Eldorado

19 aug 2022 · 10 keer gelezen · 0 keer geliket

Het café Eldorado verbergt zichzelf achter een met glas omgeven façade. Met wat fantasie zou je het geheel een veranda kunnen noemen. De bordjes van biermerken verdonkeremanen de rest van de gevel. De gekleurde deurlinten wiegen zachtjes op en neer op het ritme van de wind. 

Gezeten op een plastieken stoel zit Marianne. Sinds 55 jaar de bazin van Eldorado. Het paradijs voor motards, drankzuchtige loonwerkers en kaarters. Voor haar staat een half leeg glas VAL limonade. Haar zoon Oswald, inderdaad genoemd naar de moordenaar van John F. Kennedy Lee Harvey Oswald, krasselt wat achter de toog. Hij bevindt zich al zijn hele leven in de stilte voor de storm. Stilaan daagt het hem dat de storm zal uitblijven. Marianne heeft altijd al een zwak gehad voor mannen met een hoek af. Toen ze eind 1963 zwanger bleek wist ze onmiddellijk hoe ze haar kind, indien een jongen, zou noemen. Indien een meisje had ze trouwens ook niet getwijfeld. 

Af en toe passeren er wielertoeristen. Gezonde mensen die fitheid etaleren en scherpte hoog in het vaandel dragen. De steenweg voor het café die dit stuk van de Vlaamse Ardennen door twee splijt is niet de meest dankbare maar wel een noodzakelijke weg voor wielertoeristen. Marianne vindt het losers, stuk voor stuk. Met hun duffe pakjes. Hun geschoren benen. Hun hippe zonnebrillen en speciale drankjes. Als ze stoppen zuipen ze schaamteloos haar Orval op. Die schijnt, met name in de steden waar ze vandaan komen, schaars te zijn. Niet hier, het enige wat hier schaars is, is liefde. Drank is er altijd in overvloed. 

Stilaan komt Eldorado op het punt dat er meer drank dan klandizie is. Daniël, één van de laatste der Mohikanen, zit in een hoek wat met zijn vingers te draaien. Marianne houdt hem in het oog. Niet omdat ze hem niet kan vertrouwen, ze kent hem al lang. Ze is nieuwsgierig of hij iets te vertellen heeft. Hij heft zijn glas ten hemel en prevelt  ‘Marianne’. Ze knikt, steekt haar hand uit en roept op haar beurt: ‘Oswald, Carlsberg voor Daniël’. Oswald gehoorzaamt gedwee. Hij schenkt met kunde een vers glas in. 

Daniël wacht op Roger, zijn elf jaar oudere makker. Dat wil zeggen dat Roger al een tijdje met pensioen is. Hij kan dus niet meer, zoals Daniël doet, een paar uurtjes pieken en tussen twee klussen door op café komen. Hij moet afspraken maken met zijn vrouw. Daarenboven mag hij niet meer drinken want zijn lever ligt voor pampus. 

Er stopt een fietser, een vermaledijde toerist, duidelijk te zien. 

‘Valt hier wat te eten’, vraagt de man. 
Marianne schudt van neen. Ze wil wijzen naar iets verderop waar een restaurant gelegen is maar bedenkt zich dan. Moeizaam staat ze op, ze voelt even haar benen en evenwicht. Ze tast de mogelijkheden van haar lichaam af, steekt een vinger in de lucht, wrijft door haar grijze haren en zegt: ik bak wel een croque monsieur. 

Daniël die dit hoort, verslikt zich bijna in zijn bier. Ook Oswald richt zich als een reptiel op uit de benedenkoelkast, opent zichzelf een fristi en wrijft een streepje zweet van zijn voorhoofd. 

Hoog boven Eldorado knalt de zon door het wolkendek en spiest het landschap met een verhelderend licht. Soms is er optimisme, later volgt het onweer. 

Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.

Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver.

19 aug 2022 · 10 keer gelezen · 0 keer geliket