Pleister
Ze zegt dat het geen pijn doet,het prikt alleen een beetjeen de pleister die ze over de wonde kleven, is te groot.
Je zou denken dat je zoiets nooitontgroeit, dat haar huid altijd even kwetsbaar schrijnten er geen dag komt waarop je zegt:ach wat is het lang geleden, allemaal.
Toch zit ze hier vandaag in deze stoelstoïcijns kalm te wezen, ik weeter speelt zich in haar hoofd vasteen kleine oorlog af.
Maar ze glimlacht dappernaar mij en de verpleegster,die er helemaal niets van snapt.
Ik zeg haar dat ze sterk is,het understatement van de dag.
In luttele seconden is ze terug zes,zit ze op het bed in de rode kamer,uit haar arm loopt een buisje en ze teltop haar vingers de druppels tot tien.
Ik ben haar mond en haar stem,protesteer inwendig tegen dit onrechtterwijl ik aan haar zijde vecht.
Mama, die pleister moet eraf,het gebeurt in één simpele ruk.Wat is ze groot geworden.