De TL-buis in de gang zoemt.
Het behang krult in de hoeken.
Alles hier ruikt naar tijd en stilstand.
Ik lig op de bank en staar naar het plafond.
Ik kom maar niet op gang.
Dan hoor ik het van de overkant.
De buurman van drie hoog.
Hij oefent al maanden op zijn oude piano.
Elke dag dezelfde fouten.
Het is irritant. Het is pijnlijk.
Maar vandaag is het anders.
Hij raakt de toetsen zachter.
De melodie weifelt, zoekt.
Het is niet perfect. Maar het is echt.
Ik ga rechtop zitten.
De muziek komt door de ramen,
langs de vuile vaat en de stapels boeken.
Hij maakt nog fout na fout.
Maar blijft doorgaan.
Ik kom overeind.
Mijn rug kraakt.
Als hij het niet opgeeft,
dan kan ik ook wel overeind.
Ik loop naar het raam
en gooi het wijd open.

