Lezen

Monopoly

Ik loop door straten waar steeds weer opnieuw huizen of appartementen te koop staan. Straten, waarin ook overal oude prachtige huizen compleet opnieuw worden opgeknapt.            Het Zuid van Antwerpen bruist, vooral de bouwsector en de projectontwikkelaars en vastgoedmakelaars tieren hier welig. Ik loop door straten waar steeds weer opnieuw huizen of appartementen te koop staan. Zoals de bubbeltjes in een glas bruiswater stijgen en stijgen hier de prijzen- er lijkt geen limiet in zicht. Er valt hier nog maar weinig te huren en ook dat wordt duurder en duurder. Ik loop door straten waar steeds opnieuw huizen of appartementen te koop staan. Met de vele reeds gedane projecten, lees verkochte huizen en appartementen in luxe staat, verandert de buurt.  Er komen massaal bakfietsen, elektronische fietsen en deelsteps bij.  Meer en meer straten worden fietsstraten -al dan soms met op de weg enorme gaten. Ik loop door straten waar steeds weer opnieuw huizen of appartementen te koop staan. De Brederodewijk is gelukkig nog niet helemaal verloren aan al de investeerders. Maar goed ook. Want een Oud Zuid dat even kil en lelijk is als het Nieuwe Zuid kunnen we hier echt missen als kiespijn. Ik loop door straten en passeer huizen en appartementen die allemaal te koop staan. De straten zelfs en de hele  buurt lijken te koop te staan. Er valt geld te verdienen met die prachtige oude huizen die na een opknapbuurt drie keer zo duur doorverkocht kunnen worden.    De buurt is op een kantelpunt want straks gaat hier alleen nog het  grote geld wonen.  Er is veel horeca, maar op bepaalde plaatsen blijft het bruisende Zuid op zaterdag avond dicht of sluit men al vroeg. Teveel bruisen zal het grote geld waarschijnlijk in zijn slaap verstoren. Ik loop door straten waar steeds weer opnieuw huizen of appartementen te koop staan. Ik woon hier maar drie jaar en zie de buurt al veranderen.  En ik weet dat dit maar één buurt in de stad is waar dit gebeurt en dat Antwerpen maar één stad is met buurten waar dit gebeurt.  In waarheid is het Zuid maar één van de vele speeltuinen van gentrificatie.  Eén groot monopoly spel met de realiteit, dat wereldwijd wordt gespeeld.

Maike Bretschneider
15 0

Glock 17

“Doe mij maar een fairtrade koffie met woke-melk”, spreekt de vrolijke, zelfbewuste en gemindfulnesste vent als hij het alternatieve café instapt en er enkele vrienden ontwaart, die hem, nadat hij is binnengestapt, vragen wat hij wil drinken. Zuur gelach. “En, allen met de bakfiets op deze beijzelde wegen?”. Hij gaat zitten terwijl één van “de maten” aan de toog nog wat zaken bestelt, waaronder dus een koffie—ze hébben hier alleen maar fair-trade—met gestoomde havermelk. Een vrouw—ze is vierenveertig, twee kinderen en zelfde aantal mannen gehad—legt haar zelf gebreide sjaal wat beter rond haar hals. Ze heet waarschijnlijk Pallas, Clythemnestra of Andrea Doria, schoon die laatste naam eigenlijk verwijst naar een man. Maar dát wisten Pallas’ ouders eigenlijk niet toen ze geconcipieerd of geboren werd; ze vonden het gewoon een leuke naam. En dat ook Neeltje Jans géén vrouw maar een man was, zal dit gezelschap waarschijnlijk ook wel ontgaan zijn, bedenk ik, die aan een naburig tafeltje zit met mijn eeuwige gemberthee. Want ik geef toe: ook ík verwijl al eens in dit café dat vooral een vrouwelijk clientèle bedient. “De havermelk is op. Is amandelmelk ook goed, Maarten?” vraagt de toogbesteller die alvast de andere bestelde drankjes op de tafel plaatst. Én natuurlijk met een schoteltje alternatieve abdijkaas-blokjes van een alternatieve abdij, die geproduceerd is door alternatieve koeien op een alternatieve wei. En zelfs de monniken zijn alternatief: ze stampen de wei zelf nog blootsvoets … of is dat voor een ander product, dat zoiets moet gebeuren, vraag ik me plots af. Het is verdomd warm in dit etablissement: men stookt er met graagte en met grote hoeveelheden gas in een oude gaskachel, waarvan de namaak-steenkolen staan te gloeien. Dichtbij dit ding, waar ik nu zit, is het zo warm dat ik vrees dat mijn pen zal smelten. De inkt vloeit alvast vlotter, maar dat kan ook zijn omdat ik inmiddels in redelijk grote teugen begonnen ben aan mijn trappist. Ook weer de eeuwige trappist. Ik hang soms graag de klassieker uit: steeds hetzelfde drankje of dezelfde opeenvolging ervan. Dan wat bladeren in de krant en een poging ondernemen om met de knappe uitbaatster van de zaak een gesprek op te zetten. “… dat er tegenwoordig geen plek meer is om mijn wagen te parkeren in deze stad, want ik heb niet zo’n elektrische bak”, oreert de nieuw binnengekomen man van daarnet. Zijn vrouw, waarmee hij niet is getrouwd maar wél een samenlevingscontract heeft, zit in de social profit. Iets met beleid en medewerking en zeehonden en buscraft en bescherming van zwakzinnigen. Althans, zo heeft hij het begrepen, want hij zelf zit in “de” media. Iets met kabels leggen, mengpanelen installeren en DMX en belichting regelen. Ik probeer in de drukte van dit hete cafeetje deze tekst uitgeschreven te krijgen en tegelijk ook een lijn te vinden in hetgeen zich aan het woke-tafeltje afspeelt. Da’s niet makkelijk, want aan een ander tafeltje zitten vier—en kort nadien vijf—vrouwen van eenzelfde leeftijd soms luid te lachen. Niet duidelijk waarover het gaat, wél duidelijk dat het gaat over mannen als baas of partner. Over zonen wordt niet zo gelachen, maar de overige onderwerpen worden beamend en meelevend besproken en behandeld. Het lijkt me in elk geval allemaal nogal cocreatief, empathisch en met veel buikgevoel. Ik probeer onopvallend mijn trappist te drinken terwijl ik mijn aandacht probeer af te leiden van de borsten van vooral één van de vrouwen, die mijn bijzondere aandacht geniet. Ze heeft borsten van de perfecte grootte en consistentie, gehuld in kledij die enigszins, maar niet té elastisch is. Wat ze zegt is minder belangrijk voor hetgeen ik hier nu schrijf, maar dat ze een ronduit verleidelijke stem heeft, vind ik de moeite van het noteren waard. Hoewel ik oorspronkelijk van plan was stilaan terug huiswaarts te keren, beslis ik alsnog om aan Gerry achter de toog—ik mag hem ondertussen zo aanspreken, want ik heb hem zelf verleden week mijn naam verteld—een koffie verkeerd te vragen. “Een latte machiato met havermelk?” vraagt Gerry terwijl hij alvast de koffiebonen maalt en in zo’n ding stopt om dan nadien onder de koffiezetmachine te schroeven. Ik haal mijn Glock 17 boven en schiet iedereen in het café neer. Het magazijn van die Glock blijkt voldoende patronen te bevatten om iedereen in dit café om te leggen. Terwijl ik mij naar buiten begeef draai ik nog vlug even de gaskraan dicht, die de oude kachel gloeiend heet stookt. Zó warm hoeven ze dat hier niet te stoken en er is ook nog COP24 om aan te denken, bedenk ik me als ik op mijn fiets stap. Pas als ik thuiskom besef ik dat ik geeneens de rekening heb betaald.

Jens V
12 1

ik heb een huis

Ik woon in een huisIk woon in een dakappartementik woon in een veredelde studio€650 euro flappen de maandin de eerste week van de maand betaaldvaste kosten niet inbegrepenhet geld via mijn glijdende uren job behaaldik woon hier alleen in dit huis het heeft geen dampkamphet regent binnen langs de veluxenrechtstaand douchen is niet mogelijkhet  heeft geen thermostaat maar wel aftandse chauffages uit de jaren stillekesde kabels afgeknipt, duct tape er rond gewikkelder komen vonken uit het stopcontact als ik ze insteekeen simpele drukknop was er teveel aan mijn huisbaas is Assyrisch als enige Vlaming in deze blokben ik alsook de enige die werktop het tweede verdieprechts onder mijwoont een mandie in het zwart fietsen in de garage maakthij kent niet het verschil tussen ja & nee& kent zelfs het woord hallo niethij lacht & knikt alleen maar links onder mijwonen drie vrouwenze werken alle drie niettwee van hun zijn zussenze gaan naar de voedselbank op het eerste verdiepwonen twee oude vrouwen & de kleindochter van godwieweetwievandetweeéén van de oude vrouwenis gehandicaptde appartementenblok heeft geen lift  iedereen buiten mij in deze blok is Assyrisch                                                         iedereen& we zitten hier in Mechelen   remember Melikam Kucam ?   NV-AA   Nieuwe-Vlaams/Assyrische Alliantie ik zie de problemen van de maatschappij hierik zie de problemen van de maatschappij uit mijn raamik zie de problemen van de maatschappij buiten deze vier muren Ik zie veel te vaak zwarte Afrikaanse vrouwen       hun buggy’s op de bus zeulen zonder hulpm’n stelt er zich geen vragen bijiedereen moet ergens geraken de dag van vandaager schuilen heelder minidorpen in rijhuizen op Nekkerspoel Ik zie 43-jarige geëmigreerde Marokkaanse manneneen godganse dag met nagelpistolen schietenvoor hun familie hier & die in Marokko te onderhoudenze worden er op de werkvloer er dagelijks aan herinnerd                           & met de vloer gelijkt gemaaktomdat ze Marokkaan of Moslim zijn door mensen die niet Marokkaan of Moslim zijn ik zie de problemen van de maatschappij ik zie onbekende Balkan manneneen godganse dag op hun knieën zittenvoor zichzelf staande te houdenpal voor de Duitse winkelketens met geel/blauw logoop Nekkerspoel & de Leuvensesteenweghun handen kletteren & rinkelen zoals de gemiddelde fietsbel Ik zie Libische fietskoeriersdoor de pleurende regen ploeteren& in gebrekkig Nederlands producten leverenaan veel te chique bekakte Antwerpse vleesrestaurantsvoor daar herinnerd te worden aan Gaddafi& voornamelijk de kleur die ze dragen& dat mannen & vrouwen wel degelijk gelijk zijn aan elkaar ik zie de problemen van de maatschappij Ik zie bijna nooit twee mannen hand in hand lopenin dit heiligdom, mijn stad Mechelenin centrum Arrogantwerpen kan dat welslechts éénmaal op zeven jaar tijd hierwerd dit beeld mij gegundeen tekenend beeld an sichmaar  wie wilt dan ook dat zijn situatie nodeloos uit de hand loopt door hand in hand te lopen Ik zie Marokkaanse slagersvoor hun geslachte konijnen & te vettig gehakt met olijven inzich intens geraakt & beledigt voelendoor oudere atypische Belgische damesomdat die nog nooit een verse dadel hebben gezien& zich afvragen wat dat in godsnaam in dit land doetze snappen niet hoe de ongedroogde versie hier geraakt ik zie de problemen van de maatschappij ik zie super capabele werknemersdie ooit in de buso belanden door gebrek aan& niet gebrek aan verstand van hun kanteerder door gebrek aan & begrip voorvaak is de makkelijke weg gemakkelijker als de moeilijkede meeste kinderen leren a b c d sommige leren je hebt ADHDhopelijk valt er te leren uit de fouten sommigen krijgen het nooit geleerd Ik zie de problemen van de maatschappij& wie ben ik ik ben iemand in een huiseen huis zonder beeldbuismaar ik zie de problemen van de maatschappijdus kijk misschien eens uit de ramendan kunnen we tezamen besluitendat in deze gans grote bende van ellendemensen sukkelen & constant stenen smijten door elkaars ruiten   ik zie de problemen van de maatschappijjij ziet ook de problemen van de maatschappijwij zien de problemen van de maatschappij ik zie de problemen van de maatschappij& wie ben ik ik ben iemand in een huisik ben iemand in een huis zonder beeldbuis                                    fuck de brainwashbakik zie de problemen van de maatschappijik ben iemand in een huis& ieder huis heeft zijn eigen kruismaar hier buiten ligt uw& mijn echte thuis& zonder elkaar & zonder naast elkaar te staanzijn we nooit echt thuis  

Schrikkentist
0 0

4 – Het Interieur

  De notaris had mij een oude zware sleutel meegegeven.
 – Het slot hing half uit zijn hengsels – 
Maar daar hoefde ik mij geen zorgen over te maken - had hij gezegd - Alles functioneert naar behoren – wel stevig duwen, want het is een erg zware deur!” - lachte hijInderdaad – ik kon ze net ver genoeg open wrikken om mij zijdelings naar binnen te wurmen. Och! - dacht ik-  Welke zin heeft het toch allemaal – mijn besluit staat nu al vast – hier wil ik nooit komen wonen! Maar ik wou mijn vrouw niet teleur stellen – dus ging ik maar verder kijken. Ik bevond mij in een voorportaal.
 – Rechts: een helder trappenhuis met fel blauwe vloertegels.
 – en toen ik opkeek: 
Een nis in de muur met daarin enkele roestige geweren.
(“Winchester” was nog leesbaar op één ervan.) Links: Een deur – daarachter een trap naar beneden – een souterrain? Ik beklom een brede marmeren trap.
 Betastte de leuning – maar werd de kilte van het koper gewaar daar waar ik hout verwachtte. Boven trof ik een interieur aan zoals ik die enkel uit oude Europese films kende – hoge plafonds – een enorme goudomrande spiegel boven een zwart marmeren schoorsteenmantel – Zware kasten in een donkere houtsoort – met snijwerk waarin gebladerte, dieren, vruchten en jachttaferelen waren uitgebeeld.
– Een koperen kroonluchter met kristallen lampions en een pendule.
Te midden van een grote ronde eikenhouten tafel volgestouwd met velerlei voorwerpen. Over dat alles lag een fijne bleke stoflaag die wolkig verstoof bij iedere beweging.
– Onder een dik tapijt kraakte een parket.
 De geuren waren bijzonder maar moeilijk te beschrijven – hadden ze iets van kasha of een rozengeur? Ik ontdekte een kleine bibliotheek – verschillende schilderijen waarin ik enkel kleuren, strepen en vlekken kon onderscheiden. Die veelvoud aan voorwerpen, die in iedere kamer opdoken, begon meer en meer mijn belangstelling op te eisen – soms waren het dingen waarvan ik de functie nog nauwelijks raden kon. Ik werd nieuwsgieriger bij het openmaken van iedere deur. Maar plots overviel mij het onbehaaglijke gevoel van indringer te zijn. 
Ik was geen koper meer die een pand komt bezichtigen – maar een indringer – een dief – die rondspiedde. Het was er heel erg stil.
 Er hing die onwezenlijke dreiging die van verlaten huizen kan uitgaan.Het pand benauwde mij.
 Ik zocht mijn weg terug – naar de uitweg - ik liep de trap af – tastte in mijn jaszak naar de sleutel – stapte op de buitendeur af – greep naar de deurknop – 
Maar toen ik die vast greep werd ik iets gewaar dat mij tegenhield. Ik kon niet meer bewegen.

Anker Tong
0 0

3 – Een week later

    Een week later reed ik terug. We hadden een afspraak gemaakt met de verkoper.
 Maar mijn vrouw kon zich niet vrijmaken, en de kinderen hadden school. 
Dus, reed ik er alleen naartoe.We hadden het web doorzocht naar wat meer informatie.
 Maar erg veel waren we niet te weten gekomen. Eén herkenbare foto en een notarieel bericht : “vrijstaand herenhuis te koop,
 begin 19 de eeuw (bouwjaar onbekend)
twee verdiepingen, omliggend 3 hectare” Dat was ver allesHet roestige hekje protesteerde snerpend. Ik wou mij eerst vergewissen van de staat langs de buitenkant. 
Ik probeerde om het huis heen te lopen – Het leek wel een kubus met een dak erop – aan iedere kant drie hoge ramen met telkens daarboven weer drie.
Het kostte mij heel wat moeite om mijn weg door deze hellende tuin te banen – zo hoog stond het gras!En steeds maar goed uitkijken vooraleer ik mijn voeten zat. 
Door de tijd hadden zich her en der herkenbare en onherkenbare voorwerpen hun plaats verworven tussen de woekerende gewassen.
 Een roestige fiets was haast onherkenbaar opgeslokt door klimop.
 En wat verder stak de kleurloze karkas van een tuig boven de wildgroei. De buitenmuren waren bekleed met verfresten van een onbestemde kleur 
– waaruit hier en daar naakte donkerrode bakstenen staken.
 De gebarsten hoge ramen speelden een hoekig spel met weerspiegelende wolken… Dit huis geleek helemaal niet meer op dat van een week geleden.
 Van kortbij had het zijn antieke schittering verloren.
 Nu deed het de moed van de dappersten verzinken.…Opeens een aanzwellend geruis – als van een waterval – 
Ik strompelde in de richting van het gerucht en ontdekte een rij populieren waaraan de wind heftig rukte. Vanuit het niets klonk een vrouwenstem.
 Zij riep iets onverstaanbaars. Waar jeugdige kreten op volgden –
– Pok!…Pok! ..Pok!..? – een tennisspel? Hier 
Een romp – en daar een arm, en ginds rennende benen opschietend tussen het groen. 
Even verscheen de rugzij van een hoofd en verdween dan weer meteen.
 Flarden wit flitsten tussen de groene bladeren van de struiken bij iedere beweging van de spelers

Anker Tong
0 0