Kippen

7 okt 2026 · 1 keer gelezen · 0 keer geliket

Twee topkippen had ik. In staat tot waggelen in een rotvaart en als ik niet meteen kwam, roepen tot ik gehoor gaf. Ze riepen ook als een onbekende zich aanbood, een andere roep was dat, iets alert. In de ren sprongen ze op mijn arm met hun schubbige poten. Zo'n poot klemt zich vast als een kanariepietje, een massief kanariepietje dat nooit hoeft te zingen. Het tokt en pikt iets uit mijn nek. 

Beide kippen werden doodgebeten door een losse hond. De eigenaar van de hond heeft niets laten weten, geen briefje gelaten, geen sorry voor het ongemak. Misschien loopt hij nu in een wijde boog om het terrein heen, misschien weet hij niet dat de kippen dood en begraven zijn (iemand vroeg me of ik ze, eenmaal dood, ook opgegeten had). 

De nieuwe kippen zijn nog niet helemaal kip. Ze komen heel voorzichtig en met lichte tegenzin uit het donker hok en gluren naar de hemel waarbij je in hun ooghoek de grandeur en de zwaarte van het hemelgewelf voelt. Ze moeten hun poten nog scholen, het loopplankje is een hele onderneming. 

Ik koop eieren in de winkel en toon geduld. Geduld. 

Het ergerlijkste blijft hun totaal negeren. Ze willen nog niet mijn kip zijn. 

Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.

Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver.

7 okt 2026 · 1 keer gelezen · 0 keer geliket