Er is altijd wel een eitje te pellen
We zijn dan wel vivipare dieren, we hebben meer gemeen met oviparen dan we denken.
We zijn zelfs ovovivipaar, baren levend, maar broeden levenslang op een ei.
Het soort ei dat zich niet zomaar laat pellen, je steekt er al zeker niet zomaar je lepel in. Geen geel dat op je toastbrood drupt, wel zout dat in je wonde strooit.
Een jong eiwil je echt niet pellen,tenzij je niks omhanden hebt.Dan neem je zo’n eionder handen,eiwit koppig,membraan winten laat niet los,kleine schilferssameneen groot geheim.
Een oud eilaat zich beter pellen.Met meer ruimtetussen schaal en membraan,glad als een pas gepelde mandarijn.Zo’n ei weetdat een jas je niet beschermt,die lepel vindt jou ooit wel.
Een rijp ei,dat wil je dan weer graag op je bord,net gaar genoeg,nu het eiwit zich niet vastklampt,niet inzakt,grote schilfersals een verhaal dat zich graaglaat vertellen.
En eens ons eitje gekookt iszetten we de ketel terug op.Alle kookwekkers ten spijt,die gaartijdkan altijd beter.
(Afbeelding KateCox Pixabay)