Lezen

Het hoeft geen verschil te maken, noch een betekenis te hebben.

Ik hoop dat iemand ooit lang genoeg van mij kan houden. De sleutels hang je aan het haakje naast de deur bij thuiskomst.Je staat met de tippen van je tenen op de hiel van je andere voet, trekt hem uit je schoen en laat ze in je pantoffel glijden. Je staat er niet bij stil of je al weet hoe laat het is, omdat je honderd keer op een dag naar je horloge kijkt. Het water kookt al; straks is de koffie klaar die je niet volledig zal uitdrinken. Op automatische piloot zet je de melk terug in de koelkast en druk je mij een kus op mijn schouder. Een tussenstop van het aanrecht naar de koelkast. Het hoeft geen verschil te maken, noch een betekenis te hebben.Als je van me kan houden tot dat niveau, prijs ik me gelukkig. ’s Avonds kan je vergeten je tanden te poetsen, zonder er ’s nachts van wakker te liggen. En bij ons zou dat net zo zijn. Het voelt anders, nu je benen op een kussen liggen i.p.v. op mijn schoot, maar het voelt net zo goed. ’s Morgens voelt je mond wat raar, maar het bederft niet de smaak van alles wat je die dag eet. En bij ons zou dat net zo zijn. Mocht het haakje afbreken, zou je je sleutels op het kastje leggen. Wollen sokken zouden in minder dan een dag tijd je pantoffels inwisselen. Je zou je verbazen over hoe dicht de koelkast eigenlijk bij het aanrecht staat, mocht ik er niet tussen zitten. Je zou voelen dat het anders is, maar het zou net zo goed zijn. Je geeft me een kus, omdat je dat elke dag daarvoor ook deed. Het zou een traditie worden, waarvan je de oorsprong vergeet. En het besef zou komen dat kerst evengoed gevierd kan worden zonder kalkoen. Het zou aanpassing vergen; zonder dat je me mist, omdat ik niet aan je ontbreek. En ik leef op hoop dat je niet stil zal staan bij vanzelfsprekendheden.

Amarant Plas
38 0

Koninklijke woorden

In aanloop naar het wereldkampioenschap voetbal (in sportteksten lijkt het alsof de woorden meebewegen, voor een strafschop neem je ook een aanloop) heeft een naar nostalgie hunkerende reportagemaker WK-beelden uit de oude voetbaldoos gehaald. Hij bekijkt ze met enkele duivels op rust. In een aftandse autobus rijdt hij door het land om oud-spelers op te halen. Ze wachten samen met de cameraman - gespeeld spontaan - op de passerende bus. Onze oudste heeft de oude fragmenten nog nooit gezien. Ik vertel erover alsof ik zelf in het stadion aanwezig was. De met twee voornamen gezegende Philippe Albert ziet een door hem uitgevoerde tackle van lang geleden terug. "Mag ik die nog eens zien?", vraagt hij. "Oh la la", zegt hij verontschuldigend. "Recht op de man. Dat is niet goed." In een wedstrijd tegen Duitsland moesten ze hem na het laatste fluitsignaal tegenhouden, of hij had de scheidsrechter een oplawaai verkocht. Hij lijkt nog altijd boos wegens het veroorzaakte onrecht. Terecht verontwaardigd. Ik voel het samen met hem opnieuw opkomen. Naast twee voornamen had hij ook twee bijnamen. In Engeland, waar hij zijn topjaren beleefde, was het Prince Albert. In ons land kreeg hij de oneervolle titel van 'Houthakker van Bouillon’. Dat laatste vertel ik niet. Voetbaltaal is af en toe lelijk, als het uit de mond van sommige aan de zijlijn staande voetbalkenners komt. In een leeg voetbalstadion vertelt hij dat zijn ma niet blij was met die bijnaam. "De journalist heeft dat wellicht niet zo bedoeld", had hij indertijd tegen zijn ma gezegd. De waarheid terecht wat geweld aangedaan. "Vertel je er vaak over? Over je carrière?", vraagt de reportagemaker tot slot. "Nooit", antwoordt de prins met de gouden schoen. "Maar het voelt nu wel goed." Dat zijn pas koninklijke woorden. Ze komen als een duivel uit een doosje.

Rudi Lavreysen
2 0

Het onderweg zijn

Tussen hier en daar en later omgekeerd was ik onderweg Eerst, hoe kan het anders, de heenreis, van trein tot trein totBrugge station tot Ensor, en wat een ontvangst daar zeg!  De voorstelling waarvoor ik naar Brugge treinde, voor die ene keereen mens permitteert zich soms eerste klas en dat in dubbeldek Die elfde van de elfde, niet van hot naar her of kriskras, veel eerderdoelgericht en stapvaardig, hongerig, met goesting zonder omweg Vooraf de reden van mijn reizen, kuieren in verlichte straatjesen achteraf de na wandeling met een verse herinnering  Die nog nazinderde aan het ontbijt, mijn statische onderwegzo warm en uitgebreid, ik ben Rupsje nooit-genoeg zonder overleg De dag na de elfde, in Brugge de twee derde zussendagstraatjes verlicht door de zon al toen, de koffie en het buiten zijn De babbels en de winkels, de pretjes en de lunch en dan toch weermist treinend onderweg naar terug, tussen al dat volk in dubbeldek De zeurmadam, hoe durven ze toch, zo bomvol ook in eerste zittengelukkig niet ontspoord, wel vertraagd, ze staakte het gesprek De overstap was rustiger, eerder bomleeg, zelfs in tweede klassetot onderweg, de treinbegeleider, correct doende om zijn bestaan Van die jongeman, hij sliep zo diep, niet onderweg naar Isfahande trein bleef stil in Sint-Niklaas, er kwam politie aan te pas Weer een overstap naar een veel stoppende treinzouden er in elk station nog veel overstappers zijn? Die man, een beetje groezelig, verdwaasd of was hij verdwaald?zag hij iets wat wij niet zien? Werd hij bang? Had hij niet betaald? Ik zag hem later zwalpend lopen en ook blijven staanwaar ik uitstapte, over enkele vuilbakken, kijken, heel alleen En ik wist niet wat gedaan … tot hij weg was, waarheen?

Anemos
29 0