dataanalystische verhoudingen van
op en neer gaan, en-op-en
van een draaimolen,
een markt, van ieder zijn ding
waar iedere stot
-tering om bestaansrecht smeekt
als een probleem aan de ketting
van je hiel
jij moet het dragen
anders raak je niet meer vooruit
dragen is het lot
daaronder zijn enkel slaven
van genot
en de draaimolen draait voort en voort
in bewasemde spiegels ontmoeten we
een oneindige stroom
van onherkenbare gezichten van plezier
vreugde tiert er welig daarbeneden
ontslaan van van al dat weten
wordt haar vreugde te gulzig
in een strijd om niet op geslorpt te geraken, zoeken we te diep
daar diep van binnen, daar is niets te vinden, dan de stomme taal van vlees
al lees je het op haar huid
aan haar wonden
littekens van de zonde
iets diep van binnen, iets humaan liefst
heb medelij met ons alstublieft
niet iets dat kan
horen in het ritselen door bladeren
of aan een schuifelende schoenen in de hal
iets diep van binnen ligt aan het oppervlak
de haren op mijn huid
het schijt me van de werkelijkheid
schoonheid is uitstel van teleurstelling
de balsem
op het lijk van de waarheid
de dood zwijgt er als het leven
