ik heb geen tijd, geen reisplannen
ik heb geen braadpannen die in een
kast liggen te hunkeren naar vlees
er is die bunker op de hoek van deze
straat waarin een oorlog zich verschuilt
dapper onkruid groeit op het beton
zover ik weet, zo ver mijn oog kan zien
achter de horizon ligt er geen zuiver continent
waar men de ziel verwent, men niet meer huilt
nochtans zoekt elke nacht naar warme troost
in de brochure van corendon heeft
iemand de zon te vrolijk ingekleurd
proberen prenten prijzen mensen te verleiden
het is een paarse koe die zich straks
slachten laat in Zwitersland
veraf gelegen bergen zullen dat verbergen
onnozelaar, wie schrijft zoiets, geen kat
zal willen vallen waar dit puntje staat
wat rest is altijd overschot
een kogelhuls die ledigheid aanvaardt
zich nooit geen zorgen baart over het nut
proef nog eens, gij monstertong
van onschuld en de dagen zonder ondergang
toekomst koestert nochtans hoop
zover ik weet, zo ver de echo reikt
achter die heuvelrug luistert het dal
alles rust daar reeds omdat een kind met
krijt een fenix zonder oren heeft getekend
muren zullen niet vertellen hoeveel vellen
slangen daar verloren op een bange dag
proet nog eens, gij monstertong
want het verleden bloedt nu toch
en uit zijn anus druipt hopeloos bruin
het is een michelinster die de nacht verlicht
zacht zijn de matrassen voor soldaten
zomersolden maken echt geen onderscheid
alles slaapt straks toch want niemand
wil nog volhouden, het is een geit
die tijdig door de kabels
bijt en de
verbinding onderbreekt, het is voorbij
uit de reeks 'Reizen met Ricky'