niet eens zo zeer met leeftijd te maken heeft. Want waarom moet iedereen altijd maar afgefakkeld worden. Mensen maken iets, schrijven iets of doen iets en de hele social media-wereld valt er overheen. Hele verhalen worden geschreven door mensen die anderen hun mening willen opdringen. Ook zitten ze bij de vele praatprogramma’s die iedere avond ons televisiescherm vervuilen. Altijd weer dezelfde experts, dezelfde zogenaamd kritische mensen. Heerlijk elkaar bevestigen. Want ik snap het wel, de makers van zo’n programma nodigen natuurlijk wel de gasten uit waarvan ze denken dat ze hun standpunt delen. Of waarmee een leuke discussie gevoerd kan worden. Tenslotte wil je je kijkers niet wegjagen. Angela de Jong kan dan nog net. Daar kan het social media-publiek een dag later dan op los. De enigen die redelijk onafhankelijk reageren zijn de mensen van VI. Althans, dat hoor ik, want ik kijk al jaren naar geen enkel praatprogramma meer.  En ik ben niet roomser dan de paus hoor, ik vind ook overal iets van. Maar ik vind mijn mening niet dermate belangrijk dat ik die met de hele wereld wil delen. Ik zit liever op mijn balkon, daar heeft niemand er last van als ik ‘boeh’ roep.        

Machteld
19 0

Stefano Picasso

“We gaan schilderen Stef”, het vrouwtje was helemaal enthousiast. Schilderen, wat was dat nou weer. Het was in ieder geval bij de dame van de hondenschool, dus dat was altijd leuk. Hij was zelf nog nooit in de school zelf geweest, Kaatje wel, daar was hij ook wel nieuwsgierig naar. En Kaatje mocht niet mee, leuk om weer eens een hele avond met het vrouwtje alleen op stap te gaan. En er zouden vast wel snoepjes zijn, dat was ook een voordeel. Alleen, schilderen, hij wist echt niet wat hij zich erbij voor moest stellen. Enthousiast sprong hij in de auto. Spannend hoor, hij bleef er van opwinding bij staan. Dat vond het vrouwtje natuurlijk niet goed. Als ze hard moest remmen, viel hij ondersteboven. Dat zou niet de eerste keer zijn. Daarom had ze ook hangmat gekocht voor de achterbank. Dus hij ging toch maar liggen toen ze het zei. In de hondenschool waren al andere honden toen ze aankwamen. Ook dat was wel spannend, onbewust liet hij zijn haar omhoog staan. Sommige anderen waren ook een beetje onwennig, dat zag hij wel. Het was altijd een beetje kijken wie er wel en wie er niet leuk was. Even later moest hij met zijn pootjes over een ingepakt canvas met verf lopen. De kleuren die het vrouwtje erop gesmeerd had werden zo een mooi mozaïek. Sommigen gingen er ook op zitten of op liggen, dat was ook wel grappig. Eigenlijk was het wel heel leuk, hij kreeg er ook wel plezier in. Op een gegeven moment vond het vrouwtje het klaar en moest het drogen. Jammer, hij had er nog best even langer overheen willen tippelen. Gelukkig gingen ze daarna nog spelletjes doen. Hij houdt heus van Kaatje maar het is echt leuk om weer iets met het vrouwtje te doen zonder dat ze haar nieuwsgierige neus ertussen steekt. Natuurlijk konden ze het schilderij nog niet mee naar huis nemen omdat het vrouwtje in haar onhandigheid weer iets te veel verf had gebruikt. Dat drogen duurt nog wel even. Ach, het was ook te verwachten, ze is van nature niet zo creatief. Maar het was een leuke avond. Thuis kroop hij snel op de bank in zijn hoekje. Lekker liggen. Hij was er moe van geworden.    

Machteld
5 0
Tip

Nieuw werkwoord

Soms leer je ineens een nieuw werkwoord waarvan je denkt, “ja, precies, dat klopt helemaal”. Zo kwam ik onlangs het woord ‘graniolen’ tegen. Nooit van gehoord. Ik las het in een column die Miriam had geschreven voor het tijdschrift Saar. Een tijdschrift voor vrouwen boven de 50 die zichzelf nog niet zien als oud en grijs. Een doelgroep waar ik, denk ik, hoop ik, wel bij hoor. Want inderdaad, ik ben boven de 50, al een eindje, maar in mijn hoofd ben ik toch nog steeds 40. Uiteraard voelt het soms wat anders als ik uit bed stap, maar na een rondje hondjes ben ik er toch weer helemaal bij. Graniolen dus, een samentrekking van Granny en Gladiolen. Wat zoveel betekent als ‘iemand het gevoel geven dat hij of zij al heel oud is’. Het overkomt je als je voor de eerste keer ‘U’ en ‘mevrouw’ wordt genoemd. Of als mensen voor je opstaan zodat jij kunt gaan zitten. Of als je jonge collega je meewarig aankijkt als je problemen hebt met je laptop. Zo kan ik nog wel een tijdje doorgaan. Ik heb zelfs een collega gehad die bij domme opmerkingen van mij riep “yes, weer een voor de boomer-bingo”. Hij zag mij als granny en ik schold op hem met achterlijke gladiool. In gedachten dan hè, ik mocht hem graag. Toch is dat laatste niet zo erg. Het houdt je wel bij de les. Je moet ook niet onbewust verworden tot een oud mens. Want inderdaad, op een gegeven moment ga je ook geluiden maken als je bukt. En dat is eigenlijk wel heel kwalijk, als je er goed over nadenkt. Het belangrijkste is dat je met de nodige dosis zelfspot in de spiegel kunt kijken. En denken, tja, het ziet er toch allemaal wel anders uit, vergeleken met toen ik 18 was. En als je dan van die kreunende geluiden maakt, kun je dat het beste uitvergroten en de draak met jezelf steken. Ik heb gemerkt dat dat ook het beste wordt geaccepteerd. Maar goed, graniolen. Ik stel voor dat we het werkwoord omarmen. En gebruiken als waarschuwing. Zodat we geen grijze duiven worden. Want die zijn er al genoeg, we noemen hen doorgaans ANWB-stellen. En als ik dan granny moet worden, dan liever toch een kleurrijke. A.s. zaterdag ga ik weer naar de kapper. Ik zag hier en daar weer een grijze haar tevoorschijn kruipen en dat verschijnsel wordt door mijn kapster op mijn verzoek steeds professioneel de kop in gedrukt. Hulde daarvoor.      

Machteld
87 4

Verhalenverteller

Soms ontmoet je mensen die je later gaat zien als een icoon. Een oom van mijn maatje was zo iemand. Goedlachs, gul en altijd vriendelijk. En met een eigenschap die hij duidelijk had geërfd van zijn vader. Hij was een geboren verhalenverteller. Je moest die verhalen niet altijd toetsen aan de waarheid. Daar waren ze ook niet voor bedoeld. Zijn vader, de opa van mijn maatje, was de meesterverteller. Jager, stroper, boer, de verhalen hadden altijd te maken met zaken die in de huidige maatschappij niet meer passen. Maar wel heerlijk om naar te luisteren. Oom Bart was wat moderner. Hij stroopte niet maar had een moestuin. Oké, de kroppen sla waren niet zo groot als bij zijn vader. Daar was met twee kroppen sla een hele kruiwagen vol. Maar de groente mocht er zeker zijn. Wat ook zijn eeuwige strijd met de vogels bewees. En handig als hij was, bedacht hij een ingenieus systeem om de aanvallers uit de buurt te houden. Sowieso was hij heel handig en altijd bezig. Maar er was wel altijd tijd voor een praatje. Met zijn armen gekruist op de bezem of schoffel stond hij op zijn gemak te luisteren naar wat je te vertellen had. Mijn maatje en ik luisterden altijd graag naar zijn verhalen. We zagen hem veel te weinig, zo gaat dat. Druk, druk, druk en dan zijn er zo weer een paar maanden voorbij. Gelukkig ben ik er nog niet zo lang geleden nog geweest. Natuurlijk samen met Stef, ondenkbaar dat ik op bezoek ging zonder de hond mee te nemen.  Vorige week, op de verjaardag van mijn maatje, is hij overleden. Weer een icoon minder. Mijn maatje maakt het niet meer mee maar ik ga zeker afscheid nemen. En hoewel ik niet geloof, stel ik me toch voor dat ze elkaar weer zijn tegengekomen. Dat de sterke verhalen weer met verve worden verteld. Tenslotte moet je een goed verhaal nooit verpesten met de waarheid.    

Machteld
6 1

Wat een drukte

Ik was toch wel even vergeten hoe druk het is om een pup in huis te hebben. Kaatje woont nu bijna vier weken bij mij en ze houdt mij en Stef heel goed bezig. Het is een enthousiast en heel nieuwsgierig meisje. Ze stapt overal op af en heeft nog niks ontdekt waar ze bang van is. Ik kan er uren naar kijken. Gelukkig heb ik toch heel veel hulp van Stef, hij speelt en corrigeert en leert haar onbewust een heleboel dingen.  Maar ach, het gaat allemaal niet vanzelf hoor. Als ik thuiskom, moet Kaatje eerst naar buiten. Niet eerst even je tas neerzetten en je jas ophangen, nee, Kaatje uit de bench en hup, naar buiten. Want ze doet het heel goed, maar als ze een tijdje in de bench heeft gezeten en ze komt je enthousiast begroeten, tja. Dan wil ze nog wel eens vergeten dat dat plasje toch echt buiten moet. En dan ga ik weer, met mijn keukenrol en mijn chlorixdoekjes.  ’s Nachts slaapt ze inmiddels bijna door. Maar de eerste week moest ik er toch echt twee keer per nacht uit. Sta je dan, op je slippers en in je badjas, in het donker. “Heel goed meisje, grote plas gedaan.” En maar hopen dat de buren niet toevallig ook even wakker zijn.  Ze begint zich ook al erg zeker te voelen. En daardoor probeert ze ook steeds meer hoe ver ze kan gaan. Superleuk, om rond te zwieren aan de rokken van het vrouwtje. Ik vind het minder, vooral als ik de stof hoor kraken. Dus “los!” en een snoepje onder haar neus. Toch probeert ze dan stiekem in mijn hand te bijten, want dat zwieren is leuker dan dat snoepje. Kleine heks. Ze probeert echt een plekje op te schuiven in de roedel. Toch, als ik dan ’s avonds zit, televisie kijk of een boek lees, en ze komt dan bij me staan om op schoot te mogen, dan kan ik haar moeilijk weerstaan. En als Stef dan lekker ligt te tukken op de bank, mag Kaatje op schoot. Zo’n klein hondje dat dan haar neusje onder je oksel stopt en lekker in slaap valt. Het is te lief. Dus ik heb het ervoor over. En, zoals een collega me terugpakte met mijn eigen woorden, je krijgt er zoveel voor terug…..      

Machteld
5 0

Hoezo, een mes mee?

Je kunt tegenwoordig geen nieuwssite bekijken (of krant openslaan) of je komt weer een verslag tegen van een steekpartij. Jong en oud, het maakt niet uit, geschillen worden niet meer uitgesproken maar “uitgestoken”. Ik verbaas me er over. Zeker als het gaat over daders die nog heel jong zijn. Hoe komen die dan aan een mes. Zeggen die ’s morgens tegen hun moeder “mam, ik neem even je vleesmes mee.” En zegt die moeder dan tegen haar kind “dat is goed hoor jongen, kijk uit dat je je er niet aan snijdt.” Waarbij de jongen het mes vrolijk tussen zijn wiskundeboek en zijn tablet opbergt. Hup, in de rugzak. Hoezo neem je een mes mee naar school? Onlangs las ik dat op een middelbare school in Frankrijk een lerares was doodgestoken. De dader, een leerling van 16 jaar, had stemmen in zijn hoofd gehad. Hij zou lijden aan een psychische stoornis. Oh, nee, maar dan kan hij er niks aan doen. Dan heeft die lerares gewoon pech gehad. Maar je zult die jongen maar net tegenkomen. Want die dame zal waarschijnlijk ook een relatie hebben gehad. En misschien ook kinderen.  Vorig jaar schreven jongeren ongeveer 70 steekincidenten op hun naam. Waarbij 10 mensen om het leven kwamen. Zelfs op oudejaarsdag werd er nog een 18-jarige knul doodgestoken. Gelukkig nieuwjaar, zou ik zeggen. Of wat te denken van die jongen van 16 die zijn schoolgenootje van 14 doodstak. Wat is er mis met ouderwets knokken. Waarbij dan een leraar tussenbeide kwam en de kemphanen allebei strafwerk kregen. Ze hadden wat blauwe plekken en schrammen maar ze overleefden het in ieder geval wel. Een geknakt ego is nog altijd minder erg dan een geknakt leven. Oh, en steekincidenten zijn van alle tijden, dat weet ik heus wel. Maar wat me toch een beetje beangstigt, is het schijnbare gemak waarmee jonge mensen met een steekwapen rondlopen. En het ook gebruiken. En je kunt wel denken, dat overkomt mij niet, maar je weet nooit naast wie je in de bus zit. Of wie je tegenkomt in het park als je de hond uitlaat. En dat vind ik helemaal geen prettig idee.        

Machteld
12 1

Nieuwe huisgenoot

Ze woont nu bijna een week in zijn huis. Kaatje. Een kleine pup, hij herkent haar wel, ze is net als hij. Alleen natuurlijk nog heel erg klein. Maar man man, wat een druktemaker. En een bijdehandje. Ze had al na een dag in de gaten dat ze door het hondenluik naar buiten kon. Alleen terug naar binnen was wat lastig, daar is de opstap wat hoger. En ze rent met zijn tennisballen door het huis of het niks is. Dat vindt hij wel goed, met het speelgoed mag ze wel spelen. Zijn snoepjes en brokjes zijn natuurlijk een ander verhaal. Daar moet ze afblijven. Hij moppert ook op haar als ze dat probeert. Gelukkig geeft het vrouwtje hem dan groot gelijk. En ook als ze iets doet wat hij niet leuk vindt en hij corrigeert haar, dan is het vrouwtje erg blij met hem. Dat ziet hij wel. Het vrouwtje heeft het er trouwens ook maar druk mee. Afgelopen maandag kwam ze. Het vrouwtje was met haar zus weggeweest en bracht toen ze terugkwam een bench mee naar binnen. Toen hij kwam kijken, zag hij dat er een heel klein hondje in zat. Hmm, was dat goed of slecht nieuws? Want een speelkameraadje is natuurlijk wel heel leuk maar het kan ook heel druk zijn.  En druk is het zeker, het meisje loopt constant achter hem aan. Na een dag kon hij zelfs buiten niet op zijn gemak op zijn kussen liggen. Ze bemoeit zich overal mee. Gelukkig kan ze niet op de bank dus daar kan hij dan nog wel rustig liggen. Hoewel, dan gaat ze voor de bank staan en maakt lawaai. Ze wil alleen maar spelen. En ze rent door het huis, niet normaal. Soms zo hard dat ze uit de bocht vliegt en op haar zij verder glijdt. Ze heeft ook al een paar keer de bocht te krap genomen en is tegen de muur aangebotst. Maar ze is niet flauw, dat moet hij zeggen. En als ze buiten geplast heeft, krijgt ze van het vrouwtje een snoepje. Nou ja, dat is toch maar heel normaal. Het zijn ook hele kleine ieniemienie snoepjes, dat wel. Ze moet nog veel leren, zegt het vrouwtje. Ja, dat ziet hij wel. Voorlopig geeft hij haar maar het voordeel van de twijfel. Want het is ook wel heel gezellig in huis. Ze heet Kaatje. Tenminste, dat denkt hij. Het vrouwtje noemt haar namelijk ook heel vaak Nee. Maar dat is niet echt een naam, toch?    

Machteld
11 2

Testament

Een testament, vast laten leggen waar je je laatste aardse bezittingen na je dood naar toe wilt laten gaan. Het is best een dingetje. Afgelopen jaar heb ik dit, bijna verplicht na wat er gebeurd is, toch maar geregeld. Gelukkig had ik iemand die me hielp, me advies gaf en met me meeging naar de notaris. Ik mag zeggen, ik heb het naar mijn idee goed geregeld en het geeft me een gerust gevoel. Want jongejonge, wat kan een testament veel teweegbrengen. Bij de opa van mijn maatje waren zelfs zijn onderbroeken en sokken de oorzaak van een fikse ruzie tussen zijn dochters onderling. Wat hebben we gelachen. Maar eigenlijk was het natuurlijk te triest voor woorden. Hele vetes ontstaan tijdens het verdelen van spullen die vaak eigenlijk helemaal niks waard zijn. “Neem jij de koekoeksklok? Maar die wil ik eigenlijk hebben.” En vervolgens zit je dan opgescheept met een klok die je voor goed fatsoen niet weg kunt doen maar die je eigenlijk ook helemaal niet in je woonkamer wilt hebben. Later verhuist hij naar boven, naar de overloop, en nog een jaar later ligt hij op zolder. Stof te pakken. Was dat nou de oorzaak van die jarenlange ruzie met je broer of zus? Natuurlijk wordt er het meeste gevochten over de nalatenschap van bekende mensen. Of van mensen die echt veel geld hadden. Toen André Hazes overleed, zeiden mijn maatje en ik tegen elkaar, “zo, die Rachel is blij dat de scheiding nog niet is uitgesproken, nu kan ze nog aanspraak maken.” En dat deed ze ook. En hoe. De nalatenschap van André werd niet alleen opgeëist maar ook uitgemolken. Tot de laatste drup. En nog steeds. En er wordt nog steeds om gevochten. Na al die jaren heeft de dochter bedacht dat haar moeder geen aanspraak kan maken omdat de scheiding als was ingezet. Ik denk dan een paar dingen. Hoe komt ze daarbij? Heeft iemand dat haar ingefluisterd? En waarom komt ze daar dan nu pas mee? Die familie klopt van geen kanten. Ik geloof niet dat ze de laatste tien jaar ooit met zijn drieën door de deur hebben gekund. In de negentien jaar dat zij het zonder hun man en vader moeten doen, is de naam Hazes bekender geworden dan hij ooit was toen de zanger nog leefde.  Ik vind dat heel bijzonder. Heel bijzonder triest ook, trouwens. Je moet er toch niet aan denken dat het jouw familie is. Ik niet, in ieder geval. En ik stel me dan zo voor dat André senior boven nog een blikje bier opentrekt en denkt “Ach, ik zeg maar niets meer…..”        

Machteld
6 1

Tere kinderzieltjes

Soms kom je ineens een nieuwsbericht tegen waarvan je heel goed moet nadenken of je nu voor de gek wordt gehouden of niet. “Engelse uitgever gaat tekst boeken Roald Dahl aanpassen.” Nee, dat is niet echt, dat is een grap. Maar het is geen 1 april en ik ben ook nog nergens een bericht tegengekomen dat dit weerspreekt. Wel heb ik gezien dat de Franse en Nederlandse uitgevers het voorbeeld niet gaan volgen. Gelukkig maar. Want wat een onzin, woorden als ‘dik’ of ‘lelijk’ mogen niet meer. Dat is kwetsend en kinderen kunnen daar last van krijgen. De wereld is gek geworden, denk ik dan. Ik weet nog goed dat mijn ouders vroeger een heel dik sprookjesboek in de kast hadden staan. De verzamelde sprookjes van de Gebroeders Grimm. Twee Duitse broers die sprookjes verzamelden en optekenden. Want zij bedachten die natuurlijk niet zelf. Roodkapje bestond al heel lang. Ik genoot ervan. Toch denk ik dat er binnenkort wel iemand op zal staan die die sprookjes gaat verbieden. Immers, het bloed droop van de pagina’s. Een heks die levend wordt verbrand door twee kleine kinderen. Een jager die met een groot mes de buik van een (tegenwoordig beschermde) wolf opensnijdt. Een moeder die de tenen van haar dochters afsnijdt omdat ze anders niet in het glazen muiltje passen. Een slapende prinses die ongevraagd wordt gekust, toch een echt “metoo-tje” als je het mij vraagt. Het is verschrikkelijk, al die verhalen. Totaal niet verantwoord en vreselijk slecht voor een tere kinderziel. Maar ik genoot. Van prinsessen en prinsen, van draken en kikkers. In sprookjes kan alles. Daar wordt het dienstmeisje een prinses en een lelijke kikker een prins. In het echte leven is dat allemaal niet mogelijk, daar blijft het dienstmeisje gewoon ploeteren voor een hongerloontje en wordt de kikker opgegeten door een reiger. Maar als kind kon ik wegdromen en rondlopen in een land dat nog mooier was dan Narnia. Ik kon vliegen en toveren. Ik was in mijn hoekje van de bank helemaal vertrokken naar een andere werkelijkheid. Heerlijk. Ik vind het bijna slecht om dat de kinderen van vandaag te onthouden. Het is toch geweldig om zo te kunnen fantaseren. En laat Sjakie in de chocoladefabriek dan een lelijk jongetje tegenkomen. Sommige mensen voldoen nou eenmaal aan die omschrijving. Het is niet anders. In je latere leven kom je toch wel op hardhandige wijze tot de ontdekking dat sprookjes niet bestaan.  Toch eens vragen of mijn moeder de Sprookjes van Grimm nog heeft.    

Machteld
4 2

Vriendin

Ik heb niet heel veel vrienden. Ik gebruik het ook niet als modewoord. Sommige mensen hebben zoveel vrienden dat ze het zelf niet meer bij kunnen houden. Maar aan de vrienden die ik heb, ben ik trouw. En als er iets met een van hen is, raakt me dat diep. Een paar maanden geleden kreeg een lieve vriendin het nieuws dat de longziekte die zij had haar binnen afzienbare tijd fataal zou worden. Een mokerslag, natuurlijk in eerste instantie voor haar en haar man, maar ook voor de mensen die om haar heen stonden. Waar ik er één van was. Zij reageerde zelf heel nuchter. Er was niets aan te doen dus ze zou het moeten accepteren. Daar had ik al bewondering voor. Ze was niet boos, ze heeft niet gescholden. Ze aanvaardde haar lot.  En dat lot bracht haar heel wat zware dingen. Van het nog kunnen lopen van een blokje rond tot een half uur moeten bijkomen van tien meter lopen. De rollator werd een rolstoel en daarna kwam er een bed in de woonkamer te staan. En nog steeds kwam er geen onvertogen woord over haar lippen. Waar ik de hele wereld verrot zou hebben gescholden, zei zij alleen maar “het is wat het is”.  Tot het ook voor haar niet meer acceptabel was. Ze nam het moedigste besluit dat een mens volgens mij kan nemen en begon haar eigen einde te regisseren. Ze vertelde wat haar wensen waren. Tegen haar man, tegen de huisarts, tegen mij. Ze gaf spullen weg, maakte een lijstje van muziek die gedraaid moest worden en bepaalde een datum. Dinsdagmiddag. Ik liep de dagen voorafgaand aan die datum iedere dag een keertje bij haar binnen. We kletsten over koetjes en kalfjes maar spraken ook over ernstige dingen. Ik weet nog dat ik vroeg of ik op maandag ook nog welkom was. Of dat ze dat misschien liever niet had. “Jij mag wel komen”, zei ze “jij bent geen jankerd.” Onwillekeurig moest ik er om lachen. De dag er na liet ze het leven los. Omdat het voor haar niet meer menswaardig was. Ik heb diep respect voor haar dat ze dat zo heeft kunnen doen. En ik mis haar.    

Machteld
12 1

De grote verbouwing

Madonna weet toch altijd weer de gemoederen bezig te houden. En vaak gaat het dan niet over haar muziek. Ik zou eerlijk gezegd ook niet weten of ze laatste tijd nog veel nieuwe muziek heeft uitgebracht. Maar dat kan ook heel goed aan mij liggen. Ik ben qua muziek echt in de vorige eeuw blijven steken. En toen heb ik genoten van haar muziek. Nee, tegenwoordig gaat het bij Madonna over haar kleding, haar jonge lovers en vooral over haar uiterlijk. Ze is inmiddels 64 jaar oud maar haar gezicht is nog zo strak als dat van een 18-jarige. Ze kan het zich ook veroorloven dus daar zit het probleem niet. Bovendien is het haar gezicht en ze mag zelf uitmaken wat ze daar mee doet. Als zij dat nou mooi vindt. En daar zit denk ik ook wel vaak het probleem. Want al die vrouwen die zichzelf voor heel veel geld laten veranderen in iets dat ze niet zijn, zouden ze dat echt doen omdat ze het zelf mooi vinden? Of is het omdat ze denken dat anderen, bij voorkeur mannen, dat mooi vinden. Ik vind het in ieder geval niet mooi. Al die vrouwen lijken ook op elkaar, met hun lippen, hun strakke jukbeenderen en hun extensions.  Het excuus is dat je als oudere vrouw niet meer aan de bak komt. Dan tel je niet meer mee. Want vrouwen mogen, anders dan mannen, niet oud worden. Maar we gaan toch zelf onder het mes? En het meeste commentaar krijgen vrouwen van andere vrouwen. Echt niet van mannen. Vrouwen onderling zijn vals. Vrouwen die zichzelf zijn en daardoor anders dan anderen, moeten heel sterk in hun schoenen staan. Anders worden ze door hun zusters genadeloos onderuit gehaald. Want daar zijn we wel goed in. Dus laten we niet meer zeggen dat mannen willen dat vrouwen zich laten veranderen in een te strakke versie van zichzelf. Met het risico dat ze op een gegeven moment dermate snel in verval raken dat het niet meer om aan te zien is. Ook daar zijn genoeg voorbeelden van. Ik stel voor dat we collectief besluiten om niet meer aan ons zelf te laten sleutelen. Gewoon mee stoppen, niet meer doen. Maar mijn voorstel zal wel niet in goede aarde vallen. Want zo zijn wij vrouwen niet.              

Machteld
7 0

Onverwacht

Van de familie van mijn maatje zijn niet veel mensen over. Van zijn vader zijn er helemaal geen ooms en tantes meer. Van zijn moeder leven er nog een broer en een zus. Met die tante heb ik geen contact maar zijn oom en diens vrouw zijn hele lieve mensen waar ik eigenlijk veel te weinig kom. Ze vragen wel naar me en hoe het gaat dus ik voel me daar dan toch wel weer schuldig over. En eerlijk is eerlijk, het is ook altijd gezellig om daar te zijn. Heerlijk, al die oude verhalen weer. De oom van mijn maatje is een geboren verteller. Dat zat wel in de familie. De verhalen werden altijd een beetje smeuïger gemaakt dan ze eigenlijk waren. Ik kon er uren naar luisteren. Het zijn verhalen over een tijd die al lang voorbij is en die waarschijnlijk ook niet zo mooi en avontuurlijk was als nu wordt verteld. Maar toch.  Stef mag ook altijd mee, hij wordt tot en met verwend. In opperste aanbidding zit hij bij tante en geniet van de worst en kaas die hem quasi stiekem wordt toegestopt. Tenslotte komt hij niet vaak op bezoek. En dan mag het. Oom komt niet veel meer buiten, hij is oud en niet meer helemaal gezond. Zijn longen laten hem behoorlijk in de steek. Toch klaagt hij nooit. Hij zit in zijn stoel en geniet van wat er buiten gebeurt en van de mensen die hem een bezoek brengen. Ik zit tegenover hem en kijk naar hem. En dan, onverwacht, zie ik het. Daar zit een oudere versie van mijn maatje. De versie die hij zelf nooit zal worden. Natuurlijk, wel anders, maar toch. Die houding, de haren, de lach. Maar vooral, de handen. Ze hebben echt allebei dezelfde handen. Het komt behoorlijk  binnen. En ik was er helemaal niet op beducht. Ik moet even op mijn wangen bijten om de tranen binnen te houden. Ik denk dat ze ervan zouden schrikken, als ik daar ineens in huilen uit zou barsten. Het zou de gezellige middag toch een heel ander eind geven. Op de terugweg in de auto laat ik ze maar gewoon stromen. Stef begrijpt er niet veel van, hij heeft heerlijk gesnoept en het prima naar zijn zin gehad. Ik ook wel hoor, zeker, ik ga heel snel weer een keer terug. Maar dan wel beter voorbereid.     

Machteld
5 2

Er staat iets te gebeuren

Het vrouwtje heeft een bench gekocht. Maar mooi dat hij daar niet in gaat, stel je voor. Toen hij klein was ja, toen moest hij er af en toe in. In het begin sliep hij daar ook, tegen zijn knuffel aan. Maar later mocht hij gewoon op de bank en nu slaapt hij al weer een tijdje naast het vrouwtje. Op zijn zachte dekentje. Echt niet dat hij straks weer in zijn uppie in zo’n kooi gaat slapen. Het is ook best een kleine bench, dat wel. En ze heeft ook hele kleine hondenspulletjes meegebracht. Zo’n riempje waar een volwassen hond zich voor zou schamen. Met kleurtjes en heel dun.  Ze heeft het laatste tijd ook wel eens over Kaatje. Hij weet niet wie dat is maar het vrouwtje schijnt er heel blij van te worden. Dat is natuurlijk wel fijn, hij gunt dat het vrouwtje wel. Natuurlijk blijft hij altijd haar grote vriend, dat weet hij zeker. Dat zegt ze ook, trouwens. Maar misschien heeft ze wel een nieuwe vriendin, wie weet. Laatst was ze er ook naar toe gegaan, zelfs haar zus was mee geweest. Dat moet toch wel iets bijzonders zijn. Het is een rare situatie. Een bench, bakjes, riempjes, speeltjes. Het lijkt er bijna op dat er een nieuw kameraadje bij hun komt wonen. En Kaatje, dat is toch wel een meisjesnaam. Hmm, hij weet niet precies wat hij er van moet vinden. Aan de ene kant is het wel leuk, een kameraadje om mee te spelen en lekker mee te rennen. Maar aan de andere kant, het kan ook wel zo’n jonge spring-in-het-veld zijn die hem geen rust gunt. Of zou het vrouwtje misschien daarom die bench hebben gekocht. Zodat die nieuwe even een dutje moet gaan doen zodat hij even rust heeft.  Ach, het vrouwtje zal het wel goed weten. En ze zal best heel goed voor hem zorgen. Tenslotte zijn ze al zo lang samen. Maar het is wel een leuk vooruitzicht, nieuw leven in de brouwerij. En hij gaat goed voor zijn vrouwtjes zorgen, daar kun je van op aan.    

Machteld
5 0

Pakketbezorgers

Ik ben een groot fan van online shopping. Ik weet het, de plaatselijke middenstand en zo, maar voor iemand die 40 uur werkt is het heel praktisch als je bepaalde zaken gewoon met een druk op de knop kunt bestellen. En dat je dan je weekend kunt besteden aan echt leuke dingen. Ik ben niet iemand die broeken in drie maten bestelt om er dan weer twee terug te sturen, dat niet. Ik probeer de bezorgbewegingen toch wel tot een minimum te beperken.  Maar toch staan bij mij regelmatig pakjesbezorgers aan de deur. Overdag, als ik thuis werk, maar ook ’s avonds. En eerlijk is eerlijk, ik weet niet precies wanneer wat wordt bezorgd dus als ’s avonds in het donker de bel gaat, zorg ik altijd dat Stef met me meegaat naar de voordeur. De arme hond is volkomen onschuldig maar dat weten de bellers niet. Het is toch een zwarte Stafford die hen begroet. Het bordje dat vertelt hoeveel postbodes, hoeveel inbrekers en hoeveel katten hij al verjaagd heeft, helpt daar natuurlijk ook aan mee. Het is met een knipoog maar sommige mensen schijnen toch te denken dat er een ondertoon van ernst zit onder iedere gemaakte grap. Het is ook niet moeilijk om Stef mee te krijgen naar de voordeur. Zodra de bel gaat, staat hij al klaar. Hij verwacht vriendelijke mensen en vriendelijke mensen hebben altijd snoepjes bij zich. Het is lastiger om hem te beletten mee te gaan dan om zijn hulp in te roepen. Pakjesbezorgers die al wat langer rondrijden in onze wijk, kennen Stef inmiddels. En afhankelijk van hun eigen voorkeur wordt Stef vriendelijk begroet of ontweken. Stef maakt het niet uit, hij blijft enthousiast. Laatst stond er echter iemand voor de deur die duidelijk nog nooit kennis had gemaakt met mijn enthousiaste vriendje. Ik deed de deur open en Stef schoot achter me vandaan naar buiten. De man schrok verschrikkelijk en gooide me het pakje toe. Ik kon het nog net vangen. Daarna trok hij een sprintje naar zijn bus. Misschien vanuit zijn oogpunt gezien wel logisch maar niet heel verstandig. Want Stef vond het wel een leuk spelletje en sjeesde er achteraan. Arme man, hij wist echt niet hoe snel hij achter het stuur moest kruipen en de deur dicht moest gooien. Teleurgesteld droop Stef af en kwam terug toen ik hem riep. Wat was dat nou? Hij wilde toch alleen maar spelen. Ik kreeg ook niet de gelegenheid om het uit te leggen want de man keek stug vooruit en gaf gas.  Ik vrees dat deze man mijn pakjes voortaan tegen de voordeur zet, aanbelt en maakt dat hij wegkomt. Toch, Stef bedoelt het echt heel goed. Maar ik blijf hem wel meenemen naar de voordeur. Tenslotte kun je nooit weten.            

Machteld
6 1

Kerkklokken

Ik woon in een dorp, ik heb het al eens eerder verteld. En dan bedoel ik ook echt in een dorp, met dorpse waarden en tradities. We hebben een supermarkt, zelfs twee, maar verder moet je niet veel eisen stellen. Ik vind het heerlijk. Als ik drukte wil, ga ik naar een stad en als ik rust wil, ga ik naar huis. Natuurlijk zijn er ook nadelen, dat weet je van tevoren. Als je dat niet wilt, moet je niet in een dorp gaan wonen. Er wordt meer gelet op wat iedereen doet en, zoals overal, hebben mensen daar ook een mening over. Toch is het dorp niet helemaal ouderwets. We hebben zelfs een buurt-app. Ik plaats nooit een bericht maar het is wel handig om op de hoogte te blijven. En om je soms te verbazen over zaken waar mensen zich druk over kunnen maken. Ik lees graag mee. Zo ook pas geleden. Van oudsher zijn er in mijn dorp drie kernen, met uiteraard in iedere kern een kerk. Ik woon vlak bij die kerk. En die kerk heeft een welluidende klok die om het half uur slaat. En de kerkgangers verwittigt als er een dienst aanstaande is. Op zondag om tien voor half tien en bij belangrijke gebeurtenissen soms al wel een kwartier vooraf. Meestal hoor ik het niet eens meer. Je raakt eraan gewend. Maar de nieuwe bewoner van het voormalige domineeshuis had er toch wat meer moeite mee. En plaatste een bericht in de buurt-app. Hij vroeg of er meer mensen last hadden van de klok. Zijn nachtrust met name werd er ernstig door verstoord. En als hij voldoende medestanders had, kon hij wellicht een verzoek indienen om het slaan van de kerkklok te laten stoppen. Ik moest al lachen toen ik het bericht las. Oeps, dat ging reacties opleveren. En ja hoor, de hele buurt viel over hem heen. Iemand vertelde hem fijntjes dat hij daar eerder over na had moeten denken. Je moet ook niet naast een luchthaven gaan wonen als je geen vliegtuigen wilde horen. Het werd een hele discussie. Zelfs de minaretten van een moskee werden erbij gehaald. Arme man, ik denk dat hij al lang spijt had van zijn actie. De enige medestander die hij had, verwijderde snel zijn bericht toen hij zag wat de buurtgenoten er van vonden. De algemene conclusie was dat het een van de charmes van het dorp waren en dat hij niet moest zeuren. Ik ken de man in kwestie niet, maar ik denk niet dat hij vrienden heeft gemaakt. Het zal me niet verbazen als het huis binnenkort weer op de markt komt. 

Machteld
10 1

Pyjamadag

Het is toch verschrikkelijk, het lijkt wel of het nooit meer mooi weer wordt. Hij vindt er echt weinig aan. Iedere dag weer die regen. En dan ook gewoon de hele dag hè, niet dat er even een bui valt en dat je dan weer naar buiten kunt, maar echt constant regen. Hij kan niet eens met droge voeten door de tuin lopen. De fontein stroomt over en de paadjes staan gewoon blank. De plassen zijn volgens hem wel vijf centimeter diep. Het vrouwtje moppert er ook op, “je staat bijna tot je enkels in het water”. En het lijkt ook wel of het de hele dag niet echt licht wordt.  Wel fijn dat hij in ieder geval droog kan plassen en poepen. Hij weet het wel, het vrouwtje is niet heel gelukkig als hij zijn poot optilt tegen de tuintafel, maar onder de overkapping kan hij tenminste even rustig staan. Hij zorgt er netjes voor dat zijn poepjes een beetje aan de rand liggen. Eén keer had het vrouwtje er bijna ingetrapt toen ze in het donker naar de container moest. Gelukkig kon ze het ontwijken maar hij had toch wel behoorlijk op zijn kop gehad. Dus daar hield hij nu maar rekening mee. Want stel je voor dat het niet meer mag. Nee, het is echt geen feest, buiten. Normaal als het vrouwtje haar jas aan doet, gaat hij eens kijken of hij niet mee kan. Maar nu blijft hij maar stilletjes op de bank liggen. In de hoop dat ze niet bedenkt dat hij mee uit moet. Laatst kwam een vriend van het vrouwtje toen ze zelf niet thuis was. Dat is altijd supergezellig. Alleen had die nu bedacht dat ze een rondje gingen lopen. Het was net even droog. Ja, er viel geen regen uit de lucht inderdaad. Maar de bermen waren een grote sopzooi. Bah, bah, hij kreeg modder tussen zijn tenen, het was glad en het was ook koud. Hij had een paar keer verwijtend omgekeken maar ze waren gewoon doorgelopen. Het viel hem echt een beetje tegen. Gelukkig kreeg hij thuis snoepjes, dat maakte het weer een beetje goed.  Het is te hopen dat het snel weer beter wordt. Dat hij weer lekker op zijn zonneplekje tegen het tuinhuisje kan gaan liggen. En tot die tijd doet hij hetzelfde als het vrouwtje af en toe op zondag. Hij houdt pyjamadag. Maar dan lekker door de week.    

Machteld
13 1

Opgeruimd

Hoe gezellig ik het ook vind in huis, ik kan niet wachten om de kerstspullen weer op te ruimen en naar zolder te brengen als de feestdagen voorbij zijn. Opruimen, heerlijk. Over tot de orde van de dag.  Want waar ik nooit bij stil heb gestaan, is hoe die stomme kerstreclames binnen kunnen komen. Al die supermarkten die je vertellen dat je gezellig samen met je geliefden moet eten met kerst. Dit jaar was er zelfs een reclame die riep “liefste ik kan je niet missen”. Het klinkt als een hele foute smartlap maar toch voelt het weer als een tik. Daar kunnen die mensen niks aan doen hoor, ik heb er zelf ook nooit bij nagedacht. Maar je wordt iedere keer weer met je neus op de feiten gedrukt. En er is geen ontkomen aan, je kunt geen zender kiezen of ze komen voorbij. Op de radio is het zo mogelijk nog erger, overal schallen de kerstliedjes door de ether. Driving home for Christmas, huhuh. Nee, het is prima zo. Nog even alle nieuwjaarsrecepties doorstaan en dan kunnen we weer verder. Het lijkt zelfs of de dagen dan zichtbaar weer wat langer worden. Maar dat kan natuurlijk ook idee zijn. Of wishful thinking, wie weet. Het maakt me niks uit. Ze worden in ieder geval niet korter. Een nieuw jaar, nieuwe ervaringen en nieuwe herinneringen.  Goede voornemens heb ik ook dit jaar weer niet gemaakt. Ik moet dan altijd denken aan de Loesje-spreuk, “Begon de dag met tien goede voornemens. Ze zijn nu al op.” Ik denk dat ik het komende jaar ga wennen aan dingen doen zonder daarbij af te stemmen. Toen ik met mijn maatje was, deden we dingen samen. En dan hou je toch rekening met de ander. Dat gaf niet, dat was fijn, dat zou ik heel graag nog willen doen, maar nu is dat niet meer. Afgelopen jaar ben ik geloof ik meer bezig geweest met overleven en proberen alles zo goed mogelijk op de rit te krijgen. Nu zie ik het jaar met wat meer vertrouwen tegemoet. Oh zeker, er zullen moeilijke momenten genoeg komen. Waarschijnlijk ook op momenten dat ik er niet op beducht ben. En dan zullen er ook best wel tranen zijn. Maar toch, ik denk wel dat ik het kan.                  

Machteld
12 0

Kerstfilms

Kerstfilms, heerlijk. Ik weet het, het is zoet, het is Hallmark en het is absoluut niet de werkelijkheid maar eens per jaar mag ik daar van mezelf ongegeneerd naar kijken. Een kerst zonder Scrooge is eigenlijk voor mij geen kerst. Het liefst kijk ik dan ook nog een beetje een oudere versie, waar de nostalgie vanaf druipt. Of natuurlijk de versie van de Muppets, maar dat is omdat ik een enorme fan ben van Waldorf en Statler.  Wat ook vaak voorbijkomt en waar ik dan toch ook weer naar kijk, is Love Actually. Hoe oud is die film inmiddels? Vast al wel twintig jaar. Maar het blijft leuk. Het is ook zo’n heerlijk vast format, jongen / meisje komen elkaar tegen, vinden elkaar leuk, krijgen ruzie (of worden op een andere manier uit elkaar gedreven) en op het einde van de film krijgen ze elkaar. Je zou denken dat we daar wel doorheen prikken maar nee, de bioscopen lopen nog altijd vol bij dit soort verhalen. De enige film waar ik dan wel weer allergisch voor ben, is Home Alone. Dat kan ik niet meer zien, dat is zo vreselijk uitgemolken. En zo vreselijk flauw. Die sla ik dan toch maar over. En dan is Kerst toch wel de uitgelezen periode om met dikke sokken en een dekentje naar deze romantische zoetigheid te kijken. Op zondag, als je niks te doen hebt en als het buiten dusdanig weer is dat zelfs Stef op de bank blijft liggen. En dan tegen het einde van de middag een glaasje port. Soms heb je helemaal niet veel nodig om het goed te hebben. Je moet er alleen niet te vroeg mee beginnen, dan gaat het op een gegeven moment ook tegenstaan. Net als de kerstliedjes op de radio, dat is ook alleen maar leuk op de kerstdagen zelf.  Ik heb nog niet gekeken wat er geprogrammeerd staat. Vast wel een of andere uitvoering van Scrooge. En wat dingen die de zakken van meneer Disney weer spekken. Ach, het is maar eens per jaar. Voor je het weet is het alweer januari.    

Machteld
3 0

Donkere dagen

Zelfs Stef is ‘s morgens niet “uit bed” te krijgen. En ik heb er toch ook wel last van hoor. De wekker loopt af en ik denk “jakkes, het is nog helemaal donker buiten.”  Het ergste is het in het weekend. Dan vindt Stef tegen half 8 toch wel dat het tijd is om naar beneden te komen. Hij roffelt de trap op en af en springt op bed om er voor te zorgen dat ik toch wel begrijp dat het tijd wordt voor zijn brokjes. Natuurlijk is hij niet de baas en rek ik het, toch zeker wel tot half 9, maar dan kan ik ook niet meer blijven liggen. Dus, joggingbroek, dikke trui, dikke sokken, heel charmant, en dan naar beneden. Eerst het belangrijkste, brokken voor Stef. En dan koffie en ontbijt voor mezelf. En daar zit je dan, nog half in het donker. Ik zal zo blij zijn als het 21 december is. Dat is toch wel een van mijn meest favoriete dagen. Waarom? Nou, dat is de dag van de Winterwende, dan worden de dagen weer langer. Ik ben niet de enige hierin, al duizenden jaren vieren we deze gebeurtenis op ons halfrond. Het bepaalt het moment waarop het licht na een periode van duisternis en verwijdering weer rechtsomkeert maakt. Zelfs de katholieke kerk, vindingrijk als zij is, heeft de Winterwende overgenomen en er kerstmis van gemaakt. Als kind vond ik de kerstvakantie de gezelligste die er was. De kerstboom stond in huis, dat rook lekker. We keken naar de oubollige kerstfilms op televisie en speelden Monopoly. Kinderen hebben ook geen last van kou, lijkt het wel. Nu moet ik zelf voor gezelligheid zorgen en dus heb ik een kerstboom gezet. Natuurlijk werd mijn creativiteit weer direct op waarde geschat en werd er goedmoedig gelachen om mijn poging. Hij blijft maar scheefzakken, ik moet toch nog eens kijken hoe ik dat kan fixen. Maar goed, de lichtjes branden. Ik laat ze ook de hele dag aan. Dan kom ik in ieder geval niet thuis in een donker huis. Stef ziet al die versieringen maar eens meewarig aan. De zingende kerstman die in de stoel zit, wordt door hem volledig genegeerd. Gewogen en te licht bevonden. Nee, Stef heeft na zijn ontbijt geen last van het donker. Als ik aan mijn koffie zit, kijkt hij me even aan, loopt naar de bank, krult zich in zijn deken en begint tevreden te snurken. Hij is een gezegende ziel.        

Machteld
12 0

Haast is niet handig

Ik weet het, als je haast hebt, loopt het meestal net even anders. Maar soms zit het ook gewoon zo maar even tegen. Of loopt een planning weer in de soep. Zo ook op een woensdag, even geleden. Het begon gewoon, wekker, opstaan, koffie, ontbijt, spullen. Hup, Stef in de auto en op pad. Oh ja, nog even langs de supermarkt, dan hoeft dat straks niet meer. Dat kon nog best. Stef bleef even op de achterbank en ik pakte snel wat ik moest hebben. Het was al best druk maar er waren twee kassa’s open dus ik zag zo geen probleem. Ik legde mijn spullen op de band en besefte al na een minuut dat ik weer eens in het verkeerde rijtje stond. Uiteraard, zou ik bijna zeggen. De oudere man die vooraan in de rij stond, probeerde te betalen met een kortingsbon. De QR-code op het verfrommelde kaartje gaf meedogenloos aan dat het originele tegoed al lang gebruikt was. De oude man naam daar geen genoegen mee, helaas. De kassière werd langzaam wanhopig. Maar de man bleef volhouden, net zo lang tot uiteindelijk de supermarktmanager ten tonele verscheen. Ik hupte van mijn ene voet op mijn andere en overwoog of ik niet naar de andere kassa zou verhuizen. Alleen, mijn spullen lagen al op de band en die van mijn achterbuurvrouw ook. De oude man koos na lang soebatten eindelijk eieren voor zijn geld en we schoven op. De man voor me had maar één artikel dus dat zou snel gaan. Tot hij ook een slof sigaretten moest hebben. “Die moet ik even uit het magazijn halen.” De kassière liep weg. En daar stonden we weer. Te huppen van de ene voet op de andere. Ik keek maar eens op mijn horloge. Toen ik eindelijk aan de beurt was, kon ik alleen maar zuchten van opluchting. Ik scande mijn app. En natuurlijk sloeg toen het noodlot weer toe en het systeem op tilt. “Misschien moet u de app even resetten.” Natuurlijk, maar toch echt niet daar ter plekke. Dan maar geen koopzegels. Ik griste mijn spullen bij elkaar en rende bijna naar de auto. Nog minus vijf minuten om op mijn werk te komen. Zag ik het nou goed? Of verbeeldde ik me dat Stef meewarig zat te grijnzen op de achterbank?    

Machteld
3 0

Het verkeerde gesnaaid

Stef is een meester in het laten van stiekeme scheten. Dan ligt hij heerlijk bij je, of onder je bureau, en dan ineens, poeh. Het snijdt werkelijk de adem af. Dat vindt Stef zelf ook, hij zoekt dan snel een ander plekje op. De viespeuk. Hij maakt er echt helemaal geen geluid bij. Het viel me dus op dat hij ineens hoorbare scheten liet. De lucht was hetzelfde maar er was nu geluid bij. Dat was raar. En hij ging steeds naar buiten terwijl hij ’s nachts normaal gesproken niet van het bed te schoppen is. Ook dat was bijzonder.  Toen ik de dag erna buiten kwam, snapte ik het. Ah, dat was niet normaal. Verder leek er niks aan de hand. De brokjes gingen vlot naar binnen en Stef dronk ook gewoon. Maar naarmate de dag vorderde, werd hij steeds slomer. Niet dat hij nog vaak naar buiten moest, ik hoefde nog maar een enkele keer een emmer water te gebruiken. Het arme beest keek me ook heel treurig aan. Hij kwam zelfs niet meer met goed fatsoen op de bank geklommen. Door zijn onhandigheid ging hij ook nog eens mank lopen. Omdat het toch mijn Stefke is, heb ik de dierenarts maar gebeld en konden we snel komen. Ik weet het, maar ik ga liever een keer voor niks. Deze dierenarts was heel resoluut. Stef ging op streng regiem. Ieder uur een beetje eten, geen snoepjes, geen extra’s, helemaal niks. En dan maar opbouwen. En als hij niet hoefde, het uur er na niets extra. Een heel klein muizenhapje. Want ik moest er wel rekening mee houden dat Stef al wat ouder is. En dat mank lopen, dat moest ik ook goed in de gaten houden. In verband met zijn leeftijd. Poeh, ik voelde me toch behoorlijk aangesproken. Want ik weet het wel, hij is niet meer piep, maar ik doe toch altijd maar net of hij nog een jonge hond is. Trouwens, dat doet hij zelf ook. De dag er na ging het al wat beter met het mannetje. Hij stond alweer naar zijn snoepjes te kijken en vond het heel oneerlijk dat hij niks kreeg. Ook het lopen ging weer normaal. Wel gingen alle plaids en kussenslopen waar hij op gelegen had in de was. Dat was beter. Tja, die leverworst was denk ik toch niet helemaal goed gevallen. Volgende keer beter uitkijken als hij iets bietst.    

Machteld
3 0

Afscheid van de Ardennen

Het was een weloverwogen beslissing, ik heb niet in een opwelling afscheid genomen van ons plekje in de Ardennen. Ik vond er gewoon niet meer wat het altijd betekend had. Het was een beslissing die door het jaar groeide. Ik ontdekte dat ik excuses aan het verzinnen was om niet naar de camping te hoeven. Dat is niet goed. Het gevoel van eenzaamheid dat ik daar had, werd alleen maar erger. Dus kwam de caravan te koop. Ach, wat was mijn maatje er trots op en blij mee geweest. Hij heeft dat gelukkig nog wel mee mogen maken. We zijn vorig jaar oktober ook nog vaak geweest. Het weer was mooi, de plek was weer prima, we hebben er heerlijke weekenden gehad. Maar nu is alles anders. En er kwam een koper. Die de caravan zelfs voor me ging ophalen in de Ardennen. Daar hoefde ik zelf helemaal niks aan te doen. Natuurlijk had ik er al wat zaken uitgehaald. Dingen die ik echt wilde bewaren. Maar verder kon ik alles achterlaten. Wat ik niet meer wilde, zou hij afvoeren. Ik was er echt heel blij mee. Het voelde ook als een geruststelling toen alles was geregeld. Ik had afscheid genomen op de camping, afgesproken om in ieder geval in het voorjaar weer terug te komen, om dan in het kasteel te slapen. De papierwinkel was geregeld, alle verantwoordelijkheid was voorbij. Als ik een auto met caravan zie rijden, denk ik alleen maar, pff, dat hoeft gelukkig niet meer.  En toch, ik heb er echt geen spijt van, het is goed zo, maar ik word bijna dagelijks herinnerd aan die plek. Als er een Frans liedje voorbij komt op de radio, als ik zie hoe de herfst de bladeren van de bomen kleurt, als ik de vochtige geur van vallend blad ruik. Het zal ook de tijd van het jaar wel zijn, dat het weer zo binnenkomt, maar ik heb het er eigenlijk best moeilijk mee. Nu is er weer een hoofdstuk definitief afgesloten. En er zijn heel veel mooie herinneringen, we waren daar altijd samen. Misschien dat dat ook de reden is dat ik het zo mis.          

Machteld
5 1

Te nieuwsgierig geweest

Hij was inmiddels wel kind aan huis, op het werk van het vrouwtje. De meeste mensen kenden hem nu wel en hij wist ook precies waar hij moest zijn als hij met de bal wilde spelen. Er kwamen regelmatig nieuwe mensen maar ook die waren prima om mee om te gaan. Natuurlijk mocht hij van het vrouwtje niet overal mee naar toe en mocht hij niemand voor de voeten lopen maar over het algemeen deed hij toch wel waar hij zelf zin in had. Dat was ook regelmatig tukken, want dat is nu eenmaal ook wel heel lekker, maar hij kon toch wel vaak op ontdekkingstocht. Laatst had hij zich alleen wel een beetje vergist. Het vrouwtje zat met een collega in een grote kamer en ze waren samen druk bezig met iets dat op het scherm stond. Hij had wel even gekeken en een dutje gedaan maar op een gegeven moment was hij toch maar eens verder gaan kijken. Er waren best veel mensen dus misschien had er wel iemand zin om met de bal te spelen. Eerst maar eens kijken waar zijn bal eigenlijk lag, dat wist hij niet precies. Toen hij over de gang liep, kwam hij een meneer tegen met een grote tas bij zich. Hmm, die had hij nog niet eerder gezien. De man liep hem voorbij, het leek of hij een beetje haast had, maar hij was er toch maar achteraan gelopen. De man ging dat rare hok binnen, waar het altijd zo warm was. Ze kwamen er niet zo vaak, je kon er ook niet werken. Hij keek eens rond, de man was bij de grote installatie bezig en had helemaal geen interesse in hem. Nou ja. Dan niet hoor, hij kon zichzelf ook wel vermaken. Er was genoeg te onderzoeken in dat hok. Alleen, de man had waarschijnlijk ook helemaal niet in de gaten gehad dat hij er nog was, want toen hij klaar was met zijn klus ging hij weg en deed gewoon de deur dicht. Zonder naar hem te kijken. Daar zat hij nu, opgesloten. En het vrouwtje wist niet waar hij was. Ai, dat was niet handig. Het was wel te hopen dat ze hem zou vinden want het was helemaal niet gezellig in het hok. Stel je voor dat ze hem niet vond en dan alleen naar huis zou gaan. Dan moest hij hier vannacht blijven. En hoe moest dat dan met zijn brokjes, en zijn varkensoor. Tjee, hij had zich toch wel in de nesten gewerkt. Hij werd er toch wel een beetje paniekerig van. Als hij nou eens bij de deur ging staan en ging roepen? Pff, gelukkig, de deur ging open en het vrouwtje keek hem aan. Ze was niet blij, dat zag hij wel. Maar hij kreeg gelukkig niet op zijn kop, waarschijnlijk was ze ook wel blij dat ze hem gevonden had. De rest van de middag was hij heel dicht bij haar gebleven. Volgende keer zou hij toch wat beter uitkijken, dat wist hij wel.  

Machteld
0 0

Gezelschap

Gezelschap is niet altijd een kwestie van vrije keuze. Een ziekenhuisopname is sowieso al niet iets waar mensen op zitten te wachten maar als je dan nog geconfronteerd wordt met het feit dat je met vier personen op een kamer komt te liggen, dan kun je in jezelf toch wel eens diep zuchten. Het overkwam een lieve vriendin van mij. In eerste instantie lag ze op een kamer alleen. Dat beviel eigenlijk prima. Zij is niet van het kaliber kletskous dus ze vond het niet erg dat ze naast de bezoekuren was teruggeworpen op haar boeken en haar iPad. Toen het, gelukkig, wat beter met haar ging, moest zij haar kamer afstaan aan een patiënt die net terugkwam van de IC. Tja, heel begrijpelijk natuurlijk, maar wel met een beetje schrik en beven. En ze trof het niet. Tegenover haar lag een dame die vanuit de hoek van de kamer het hele speelveld overheerste.  Als de Queen van Sheba zat ze rechtop in haar kussens en bemoeide zich overal mee. Ze ging met de zaalarts in discussie over de medicijnen van haar buurman, gaf de echtgenote van een vertrekkende patiënt goede adviezen mee en had overal een mening over. Het startte ’s ochtends vroeg en eindigde ’s avonds als het licht uit ging. Mijn vriendin probeerde zich stil te houden. Tenslotte wil je geen heisa op zo’n kamer. En zo’n mens verander je toch niet. Maar ze moest spreekwoordelijk gezien op haar handen zitten. Je vraagt je alleen af of het gebrek aan empathie of gebrek aan intelligentie is. Waarom bemoeit iemand zich overal mee. Ik kan me zo voorstellen dat haar bezoek zich af en toe wel geschaamd moest hebben. Ze wist zelfs iets te vertellen over de vele boeketten bloemen die mijn vriendin had gekregen. Terwijl haar eigen bloemen een beetje zieltogend over de rand van de vaas hingen. Op een avond kreeg de dame in kwestie een bananenshake. Dat soort drankjes zit normaal gesproken in een flesje waar je dan uit kunt drinken. Lekker praktisch, zeker in een ziekenhuis waar efficiency belangrijk is. Maar nee, daar was mevrouw niet van gediend. Zij riep de dame die de drankjes verzorgde terug. Zij wilde een beker, een rietje en ijsklontjes. Uiteraard. Tenslotte betaal je er genoeg voor. Waarop de verzorgende ad-rem reageerde, “gelukkig hebt u niet veel noten op uw zang”. Dat noemen ze gerechtigheid.        

Machteld
0 0

Tijd van het jaar

Toch zijn deze dagen wel lekker. Hij houdt er wel van om door de bladeren te banjeren. Gelukkig vindt het vrouwtje dat ook prima, zij loopt er vrolijk achteraan. Het is niet zo heel warm meer maar wel warm genoeg om lekker op pad te gaan. Als het maar niet regent. Daar heeft hij zo’n hekel aan. Als het vrouwtje dan naar hem kijkt om naar buiten te gaan, doet hij net of hij slaapt. Nat worden is echt niks, bah bah. Het ergste is nog als ze naar buiten gaan omdat het droog is en dat het dan onderweg gaat regenen. Dan draait hij zich echt gewoon om en neemt het vrouwtje mee terug naar huis. Pas nog, het vrouwtje zat steeds naar buiten te kijken of het eindelijk droog werd. Hij had er zelf een hard hoofd in. Dan loop je buiten en dan word je alsnog nat. Niks ervan. Hij deed maar alsof hij diep in slaap was. En het was gelukt, ze had hem “lekker laten tukken”. Gelukkig was het wel droog toen er behendigheidscursus was. Daar waren ze al lang niet meer geweest zeg. Hij vond het nog steeds geweldig. Hij merkte wel dat hij niet meer zo hard kon lopen als vroeger. Maar waarschijnlijk vond het vrouwtje dat niet zo erg. Ze kon hem nog steeds niet bijhouden maar nu hoefde hij niet meer zo heel lang te wachten voor ze eindelijk kwam met een snoepje. Hij stond dan netjes op de A-schutting of de Kattenloop tot ze kwam. En dan roetsj, weer verder. Ha, volgens hem was het vrouwtje net zo moe als hij als ze thuiskwamen. Ze had ook nog niet in de gaten gehad dat hij vol zand zat. Na al die regen was het veld natuurlijk behoorlijk modderig maar ze had hem niet schoongewreven in de garage. Gelukkig, want dat is geen feest hoor. Bovendien duurt het dan ook weer langer voor hij eten krijgt. Ze had het pas gemerkt toen hij op schoot was gekropen. Niet zo heel slim, de handdoek hing nu alweer klaar voor de volgende keer. Nou ja, niet op schoot gaan zitten is natuurlijk geen optie, dat is veel te gezellig. Dan maar schoon schrobben. Ze hebben het best weer een beetje gezellig, zo met zijn tweetjes.          

Machteld
5 0

Eigenwijs

Eigenwijze mensen heb je in soorten en maten. Ik behoor daar ook toe, ik geef het direct toe. Ik ben een eigenwijs mens. Mijn maatje kon zich daar af en toe behoorlijk aan ergeren, ik weet het namelijk vrij snel beter. Althans, dat denk ik dan. Mijn maatje bewees dan mijn ongelijk en ik moest toegeven. Waarna hij me goedmoedig uitlachte.  Maar als ik weer eens met een eigenwijze actie geconfronteerd word, dan komt de herinnering aan mijn schoonvader toch wel regelmatig bovendrijven. Mijn schoonvader, opa Willem, zoals mijn nichtjes hem noemden, was het prototype. Als je het woord ‘eigenwijs’ opzocht in de Dikke Van Dale, dan stond daar een foto van mijn schoonvader achter. Echt, onvoorstelbaar. Vaak ongehinderd door kennis van zaken belde hij de ene instantie na de andere. Daar waren wij dan gelukkig niet bij maar als hij vertelde wat hij allemaal gedaan had, zat ik toch wel met kromme tenen. En mijn maatje met plaatsvervangende schaamte. Hij was van het kaliber, wie tot tien kan tellen, kan de hele wereld bellen. En een vragend mens is maar even dom. Maar mijn schoonvader deed het toch wel vanuit respect. Hij had gewoon vragen en wilde graag een antwoord. Tegenwoordig zijn mensen eigenwijs omdat ze het beter weten dan een ander. En ook helemaal geen interesse hebben in de mening van een ander. Het internet en met name dan de social media helpen daar natuurlijk enorm in mee. Mensen denken niet meer zelf na, het staat op Facebook dus dan is het waar. Maar de algoritmen zijn zo ingesteld dat je alleen maar voorgeschoteld krijgt waar je ooit naar gezocht hebt. Hoe de andere kant van de medaille er uit ziet, dat blijft voor jou onzichtbaar. Een kritisch mens onderzoekt dan ook of er nog meer kanten aan de zaak zitten. Helaas lijkt de meerderheid van de medemens alleen geïnteresseerd in het geven van kritiek, en niet in het kritisch onderzoeken of je wel alle feiten kent. Lijkt, zeg ik daarbij, want ik krijg wel steeds meer het gevoel dat alleen de schreeuwers maar gezien (en gehoord) worden. De weldenkende mens met een genuanceerde mening wordt vaak ondergesneeuwd.  Ik hoop dat degenen die echt de beslissingen moeten nemen ook met die mensen in gesprek gaan. Als is het alleen maar om ook de andere geluiden te horen.  En het is op zich niet erg om eigenwijs te zijn, aan jaknikkers heeft niemand wat. Maar het moet wel allemaal een beetje in verhouding blijven.   

Machteld
0 0

Nieuwe vriendjes

Zou dat nou bij mensen ook zo gaan? Hij vraagt het zich af. Hij heeft eigenlijk de hele zomer zijn vriendinnen Luna en Yana al niet gezien. Hij heeft wel van het vrouwtje gehoord dat het goed met ze gaan, net als met Ozzy, maar toch. Soms zagen ze elkaar elke week, dan een tijd niet, maar nu is het al wel erg lang geleden. Toch raar, hoe dingen dan kunnen veranderen. Nou ja, ze zijn natuurlijk ook niet veel op de camping geweest, afgelopen jaar.  Toch heeft hij zich niet verveeld. Het vrouwtje heeft wel veel dingen ondernomen waar hij mee naar toe mocht. Als ze naar haar zus gaat, moet hij zelfs mee. Dat is geen straf hoor, daar krijgt hij zoveel lekkere dingen dat hij soms de dag er na een beetje pijn in zijn buik heeft. En hij mag natuurlijk iedere week een dagje mee gaan werken. Nou ja, het vrouwtje werkt en hij doet zijn best de andere mensen van het werk te houden. Dat lukt niet bij iedereen, moet hij zeggen. Soms moet hij van het vrouwtje ook wel netjes op zijn dekentje gaan liggen. Dat doet hij dan maar, stel je voor dat hij straks niet meer mee mag. Dan krijgt hij nooit meer de gelegenheid om bij die rare dieren met die bulten op hun rug te gaan kijken. Niet dat hij erbij in de buurt komt, daar zijn ze veel te groot voor. Maar het is wel grappig om te doen alsof. En hij is nu al een paar keer bij Rakker geweest. Dat is ook wel een vrolijke. Die komt uit het buitenland, hoorde hij. Geen idee wat dat is, hij is gewoon een hond net als alle andere die hij kent. Als ze samen gaan wandelen, mag hij wel vaker los dan Rakker. Diens baasje is er niet zo heel gerust op. Rakker schijnt nog wel eens weg te lopen. Daar ziet hij zelf het nut niet zo van in. Als ze na een wandeling thuiskomen, krijgt hij altijd een snoepje. En dat gaat hij natuurlijk niet in de waagschaal stellen. Maar als Rakker dan los mag, kunnen ze wel lekker samen rennen. Dat gaat heel goed. Het baasje van Rakker heeft ook altijd gedroogde kippenknaagjes bij zich. Errug lekker!  Dus het is niet dat hij niet benieuwd is, naar Yana en Luna, maar hij heeft het toch wel naar zijn zin. Zo gaat dat soms, kameraadjes gaan en komen. En zo lang hij steeds met het vrouwtje mee mag, hoor je hem niet klagen.    

Machteld
0 0

Armoede

Als mijn maatje en ik in de Ardennen waren, deden we bij voorkeur alles samen. En dan ook het liefst in gezelschap van kleine Stef. Dus als we niet veel boodschappen nodig hadden, liepen we naar de supermarkt waar mijn maatje dan even buiten wachtte. Want Stef zou het wel graag willen maar hij mag toch echt niet binnen in de Carrefour. Ik weet nog dat het een keer heel warm was. Ik hoefde alleen maar bij de slager te zijn, mijn maatje ging even lekker in het zonnetje zitten. Er was geen bankje voorhanden maar ach, hij kon best even op de grond zitten. Stef ernaast, geen probleem. Waar hij niet op had gerekend, was op een hele vriendelijke mevrouw die blijkbaar een beetje medelijden met hem had en hem een flesje water gaf. En mijn maatje kende echt niet genoeg Franse woorden om de dame uit te leggen dat hij niet dakloos was maar dat hij even op zijn vrouw zat te wachten. Dat zijn afgeknipte spijkerbroek gewoon zijn camping-outfit was. Wat heb ik gelachen toen hij het me vertelde. Zelf vond hij het wel een beetje gênant. Vooral omdat het zo’n lief gebaar was. Dakloos. Dat is iets voor grote steden. Waar het Leger des Heils een opvangcentrum heeft. En waar mensen niet op elkaar letten. Niet voor kleine dorpjes in Brabant. Althans, dat heb ik in mijn naïviteit toch altijd gedacht. Tot mijn moeder vertelde dat er wel eens iemand sliep bij de postbussen van haar appartementengebouw. De man in kwestie kon niet binnen, dat kan alleen met een sleutel, maar ze vond het toch geen fijn idee. En tot ik in het centrum van het dorp waar ik woon, iemand zal liggen op een betonnen bankje. Het was warm en overdag, maar ik kon toch zien dat hij niet gewoon lag te zonnen. Want dan heb je geen bigshopper bij je die uitpuilt van kleding en spullen. Het was toch wel een wake-up momentje. Want er zijn dus blijkbaar meer mensen met woonproblemen dan ik dacht. En ook dichterbij dan ik dacht. En zeker nu, met de hoge energieprijzen en de hoge inflatie, hoor ik in mijn omgeving steeds meer mensen die zich zorgen maken. Want je wilt toch je kinderen te eten kunnen geven. En dat is nog maar het minste. Je wilt ook dat je bejaarde vader en moeder in een goed verwarmd huis kunnen wonen. En daarvoor ook de rekening kunnen betalen. Ik heb geen oplossing, zo arrogant ben ik niet, maar ik zou toch denken dat er in het bestuur van dit land knappe koppen zitten die goede maatregelen kunnen bedenken. En dan het liefst ook nog vóór de winter. En niet als veel mensen al maanden kou hebben geleden. Want in een welvarend land als Nederland zou toch niemand in de kou mogen staan.  Ik kan me ook niet aan de indruk onttrekken dat er mensen enorm rijk aan het worden zijn door deze crisis. Een soort Sywert van Lienden’s maar dan van het gas. De tijd zal het leren. Mijn maatje schaamde zich omdat hij dacht dat hij werd aangezien voor iemand zonder huis. Hoe moet iemand die écht geen huis heeft zich dan wel niet voelen.    

Machteld
0 0

Einde van een tijdperk

Er valt  veel te zeggen voor en tegen een monarchie. Waarom wordt iemand koning van een land, alleen omdat hij in een bepaalde familie is geboren. President kan in principe iedereen worden. Maar moet je dat willen? Zorgt een monarchie niet meer voor stabiliteit in een land? Tenslotte wordt er om de vier jaar al een nieuwe regering gekozen, met alle wisselingen en strubbelingen van dien. Tegenstanders zeggen dat het koningshuis alleen maar geld kost, geld dat door de belastingbetaler bijeen wordt gebracht. Maar een president kost ook veel geld. Als ik alleen al hoor hoe in Amerika het Witte Huis iedere vier jaar helemaal opnieuw wordt ingericht. De nieuwe First Lady wil natuurlijk niet wonen in de afdankertjes van haar voorgangster. Er schijnen miljoenen aan gespendeerd te worden. Normaal gesproken sta ik er ook niet zo bij stil. Alleen, niemand kan natuurlijk om het nieuws heen dat Queen Elizabeth is overleden. Zij was toch wel echt een icoon. Als iemand het koningschap beheerste, dan was zij het wel. Oh, zeker, geldzorgen heeft ze nooit gehad en ze heeft waarschijnlijk ook nooit een stofdoek of dweil in haar handen gehad. Maar ik zou toch echt niet met haar hebben willen ruilen. Want ze heeft toch haar hele leven wel in een glazen huisje geleefd. Hoe groot dat huis ook was. En zij niet alleen, haar man heeft het toch ook niet makkelijk gehad. Zeker in de tijd dat zij elkaar leerden kennen, was het helemaal niet gewoon dat de man in de schaduw van de vrouw stond. Daar kunnen wij nu heel veel van vinden, maar het was toen maar heel normaal dat de man de beslissingen nam.  En stel je voor, dat je koningin moet worden, alleen maar omdat je toevallig in dat gezin bent geboren. En dat je je hele leven moet uitkijken voor hielenlikkers en jaknikkers. Dat je niet weet of mensen je echt aardig vinden of doen alsof. Omdat ze daar zelf beter van willen worden.  Queen Elizabeth heeft haar taak heel lang gedragen. Daar kun je alleen maar respect voor hebben. En ik verwacht dat Engeland haar een groots afscheid zal geven. We zullen er ongetwijfeld nog veel over horen en voorbij zien komen. Als fan van Paddington, kan ik het daarom niet laten om een van de geweldige tekeningen van Eleanor Tomlinson te delen. Het is het beeld van een einde van een tijdperk.      

Machteld
4 0

Ernstig in gebreke

Soms loopt een planning niet hoe je het jezelf had voorgesteld. Sterker nog, dat is eigenlijk een belangrijke eigenschap van de meeste planningen. Ze lopen nooit volgens plan. Daarom was ik niet in de gelegenheid om mijn bestelling van 100 varkensoren op te halen bij het DHL punt. Ach en wee. Want de dag ervoor had ik Stef het laatste exemplaar gegeven. Dus nu had hij niks. Nou ja, dacht ik, dan krijgt hij wel een extra snoepje. Die ene keer, dat zal zo erg wel niet zijn. Nou, dat was een misrekening. Om acht uur precies meldde Stef zich bij mijn stoel. Zijn horloge gaf het aan, het was tijd voor zijn oor. Hij ging vast bij de garagedeur staan. Maar ja, wat je niet hebt, kun je niet geven, dus ik bleef maar zitten. Dat was niet helemaal de bedoeling. Hij kwam maar eens kijken waar ik bleef. De kleine snoepjes die ik hem gaf werden genadig aanvaard maar dat oor, dat was toch wel het doel.  Ik vertelde mijn bezoek natuurlijk over het drama en met zijn drieën kwamen we tot de conclusie dat het toch een bepaalde vorm van verwaarlozing was. Die arme Stef. Het was alsof hij in de gaten had dat hij werd uitgelachen, hij stond ons echt verwijtend aan te kijken. En dat bleef hij doen. Normaal kruipt hij na de begroeting en het opeten van de meegebrachte snoepjes tevreden op de bank maar nu niet. Hij bleef alert en in de buurt. Pas toen ze naar huis gingen, en hij bedacht dat hij nu echt geen oor meer zou krijgen, ging hij verongelijkt liggen. Nee, het vrouwtje kreeg geen knuffel, hij was toch zeker niet gek. Ondanks dat ik heel zeker weet dat Stef helemaal niks tekortkomt, dat hij zelfs een van de meest verwende hondjes van het oostelijk halfrond is, voelde ik me toch een beetje schuldig. En ik legde een briefje neer, ik moest niet vergeten de oren op te halen. Toen ik de dag erna de enorme doos mee naar binnen bracht, stond die kleine stinkerd natuurlijk enthousiast te springen. Ik breng na het boodschappen doen altijd wat voor hem mee, maar nu had hij wel erg veel om te snoepen. En natuurlijk kreeg hij een oor, hij liep er immers één achter. Tevreden viel hij eropaan. Tot hij in de gaten kreeg dat ik bezig was met het uitpakken van de boodschappentassen. Het oor bleef eenzaam liggen en Stef kwam eens kijken of ik toch wel aan dat andere wekelijkse snoepje had gedacht. Wat een verwend ventje. Mijn moeder zei vroeger altijd, als ik liep te klagen dat ik honger had, “de kindjes in Afrika hebben honger....” Ik voel toch een variant op het thema opkomen.        

Machteld
9 0

Klussen

Ik ben nooit handig geweest. Als kind al niet, het vak handenarbeid was niet aan mij besteed. Andere kinderen knutselden de mooiste dingen in elkaar. Ik was al blij als het niet uit elkaar viel. Laat staan dat ik verwachtte dat het ergens op leek. Ook handwerken was een crime. In die tijd (lang geleden) kregen de meisjes nog handwerkles op de lagere school. Ik weet nog dat mijn zelfgehaakte pannenlappen volstrekt ongeschikt waren voor hun doel. Het lukte me maar niet om er een vierkant lapje van te maken. Daarom was ik heel gelukkig dat mijn maatje wel erg handig was. Hij vond het ook leuk om dingen te maken die het gemak vergrootten. Gelukkig was hij geen verbouwer, daar zou ik heel ongelukkig van zijn geworden. Ons huis was klaar en er werd alleen gerepareerd of verbouwd als het nodig was. Maar klusjes, ja, daar draaide hij zijn hand niet voor om.  Ik had dus in al die jaren ook nog nooit een hamer of boormachine in mijn handen gehad. Ik keek wel link uit. De buxusschaar die ik voor mijn verjaardag kreeg was op accu. Dan kon ik tenminste niet weer door het snoer heen snoeien. Mijn maatje lachte er altijd goedmoedig om, als ik weer eens stond te klunzen. Ieder zijn talent. Maar ja, nu loop ik toch wel eens tegen dingen aan. En natuurlijk, ik kan om hulp vragen en die krijg ik dan ook, maar soms vind ik dat ik het eerst zelf moet proberen. Want sommige dingen moet ik toch zelf ook kunnen. Iedereen kan dat, waarom ik dan niet. Maar ik moet zeggen, dat valt toch tegen. Ik zie mezelf dan staan. Met een plastic wieltje dat gebroken is. En waarvan ik heldhaftig denk “dat moet ik toch zelf kunnen lijmen”. Secondelijm heb ik. Dus een druppeltje lijm erop, even laten drogen, pinnetje erin. En blub, een klodder lijm op de vloer. Nee hè, als dat opdroogt krijg ik het er nooit meer af. Dus hup, op pad voor een stuk keukenrol.  En toen, echt als getroffen door de bliksem, stond ik stil. Want Stef had heel geïnteresseerd staan kijken wat ik aan het doen was. Ik kon nog net voorkomen dat hij de klodder lijm van de vloer af likte. Door met mijn hand het spul weg te vegen. En ja, daar stond ik, met mijn vingers aan elkaar gelijmd. Echt, dan kan ik mezelf zo’n sufferd voelen. Maar goed, gelukkig had ik die andere sufferd in huis gered van een groter debacle. En dat gaf dan toch wel weer voldoening. En het wieltje is er niet meer afgelopen. Ik leer het wel.    

Machteld
4 0

Kamperen

Het komt weer op televisie, het veel gewaardeerde programma dat voor veel mensen ook een guilty pleasure is, “We zijn er bijna”. Over de senioren die in een groepsreis door een bepaald land in Europa trekken. Ik moet zeggen, ik vind het ook altijd weer geweldig om naar te kijken. In de jaren dat mijn maatje en ik nog niet naar de Ardennen gingen maar diverse campings in Europa aandeden, zagen we ook regelmatig deze groepen kampeerders komen en gaan. Het begon natuurlijk al met de kwartiermakers, de reisleiders. Een kwiek echtpaar, zelfverzekerd, met een goed onderhouden kampeermiddel, vaak een grote caravan en een dito auto. Hij in een polo met de kraag omhoog, zij met een zijden sjaaltje. En natuurlijk gewapend met een enorme map. De plaatsen werden bekeken en ingedeeld en op het moment dat de volgzame groep arriveerde, was alles al tot in de puntjes voorbereid. En wij gingen dan stiekem kijken wat er op het grote whiteboard geschreven stond, dat prominent bij hun caravan was geplaatst. Als ze bij elkaar stonden, was er ook vaak een grote banner aanwezig met de naam van de caravanclub erop. De groep bestond meestal ook uit een aantal stereotypen. Je had de luidruchtige lolbroek, het timide echtpaar dat nog een beetje opkeek tegen de reisleider, de ongevraagd behulpzame. Alles was vertegenwoordigd. En mijn maatje en ik genoten. Vooral als het dan wat later op de avond werd en de mensen die met de grote jongens mee wilden doen wat te diep in het glaasje hadden gekeken en een aantal scheerlijnen over het hoofd zagen. Wat hen dan weer op een gefluisterde reprimande van het echtgenotes kwam te staan.  Na een paar dagen pakte het hele spul alles weer in en vertrok naar de volgende stop. Vooruitgegaan door het kwieke echtpaar en uitgezwaaid door mijn maatje en mij. Wat ons ook niet altijd in dank werd afgenomen, ik denk dat sommigen in de gaten hadden dat ze voor ons een bron van vermaak waren. Hoewel ik me best kan voorstellen dat het voor veel mensen heel fijn is om zo met een groep te reizen, moet ik er persoonlijk echt niet aan denken. Dat andere mensen uitmaken waar je staat en hoe je dagindeling er uit ziet. En dat je soms ook “een middag vrij” hebt. Hoezo, vrij, ik heb toch vakantie. Nee, onze kampeervakanties waren altijd zo relaxed mogelijk, we hielden zo min mogelijk rekening met het programma van anderen. Heerlijk. En dat we daar niet mee op televisie kwamen, ach, dat namen we dan maar voor lief.    

Machteld
0 0

Wat is het toch warm hè

Zo, het was echt warm zeg. Zijn favoriete ochtendplekje tegen het tuinhuisje was eigenlijk na een paar minuten al te warm. In het voorjaar kon hij daar al lekker in de zon liggen maar nu moest hij al snel weer terug naar binnen. Het vrouwtje lachte hem dan uit, hij zag het wel. Want dan ging hij in de hal voor de voordeur liggen, daar tochtte het altijd wel een beetje. Of op de koude tegelvloer aan de voorkant, daar kwam nooit zon, dat was wel lekker. Het vrouwtje ging niet pal in de zon zitten, dat vond ze veel te warm. Ze gingen tussen de middag ook niet heel ver lopen. En als hij eerlijk was, vond hij dat niet eens heel erg. Zelfs het gras was warm onder zijn voeten. Als hij met het vrouwtje naar kantoor ging, was dat wel een lekker dagje. Daar was het altijd fris. “Airco”, zei het vrouwtje. Geen idee wat ze bedoelde maar dan kon hij wel een dagje lekker bijslapen. Er waren nu toch niet zoveel mensen dus er werd weinig met de bal gespeeld. Dat ze niet naar de behendigheidsclub gingen vond hij wel weer vervelend. Ook al begreep hij het wel. Maar wat hij wel raar vond met dit weer, was dat veel mensen zoveel kleren uitdeden. Dan liepen ze gewoon met hun kale huid in de zon. Hij had tenminste nog haren om hem te beschermen maar mensen zijn gewoon bijna kaal. Dat kan toch niet fijn zijn. Stel je voor dat je vel verbrandt, dat moet toch zeer doen. Het was ook niet altijd heel fijn om naar te kijken. Hij was met het vrouwtje op een terrasje geweest en had gezien dat ook het vrouwtje zich verbaasd had. Sommige dingen kun je toch echt maar beter bedekken. Niet dat het vrouwtje er iets over zei, tenslotte mag iedereen doen wat hij zelf graag wil, maar sommige dingen zijn gewoon niet zo heel mooi om te zien. Het rook soms ook niet zo fris. Hij had daar geen last van maar het vrouwtje vond dat soms toch wel een beetje vervelend. Dat had hij wel gezien. Zelf vond hij dat niet erg maar ja, zijn voorkeur voor geuren was heel anders dan die van mensen.  Hij was benieuwd hoe lang het nog zou duren. Op zich was het wel fijn dat het niet regende. Bovendien liepen de mensen dan ook weer te mopperen. Ach, eigenlijk was het ook nooit goed. Helemaal, tenminste.        

Machteld
0 0

Paleis of kippenhok

Ik heb toch wel een voorliefde voor het bezoeken van grote landhuizen. De meeste huizen zijn ook gewoon opengesteld voor publiek omdat het voor de eigenaren niet te doen is om het onderhoud anders te bekostigen. De tijd dat alle boeren hun belasting bij hen aan de poort kwamen storten is al lang voorbij. En van een normaal salaris, hoe riant ook, is een schilderbeurtje voor zo’n pand echt niet te betalen. En dat geeft mij, samen met heel veel anderen, de gelegenheid om een binnen te kijken. Ik kan me bijna niet voorstellen dat je in zo’n huis woont. Mijn eigen huis is echt niet heel klein maar het is toch wel een kippenkooi vergeleken bij zo’n paleis. Mijn maatje zou er enorm ongelukkig van zijn geworden. Hij was heel gehecht aan zijn eigen plekje in het huis. Alles onder handbereik, samen met zijn vrouw en hond in één ruimte. Stel je voor dat hij iedere dag had moeten kiezen in welke kamer hij nu eens zou gaan zitten. Ik ben daar dan nog wel wat makkelijker in. Mijn droom is een eigen bibliotheek. Dat lijkt me nu echt het toppunt van luxe. Zo’n hoge kamer, vol boekenkasten tot aan het plafond, met een open haard. Daar twee stoelen bij en een laag tafeltje. Een comfortabele mand voor Stef. En natuurlijk een laddertje, om bij de hogere boekenplanken te komen. Heerlijk, de geur van boeken. Wat me wel opvalt, nu we pas in Engeland een paar van die huizen hebben bezocht, is dat de Nederlandse paleizen behoorlijk donker zijn ingericht. Sober, bijna Calvinistisch. Zou het dan toch in de volksaard zitten, niet te frivool, niet te uitbundig, wat moeten de buren wel denken. Jammer hoor, volgens mij heeft dat toch ook wel invloed op het humeur van de mensen. Nu zijn Nederlanders ook niet echt frivool te noemen, het een zal het ander wel in stand houden. Ach, uiteindelijk ben ik ook wel heel tevreden met mijn eigen huis. Tenslotte heb ik mijn boeken keurig opgeslagen in een e-reader. En dat laddertje, daar zou ik toch maar vanaf vallen.          

Machteld
0 0

Milieustraat

Sommige klussen waren gewoon niet mijn ding. Mijn maatje en ik hadden het daar niet eens over. Andersom was dat ook zo. Er waren klussen die ik deed, waar mijn maatje dan weer niks mee had. Een van de dingen die ik dus nog nooit gedaan had, was een bezoek brengen aan de milieustraat. Met een aanhangwagentje naar de stort, nee, dat stond nooit op mijn actielijstje. Opruimen, dat wel, dat kan ik als de beste. Soms zelfs tot ergernis van mijn maatje, die meer van het slag “wie wat bewaart, die heeft wat” was. Terwijl ik alles wat een jaar niet was gebruikt zonder gewetensbezwaren weg kon gooien. Opruimen, heerlijk, het geeft ruimte en rust in je hoofd. Inmiddels heb ik die rust heel hard nodig en ben ik dus begonnen met het opruimen van spullen die al jaren op zolder liggen en nooit meer worden gebruikt. Wat past, gooi ik in de grijze container. Ik huldig het standpunt dat als ik hem kan verplaatsen, de mannen van de gemeentereiniging dit ook kunnen en de container dus niet te zwaar is. En inderdaad, hij is iedere keer nog keurig geleegd. Wat niet past, tja, dat is natuurlijk een ander verhaal. Het moest er toch een keer van gaan komen. Dus, in mijn vakantieweek, besloot ik de stoute schoenen aan te trekken. Ik propte mijn auto vol, fijn dat hij nog behoorlijk groot is, en zette koers richting milieustraat. Ik was al van alle kanten gewaarschuwd. Ook mijn maatje vond het destijds geen feest, van nature eigenwijs als hij was, vond hij het niet prettig ‘rondgedirigeerd te worden’. Dus ik nam me voor mijn ‘ik ben blond-act’ uit de kast te halen. En braaf te doen wat me gezegd werd. En zo reed ik dus drie keer het terrein rond. Want wat ik dacht dat bij het grofvuil mocht, moest toch echt gesorteerd in andere bakken. De oude jassen die ik had meegenomen moesten in een afgesloten zak worden aangeleverd. Die ik dan ook weer bij het betaalpunt moest gaan halen want die had ik natuurlijk ook niet bij me. Maar uiteindelijk viel het eigenlijk best mee. Ik volgde de aanwijzingen en had nergens last van. Anders dan de mensen die vol haast het terrein op rijden met hun aanhangertje. Niet gewend met zo’n karretje te rijden en daarom veel ruimte nodig hebben. Want anders gaat het scharen en dan sta je nog meer voor schut. Ze kunnen de aanwijzingen niet opvolgen. Dan moeten ze immers achteruitrijden als ze weggaan. En dat, tja, dat is lastig. Je ziet het in hun ogen, ze willen zo snel mogelijk weg. Ik heb er met plezier naar gekeken. Arme mensen, meestal mannen, je ziet ze ongelukkig zijn. Nee, dan heb ik het er toch beter afgebracht, ik moet misschien wel meerdere keren rijden maar dat vind ik niet erg. Ik heb de horror van De Stort overwonnen.    

Machteld
0 0

Gemis

Gemis, het overvalt je, het zit in kleine dingen, het is een hele rare emotie. Ik mis mijn maatje zo. Het overkomt me zomaar. Je zou denken dat het getriggerd wordt door een liedje dat je hoort maar dat is het niet eens alleen. Ook het geluk van andere mensen kan me soms zo treffen. En niet dat ik jaloers ben op die mensen, absoluut niet, ik gun het hen van harte. Het maakt alleen voor mij mijn eigen verlies zo schrijnend. Ik had ook nooit verwacht dat dat zo fysiek pijn zou doen. Je kunt je daar niks bij voorstellen, dat is logisch, maar het doet echt gewoon zeer. De ene dag wat meer dan de andere, ook dat is iets dat zich niet laat sturen. Af en toe kan ik het wel verklaren. Dan heb ik weer beslissingen moeten nemen over dingen waar ik eigenlijk helemaal niet over na zou willen denken. Dingen die geregeld moeten worden “als je alleen bent”.  Gelukkig ben ik niet alleen, ik heb veel hulp, dat zeg ik vaker en dat blijf ik zeggen omdat ik daar heel dankbaar voor ben. En in gedachten vraag ik mijn maatje ook om raad. Wat zou hij vinden, hoe zou hij dingen doen. Het geeft troost, toch wel. Maar liever zou ik gewoon aan hem vragen “wat zullen we doen, wat vind jij?” En dat hij me dan aankijkt en we samen alle voors en tegens bekijken. Maar dat is niet meer. Dat is nooit meer. Ik wil niet iedere dag verdrietig zijn. Ik wil ook niet steeds mensen lastigvallen met mijn verdriet. Niet alleen voor andere mensen, ook voor mezelf. En dan raakt het me als collega’s me zien. Zien dat het even wat minder gaat en me daar de ruimte voor geven. Zou het ooit overgaan? Ik denk het eigenlijk niet. Niet dat ik misschien ooit wel weer geluk zal vinden, dat geloof ik vast wel. Maar het gemis van mijn maatje, nee, dat gaat nooit meer weg.    

Machteld
4 0

Ochtendmens

Ik ben geen langslaper, dat niet, het is niet dat ik tot eind van de ochtend in bed kan blijven. Maar soms is het toch wel lekker om nog even te blijven liggen. In het weekend, als er geen vroege dingen op het programma staan, nog even een half uurtje soezen. Soms zet ik de televisie even aan om naar een of ander suf ochtendprogramma te kijken. Of ik pak er mijn boek bij. Geen haast, alles op het gemak. Helaas heeft mijn trouwe viervoeter daar geen boodschap aan. Op een gegeven moment begint hij zich uitgebreid uit te rekken en worden de voeten gepoetst. Hij schuift daarbij steeds meer op in mijn richting. ’s Nachts slaapt hij keurig op zijn eigen plek maar als we allebei wakker zijn, vindt hij het belangrijk om wat meer ruimte in te nemen. Het liefst komt hij ook eens kijken of ik niet al van plan ben om op te staan. Want tja, het is al weer een hele tijd geleden dat hij heeft gegeten. En wat verse brokjes gaan er altijd wel in. Natuurlijk probeer ik het zo lang mogelijk te rekken. Eerst door hem te negeren, geconcentreerd in mijn boek te kijken of het televisieprogramma te volgen. Daarna, als Stef grover geschut in zet en probeert in mijn gezicht te likken, duw ik hem weg. “Ga weg joh, het is nog geen tijd.” Maar ja, het is een ongelijke strijd. Want Stef vindt het prachtig als ik hem opzij zet. Dat is voor hem een spelletje, hij gaat er nog net niet zijn bal voor halen. Hij springt en stoeit en staat met zijn staartje te zwiepen dat het een lust is.  En dus geef ik hem zijn zin. Niet dat ik dat erg vind, maar een beetje quasi mopperen mag dan wel. Kleren aan, slippers aan en naar beneden. Eerst de koffiemachine aan maar dan natuurlijk brokken en bonen. Stef heeft honger. De bak die ik voor zijn neus zet, is binnen een mum van tijd leeg. En dan gebeurt iedere keer weer hetzelfde. Ik zit beneden, wakker en aan de koffie. En Stef kijkt me trouwhartig aan. Ik weet gewoon wat hij denkt terwijl hij naar de bank loopt en zichzelf in elkaar krult; “ik weet niet wat jij gaat doen, maar ik ga lekker nog even tukken.” Tsssssss.      

Machteld
0 0

Handigheid

Als je zelf tegen de praktische zaken in huis aan loopt, wordt het toch wel duidelijk hoe handig je bent in dat soort dingen. Of, zoals in mijn geval, hoe onhandig. Laatst zat ik even lekker buiten. Alles klussen voor die dag gedaan, gegeten, Stef zijn brokjes op, glaasje wijn ingeschonken. Even rust. Het was ook niet meer zo warm dus Stef kwam zijn bal brengen om te gooien. Na twee keer goed mikken ging het natuurlijk de derde keer mis. Ik gooide tegen de stoel tegenover me en de bal stuiterde terug, recht tegen mijn glas waardoor de inhoud van (het natuurlijk volle) glas, zo in mijn schoot gekieperd werd. Echt, ik was drijfnat. En ik kon natuurlijk onder de douche en schone kleren aan. Want je gaat echt ranzig ruiken, van zo’n vol glas witte wijn. Ik kan er echt soms zo over foeteren, tegen mezelf. Dan sta ik weer te klunzen en ik zie het mezelf gewoon doen. Drie dingen vasthouden, wat niet lukt, en dan het verkeerde laten vallen. Het zijn nooit mijn sleutels die op de grond kletteren maar altijd iets dat kan beschadigen. Of in gruzels vallen, in het ergste geval. Of denken, ach, dat kan ik zelf wel even naar beneden brengen. En dan shocking klem zitten tussen de trapleuning en dat ding dat toch eigenlijk veel te zwaar bleek te zijn. Ik heb een week met twee enorme blauwe plekken op mijn knieën gelopen. En het is niet dat ik geen hulp heb hoor. Welnee, hulp genoeg, echt waar. Maar ik denk er niet altijd bij na, ik denk soms, ach, dat gaat best, dat kan ik makkelijk zelf. Pffff. Hetzelfde geldt voor twee dingen tegelijk doen. Naar boven lopen om iets te halen en dan denken, ach, laat ik dit maar even eerst doen. Om vervolgens beneden te staan zonder hetgeen ik boven wilde gaan halen. Mijn maatje zou er hoofdschuddend om moeten lachen. Hij was in die dingen een stuk praktischer en gestructureerder dan ik. Maar goed, zoals de vader van een goede vriend altijd zei, “wie zijn hoofd niet gebruikt, moet zijn benen gebruiken.” En ik heb andere kwaliteiten, denk ik.    

Machteld
4 0

Straatmuzikant

Heerlijk, in de vakantie door een klein stadje lopen dat je niet kent. Vooral in het buitenland, winkeltjes die je in Nederland niet ziet, leuke terrasjes, smalle straatjes. Vooral boekwinkeltjes kunnen altijd op mijn interesse rekenen. Tijdens de vakantie in Engeland ook, heerlijk. In de geboorteplaats van Shakespeare konden we natuurlijk niet om de boekwinkels heen. Niet dat het werk van Shakespeare voor mij te ontcijferen is, maar het is gewoon leuk om alles te bekijken en de sfeer te proeven. Gelukkig gaf de dame achter de kassa aan dat ook zij het oud-Engels van Shakespeare niet beheerst. Maar het boek met Insults en One-liners laat zich prima lezen. Beledigingen zijn immers simpel te begrijpen. Wat me wel opviel, was dat ook in Engeland verschillende mensen proberen hun geld te verdienen als straatmuzikant. Met wisselend succes, moet ik zeggen. Het meisje dat enthousiast gitaar speelde en uit volle borst stond te zingen, sloeg de plank redelijk mis. Ach, het arme kind, er werd ook niet heel veel geld in haar gitaarkist gegooid. Op zich wel te begrijpen, de kat die ze stond te villen maakte erg veel lawaai. Een eindje verderop stond een heus bandje. Muzikanten en een zangeres. Het nummer dat ze zong, raakte me. Dat doet muziek. Ze zong ook helder, dat was natuurlijk ook wel een voorwaarde. Een zingende kraai doet je naar je oren grijpen of brengt een vrolijke grijns op je gezicht. Een heldere stem kan een bepaalde snaar raken. Ach, ook dat hoorde er deze vakantie bij. Ik vraag me dan toch altijd af of een middagje zingen financieel nog wat zoden aan de dijk zet. Natuurlijk maakten we de, foute, grap dat zo’n straatmuzikant dan aan het einde van de dag in zijn Mercedes stapt en naar zijn penthouse vertrekt. Maar ik kan met toch niet voorstellen dat je er rijk van wordt. Dus dan moet je het wel erg graag doen, want sommige winkeliers zijn helemaal niet gediend van zo’n concert voor hun deur. Het is genieten, zo’n middag. Mensen kijken, rondslenteren en dan op een terras neerstrijken met, dit geval, thee en scones. Ik kan daar best aan wennen.    

Machteld
8 0
Tip

Kijk ons het eens gezellig hebben

Alleen op een terras zitten is veel minder leuk dan vroeger, toen ik met mijn maatje schaamteloos iedereen en alles om ons heen besprak. Niet te hard natuurlijk, dan zouden de mensen het horen, maar toch. Het is wennen maar het alternatief is om na iedere wandeling met Stef regelrecht naar huis te gaan. En dat het raar is, zit in je eigen hoofd. Dus ik schuif dan toch maar aan een tafeltje en kijk naar wat er om me heen gebeurt. De over het algemeen heel vriendelijke obers of serveersters brengen me een witbiertje en ik leun op mijn gemak achterover. Pasgeleden was het weer zo ver. Ik moest wat boodschappen doen en had Stef meegenomen. Die kleine man vindt het prachtig. Allemaal nieuwe geuren en heel veel nieuwe vriendjes om te bekijken. Er was nog één tafeltje in de zon dus ik schoof lekker aan. Het hippe jonge gezin achter me had toch echt het nakijken. Zij was direct geïrriteerd. Toen haar vriend, ik denk niet dat ze getrouwd waren, voorstelde in de schaduw te gaan zitten, gaf ze narrig antwoord. “Daar heb ik geen zin in.” Met een zucht duwde hij de kinderwagen verder. Dan maar niet. Achter me zaten twee dames. Ik schatte ze iets ouder dan ik. Maar dat kan natuurlijk ook mijn eigendunk zijn. Ze waren in ieder geval allebei vrijgezel, dat hoorde ik. Ze zaten het net iets te nadrukkelijk gezellig te hebben. “Wat doen we, nemen we een wijntje?” “Weet je, we doen het gewoon, kan ons het schelen.” “Welja, je hebt gelijk ook.” De ober werd gewenkt en de dames bestelden beiden een glas witte wijn en een tosti. Ik genoot. Even later werd het onderwerp mannen aangesneden. Ze waren beiden redelijk teleurgesteld in de liefde, ze hadden ook besloten dat een serieuze relatie er wat hen betreft niet meer in zat. Stel je voor. Mannen die blijk gaven van interesse werden honend afgewezen. Een van de dames was net verhuisd en had de pech naast een vrijgezelle buurman terecht te zijn gekomen. “Zelfs mijn dochter zei, mam, dat is echt helemaal niks voor jou.” Blijkbaar had de arme man getracht toenadering te zoeken. Poeh, ze had hem vakkundig afgepoeierd. Aan mijn lijf geen polonaise. Ik moest vreselijk lachen in mezelf. Ik denk niet dat de dames er erg in hadden hoe overdreven en ongeloofwaardig ze klonken. Maar ach, ik denk wel dat de afgewezen mannen eigenlijk goed af waren. En behoed voor een heleboel ergernis.          

Machteld
57 2

Ieder zijn mening

Heerlijk, waar mensen zich toch druk over kunnen maken. Je kunt geen krant openslaan of geen social media-site benaderen over iedereen valt over elkaar heen over Johan Derksen, VI, Angela de Jong en al de mensen die vanuit hun expertise daar een zogenaamd gefundeerde mening over hebben. Natuurlijk vaak weer, het blijft mijn stokpaardje, in het meest vreselijke Nederlands. Een voor mij onbekende maar duidelijke nieuwe ster aan het firmament is Yvonne Coldeweijer, een Youtuber die het heeft over juice. Ik ben een simpele ziel dus ik dacht in eerste instantie dat het weer zo’n vlogger was die je aan de meest verschrikkelijke drankjes wilde krijgen. Van die drankjes die een kleur hebben waarvan je denkt “dat kan nooit voor menselijke consumptie zijn”. Maar nee, juice is roddelpraat. Nou heeft mijn moeder mij geleerd dat je niet mag roddelen. Iedereen doet het wel eens, dat weet ik ook wel, maar mij geeft het toch altijd een beetje het gevoel van “ik doe iets dat fout is”. Toch heeft deze Yvonne het roddelen tot een ware kunst verheven. Ze schijnt ook wel eens scoops te hebben, poeh. Haar directe concullega’s runnen een YouTube-kanaal dat RoddelPraat heet. Ik weet niet of ik het mag zeggen, maar dan twijfel je toch een beetje aan de intelligentie van de presentatoren. Of ben ik nou gek. Nou ja, wellicht is er veel geld mee te verdienen. Want hoe was het ook weer, ‘geld dat stom is, maakt recht wat krom is’. Natuurlijk verraad ik nu ook weer mijn leeftijd maar ik blijf toch echt het gevoel hebben dat er iets aan de hand is met onze normen en waarden op dat gebied. Ik heb de YouTube kanalen zelf nog nooit bekeken. Maar ik moet eerlijk zeggen, ik heb ook nog nooit naar het programma Vandaag Inside gekeken. En als een talkshow gaat over de uitslag van het Songfestival, dan haak ik ook meestal af. Ieder zijn mening hoor, maar is er niks ernstigers in de wereld aan de hand dan de opgeblazen verhalen van Johan Derksen en de daaropvolgende over elkaar heen buitelende BN’ers (al dan niet zelfverklaard)? Het lijkt me toch van wel. En daarmee wil ik het probleem van ongewenst gedrag niet bagatelliseren, helemaal niet. Maar als we het op deze manier aanpakken, wordt het volgens mij een farce. En daar schiet niemand iets mee op.    

Machteld
3 0

Zelluf doen

Als kind al was ik van het kaliber “zelluf doen”. Als oudste van vier kinderen werd dat ook wel een beetje verwacht. Er waren in het drukke gezin altijd wel dingen die meer aandacht nodig hadden. Wat je zelf kon, dat moest je ook gewoon zelf doen. Dat zelfde gold voor klusjes in huis. Afdrogen moesten we bij toerbeurt, je kamer opruimen was iets wat heel normaal was. En regelmatig werden we om een boodschap gestuurd. Ook toen ik ouder werd, vond ik het lastig om hulp te vragen. Ik ging liever zelf op onderzoek uit en pas als ik er zelf echt niet uit kwam, dan ging ik eens aan de bel trekken. Maar dat was echt pas als ik vastliep en het niet meer zag. Nadat ik mijn maatje had leren kennen, bleef dit mijn manier van leven. Mijn maatje was nl. precies hetzelfde. Die vond het ook maar lastig om om hulp te vragen. Natuurlijk overlegden we samen, maar dat was toch anders. Hij was de handige van ons twee en ik was meer de administratieve. Dat vulde elkaar lekker aan. Dus wat we konden, deden we samen. Nu ik alleen ben achtergebleven, merk ik dat ik tegen hele basale dingen aan loop. Sommige dingen lukken best hoor, zo heb ik laatst helemaal zelf het water in de verwarmingsketel bijgevuld omdat ik ’s morgens onder de douche wilde stappen maar enkel koud water kreeg. Na een rondje schelden ben ik op onderzoek uitgegaan en heb het voor elkaar gekregen. Een kwartier later stond ik onder een warme douche. Apetrots op mezelf. Andere dingen lukken me helemaal niet zelf. En dat zijn helemaal geen praktische zaken. Natuurlijk, ik vraag advies over dingen waar ik geen verstand van heb, maar ik moet echt leren om ook om hulp te vragen als ik het een keer moeilijk heb. Als het alleen zijn even echt te veel wordt. Ik vind het moeilijk, ik wil mensen niet tot last zijn. Het is geen kwaad wil, ik moet het nog leren. Maar ik doe mijn best en ik denk dat het steeds beter gaat. Gelukkig zijn er ook lieve mensen die geduld met me hebben. Die ook snappen dat het niet allemaal vanzelf gaat. Dat ik wel wil, maar soms mezelf gewoon in de weg loop. Want tja, eigenwijs ben ik en zal ik, vrees ik, ook altijd wel blijven.

Machteld
14 0

Schilderen

Mijn maatje en ik riepen het al een tijdje, “we moeten echt laten schilderen hoor, in de woonkamer”. We waren (en ik ben) niet echt een klusser dus het werd eigenlijk keer op keer uitgesteld. Tot ik vorig najaar riep “en nu gaan we het echt plannen”. Door alle gebeurtenissen werd het (begrijpelijkerwijs) weer uitgesteld maar nu was het dan echt zo ver. De huiskamer zo ver als mogelijk leeg, alle planten, foto’s en andere kleine spullen naar boven of naar de garage, gordijnen er af. Pfff, het huis was ineens helemaal geen thuis meer. Stef vond het ook vreselijk, hij liep maar heen en weer en zou het liefste boven op mijn bed gekropen zijn. Jammer, maar dat ging toch even niet door. Dit was wel het moment voor mij om ook eens kritisch rond te kijken. Wat wil ik nog wel terug en waar ga ik afscheid van nemen. Ik hecht niet zo aan spullen maar mijn maatje was daar anders in. De lamp in de hoek bijvoorbeeld, ik ben er op uitgekeken maar mijn maatje vond hem nog altijd mooi. Wat doe ik er mee. Wegdoen voelt, hoe misplaatst ook, bijna als verraad. Hij moest weg voor de schilder dus ik maakte maar vast een foto, misschien kon hij toch op Marktplaats. Even later werd de beslissing voor me genomen toen ik de glazen kap liet vallen. In duizend stukjes. Tja. Toen alles van de muur was, werd toch wel duidelijk dat het echt nodig was. Een paar dagen tandjes bijten en dan is het leed weer geleden. Gelukkig ben ik ’s avonds overal welkom. Zo in een afgetakeld huis zitten is ook niet alles. Het lijkt wel of het dan niet warm te stoken is. En gek, ik voelde me er toch meer verloren dan normaal. Mijn veilige plek voelde even niet zo. Inmiddels is een hele vriendelijke en gemoedelijke schilder bezig. Uit zijn meegebrachte radio schalt de Nederlandstalige muziek. Of ik daar bezwaar tegen had? Welnee, helemaal niet. Bovendien ben ik veel te blij dat hij me komt helpen. Ik moet er niet aan denken dat ik dat allemaal zelf had moeten doen.    

Machteld
0 0
Tip

Weer naar de Ardennen

Het vrouwtje was een beetje nerveus, hij zag het. Ze was bezig met het verzamelen van spullen. Zelfs de krat uit de garage werd klaargezet. Wat raar, dat deed ze vroeger altijd als ze naar de camping gingen. Zou het? Hij zorgde dat hij niet in de weg liep, dat zou het vrouwtje nu niet leuk vinden. Maar hij bleef wel alert, want als het vrouwtje ging, ging hij toch zeker wel mee. Gelukkig zette ze inderdaad ook zijn spulletjes klaar. Hij durfde er nog niet zeker van te zijn, ze waren al zo lang niet meer op de camping geweest dat hij was gaan denken dat ze niet meer zou willen, zonder het baasje. Toen ze eenmaal onderweg waren, durfde hij het toch een beetje te hopen. Weer die hele lange weg, hij ging maar eens op zijn gemak slapen. Als hij straks wakker werd door een hobbelweg vol grind, dan wist hij het zeker. En ja, inderdaad, het zoeven hield op en de hobbel de bobbel begon. Hij ging er maar eens voor zitten, hopelijk waren zijn vriendinnen er ook. Hij had wel gehoord dat die ook een nieuw vriendje hadden, Ozzy. Maar ach, die zou hij wel aankunnen. Toch? Het vrouwtje parkeerde de auto en ze gingen inderdaad bij zijn vriendinnen kijken. Hij zag dat het vrouwtje er moeite mee had, ze moest even een traantje wegvegen. Ach, wel zielig hoor. Toen ze op het terrasje kwam en de mensen daar begroette, moest ze zelfs echt huilen. Waarschijnlijk omdat het baasje er nu niet bij was, dat moest het wel zijn. Ze hadden ook een ander plaatsje gekregen. Kleiner, niet meer langs de rivier maar wel met meer buren. En heel veel zon. Heel anders, maar ook wel fijn. Hij ging maar eens op pad, gelukkig waren er nog veel bekenden. Die kwamen het vrouwtje ook helpen om alles recht en goed te zetten. De auto werd leeggehaald en even later konden ze lekker zitten. Het werd toch een echt weerzien. Veel mensen kwamen aan het vrouwtje vragen hoe het met haar ging. Dat vond ze best fijn, dat zag hij wel. En ’s avonds gingen ze naar zijn vriendinnen en hun nieuwe vriendje. Uiteraard had hij die wel duidelijk gemaakt dat hij de baas was. Die Ozzy was wel groot en nog heel jong, maar uiteindelijk had hij het toch wel begrepen en was hij gaan liggen. Pfff, het had hem wel kruim gekost hoor, dat had hij ’s zondags toch wel moeten bezuren. Hij had er gewoon mank van gelopen. Maar ja, dat had hij er wel voor over gehad. Gelukkig had het vrouwtje het op zondag ook lekker rustig aangedaan. Ze had zitten lezen in de zon en hem niet gedwongen een hele wandeling te gaan maken. Ja, even naar het terrasje, maar dat was niet zo ver. Op de terugweg had hij weer lekker liggen slapen. Hij dacht wel dat ze nu wat vaker zouden gaan. Anders zou ze zijn kussen niet daar achtergelaten hebben. Hè, fijn, hij hield van de camping. Stiekem was hij toch ook wel trots op het vrouwtje. Want ze had het toch maar weer gedaan.    

Machteld
61 3

Mooie herinneringen

Mooie herinneringen zijn eigenlijk de herinneringen die je terug doen denken aan de kleine dingen. Die brengen een glimlach op je gezicht. Als de lente begon en de zonnestralen aan kracht wonnen, begon mijn maatje weer een beetje zichzelf te worden. Voor iemand die heel veel buiten werkte, was hij een zeldzame koukleum. Op zo’n dag kreeg ik dan een appje, “heerlijk op een muurtje met mijn rug in de zon, lekker een sigaretje roken”. Daar kon hij enorm van genieten. En ik van zijn berichtje. Of de dagen dat we aan het eind van de dag een mand met eten in de boot zetten en nog even een uurtje gingen vissen. Zomaar, een klein stukje varen vanuit ons haventje. Gewoon zitten, luisteren naar de natuur en kijken naar de zon die onderging. We hebben zelfs een keer gebarbecued op de boot op de avond dat Nederland een hele belangrijke voetbalwedstrijd moest spelen. We leken wel alleen op de wereld. Het water was helemaal van ons. Geen idee trouwens wat de uitslag van de wedstrijd was, dat was helemaal niet belangrijk. Ik merk dat deze kleine herinneringen zitten in de dingen die ik dagelijks tegenkom. Het maakt dat ik dan ook dagelijks terugdenk en glimlach. Een romanticus zou het een zoete pijn noemen. Die wordt afgewisseld met het scherpe weten van het gemis. Misschien komt het ooit tot een balans. Nu nog niet, dat is nog te vroeg. Mensen hebben het vaak over ‘de mooiste dag van hun leven’. Ik zou het niet weten. Mijn maatje ook niet, dat weet ik zeker. We hadden het er wel eens over. Maar er waren zo veel mooie dagen. Zo veel mooie herinneringen. En die waren helemaal niet groots en meeslepend. Het zijn de herinneringen van twee mensen die gewoon heel veel van elkaar hielden en graag bij elkaar waren. Oh, en natuurlijk, we waren het niet altijd eens. Er waren zeker dingen en onenigheden. Tenslotte waren we twee heel verschillende mensen. Maar dat lijkt nu allemaal zo onbelangrijk. Want Alfred Tennyson had gelijk toen hij zei; “it is better to have loved and lost than never to have loved at all.” Hoe schrijnend het ook is “to have lost”.      

Machteld
12 0

Wat echt belangrijk is..

Op vrijdag doe ik de wekelijkse boodschappen. Dat doe ik al zo lang als ik me kan herinneren. Eerst samen met mijn maatje. Later ging ik direct na mijn werk naar de supermarkt zodat het weekend kon beginnen als ik thuis was. Dan stond er een glaasje klaar als ik binnen kwam. Dat glaasje is nog steeds de start van het weekend, ook al moet ik het nu zelf inschenken. Stef volgt altijd met interesse de tassen die uit de auto komen. Er is ook altijd een tas voor hem bij, tenslotte eet hij een blik sperziebonen per dag. Ik vraag me nog altijd af wat de kassières denken als ik 7 blikken boontjes in mijn karretje heb staan. En eerlijk is eerlijk, meestal breng ik wel iets extra’s voor Stef mee. In de meeste supermarkten koop je 3 bakjes met worst of kaas voor 5 euro. En een bakje leverworst kan altijd wel mee. Natuurlijk, het is slecht, hij wordt er dik van en eigenlijk moet ik hem alleen hondensnoepjes geven maar ach, ik doe het ook een beetje voor mezelf. Ik kan er stiekem van genieten dat hij het zo lekker vindt. Laatst was het mooi weer op vrijdag. Dus, boodschappen opgeruimd, glaasje ingeschonken en even in de zon. Lekker. Gewoon even zitten voor het weer tijd was om te eten. Stef had gevolgd wat ik had gekocht en had gezien dat het bakje met plakjes worst op het aanrecht was blijven staan. In zijn ogen een goed ding. Dat ik het vervolgens daar liet staan was natuurlijk minder, misschien een vergissing? Hij probeerde me er in ieder geval wel attent op te maken. Strategisch geposteerd halverwege mij en de leverworst, stond hij me aan te kijken. Als hij mijn blik ving, draaide hij zijn kop richting aanrecht. Alsof hij wilde zeggen, hé, je bent echt iets vergeten. Het werd een spelletje, ik keek weg, dan naar Stef en dan richting de keuken. Arme hond, om hem zo te plagen. Nu is het wel zo dat hij moet weten dat hij niet de baas is, al zou hij dat graag willen, maar dat ik bepaal wanneer hij wat krijgt. Dus ik liet me niet dwingen en bleef lekker genieten van de warmte van de zon. ’s Avonds heeft hij zijn deel van de leverworst toch wel gekregen. In opperste aanbidding stond hij naast mijn stoel. Natuurlijk moet ik wel reëel blijven, die aanbidding gold deze keer echt niet mij.            

Machteld
15 1

Havermelk

Ik heb begrepen dat het tegenwoordig not done is om nog koemelk te drinken. Het is slecht voor het milieu, dieronvriendelijk en vooral, en dat is het belangrijkste, niet hip. Want de allerlaatste hype is tegenwoordig havermelk. Nou ben ik niet hip, verre van, maar wel erg nieuwsgierig. Havermelk, wat is dat nou weer. Een rondje internet leerde me het volgende; havermelk is een van de meest populaire zuivelvrije melkalternatieven die momenteel op de markt te verkrijgen is. Het is een notenvrij veganistisch melkalternatief. Het is ook erg milieuvriendelijk, het is niet alleen veganistisch maar het maken vereist minder water en andere middelen dan het maken van vergelijkbare notenmelk. Nou nou, eigenlijk schandalig dat ik het niet dagelijks drink. Dat ik me nog steeds te buiten ga aan koemelk. Volle koemelk zelfs nog wel. Ik heb nl. altijd geleerd dat je op het gebied van eten geen compromissen moet sluiten. Je eet het authentieke product (zo veel als mogelijk dan tenminste) of je eet het niet. De sojamelk die ik ooit eens per ongeluk had meegenomen, heb ik destijds ook griezelend door de gootsteen gegoten. Het zal aan mij liggen, maar ik vond het niet weg te krijgen. Maar goed, havermelk dus. Enorm hip onder de millennials die de vraag naar dit product zo hooghouden dat het op plaatsen al uitverkocht is. Het schijnt zelfs dat er paniek is uitgebroken omdat de door hen veel bezochte horecazaken moeite hebben om aan de melk te komen. “Ze raken geheel van hun melk”, zouden mijn Vlaamse kennissen zeggen. Dus gaan we op zoek naar alternatieven voor het alternatief. Ik zag het fenomeen erwtenmelk al voorbijkomen. Ieder zijn meug. Wat ik wel denk, is dat we dergelijke melk geen melk moeten noemen. Melk komt van een koe, notenmelk is geen melk. Maar dat heb ik ook met vegetarisch vlees. Vlees is van een dier, of je er nou voor bent of tegen om het op te eten. Vleesvervangers zijn prima, maar verzin er in vredesnaam een andere naam voor. En ik vraag ook af hoe de mensen in mijn dorp gaan reageren als ik op het terrasje om een latte met havermelk vraag. En ik vrees dat ze na de uitleg zeggen “oh, un bakske koffie meej melk”. En bij zichzelf denken, “zeg dat dan, dom mens”.          

Machteld
19 1

Samen met het vrouwtje

Sinds hij nog maar alleen is met het vrouwtje, moet hij wel wat beter op haar letten. Ook als ze naar haar werkplekje gaat, boven, gaat hij meestal toch wel mee. Dat vindt ze wel fijn, dat merkt hij wel. En natuurlijk is het voor hemzelf ook wel gezellig. Het vrouwtje heeft een vachtje neergelegd en er staat water voor hem. En wat ook wel gunstig is, ze heeft een doosje met snoepjes in de boekenkast gezet. Makkelijk, dan hoeft ze niet naar beneden te lopen. En dan denkt ze er ook eerder aan, dat is zeker. Hij mag nu ook vaker met haar mee. Dan gaan ze in de auto en neemt ze zelfs zijn dekentje mee. Dat wordt in de hoek gelegd en dan heeft hij daar zelfs zijn eigen plekje. Niet dat hij daar veel gebruik van maakt, er zijn veel te veel interessante dingen te ontdekken. Ook zijn er veel andere mensen. Maar die zijn heel aardig en willen meestal ook best even met hem spelen. Als het vrouwtje zijn bal mee heeft genomen, kunnen ze die mooi gebruiken in de lange gang. Hij heeft al wel in de gaten dat de meesten ook boterhammen of zo in hun tas meebrengen. Op zijn gemak maakt hij dan een rondje. Helaas mag dat niet van het vrouwtje en worden de tassen dan dichtgedaan. Hmm. Gelukkig valt er toch wel eens wat af bij sommigen, hij weet inmiddels precies bij wie hij dan moet zijn. Nee, over het algemeen een prima plek om zo de dag door te brengen. Het is ook wel prettig als ze de dag erna weer samen thuis zijn. Dan kan hij op zijn gemak slapen zonder dat hij wordt uitgelachen als hij snurkt. Hij hoort het wel hoor, dat ze het dan over hem hebben. Net of mensen zelf niet snurken, zo! En hij doet er niks aan, zijn neus is nu eenmaal niet langer. Gelukkig is hij nog geen mensen tegengekomen die aan de andere kant van de gang gaan lopen als hij ze wil begroeten. Dat gebeurt op straat nog wel eens. Heel vreemd. Hij heeft nog nooit lelijk gedaan tegen andere mensen. Het vrouwtje trekt hem dan wel mee, zij schijnt er wel begrip voor te hebben. Ach, mensen, soms zijn ze niet te begrijpen. Hij loopt dan maar netjes met het vrouwtje mee. Tenslotte wil hij haar niet voor schut zetten. Want ze moeten er toch maar het beste van maken, zo samen.

Machteld
0 0

Kleine overwinningen

Af en toe voel ik me toch een beetje schuldig richting Stef. Hij is nu natuurlijk toch wat meer alleen dan vroeger. Ik probeer hem zoveel mogelijk mee te nemen of thuis te werken maar ja. De AH is gek op hamsters maar ik kan me niet voorstellen dat ze een enthousiaste Stef ook zo enthousiast begroeten. Ik zie hem al snuffelend langs de rekken gaan. En dan lekker treuzelen bij de hondenvoeding. Nee, dat is geen goed idee. Dus als het in het weekend mooi weer is, trekken we er als het kan samen op uit. Met een groot wandelgebied dichtbij is dat ook niet heel veel moeite. Er is een grote losloop-route voor honden dus hij kan zich maar uitleven. Pas geleden ook, het was lekker weer dus hup, in de auto en op pad. We waren bepaald niet de enige. Ook bij de grote waterplas was het een drukte van belang. Er was een klein meisje met stokken aan het gooien. Haar eigen hond, althans ik denk dat het haar eigen hond was, rende vrolijk het water in en zwom naar de stok. Stef stond het eens aan te kijken en bedacht dat hij ook best achter die stok aan kon. Het meisje reageerde heel sportief en gooide gewoon twee stokken. En toen ze zag dat Stef niet zwom, gooide ze gewoon wat minder ver. We vervolgden de route en liepen richting het eindpunt, een restaurant met een behoorlijk terras. En toen ontstond de discussie in mijn hoofd. Want als mijn maatje en ik deze route liepen, eindigden we altijd met een Trappistenbiertje op het terras. Wat zou ik doen? “Ik ga een biertje drinken. Nee, ik ga naar huis. Maar het is wel mooi weer. Maar ik ben maar alleen. Ik doe het gewoon. Ik doe het niet.” Stef had nergens erg in, die rende de hele route gewoon in drievoud. Gezegende ziel. Toen ik even later bij het terras belandde, had ik mezelf overtuigd. Ik ging het doen. Eén drankje. Gewoon in mijn eentje. En dan naar huis. We moesten even wachten, Stef en ik, maar toen kregen we een tafeltje op een beschut plekje. En een witbiertje, dat was dan het compromis. Niemand keek me raar aan, niemand stelde vragen en ik werd ook niet in een hoekje gestopt of bij andere mensen gezet. Het viel best mee. En zo had ik weer een hobbel(tje) genomen. Ach, er zullen er nog wel veel volgen maar dit was er toch weer één. En ik was ondanks alles best trots op mezelf.    

Machteld
8 1

Terug naar de Ardennen

Na het afscheid van mijn maatje waren er ineens veel dingen waar ik een beslissing over moest nemen. Of ik wilde of niet. Eén daarvan was de caravan die wij hebben in de Ardennen. Wat wilde ik daar mee. Mijn eerste ingeving was; “die ga ik verkopen, ik ga nooit meer naar de Ardennen.” Ik was bang dat daar veel te veel herinneringen zouden liggen. Te veel mooie dingen meegemaakt, samen met mijn maatje. Het was zijn plekje, hij was daar gelukkig. Niet dat hij dat thuis niet was, maar dat plekje zat toch wel heel stevig in zijn hart. Achteraf gelukkig, verliep het verkopen van een Nederlandse caravan in de Belgische Ardennen niet zo snel als ik had gedacht. Het was ook niet echt het juiste seizoen. Er ging een aantal weken overheen en ik begon wat meer rust te vinden en wat meer mijn eigen draai. En ik merkte dat ik toch wat anders ging denken over een aantal zaken. Want waarom zou ik niet proberen een keer terug te gaan naar de camping. Stef had het daar ook altijd enorm naar zijn zin. En ik ken daar veel mensen. Mensen die ook nu vaak contact zoeken om te vragen hoe het met me gaat. Alleen dat plekje, helemaal in de middle of nowhere, waar wij samen ‘alleen op de wereld’ konden zijn. Dat was wel heel erg eenzaam. Nu is er op die camping ook een gedeelte dat Het Dorp wordt genoemd. Niet direct aan het water maar wel wat drukker bevolkt en dichter bij het chateau en de taverne. Tijdens de wateroverlast van vorig jaar is een aantal caravans ook daar vernield en sommige mensen hadden toen de moed of zin niet meer om opnieuw te beginnen. Wie weet. Misschien was er een plekje voor mij. Na overleg met de eigenaren kon ik zelfs kiezen uit een aantal nieuwe plaatsjes. En die keuze was snel gemaakt. Er is een nieuw beukenhaagje geplant en zij zetten mijn caravan zelfs voor mij op zijn plek. Ok, het is kleiner en niet naast de rivier, maar ik ben er wel heel erg blij mee. Want ik ga me daar denk ik wel veiliger voelen. Zo in mijn uppie. Tenslotte vind ik het sowieso al rete-eng om terug te gaan. Niet zozeer uit praktisch oogpunt maar toch wel om alle herinneringen. De foto van mijn maatje ligt al klaar, die gaat in ieder geval ook mee.    

Machteld
7 0

Uitgemolken

Ik denk dat er geen nalatenschap zo wordt uitgemolken als die van André Hazes. Zijn immer treurende weduwe heeft zich ontpopt tot een gewiekste zakenvrouw. Samen met Jeroen van der Boom, die zichzelf heeft uitgeroepen tot meest populaire zanger van Nederland, organiseert zij steeds weer nieuwe evenementen. Eerst hadden we Heel Holland zingt Hazes. De titel bekt wel lekker, dat moet ik ze nageven. En nu is er ook weer Hazes is de Basis. De eerste aflevering schijnt overigens niet zo’n succes te zijn geweest. Met name het optreden van Rachel zelf kon rekenen op behoorlijk wat kritiek. Want oh, oh wat is ze altijd gelukkig geweest in haar huwelijk met de zanger. Dat ze elkaar de tent uitvochten, dat mag niemand meer weten. Eigenlijk probeert iedereen mee te liften op de nalatenschap van Hazes. Ook zijn zoon, Dré junior, mag zich verheugen in een grote interesse voor zijn persoon. Ik denk niet dat als hij de zoon van Piet Jansen, de bakker uit Nergenshuizen, was geweest, hij dit succes had behaald. Zelfs nu hij niet zingt, wat overigens naar mijn mening het beste klinkt, is hij nog populair. Natuurlijk bemoeit mama zich ook daar mee. Als je de roddelbladen mag geloven, is ze in ieder geval blij dat zijn relatie met Monique voorbij is. Althans, voor nu. Je weet natuurlijk nooit wat de toekomst brengt. Dingen kunnen zomaar veranderen. En wat heeft Rachel daar dan eigenlijk mee te maken. Misschien houdt ze gewoon niet van mensen die haar doorzien. Of Monique dat doet weet ik niet trouwens, ik ben er nooit bij geweest. Ook naar de musical ben ik niet geweest. Ik ben ervan overtuigd dat het een prima productie is, met vakmensen in de hoofdrol. Maar dat het nou weer over Hazes gaat, nee, dat is me toch te veel van het goede. En niet dat ik de zanger niet kan waarderen, hij had een hele goede stem en ook al hou ik niet van het genre, er zijn nummers bij die toch echt tot de klassieken gaan behoren. Alleen dat uitmelken, daar kan ik niet zo goed tegen. Maar ja, wat zal zijn vrouw blij zijn dat ze de scheidingspapieren nog niet had getekend doen André kwam te overlijden. Nu kan ze tenminste nog op een legale manier cashen. Kijk, en dat Nederland daar wat van vindt, ach, dat lijkt me voor haar minder belangrijk. Zij kijkt waarschijnlijk op haar bankrekening en denkt “Proost Dré”.    

Machteld
5 0

Ongewenst gedrag

Je kunt er bijna niet omheen, het is het gesprek van de dag. Het ongepaste en onaanvaardbare gedrag van een aantal mannen ten opzichte van, soms nog heel jonge, vrouwen. Zeker als er sprake is van een machtsverhouding is dit echt heel laakbaar. Hoe komen die mannen erbij om dit soort gedrag ten toon te spreiden, wat denken ze, hoe werkt dat in hun hoofd. Ik kan er niet bij. Waarom denken dit soort mannen dat vrouwen, meisjes, dit leuk vinden? Denken ze werkelijk dat ze ‘God’s gift to women’ zijn? Heel bijzonder. Maar wat ik ook heel erg vind, is dat mensen, mannen, op dit moment al veroordeeld worden door de social media voordat er ook nog maar een rechter aan te pas is gekomen. Er is geen hoor en wederhoor. Mannen worden afgefakkeld en kapot gemaakt zonder dat er onderzoek wordt gedaan naar wat er nu echt is gebeurd. Daarmee wil ik dit gedrag niet goedpraten, maar ik denk dat er ook best situaties kunnen zijn waarbij de vrouw in kwestie zelf niet helemaal zuiver op de graat is. Net zoals die mannen een machtspositie hebben is het voor vrouwen ook mogelijk macht uit te oefenen. Want bewijs als man maar eens dat je onterecht beschuldigd wordt. Waarmee ik niet wil zeggen dat dat op dit moment aan de hand is bij bijvoorbeeld The Voice maar het is wel erg makkelijk. Iemand wordt beschuldigd en zijn hele familie wordt meegesleept in de ellende. Heel Nederland heeft een mening en meent te weten wat er is gebeurd. Ik ben inmiddels al heel wat jaren aan het werk en ik heb te maken gehad met mannen in soorten en maten. Heel af en toe zat er een tussen waarmee ik liever niet alleen in een kantoor was. Dus zorgde ik er voor dat dat ook bijna niet voor kwam. Rare afbeeldingen heb ik nog nooit ontvangen. Maar misschien zegt dat meer over mijn leeftijd dan over de mannen. Ik heb geleerd dat je als mens respect moet hebben voor je medemens. Mijn maatje en ik hebben ook altijd volgens die stelregel gehandeld. En oh ja, ik ben ook wel eens nagefloten. Maar dat was in de tijd dat daar nog geen aandacht aan werd besteed. Al weer heel wat jaren geleden. Nu wordt er niet meer gefloten. En ik vraag me dan af, is dat omdat de mannen op de bouw het niet meer durven? Of ligt het toch echt aan mij.    

Machteld
9 0

Dubbele oorontsteking

Hij had al een tijdje pijn aan zijn oren. Aan een kant was het wat meer dan aan de andere kant maar het bleef wel heel vervelend. Als hij schudde met zijn kop was het af en toe wel wat minder maar het kwam toch steeds terug. En het meest vervelende was nog dat als mensen zijn kop aaiden en zijn oren aanraakten, dat hij dan onbewust piepte. Daar schaamde hij zich toch wel een beetje voor. Het vrouwtje had het ook wel in de gaten. Ze had al een keer van dat vieze spul in zijn oren gespoten maar dat hielp ook maar één dag. Hij hoopte wel dat het snel over zou gaan. Hij had deze week ook nog niet veel mee gemogen. Ja, voor de wandelrondjes wel maar verder niet. Nou was het vrouwtje ook niet veel weggeweest maar toch. Maar nu ging ze dan toch zijn tuigje pakken, ah, ze gingen ergens heen. Hij sprong van de bank en hielp door vast zijn riem te pakken. Het vrouwtje lachte en ze gingen samen naar de auto. Het was maar een klein stukje hobbelen en toen zag hij waar ze waren. Bij dat grote huis waar ze echt heel veel hondensnoepjes hadden. Hij was er wel eens eerder geweest, ze hadden hier zijn behendigheidstuigje en dat stomme jasje gehaald. Kijken wat hij nu zou krijgen. Het vrouwtje ging even zitten, dat was wel een beetje raar, en na een tijdje gingen ze samen een hokje in. Toen rook hij het al, hij was weer voor de gek gehouden. Dit was de geur van die mensen die hem een zere poot hadden bezorgd en wel eens met van die rare dingen in zijn oren hadden gepord. Jawel hoor, hij moest weer op de tafel en daar kwam dat stokje weer. Hij wrong om los te komen maar het vrouwtje hield hem stevig vast. Dat hij er toch zo ingetrapt was. Maar ja, normaal ging het baasje altijd met hem naar zo’n huis. En nu was hij met het vrouwtje. Hij begreep er weinig van. Die dierenarts ging onderzoeken wat er uit zijn oor kwam. Bah bah, dat doe je toch niet. Hij vond het zelf al vies als hij met zijn pootje zijn oor schoonmaakte. Hmm, ze vond het toch niet goed, wat ze daarin zag. Dubbele oorontsteking, geen idee maar als dat was wat hij had, was het niet fijn. Pfff, het vrouwtje maakte een nieuwe afspraak voor volgende week. Moesten ze weer terug zeg. En er werd vieze smurrie in zijn oren gesmeerd. Jakkie. En hij mocht voorlopig niet zwemmen. Tsss, net of hij daar ooit een fan van was geweest. Hij was er weer mooi klaar mee.    

Machteld
1 0

Stil in mij

Soms zit er ineens een zinnetje uit een liedje in je hoofd. Als een mantra. Het blijft een hele tijd hangen, soms wel een hele dag. Dan is het ineens weg om een paar dagen later als een duveltje uit een doosje weer omhoog te ploppen. Geen idee wat de trigger is. Mijn mantra is al een paar dagen “Het is zo stil in mij, ik heb nergens woorden voor.” Een prachtig nummer van Van Dik Hout. De zanger, Martin Buitenhuis, zingt over het verlangen naar warmte en troost op momenten dat het van binnen zo koud en stil kan voelen. Ik probeer door te schudden met mijn hoofd het liedje kwijt te raken. Vaak te vergeefs. Maar gelukkig is er ook afleiding en raak ik dat gevoel weer kwijt. Het zijn die onbewaakte momenten waarop het weer toeslaat. Ik heb inmiddels ook geleerd om dat gevoel te omarmen. Om het niet weg te stoppen. Tenslotte moet ik ook de liefde van mijn leven, waar ik 35 jaar lang mee samen ben geweest missen. En daar mag ik verdriet om hebben, daar mag ik om rouwen. Dat wil niet zeggen dat ik de hele dag loop te huilen. Gelukkig niet zeg, ik zou er geen gezellig mens van worden. Bovendien zou het me ook niet helpen. En zou mijn maatje dat ook niet willen. Maar soms is het gewoon nodig. De tranen zitten gewoon nog heel erg hoog. Soms vind ik dat zelf lastig maar vaak laat ik het ook maar gebeuren. Schrijven over dit soort gevoelens en gebeurtenissen helpt mij. Wel denk ik soms “moet ik daar iedereen wel mee lastig vallen?” Maar ja, van de andere kant, je hoeft het natuurlijk ook niet te lezen. Hoewel ik merk dat veel mensen die mijn blogs lezen ook een lief bericht achter laten om mij een hart onder de riem te steken. En dat helpt ook. Het is een bizarre reis, die ik maak. Vooral ook omdat ik alleen op reis ben. Met de gedachte aan mijn lieve maatje, de steun van heel veel lieve mensen en natuurlijk het gezelschap van mijn kleine Stef. Het komt wel goed.      

Machteld
6 0

Nieuwe gewoontes

Mijn maatje en ik hadden bepaalde gewoontes en rituelen. Dat kan ook niet anders, als je al zo lang bij elkaar bent. ’s Ochtends bij het opstaan begon dat al. Wie doet wat? Wie doet de gordijnen open? Wie schenkt de koffie in? En, heel belangrijk, wie geeft Stef zijn eten? Dat was trouwens altijd degene die het eerste beneden was. Stef liet daar geen twijfel over bestaan. Ik merk nu dat ik een soort eigen gewoontes begin te ontwikkelen. Een soort van, mezelf opnieuw uitvinden. Ik doe het niet bewust, het gebeurt vanzelf. Beneden komen, koffieapparaat aanklikken, Stef eten, televisie aan. Dat laatste verdrijft voor mij de stilte in huis, daar ben ik nog niet aan gewend. Niet dat mijn maatje zo’n lawaaimaker was maar ik mis zijn aanwezigheid. Natuurlijk zeg ik ook goedemorgen tegen mijn maatje. Eigenlijk hoeft dat niet, hij zit de hele dag in mijn hoofd, maar het is een ritueel. Ergens geeft het ook troost, alsof hij de hele dag met mij meekijkt. Als ik thuis werk, gaat Stef mee naar mijn werkplekje. Hij ligt naast mijn bureau op zijn vachtje. Te snurken. Af en toe komt hij eens kijken wat ik aan het doen ben, hij kijkt soms ook mee tijdens een online meeting, vaak tot hilariteit van de anderen. Het geeft afleiding. Want het gevaar is nu wel dat ik geen pauze neem. Lunch lijkt af en toe overbodig, snel een broodje is ook goed. Gelukkig wil Stef dan wel graag naar buiten dus dan doen we ons rondje. Behalve als het regent natuurlijk, Stef houdt niet van nattigheid. Toch raar hoe snel je je aanpast aan een nieuwe situatie. Het verdriet wordt er niet minder door maar het geeft wel een gevoel van rust. Zelfs het alleen eten wordt gewoon. Nog steeds niet gezellig maar niet meer zo confronterend als in het begin. Het huis begint weer te voelen als mijn eigen plekje. Het huis wordt weer een thuis.      

Machteld
10 1

Allener

Sommige dagen zijn allener dan andere. Ik heb het opgezocht, het woord bestaat echt. Het geeft ook goed weer wat ik op zo’n dag voel. Dat heeft ook niks te maken met de afspraken die ik heb of met de dingen die ik moet doen. Het is een soort leegte die in mijn ziel kruipt en die maakt dat er een kilheid in mijn botten komt. Op die dagen begrijp ik dat mensen die alleen wonen de verwarming een graadje hoger zetten. Je krijgt de neiging je dikke sokken aan te doen en bovenop de kachel te gaan zitten. Maar het helpt niet, de kou komt van binnenuit. Op die dagen moet Stef een heel eind mee gaan wandelen. Hij wordt van zijn warme vacht afgehaald en hup, naar buiten. Mijn handen diep in mijn zakken, kraag omhoog en lopen. Stef vindt dat op zich niet erg. Zoals gebruikelijk loopt hij mijn route drie keer. Heerlijk om een hondje te zijn. Toch is Stef op zo’n dag veel meer troost dan die kleine man beseft. Onwillekeurig krijg ik toch meer energie van zijn enthousiasme. Ook de frisse lucht doet goed, het waait toch de mistflarden uit mijn hoofd. Weer thuis doe ik dan mijn best om de draad weer op te pakken en te proberen positief in het leven te staan. Meestal gaat dat dan ook wel een stuk beter, zo’n wandeling doet goed, hoe slecht het weer ook is. Natuurlijk moet ik wel zorgen dat ik eerder bij de deur ben dan Stef. Die viezerik banjert overal doorheen en loopt met een grote boog om de handdoek in de garage heen. “Pootjes schoonmaken Stef”, nee, dat is niet zijn favoriete bezigheid. Maar om te voorkomen dat het in huis gaat kraken als je door de kamer loopt, moet er toch flink gepoetst worden. Meestal ga ik dan even aan tafel zitten. Even helemaal niks. Straks ga ik weer aan de slag maar nu wil ik even voor me uit staren. En dan hoor ik de stem van mijn maatje stil in mijn hoofd. “Kom op Mach, jij kunt alles.” Nee hoor, lang niet alles, maar ik doe mijn best.

Machteld
3 1

Alles is heimwee

Alles wat je vast pakt, daar zit een herinnering aan. De stomste dingen brengen een reactie te weeg. Wat doe je met al die spullen. Sommige dingen kunnen weg maar even zoveel dingen wil ik echt niet missen. En dat heeft niks met financiële waarde te maken. Die oude winterjas. Zoveel gedragen. Die oude slippers. Zo versleten. Maar ook de verzameling zakmessen. Iedere vakantie kwam er weer één bij. De verzameling Spaanse messen, zorgvuldig ten toon gesteld. Nooit mee gesneden, daar waren ze te kostbaar voor. Dierbare spullen, ze worden zorgvuldig weggeborgen. Natuurlijk blijven er ook veel spullen gewoon op hun plaats staan. De verzameling Ernie-poppen. De hele slaapkamer staat er mee vol. De karikatuurprent die ik heb laten maken bij zijn koperen jubileum. De verzameling foto’s. Het gereedschap in de garage, zo zuinig onderhouden. Ach, zoveel dingen. Zeker, er zijn ook zaken die weg kunnen. Daar zit geen emotionele waarde aan. Ik hou niet minder van mijn maatje als ik die weg doe. Of de dingen met een vraagteken. De luchtbuks van opa, wat moet daar mee gebeuren. Ik heb geen idee, voorlopig ligt hij nog veilig op zolder. Er zal vast wel een oplossing voor komen. Het heeft ook helemaal geen haast. Herinneringen zijn een ongrijpbaar iets. Ze laten zich niet sturen. Ze dringen zich ook aan je op tijdens momenten dat je er niet op bedacht bent. Soms als een mokerslag maar soms ook als een lentebriesje. En altijd is daar weer dat weten. Het zijn herinneringen, het komt niet meer terug. Alleen de heimwee, die blijft.    

Machteld
9 0

Opleiding

Publicaties

Prijzen