Lezen

Voor vorst, voor vrijheid en voor recht

Ik ben geen voetballiefhebber. Nooit geweest. Sterker nog: het geluid van een voetbalwedstrijd op televisie behoort voor mij tot de top drie van de auditieve foltertechnieken. Een commentator die moeiteloos tweeëntwintig namen uit zijn mouw schudt alsof hij met al die mannen samen op internaat heeft gezeten. Die typische voetbalintonatie waarbij zelfs een inworp klinkt alsof de wereldvrede ervan afhangt. Op de achtergrond tienduizenden supporters die al negentig minuten dezelfde klinkers staan uit te rekken. Er zijn maar twee geluiden die ik nog erger vind: een Formule 1-race op televisie en een jengelend kind op een vlucht van drie uur na een veel te korte nacht. Voetbal is dus, laat ons zeggen, niet mijn habitat. Behalve tijdens een WK. Dan gebeurt er iets vreemds. Plots heb ik een mening over een gele kaart voor Brazilië. Maak ik me zorgen over de blessure van een middenvelder van wie ik vijf minuten eerder het bestaan niet kende. Ik zeg zinnen als: "Die had hij toch moeten laten staan." Alsof bondscoaches al jaren op mijn analyse zitten te wachten. Ik blijf op om "de Belgen" te zien, ook al moet ik de volgende ochtend gewoon werken. Ineens weet ik tegen wie we beter wel of beter niet uitkomen in de volgende ronde. Ik betrap mezelf erop dat ik "we" zeg, terwijl mijn grootste sportprestatie van de voorbije maand erin bestond de trap op te lopen zonder mijn boodschappentas neer te zetten. Een WK doet rare dingen met een mens. Zelfs met een cultuurmens. Misschien hou ik uiteindelijk zelfs niet het meest van het voetbal. Misschien hou ik van alles errond. Van pleinen die vollopen. Van cafés die ineens vreemden samenbrengen. Van buren die elkaar plots high fives geven terwijl ze de rest van het jaar niet verder komen dan een beleefd knikje. En vooral van de volksliederen. Het kippenvelmoment van de match.Geef mij maar die paar minuten voor de aftrap. De Spaanse hymne, die het zonder woorden moet doen en daardoor misschien net alles zegt. De Marokkaanse, waardig en ingetogen. En dan de absolute klassiekers: de Marseillaise, God Save the King en The Star-Spangled Banner. Liederen die zelfs zonder stadion al iets groots oproepen. En dan ons eigen volkslied. Voor Vorst, voor Vrijheid en voor Recht. Ik zing nooit verder dan die ene regel. Omdat ik de rest niet ken. Zoals de helft van het land, vermoed ik. Misschien is dat ook het mooie aan een WK. Dat ge een maand lang ergens bij hoort zonder dat ge de spelregels helemaal begrijpt. En dat zelfs mensen zoals ik, die elf maanden per jaar zweren dat voetbal hen koud laat, zich ineens luidop afvragen of de bondscoach niet beter wat vroeger had gewisseld.

Katrien Daniels
44 1

hoe een pvda er denkt.

Ik had het er een paar jaar geleden over met een oud-Amadees, nu een PVDA'er. Ik zei tegen hem: "Jullie weten niet hoe een arbeider denkt." Hij was in zijn gat gebeten, zoals dat heet. Hij vond dat ik juist niet wist hoe een arbeider denkt. Hij wist het zogezegd wel, omdat hij een tijdje in een fabriek was gaan werken.Ik daarentegen ben op mijn 14e in een fabriek beginnen te werken. Vanaf mijn 21e als vrachtwagenchauffeur. Op mijn 29e maakte ik mijn eerste kunstwerk: een alternatieve ontmoetingsplaats voor de lgbtqia+-gemeenschap. Na tien jaar, op mijn 39e, ben ik weer op de camion gesprongen tot aan mijn pensioen.Volgens de PVDA'er was ik een anarchist en wist ik niet hoe een arbeider denkt. Daar stopte het gesprek. En toen ontvriendde hij mij. Toen ik zestien was en al twee jaar als arbeider in een fabriek werkte, hadden de Amadezen mij gevonden in de jeugdclub die ik destijds bezocht. Ze stelden me voor om deur aan deur te gaan om de voordelen van de revolutie met andere arbeiders te delen. Zo stond ik op een bepaald moment voor een arbeider die zijn auto stond te wassen voor zijn sociale woning. De student, een vurige Amadees, was met me meegekomen. Later vermoedde ik dat hij me moest controleren. Opeens begreep ik het. Die student was opgegroeid in een groter, vrijstaand huis met een enorme tuin eromheen. Hij werd rondgereden in een veel grotere auto, waar hij de opvoedingsregels van zijn ouders moest volgen. Misschien haatte hij hen wel. Ik ben het geklaag over het 'monster' dat kapitalisme heet grondig beu. Men blijkt te vergeten dat de emancipatie van de lgbtqia+ gemeenschap is begonnen in het meest kapitalistische land ter wereld. Ook de aanzet tot natuurbescherming vond daar plaats. Zelfs de armoede is wereldwijd massaal verminderd. Zo kelderde de armoede in China pas nadat het land het kapitalisme invoerde. Wat Cuba betreft, is het bijna misdadig dat men nog altijd weigert toe te geven dat het systeem daar totaal mislukt is. Maar volgens de aanhangers ligt dat niet aan hun eigen systeem, maar aan hun grote, kapitalistische buurman. Hoe blind kun je zijn? Iedere Amerikaan herinnert zich nog hoe ze leerden te schuilen onder de tafel bij een atoomaanval, toen Cuba Russische atoomraketten stationeerde. Misschien vergeven, maar niet vergeten. LEEF  In de oudheid had de mens angst voor de natuur. Hij aanbad die natuur zelfs. Tijdens de industriële revolutie wilde de mens de natuur echter overheersen. Nu weten we dat we geen angst hoeven te hebben, maar ook dat we de natuur niet kunnen controleren. Dus zullen we ermee moeten leren leven.   **************************** FOTO GALLERY verf ed https://www.2dehands.be/q/verf+ed+altaar+de+culturen/ Rond 1995 heb ik dat werk gemaakt. Ik noem het "altaar der culturen." Links ziet men een tv, onze gemeenschappelijke identiteit valt van het - silicium - glas - zand.De gemeenschappelijke informatiebronnen zijn verdwenen.De wijzen van vroeger opgevolgd door radio en uiteindelijk als laatste de tv die een ongeveer gemeenschappelijke boodschap uitdragen, ons collectief geheugen, is niet meer.De informatie is versplinterd.Rechts ziet men een gietijzeren kandelaar daar in een mensenhoofd in papier. Stukken teksten. Krantenpapier "De encyclopedische mens".Gietijzer = nationalistenKandelaar = religieIn het midden staat de hedendaagse mens. Opgesloten. "de encyclopedische mens".Dit deel is gemaakt van een reclame voor lippenstift.Regeneratie KosmetikIn de dubbele wand gaan luchtbellen in het water de hoogte in.In die dubbel - transparantie - plexiglas zit diezelfde "encyclopedische mens".Het geheel staat op dunne platen, glas = chips = zand = silicium.Het geheel steunt op een gietijzeren pilaar = industriële cultuur.De gietijzeren plaat staat op de grond = landbouwcultuur.HET ALTAAR DER CULTUREN. Ik woonde toen in de Aalmoezenierstraat in Antwerpen. De jaren 90 tig. http://www.anamorfose.be/verf/misc-images/verf-t-i-r-e  

verf ed: Contemporary interdisciplinair ArtTIST, nen tjolder, nen prutser. BIO.
60 0

Boot in B.

Met mijn penseel een tafereel kliederen, dat kan ik zeker, en met de hulp van gekleurde woorden wil het misschien wel een schilderij worden. Eerst teken ik de lucht met helder blauwe verf, veeg met wit de wolken. Bomen zijn groen dus kies ik het groen dat bij het huidige seizoen past; het zomert in het natuurgebied waar ik mijn ezel heb gezet. Om de vegetatie geloofwaardig neer te zetten, kijk ik in opengelegde natuurbladen, en focus op de vormen van verschillende bladeren. Er zijn enorme gekrulde bladeren bij waar een baby in past, de kleinere zijn rond en puntvormig, de tinten frisgroen of rijper groen met een donkere zoom. Ik denk steeds aan de kijkers die mijn tentoongestelde werk zullen beoordelen. Ze zullen als stammen bij de opgehangen canvassen staan met in hun ogen het verlangen naar de boot. Iemand zal zich indentificeren met de knaap, een man in wording die dat ene meisje in bikini heeft aangemoedigd haar jurk uit te doen. Het water schilderen lukt me aardig, er is geen tumult dus geen storm, de bootinzittenden eisen evenwel precisiewerk, ik neem een fijn penseel voor het kastanjebruine haar van de jonge mannen. Blonde lokken worden opgestoken door een vrouwelijk figuur, ik laat haar op de rand plaatsnemen vooraleer ze zich in de plas laat glijden. Ik herinner me nog goed hoe ik als beginnend schilder luid vloekte in mijn atelier omdat het maar niet wilde lukken; verf mengen tot de huidskleur van een Europeaan was tijdrovend en frustreerde me dagen lang. Tot op een dag dat de melanine me enig succes leek te gunnen! De torso zowel als de ledematen van de staande jongeman doopte ik tot Nederlander. Met meerdere verfuithalen liet ik hem aan het roer staan. Waarom zou ik het tafereel niet in het Nationaal park tot leven wekken? Zes mensen in een motorboot, zo had ik het in mijn hoofd. Om het meisje in bikini te laten bewegen diende ik een pen ter hand te nemen, ik moest schrijven wat haar overkwam in het ondiepe water dat niet zo waadbaar bleek te zijn. Ze had nog gevraagd: kan je er met de voeten bij de bodem?

Ingrid Strobbe
4 0