Ik kom de man wel vaker tegen.
Ook nu streelt hij zijn buik.
Hij heeft niets te verbergen,
stelt zijn buik tentoon.
Fier op zijn kunstwerk
lijkt hij publiek te zoeken.
In blijde verwachting,
zwanger van zijn eigen kiem.
Bij elke streling bolt hij verder,
groeit wat in hem wacht
tot hij zichzelf
ter wereld brengt.
Ik heb geleerd mijn buik in te trekken.
Niet aan te raken.
Mijn buik zou inklappen van schrik,
achter mijn ribben schuilen.
Zijn buik als volle zon.
Mijn hand op mijn platte buik
knik ik hem vriendelijk toe.
