Lezen

VAN DE PRINS GEEN KWAAD WETEN

Dus vanaf dit najaar moet Laurent naar de voedselbank. Eindelijk hebben de Belgische burgers de moed gehad om ’s lands grootste werklozensteuntrekkende nutteloze sprookjesfamilie aan de kant te schuiven.  Ex vorstenpaar, ma en pa rentenieren in Zuid Frankrijk of in Italië, met het door ons gesponsorde, riante familiefortuin. Broer en zus belegden hun dotaties en leven nu rijkelijk van de intresten. Maar zoals in elke gewone doorsnee familie is er wel een zwart schaap te bespeuren en dat is nu eenmaal de gewezen prins rebel. Hij zit gehurkt tegen de muur van het Brusselse Noordstation en zet ietwat verlegen zijn kleine zwarte hoedje voor zich neer. Reizigers die hem voorbijsnellen, bekijken hem meewarig. Zij kunnen hem echt niet direct plaatsen, maar het gezicht van die haveloze dikke dakloze komt hen wel ergens bekend voor. Is dit een te vroeg uitgedijde werkeloze televisievedette van Temptation Island? Was het een charmezanger die na één hitje de mist in gegaan was? Was het een failliete nitwit van het ‘Sky is the limit’ programma? Veel tijd om erover na te denken hebben deze treinreizigers niet, want de job roept. Een passant kan zijn ergernis niet onderdrukken en roept: ‘Ga godverdomme werken zoals wij, in plaats van hier je botten te schuren!” Laurent beseft dat het helemaal verkeerd afgelopen is. Hij knikkebolt. Hij droomt van dat fantastische dutje dat hij had, op de Belgische nationale feestdag, toen hij mee de militaire défilé moest aanschouwen. Geeuwverwekkend saai vond hij dat. Zijn broer en schoonzus hadden hem verontwaardigd op het Koninklijke matje geroepen, de halve Belgische koningsgezinde bevolking had schande geschreeuwd, terwijl de andere helft juichend geroepen had, dat het tijd werd om die vorstenhuisfamilie eruit te flikkeren. Laurent gniffelt als hij bedenkt dat het ordinaire burgervolkje nu zelf voor een geldverslindende president zal gaan stemmen. Krijgen ze straks zo’n Moe Merkel, die alles schafft, aan het roer of zo’n Trump-a-like die al twitterend en klimaatopwarming ontkennend zijn eigen ondergang bewerkt. Hij heeft voor alle zekerheid zijn Laurent- twitteraccount snel afgesloten. Laurent begreep het allemaal niet meer zo goed. Toen hij zijn boekje ‘de hond als gids’ schreef, noemden men hem vertederend ‘Prins Woef’. Nu hij zich wat op serieuzer diplomatieke zaken had toegelegd, was men ineens zijn fratsen beu en werd hij plots, ‘de prins met het hoekje af’ genoemd. Oké, hij was soms eventjes depressief geweest, je zou van minder met zo’n Koninklijke pokkenfamilie. Hij heeft het nooit ten volle beseft maar hij werd al eens om één of andere reden kunstmatig in een coma gehouden.  Maar hoe hij ook stuntelde, hij deed het toch allemaal maar voor België. Aanwezig zijn op de 60e verjaardag van het Chinese leger, met zijn stichting in het Midden Oosten wat bomen gaan planten en ja inderdaad, hij had vroeger wat schimmige uitspraken over de Belgische regering durven maken.. maar om hem hiervoor nu ineens zo te straffen en zijn dotatie af te nemen!! Dotatie, dotatie, alimentatie, alimentatie, man, man, man!  Hij zucht en denkt aan zijn drie kinderen die nu bij zijn ex vrouw wonen. Claire werkt terug en dreigt ermee dat hij zijn kinderen niet meer te zien krijgt zolang hij geen alimentatie betaald! Hij kan toch moeilijk reclamefoldertjes in de brievenbussen gaan steken, aan de lopende band gaan staan, achter de vuilkar gaan lopen, want hij kent niets! Hij is alleen een steuntrekkende prins geweest. Hij zakt wat verder weg tegen de stationsmuur en mijmert over zijn tijd in villa Clémentine. Waar was de tijd toen hij hottel de bottel verliefd was op dat zwartharige fotomodel- zangeresje.  Die wist van wanten! Hij was voor haar de prins op het witte paard.  Jarenlang heeft het Belgische volk zijn hypocriete vader onderhouden. De koninklijke schuinsmarcheerder, die het vertikte om zijn liefdeskind te erkennen en juist deze, naast de pot pisser, had het lef om een stokje voor zijn kikkerprins romance te steken.  Als kind werd hij telkens bij oom Boudewijn en tante Fabiola gedropt. Elke dag als hij eens wat kattenkwaad uitgehaald had, moest hij op zijn blote knietjes in de Koninklijke kapel voor het grote christelijke kruis om vergiffenis vragen voor zijn zonden. Heel zijn leven lang, voor alles wat hij zei, deed of dacht heeft hij tegen iedereen sorry moeten zeggen.. Hij kijkt in zijn hoedje waarin alleen een luttele hoeveelheid koperen centjes  liggen. Hij kruipt omhoog, trekt zijn te smal geworden jas wat dichter rond zijn buik en wankelt onzeker richting Maximiliaanpark. Hier schuift hij mee aan, met de honderden vluchtelingen aan de voedselbedeling van de ngo’s. Hij voelt zich wat onwennig tussen al die zwarte transitmigranten. Slapen in het park durft hij nog niet. Als straks de honger Afrikaantjes te weten komen dat hij een directe familiebloedband heeft met de Congo uitbuiter, de exploiterende, handen afhakkende Koning Leopold II, gaan de poppen aan het dansen. Waar kan hij, als ex prins, asiel aanvragen? Ma en pa hebben hem verstoten en dobberen bruinend op hun jacht in de Middellandse zee. Broer, schoonzus, zus en schoonbroer kijken hem met de nek aan. Zij hebben zich een jetset leventje toegeëigend. Alleen zijn halfzuster Delphine wil hem nog kennen, maar alleen dan als hij zijn dna wil afstaan. Wie wil hem nog? Wie wil deze kikkerprins nog kussen? Ach volgens hem hebben de Belgische burgers het prinsenkind Laurent prematuur met het badwater weggegooid! Hij, Laurent van België had een fantastische koning geweest!

Sim
36 0

Frau Meier

Frau Meier     Nu is Frau Meier weg. Goed tien jaar is ze in Rostock onze overbuur op de eerste verdieping geweest. Ze is al decennialang gescheiden, en Jens, haar enige zoon, is enkele jaren na haar scheiding naar de Verenigde Staten geëmigreerd. Ze is dus al lang alleen. Haar hele beroepsleven heeft ze als verpleegster in hetzelfde ziekenhuis bij dezelfde professor gewerkt. Die sprak haar aan met ‘Schwester Maria’ - niet met ‘Maria’, maar ook niet met het formele ‘Frau Meier’. Een vertrouwelijkheid die fijnzinnig spoorde tussen het Duitse duzen en siezen.                 Nadat Schwester Maria met pensioen was gegaan, en dus weer voor iedereen zonder uitzondering Frau Meier was geworden, was ze naast ons ingetrokken. Ze had hier een betaalbare, kleine flat gevonden, die ruimschoots bood wat ze nodig had. Ze had tijd zat, maar die kreeg ze moeiteloos om. Door de muur heen hoorden we haar urenlang genieten van de mooiste Duitse schlagers. Ze is groot en struis, doch haar gezondheid wil niet echt mee. Men zag het haar aan, ze stapte altijd erg langzaam als ze in de tuin een sigaret ging roken, of in haar lange regenmantel op boodschap ging. Ze kon ook zelf wel eens over haar wankele gezondheid  beginnen, hoewel ze dan méér knikte dan sprak. Misschien wachtte ze telkens op een teken van verstandhouding, een nieuwsgierige blik, die haar signaleerde dat ze gerust verder kon vertellen. Of misschien dacht ze dat ze alles al eens eerder uit de doeken had gedaan, zodat een brede beweging van de hand over haar buik moest volstaan om er ons aan te herinneren dat ze dáár geopereerd geweest was - een snede van hier tot ginder, weet je. We weten inderdaad al langer dat het rommelt in haar buik, maar méér wilde ik daarover liever niet horen.                 Ik denk dat ze eenzaam was. Ze plakte een beetje als ze me op de overloop of in het trappenhuis of op de stoep tegen het lijf liep. Dan moest ik vaak naderhand enige haast voorwenden om hoffelijk afscheid te kunnen nemen. Maar dat zal nu niet meer gebeuren, want nu is Frau Meier weg.                 Frau Thom woont op het gelijkvloers. Vanachter de gordijntjes volgt ze alle bewegingen op straat. Ze weet steeds wie het huis binnentreedt en wie het huis verlaat. En van alle bewoners weet ze feilloos de laatste nieuwtjes te achterhalen. Zo kon natuurlijk alléén zij ons op een dag zeggen, terwijl ze haar hand met gebogen vingers vóór het voorhoofd zwaaide, dat Frau Meier „einen Knall hat“. Frau Meier had haar gezegd dat Angela, die ingenieur is, van nu af aan haar verpleegster was. Blijkbaar rommelt het dus niet alléén in haar buik, het rommelt ook in haar hoofd.                 Dat het inderdaad kommer en kwel werd voor Frau Meier, drong langzaam tot ons door. Vanuit Amerika kon Jens niet veel voor haar doen, en daarom had hij Frau Möller, een oude bekende van zijn moeder, ingeschakeld om een oogje in het zeil te houden. Sindsdien kwam Frau Möller regelmatig op bezoek, soms alléén, soms vergezeld van haar echtgenoot. En na verloop van tijd kwam ze niet alleen polshoogte nemen, ze kwam Frau Meier ook bevoorraden. Want Frau Meier kookte niet meer. Ze was altijd een fijnproever geweest; af en toe liet ze ons daarvan getuige zijn als ze met een proevertje bij ons aanklopte. Maar het moment kwam waarop ze geen zin meer had om te koken, of niet meer in staat was om te koken, ik weet het niet precies. Van dan af kwam Frau Möller één of tweemaal in de week de nodige calorieën leveren. En van dan af stonden op het menu van Frau Meier steevast wienerworstjes voor ´s middags, en een plak kaas voor ´s avonds op de boterham. Elke dag. Van dan af ook liet ze zich steeds minder vaak zien. Toen ze een tijdje geleden van een kortverblijf uit de kliniek terug thuisgekomen was, klopte ze ´s avonds toch nog eens aan. Haar lange regenmantel hing over haar schouders, als maakte ze zich klaar om weg te gaan. Ze sprak niet meteen, doch met gesperde ogen zei ze na een poosje dat ze zo bang was. Angela heeft haar dan een uurtje geknuffeld en haar verzekerd dat er niemand in huis was, die er niet mocht zijn. Toen Angela ´s anderendaags dit voorval telefonisch rapporteerde aan Frau Möller, vernam ze dat ze daar al aan het uitkijken waren naar een instellingsplaats.                 Ik had Frau Meier al een hele poos niet meer gezien, toen ze vorige week weer eens aanklopte. Het was wel even schrikken. Ze stond op haar sloffen aan de deur, haar ogen glaasden, haar uitgedunde haar stond recht gespitst als bij een jonge punker. Ze stak me een aangebroken plastic doosje met wienerworstjes toe, en zei dat ze die op overschot had. Ik ben nu wel niet zo tuk op wienerworstjes, en vroeg of ze echt wel zeker wist dat ze die zélf niet meer kon verbruiken. Duizend procent zeker, zei ze. Ze wankelde even, zocht snel met het éne been een nieuw evenwicht, en slofte dan met de glimlach der gelukzaligen op het gelaat haar appartement weer binnen. Ik had de worstjes nauwelijks aan de kant gelegd, of ze klopte nogmaals op de deur. Daar stond ze met een tweede doosje, waarin nog één enkel worstje lag. Ik heb beide doosjes in de koelkast gelegd, daar wachten ze tot ik eens grote honger heb.                 Gestommel op de overloop. Door de spion kon ik zien dat de deur van Frau Meier´s appartement openstond. Jens was er. In de gang stond één en ander gestapeld. Het was meteen duidelijk: er werd verhuisd. En werkelijk, Jens had zijn moeder enkele dagen tevoren naar de instelling gebracht. We hadden er niets van gemerkt. Nu was hij met de hulp van de Möllers begonnen het appartement leeg te maken. Echt verhuizen was het eigenlijk niet, want zijn moeder deelde nu in de instelling een kamer, die al helemaal bemeubeld was. Opruimen was dus de boodschap. Tegen de avond parkeerde een wagen van de reinigingsdienst vóór de deur, en de hele inboedel, die ondertussen op het voetpad opeengestapeld lag, werd knarsend en krakend in de vernieling geperst. Een brede couch bood wat weerstand, viel enkele keren in stukken en brokken terug in de muil van de vuilniswagen, maar begaf het uiteindelijk onder de overmacht van de hydraulische persen. Eén van de vuilnismannen nam een klein kadertje in de hand, bekeek het enige tijd, aarzelde, gaf het dan door aan een collega. Een wijle stond de hele equipe van vier het kadertje te bekijken, dat dan op het muurtje van de voortuin werd gelegd. Twee onberispelijk witte tuinstoelen kraakten onder het geweld van de pers. Een paar opgerolde tapijten plooiden soepel mee. Een zware bijzettafel, waarvan dan toch één poot wat losjes hing, volgde meedogenloos. Als de klus geklaard was, nam de chauffeur het kadertje in de hand en nam het mee als hij zich in de cabine hief. Ik volgde met de ogen de wagen tot hij uit het zicht verdwenen was. Nu is Frau Meier weg, dacht ik, nu is ze helemáál weg.      

lieven
0 0

Frau Meier

Frau Meier     Nu is Frau Meier weg. Goed tien jaar is ze in Rostock onze overbuur op de eerste verdieping geweest. Ze is al decennialang gescheiden, en Jens, haar enige zoon, is enkele jaren na haar scheiding naar de Verenigde Staten geëmigreerd. Ze is dus al lang alleen. Haar hele beroepsleven heeft ze als verpleegster in hetzelfde ziekenhuis bij dezelfde professor gewerkt. Die sprak haar aan met ‘Schwester Maria’ - niet met ‘Maria’, maar ook niet met het formele ‘Frau Meier’. Een vertrouwelijkheid die fijnzinnig spoorde tussen het Duitse duzen en siezen.                 Nadat Schwester Maria met pensioen was gegaan, en dus weer voor iedereen zonder uitzondering Frau Meier was geworden, was ze naast ons ingetrokken. Ze had hier een betaalbare, kleine flat gevonden, die ruimschoots bood wat ze nodig had. Ze had tijd zat, maar die kreeg ze moeiteloos om. Door de muur heen hoorden we haar urenlang genieten van de mooiste Duitse schlagers. Ze is groot en struis, doch haar gezondheid wil niet echt mee. Men zag het haar aan, ze stapte altijd erg langzaam als ze in de tuin een sigaret ging roken, of in haar lange regenmantel op boodschap ging. Ze kon ook zelf wel eens over haar wankele gezondheid  beginnen, hoewel ze dan méér knikte dan sprak. Misschien wachtte ze telkens op een teken van verstandhouding, een nieuwsgierige blik, die haar signaleerde dat ze gerust verder kon vertellen. Of misschien dacht ze dat ze alles al eens eerder uit de doeken had gedaan, zodat een brede beweging van de hand over haar buik moest volstaan om er ons aan te herinneren dat ze dáár geopereerd geweest was - een snede van hier tot ginder, weet je. We weten inderdaad al langer dat het rommelt in haar buik, maar méér wilde ik daarover liever niet horen.                 Ik denk dat ze eenzaam was. Ze plakte een beetje als ze me op de overloop of in het trappenhuis of op de stoep tegen het lijf liep. Dan moest ik vaak naderhand enige haast voorwenden om hoffelijk afscheid te kunnen nemen. Maar dat zal nu niet meer gebeuren, want nu is Frau Meier weg.                 Frau Thom woont op het gelijkvloers. Vanachter de gordijntjes volgt ze alle bewegingen op straat. Ze weet steeds wie het huis binnentreedt en wie het huis verlaat. En van alle bewoners weet ze feilloos de laatste nieuwtjes te achterhalen. Zo kon natuurlijk alléén zij ons op een dag zeggen, terwijl ze haar hand met gebogen vingers vóór het voorhoofd zwaaide, dat Frau Meier „einen Knall hat“. Frau Meier had haar gezegd dat Angela, die ingenieur is, van nu af aan haar verpleegster was. Blijkbaar rommelt het dus niet alléén in haar buik, het rommelt ook in haar hoofd.                 Dat het inderdaad kommer en kwel werd voor Frau Meier, drong langzaam tot ons door. Vanuit Amerika kon Jens niet veel voor haar doen, en daarom had hij Frau Möller, een oude bekende van zijn moeder, ingeschakeld om een oogje in het zeil te houden. Sindsdien kwam Frau Möller regelmatig op bezoek, soms alléén, soms vergezeld van haar echtgenoot. En na verloop van tijd kwam ze niet alleen polshoogte nemen, ze kwam Frau Meier ook bevoorraden. Want Frau Meier kookte niet meer. Ze was altijd een fijnproever geweest; af en toe liet ze ons daarvan getuige zijn als ze met een proevertje bij ons aanklopte. Maar het moment kwam waarop ze geen zin meer had om te koken, of niet meer in staat was om te koken, ik weet het niet precies. Van dan af kwam Frau Möller één of tweemaal in de week de nodige calorieën leveren. En van dan af stonden op het menu van Frau Meier steevast wienerworstjes voor ´s middags, en een plak kaas voor ´s avonds op de boterham. Elke dag. Van dan af ook liet ze zich steeds minder vaak zien. Toen ze een tijdje geleden van een kortverblijf uit de kliniek terug thuisgekomen was, klopte ze ´s avonds toch nog eens aan. Haar lange regenmantel hing over haar schouders, als maakte ze zich klaar om weg te gaan. Ze sprak niet meteen, doch met gesperde ogen zei ze na een poosje dat ze zo bang was. Angela heeft haar dan een uurtje geknuffeld en haar verzekerd dat er niemand in huis was, die er niet mocht zijn. Toen Angela ´s anderendaags dit voorval telefonisch rapporteerde aan Frau Möller, vernam ze dat ze daar al aan het uitkijken waren naar een instellingsplaats.                 Ik had Frau Meier al een hele poos niet meer gezien, toen ze vorige week weer eens aanklopte. Het was wel even schrikken. Ze stond op haar sloffen aan de deur, haar ogen glaasden, haar uitgedunde haar stond recht gespitst als bij een jonge punker. Ze stak me een aangebroken plastic doosje met wienerworstjes toe, en zei dat ze die op overschot had. Ik ben nu wel niet zo tuk op wienerworstjes, en vroeg of ze echt wel zeker wist dat ze die zélf niet meer kon verbruiken. Duizend procent zeker, zei ze. Ze wankelde even, zocht snel met het éne been een nieuw evenwicht, en slofte dan met de glimlach der gelukzaligen op het gelaat haar appartement weer binnen. Ik had de worstjes nauwelijks aan de kant gelegd, of ze klopte nogmaals op de deur. Daar stond ze met een tweede doosje, waarin nog één enkel worstje lag. Ik heb beide doosjes in de koelkast gelegd, daar wachten ze tot ik eens grote honger heb.                 Gestommel op de overloop. Door de spion kon ik zien dat de deur van Frau Meier´s appartement openstond. Jens was er. In de gang stond één en ander gestapeld. Het was meteen duidelijk: er werd verhuisd. En werkelijk, Jens had zijn moeder enkele dagen tevoren naar de instelling gebracht. We hadden er niets van gemerkt. Nu was hij met de hulp van de Möllers begonnen het appartement leeg te maken. Echt verhuizen was het eigenlijk niet, want zijn moeder deelde nu in de instelling een kamer, die al helemaal bemeubeld was. Opruimen was dus de boodschap. Tegen de avond parkeerde een wagen van de reinigingsdienst vóór de deur, en de hele inboedel, die ondertussen op het voetpad opeengestapeld lag, werd knarsend en krakend in de vernieling geperst. Een brede couch bood wat weerstand, viel enkele keren in stukken en brokken terug in de muil van de vuilniswagen, maar begaf het uiteindelijk onder de overmacht van de hydraulische persen. Eén van de vuilnismannen nam een klein kadertje in de hand, bekeek het enige tijd, aarzelde, gaf het dan door aan een collega. Een wijle stond de hele equipe van vier het kadertje te bekijken, dat dan op het muurtje van de voortuin werd gelegd. Twee onberispelijk witte tuinstoelen kraakten onder het geweld van de pers. Een paar opgerolde tapijten plooiden soepel mee. Een zware bijzettafel, waarvan dan toch één poot wat losjes hing, volgde meedogenloos. Als de klus geklaard was, nam de chauffeur het kadertje in de hand en nam het mee als hij zich in de cabine hief. Ik volgde met de ogen de wagen tot hij uit het zicht verdwenen was. Nu is Frau Meier weg, dacht ik, nu is ze helemáál weg.      

lieven
0 0

Echte vrienden

BART VAN DE PEER is getagd in een bericht.   JAKE GYLLENHAAL was vriendschap aan het vieren in "Restaurant The Ivy, Los Angeles" met BART VAN DE PEER.   Ik ben slecht in Frans maar “Je t’aime!”... Ik heb nooit opgelet bij wiskunde maar op mij kun je rekenen! Ik snap niks van Engels maar “I will be there for you!”... Ik doe niets bij aardrijkskunde maar jij betekent de wereld voor mij! Ik doe nooit wat bij lichamelijke opvoeding maar ik zal je opvangen als je valt. Nederlands is stom maar door jou heeft vriendschap een ware betekenis gekregen! Kortom, ik heb je fucking graag! Zet dit op je prikbord als je iemand ontzettend graag hebt! Die paar weten het wel =)     ...   Toch mooi é? Hoe bepaalde vriendschappen kunnen ontstaan en een bevestiging zijn voor de rest van het leven dat ons rest... Vrienden, je kan er niet genoeg hebben. Ik ben zeer dankbaar voor alle mensen die ik als vrienden kan beschouwen, en ik ben er zeker van dat deze vrienden zich nog meer vereerd voelen dan ik om deel uit te maken van onze unieke band. Er zijn zeker uitzonderingen, zeg maar bepaalde personen die er uitspringen.   Ik weet dat het zeer ongeloofwaardig klinkt, maar er zijn zelfs mensen in het buitenland die kunnen uitpakken op sociale media dat ze vrienden zijn met mij.    (Ik citeer Eddy Wally-vis, “gewéldig” “wauw” “onvoorstelbaar” “oh my god”)   En die het niet alleen laten om bij het type “facebook vrienden” te behoren... Maar ook nog moeite doen om Bart Van de Peer, en zijn overvolle agenda, in levende lijve te ontmoeten om vervolgens te kunnen genieten van dat beetje tijd die hij overheeft. De waarde van mijn tijd is goud waard. En dat mag je letterlijk nemen...Op dit moment bedraagt de waarde van mijn tijd iets meer dan de actuele goudprijs van vandaag (1kilogram goud = €35.037,61). Het specifieke bedrag kan ik jullie zeker meedelen, maar wordt nu ook niet jaloers dat de tijd van een ander slechts evenveel waarde heeft als het schietspek dat ik rond mijn oren krijg geschoten als ik me waag om even langs de lokale kruidenierszaak te gaan voor sigaretten en vuilniszakken.   De waarde van schietspek bedraagt dezer dagen iets van een €3 voor 100kg... Als u dan weet dat 10 vuilniszakken van de gemeente Ranst €15 kost, kan u zelf wel de som maken dat je beter kan investeren in vuilniszakken dan het schietspek van Jan Modaal en consorten. Maar de waarde van mijn tijd is natuurlijk van een heel andere planeet, het bedraagt vandaag iets van een €45.098,30 voor een goed gevuld uur. Wat maakt dat ik me zeker kan bestempelen van “+10 hipsterpunten” tot “zeer exclusief”.   “Niveauverschil is iets van alle tijden.” Met deze quote van Gene Thomas wil ik jullie de specifieke vriendschap toelichten van een wel zeer bijzonder iemand in mijn leven. Jake Gyllenhaal. Het begon allemaal onverwacht, zo gaat dat nu eenmaal bij het begin van vriendschappen die worden gesmeed. Ik was op zoek in de videotheek naar een goede film. Rustig aan mensen, haal even adem, tel tot 10, doe een yoga oefening van Ingeborg,... Ik ben idd naar een videotheek geweest ipv iets te moeten kiezen van telenet en zijn beperkt aanbod goede, kwaliteitsvolle films. De film die ik koos was “Demolition” van Jean-Marc Vallée. Hoofdrollen werden verdeeld onder Jake Gyllenhaal, Naomi Watts en Chris Cooper. Het verhaal leest u meteen, maar toch moet ik nog een klein “fait divers” meegeven toen ik met mijn film naar de kassa ging. Ik herkende het gezicht van de vrouw die daar in de videotheek stond te werken. Het was niemand minder dan Sabine De Vos. Er doet u wss geen belletje rinkelen bij de naam die ooit nog uithangbord is geweest bij de vroegere BRTN. Na dit mislukt avontuur van haar, waar ze destijds Jo De Poorter moest vervangen omdat hij homo bleek te zijn, heeft ze zich net zoals ik helemaal gestort op het schrijven van boeken. Enkel vergat Sabine te denken aan de quote van Gene Thomas. Die ik nota bene heb laten inkaderen in de living als geheugensteuntje om steeds alles beter te doen dan zowat iedereen. Sabine haar boek “Traliemama’s” kan volgens criticasters als BVdP bestempeld worden als ondermaats, slordig, vol schrijvfauwten, melig gezeik, nat feministisch boerinnenbeklag,... enzovoort. En dit allemaal zonder het boek gelezen te hebben. Dus we kunnen spreken van een wel zeer betrouwbare bron. Toffe gast trouwens die BVdP.   Dat is het verschil tussen mij en Sabine, zij probeert alle moeite te doen om het verschil te maken. Terwijl mensen zoals ik gwn het verschil zijn. Eet kak Sabine! Schrijnend was het hoe ze zich onherkenbaar probeerde te maken toen ik haar €4,95 overhandigde om de film “Demolition” voor een dagje huiswaarts mee te nemen.   Het verhaal nu. Jake speelt de rol van Davis Mitchell, een 30tiger die in een bevoorrecht leven is terecht gekomen vol geld en doorprikbaar geluk... Een mooie vrouw, een job als makelaar bij het bedrijf van de oohzo typerende schoonvader, een villa waarin niets ontbreekt,... U kent het wel. Davis en zijn vrouw raken echter betrokken bij een auto-ongeluk. Idd zeer ongelukkig want die kut van een Julia zat achter het stuur. God straft onmiddelijk en Julia is dood. Davis heeft, Hollywood getrouw, zo goed als niets over gehouden aan het nare ongeval. Hij ontwaakt in het ziekenhuis en het nieuws van de dood van zijn overleden vrouw sijpelt niet echt binnen hoe de familie had verwacht. Davis en Julia bleken dan toch niet zo gelukkig te zijn. Maar daar wil de schoonvader natuurlijk niets van weten, hij sust zijn geweten dat iedereen anders omgaat met het rouwproces van een overleden geliefde. Davis besluit om een zakje M&M’s te kopen in de snoepautomaat op de gang, en we hebben het allemaal wel eens meegemaakt, het bewuste snoepgoed zit vast. Wat volgt is een prachtige klachtenbrief naar de klantenservice van de snoepautomaat. Al snel komt er respons op de brief. Karen Moreno die Davis terugschrijft is enorm geïntrigeerd door de mooie brief die ze te lezen kreeg. Er ontstaat natuurlijk een band tussen deze twee personen met een totaal verschillende achtergrond. Karen is een single mama die het moeilijk heeft met de opvoeding van haar kind, is net zo onzeker zoals Eddy Wally-vis live moest zingen in “De Kaasboerin” te Mol, en heeft te kampen met een weedverslaving. Men kan spreken dat deze lotgenoten zich “geroepen” voelen om elkaar te vervolledigen.   De rest van het verhaal laat ik aan jullie over om te ontdekken door de film eens te bekijken. Ik moet wel vermelden dat u zich zeker niet mag laten misleiden door Hollywood en de vele films die op ons worden afgevuurd. Achter elk van deze films moeten toch echt wel doordachte, slimme mensen zitten die ons allen het gevoel kunnen geven dat alles goed komt... Dat iedereen recht heeft op alles wat we maar nodig hebben, en willen hebben. Er wordt geld uit onze zakken geklopt om dit circus allemaal te geloven, en onbewust halen we films als referentie aan in het echte leven. Het mag dan wel een typisch typerende film zijn van een weerspiegeling van ons naïef en doorzichtig leven... Toch heb ik ervan genoten!   Na de film heb ik dan ook geen moment getwijfeld om te starten met een nieuwe vriendschap in mijn leven. Ik stuurde een vriendschapsverzoek naar Jake Gyllenhaal op Facebook, gaf een kleine “bijsluiter” mee met wie hij überhaupt te maken had... En kijk nu? Zowaar heeft Jake de eer zich te vervoegen in “de rangorde van beste vrienden van DE essentiële Bart van Vlaanderen”. Van zotte joodse feestjes in Los Angeles, tot samen thee drinken en genieten van diverse filmavondjes bij mij, met de bakfiets langs het Albertkanaal fietsen en ons voldoen aan een heerlijk ijsje, elkaars piemels vergelijken, een heerlijke quiche maken, filosoferen over het leven, dineren in de meest exclusieve restaurants, zelfs gwn eens skypen met elkaar zorgt voor een glimlach op mijn gezicht... om nog maar te zwijgen wat voor een glimlach er bij Jake verschijnt.   Ik geniet van de extra bevestiging die Jake, door een echt vriendenbericht, openbaar te posten en alleen mij er in te taggen op Facebook.     Wel dat zijn nu nog eens echte vrienden.

Bart Van de Peer
0 0

Met de S van dommerik

Ooit, lang geleden ondertussen, heb ik eens een krant gelezen. Ik heb evenveel geduld om te lezen zoals ons arm Waltertje, zoon van Willem Tell, stond te wachten wnr zijn vader die rotte appel van zijn even beschamend hoofdje ging schieten.   Ik probeer, zoals zo vaak met weinig succes, mij te focussen op de krant die ik dan eens in handen krijg te doornemen. Als ik dan toch eens een krant lees dan is het “De Morgen”. Maar ik ga hier zeker niet aan product placement doen... Links, rechts,.. Ze mogen allemaal mijn zware balzak eens komen kussen zoals Jody Bernal in den tijd.   Het moet op de Worstenfeesten in Vlimmeren geweest zijn dat ik deze flamboyante Nederlander met Colombiaanse roots leerde kennen... Ik was daar met mijn al even gehandicapte vriendin Kassandra. Zij, hij of het was een scharrel die ik, zoals alleen maar een plat gestampte boer, kon bijeenscharrelen door haar te helpen om een bekertje witte wijn te bestellen aan de toog omdat niemand haar had zien zitten... Een opportuniteit die ik natuurlijk niet kon laten liggen. “ Ey! 2mazouten en ne witte wijn makker! Of hebde mss kak in uw ogen als ge mevrouw hier teleurstellend, al zittend, laat wachten om iets te bestellen? Hebde geen manieren ofzo makker?!” Het ijs dat er tussen mij en Kassandra nooit was werd in haar ogen gebroken. De prins op het witte paard, trakteerde in volle galop een plastic bekertje wijn...   Kassandra kon verschrikkelijk goed pijpen.   Voila, leuke details. De rest is bijzaak waar niemand op zit te wachten... De “waarom” Kassandra in een rolstoel beland was, en nog van die ongemakkelijke vragen die ik eigenlijk niet hoefde te stellen op de 1ste zatte avond van de Worstenfeesten in Vlimmeren. Pfft.   Er was natuurlijk nergens redding te bespeuren toen bleek dat Kassandra een zeer gebrekkig accent gebruikte om haar Nederlands “verstaanbaar” te maken. Met het idee haar te dumpen bij het gehandicapte toilet, gingen we samen op zoek. Het WC voor mongolen was aan de inkom, rechts naast de vestiare. Dus moesten we op zoek naar de WC voor mongolen in een rolstoel. Deze was gelegen aan de backstage. Voor we daar waren betrapten we nog Sergio, van “Touch Of Joy”, op het naar binnen rammen van enkele pakken bakboter. Sergio heeft altijd heel veel stress voor hij moet optreden... Ik had graag een langer praatje gemaakt, om uiteindelijk de nummer te kunnen strikken van Xandee... Maar Kassandra moest echt hoogdringend gaan zeiken, alsof het leek dat ze dat nog niet genoeg had gedaan.   Uiteindelijk waren we aangekomen aan het bewuste toilet, en als er sprake mocht zijn van een heus plot, betrapte ik daar 2 mannen die uiteindelijk mijn al minder loodzware balzak mochten kussen. Jody Bernal en Bart Kaëll lagen elkaar daar wat te tongen. Que si que no, zou ik die 2nichten nog een kusje moeten geven nadat ze eens aan mijne zak hebben mogen hangen?   Jullie kunnen dus wel snappen dat ik het verdomd moeilijk heb om mij te focussen als ik eens een krant probeer te lezen.    “Tientallen doden tijdens religieus festival in Ethiopië”   Ik dacht voor ik dit artikel begon te lezen.. “Wat weet ik eigenlijk over Ethiopië?” Is het niet het land dat in de jaren ’80 werd geteisterd door een hongersnood van jewelste? Waren het toen niet een bende rijke hypocrieten die er een liedje voor hebben gemaakt? Band Aid? Bono zal wel vooraan hebben gestaan met het kruis van Jezus in de rechterhand, en een hoop flappen in zijn linkerhand. Het is daar heel warm, en het zit daar bomvol met negers... Niet zomaar negers, maar van die rappe negers die marathons lopen op 15minuten. Aan de haven van Antwerpen druipt er met momenten soms zoveel gezever en wijsheid uit de mensen hun mond dat ik word verplicht er iets van op te steken, zo heb ik me laten vertellen dat die “rappe negers” zich kunnen onderscheiden van de “negers” doordat ze altijd 100den kilometers moesten lopen voor water. Vandaar dus. Oef.   Ik voelde me dom omdat ik niet wist dat de hoofdstad van Ethiopië, Addis Abeba is. Nu zijn daar natuurlijk enkele factoren voor... Het is ten eerste onmogelijk om als gwne sterveling alle hoofdsteden van de wereld te weten. Dat is iets waar ik mijn geweten al een beetje met kan sussen. Ten tweede, wordt mijn intelligentie niet bepaald door kennis te hebben van alle hoofdsteden. En ten derde, Ethiopië ligt in Afrika... Het grootste containerpark van de wereld. Ik moet niks hebben van containerparken. Ik heb het ook niet zo met vegetariërs, hoewel Hitler een vegetariër was heb ik er zo mijn (voor)oordeel al voor klaar staan. Ik heb er een donkergroen beeld van dat ze zich altijd verplicht voelen om u er met op te zadelen dat ze door bepaalde trauma’s geen vlees meer willen eten, of er een vorm van compassie zich laat doet opwekken dat ze het verdomse toch ni gemakkelijk hebben, en dat je er precies nog respect voor moet hebben voor de levenskeuze die me niet kan boeien. Veganisten, nog zoiets. Atheïsten spannen dan weer helemaal de kroon door zelf een geloof “zonder naam” te hebben opgestart.   Maar toch was het overmacht dat het allemaal overnam, ik voelde me heel even dom. Een beetje ongemakkelijk zelfs. Ik voelde mij als een huisvrouw die even niet wist wat ze moest doen nadat ze heel het huis gekuist had. Of van die onaangekondigde stiltes die er vallen als ze u vragen op straat hoe het met u gaat en je zou oprecht eerlijk antwoorden. Om nog maar te zwijgen wnr je de kans krijgt om een mop uit te leggen.   Eigenlijk ken ik niet zoveel moppen... Hoewel? Ik kan jullie natuurlijk altijd plezieren met de mop van mijn seksleven. Vraag dat maar aan Kassandra, sterke twijfels heb ik of ze wel degelijk een mop kan vertellen, laat staan dat jullie er iets van verstaan.   Laat ons gewoon stellen dat mijn domheid, mij siert, een zekere streling biedt voor mijn ego... Dat ik ook geen reet aandacht wil besteden of het allemaal wel mooi geschreven is een uitstekend bijvoorbeeld.        Is het woord schrijvfauten trouwens correct geschreven?      Lees maar tussen de regeltjes.  

Bart Van de Peer
0 1

Voor ik vergeet, Jezus en de bakkerij

Voor ik vergeet, voor ik vergeet, voor ik vergeet, voor ik vergeet, voor ik vergeet,... Ik kan het mij nog wel enkele honderden keren opnieuw en opnieuw en opnieuw en opnieuw zeggen.. Maar ik ben soms Dori van Finding Nemo, maar dan in het kwadraat qua real life time ervaring... of toch zoiets.   Zo opgetogen, fier, kop in de wolken en de voeten nog verder daar boven, charismatisch, sociaal, lief, gezellig,... Zo fucked up kan ik ook uit de hoek komen. Half slapend werd ik naar binnen gebracht, om vervolgens dagdromend naar buiten te gaan en de draad des levens weer op te nemen. Het leek wel of men batterijen even opgeladen moesten worden, ik heb zo al eens 3x mijn batterijen moeten opladen... Bekijk het als een laptop beste mensen. Als we een laptop continu opladen, brandt hij na verloop van tijd zijn eigen batterijcellen op... Met als gevolg dat je hem zonder aansluiting maar mss 20minuten kan gebruiken en dan valt hij gwn uit. Ik ben, natuurlijk, de man bij uitstek die het toch eerst allemaal getest moet hebben om dan nog maar halverwege tot de vaststelling te komen dat de geplande 20minuten werden herleid tot een 10tal minuten. Gedaan met schrijven. Laptop is op.   Niet dat we natuurlijk een anekdote moeten maken, laat staan een vergelijking, over de levensduur van een laptop en het leven van mij... De essentiële.   Zo ging het eigenlijk een beetje altijd, ik hoorde wel wat de mensen mij wisten te zeggen, of de raad die in een vorm van een flets gebakken satéke vol cliché’s me de mond werd ingeramd, ik luisterde zelf... Maar deed er bitter weinig met. Ik geloofde in alles zoals een moslim gelooft in de kerk. Ik deed zelfs mijn best om het allemaal te geloven. Oprecht. Momentopnames. Illusies die verdomd, godgeklaagd, echt zouden worden. Het moest wel.   Maar ik ben ook maar een gewone bom beste mensen, ook ik ga eens af... naar beneden. Van al mijn bezoekjes in het ziekenhuis, de psychiaterische afdeling, de consultaties bij therapeuten en consorten heb ik eigenlijk mss maar weinig van opgestoken. Ik zou het verdomd moeilijk vinden om pakweg bij de 9de consultatie iets te moeten zeggen van “Verdorie! Gij! Wauw! Gij é?! Gij blaast mij hier helemaal omver met uw woorden en kennis van wederopstanding... Dank u mijnheer! Dank u zo hard! Zo hard é mijnheer den dokter om mij hier uit te sleuren!”   Begrijp me nogmaals, nogmaals, nogmaals, nogmaals niet verkeerd. Er zullen wel van die scheten in mijn gezicht hebben plaatsgevonden die me even omver hebben geblaast, of bepaalde one liners die ik wel heb onthouden, ... Maar om nu te zeggen dat het iets daadwerkelijk heeft verandert aan alles? Dat het een oplossing is geweest voor mijn problemen? Nee... Dat moet jezelf doen. Niets is gratis in het leven. “Voor niks komt de zon op”, als ge natuurlijk besluit om dagenlang in uw bed of voor de TV te blijven zitten kan je zelfs van dat niet meespreken.   Ik ben zowat alles geweest in mijn leven vermoed ik, maar echt tevreden met wie ik ben, wat ik kan? Nee... Ik heb me er bijna over dood gepiekerd. Als dit schrijven omschreven mag worden als een soort van wederopstanding zou ik zelf eens cynisch lachen.   Ikzelf heb min of meer vrede genomen met de gebeurtenissen, de zaken die dan toch niet zo onvoormijdelijk zijn gebleken, de belofte’s, de waarheden, de leugens, de dromen, de lotto winnen en hem den dag zelf nog opbratsen zeg maar. Als er van die euforische dagen waren leek het wel of ik het groot lot had gewonnen.   Maar hoe zou ik het in godsnaam kunnen verwoorden dat de persoon die dit leest er mss wel baat bij heeft of eventuele intresse?   Mss kan een domme vergelijking van de melk bij de kat zetten wel eenig soelaas ver(l)ichten. Iedereen weet er wel van, maar wij Belgen, wij kunnen nog als weinige mensen in Europa langs de autostrade op de parkings alcohol kopen... Maar... jawel, er is een maar.. Iedereen mag drinken behalve de chauffeur. Er zullen wellicht meer mensen zijn als mij die er zich geen vragen bijstellen, of die het kortzichtig bezien en het logisch vinden dat chauffeurs niet mogen drinken. Maar heeft men ooit al eens bezien dat de week-end alcoholieker in spé het mss wel raar zal vinden dat hij zich op weg naar weet ik waar zich kan voldoen aan een stel frisse pinten? Ik zou bijvoorbeeld met enkele 1000den euro’s al het bier kunnen kopen, om vervolgens verder te rijden... Niets mis met? Toch?   Zolang je maar niet drinkt...   Het is toch een beetje de kat bij de melk zetten, of de melk naar de kat brengen,... We gaan morgen toch ook geen sigarettenautomaat plaatsen in de kindercreche? Of heeft K3 mss al een gat in de markt gevonden om vapers te verkopen in Plopsaland? Want naar het schijnt is dat helemaal niet ongezond, en zou de stap naar het old skool roken minimaal zijn? In ieder geval? Ik ben die chauffeur langs de autostrade die even stopt voor te pissen, een pak sigaretten, en ow jom... mss nog een biertje? Of ik zou die kleine zijn die sigaretten gaat halen voor een familielid, maar stiekem er zelf ook eentje van gaat roken...   Maar ik wil tegelijk de tendens niet verbreken door alles in het belachelijke te trekken zoals ik dat maar al te graag doet... "Kom Bartje, we halen er geloof bij."   Wat zou Jezus doen in mijn plaats? Ik heb er zo eens over nagedacht toen ik snachts in mijn bed lag... twijfelend of er eigenlijk wel iemand mijn teksten leest op azerty... Moest ik dus zoals reeds vermeld denken aan Jezus... Als er miljoenen mensen in de wereld geloven in een verhaal van een man die 2stenen aan het vechten kreeg om ze dan in een gebakken brood te laten rijzen, die verdomse de alcoholproblematiek heeft aangewakkerd door water te veranderen in wijn...  Wie ben ik dan? Ik ga zeker geen bakkerij opendoen zoals Jezus zou doen mocht hij eindelijk eens zijn opgedoken na zijn wonderbare ontsnapping uit de grot, of “the cave” zoals zijn min of meer trouwe apostelen het noemde in den tijd. Ik word hobbyschrijver, in dezelfde zin als Jan Modaal die een mening over vanalles heeft.   One of the guys.   Gewoon Bartje, maar dan beter.

Bart Van de Peer
0 0

VAN DIE BOER GEEN EIEREN

Eindelijk is ma kip afgekickt van haar dioxineverslaving of moet ik zeggen, afgekipt. Zonder dat er een haan naar kraait, worden er duizenden kippen door zo’n pluimveehouderboertje in één ruimte bij elkaar gedreven. De kakeldames staan daar pluim tegen pluim en als ze hun pootjes twee centimeter willen verzetten botsen ze tegen elkaar op, dat noemt de boer dan scharrelen. Dus vandaar de naam: scharreleieren. Scharrelen, foefelen en leggen zoals de kiekens, zonder papa haan. Zij drummen en lopen als kippen die hun ei niet kwijt kunnen. Door het plaatsgebrek pikken de hennen elkaar kaal, maar dat pikt de boer niet. Zelfs een kale kip kan nog leggen! Moederkloek is er nog steeds van overtuigd, dat zij met elk legsel voor haar nageslacht zorgt, terwijl ze echter alleen aan onze voedselketen doneert. En nu heeft die kiekenboer ontdekt dat er een luis in de pels zit..de leghennen hebben bloedluizen in de pluimen! Niet echt luizen, maar vogelmijten die zich overal in hun kippenparadijs nestelen.  Bloedluizen vormen een vervelend probleem voor de kippenhouders. Kippen die gebeten worden, leggen daardoor minder eieren en dat betekent op termijn dat de scharrelkweker minder in het laatje krijgt.  Om te voorkomen dat de eierenboer, zonder actie te ondernemen zijn kip met de gouden eieren zou slachten, koos hij snel eieren voor zijn geld. Als een kip zonder kop gaf de Nederlandse kiekenbaron zijn scharrelkippen een ‘anti bloedluis bestrijdingsmiddel Fipronil douche’. Nederland stond op zijn kop! Volgens het Nederlandse voedselagentschap was er Fipronil vergif in de eitjes terechtgekomen en dat was gevaarlijk voor de volksgezondheid. De Belgische pluimveehouders zouden het gifbadschuim niet over hun kakelhennen gesproeid hebben maar er alleen de nesten, zitstokken en voederbakken in de kippenhokken mee behandeld hebben. Toch kwam er een hoeveelheid mijtenshampoo in onze Vlaamse eitjes terecht. Het Belgisch Voedselagentschap, dat al meer dan twee maanden hiervan op de hoogte was, beweert echter dat er met onze eitje niets gevaarlijks aan de hand is. Wij mogen lustig ons gekookte eitjes blijven uitlepelen en probleemloos ons cholesterolgehalte blijven opdrijven. Als U dan zo, ’s zondagsmorgens uw reepje brood in de gele dooier duwt, denkt U dan nu ook niet spontaan aan een geel zwavelmeer?  U kan er vergif op innemen dat U onmiddellijk verbanden gaat leggen met de volgende eigerechtjes: Opgelet, dit wordt een kippenboeren-gif-omelet! Of er is geen smaakverschil aan een roerei met Fipronil. Of een broodje Russisch ei op een bedje van sla met mijtenvergif.  Ei benedict, ‘t is nu geen mosterd maar Fipronil dat pikt. Gebakken paardenoog, sunny side up, met snuifje zout en gemalen mijtenkorrels. En als dessert meringues met bloedluizensuiker. De Fipronil fraude is stukken groter dan gedacht. Wij hebben duidelijk een eitje te pellen met het Belgische voedselagentschap! De pluimveesector beweert dat de kippenboeren heel goed wisten waarmee ze bezig waren en nu worden de voor de bevolking ‘onschadelijke’ vergiftigde eieren alsnog uit de Belgische winkelrekken gehaald en in Nederland de luizenkippen preventief vernietigd. Zijn wij zulke zachte eitjes geworden, dat wij alles letterlijk en figuurlijk blijven slikken? Dioxinekippen, gekke koeienbiefstukken, slechte kwaliteit olijfolie met een label van extra virgine, hinnikend paardenvleesgehakt in de rundvlees-hamburgers en diepvrieslasagnes,  salmonella in de zalm, nepchianti in de wijnrekken, kortom fraude, list en bedrog op ons bord…en dit alles voor het grote geld. En dan even een kippenvelmomentje! Stellen wij ons nu na jaren plots de vraag, waar komen toch al die kankers vandaan? Ach ik heb deze ochtend lekker een zachtgekookt eitje weg gesopt en ik voel me nog steeds kiplekker en U??   Sim, 5 augustus 2017

Sim
150 0

DE HEILIGE KOE

Nog maar een paar jaren geleden, bevestigden wij onze fietsen achter aan de auto vast en reden richting één of ander fietsparadijs. Nu, vandaag de dag, draaien wij onze straathoek om en staan in de file. Of je nu rekening houdt met de huis- werk- spitsuren of niet, om de hoek sta je stil. Want er zijn veel teveel mensen en veel teveel auto’s.  Als wij op familiebezoek willen gaan, van de zuid-  naar de noordkant van Antwerpen, rekenen wij er sowieso al een half uur extra rijtijd bij, want je mag door de drukte op de autostrade op sommige stukken nog amper 70 km, in plaats van de toegelaten 120 km, per uur rijden. Kriskras wriemelen de wagens van het ene naar het andere baanvak, want het lijkt er immers altijd op, dat waar jij rijdt het veel trager en soms helemaal niet vooruitgaat. Met een beetje geluk rij jij zelf juist voor die ene wegpiraat die zigzaggend, zelfs over de pechstrook, van rechts naar links een ongeval uitlokt en de autobaan na zich, in een regelrecht compleet verkeersinfarct achterlaat. Want er zijn teveel mensen, teveel auto’s, teveel files en teveel wegpiraten . Als je vanuit het Antwerpse een daguitstapje naar de Belgische kust plant, moet je  alle inzittenden voor de rit onderweg van een noodrantsoen eten en drinken voorzien. Al snel wordt het drie uren autostradebumperen in de blakende zomerzon. Gezellig kleef je uren achteraan dezelfde auto, waar lieve kindjes door de achteruit wuiven, obscene gebaren maken of je het vingertje geven. Per meter vooruitgang, houd je het hart vast, want in de achteruitkijkspiegel, zie je telkens die vrachtwagenmastodont gevaarlijk dicht achter je bumper remmen. Als je twee linkerbaanauto’s voorbij treuzelt, kom je steevast telkens opnieuw naast die ene neuspeuteraar of die rijdende daverende discobarbolide te staan. Op de autoradio kwebbelt een stem een tiental minuten de verkeersinformatie en alle files aan elkaar. Zij vertelt je, veel te laat, juist voorbij die ene afslag, waar je het beste de autostrade kon verlaten. Volgens de radiodame zou je dan uiteindelijk langs de gewestwegen, door steden en dorpjes, via rotondes en verkeerslichten sneller je eindbestemming kunnen bereiken. Wie had er jaren geleden gedacht dat het woordje “snelweg”  de autolading helemaal niet meer zou dekken. Want er zijn teveel mensen, teveel auto’s, teveel files, teveel wegpiraten en teveel vertragingen. Als je de pech hebt dat je gemeente bestuurt wordt door een “Groene”, dan zie je al snel dat alle tweebaanswegen, waar je vroeger vrolijk door kon rijden, herschapen worden tot één- baanvak trajecten, waar, de kop staart aanschuivende auto’s, de bestuurders met de meest uiteenlopende uitlaatgassen elkaar trachten te vergiftigen. Want er zijn teveel mensen, teveel files, teveel wegpiraten, teveel vertragingen en teveel versmallingen. Ook in onze achterafstraten worden er, om het verkeer te vertragen, veel te hoge drempels aangelegd, waarover je, als je er iets sneller dan de toegelaten 30 km per uur, overheen gaat, als een stuntrijder omhoog gekatapulteerd wordt. Een ietwat geoefende fietser zoeft je met zijn twee vingers in zijn neus vrolijk voorbij. Want er zijn te veel mensen, teveel files, teveel wegpiraten, teveel vertragingen, teveel versmallingen en teveel drempels. Nu moesten wij laatst van Edegem richting Boechout rijden om iets uit de caravanstalling te halen. Maar in de gemeente Hove, die er juist tussenin ligt, presteerde men het, al meer dan anderhalf jaar, overal wegdek- en rioleringswerken tegelijkertijd uit te voeren en allerlei omleidingen uit te stippelen. Langs dit omleidingsparcours stonden er, om en om, langs beide kanten van de rijbaan overal ineens gigantische betonnen geel geschilderde bloembakken, zonder enige reflecterende signalisatie. Als een rallyrijder moest je door de velden, tussen de boerderijen en recente nieuwbouwwijken slalommen. Bijna verwonderlijk dat hier ’s nachts niet meer bloempotcrashes voorkomen. Een ritje dat je, normaal ruim berekend, op maximaal 20 minuutjes reed, duurde nu meer dan één uur en twintig minuten. We hadden het gevoel dat we heel Vlaanderen gezien en bereden hadden, want ergens onderweg was er in geen einde en verte nog een omleidingssignalisatie te bespeuren. Verder wordt je ook constant door een doemdenker weerman aangemaand niet met je wagentje de weg op te gaan als er ergens ten lande een onweersbui of sneeuwvlaag kon vallen of indien bevroren ijzel het wegdek in een ijsbaan kon veranderen. De strooiwagen kan dan immers ook niet strooien, want hij staat in de file. Als je dan toch, op eigen risico, meer varend, schuivend en sleerijdend,  besluit met je auto aan te sluiten aan de meest dramatische langste file ooit, dan kan je alleen maar hopen dat je zonder enige blikschade je eindbestemming bereikt. Ook in Antwerpen graaft men alle straten tegelijkertijd open. Het is zelfs zo erg dat mensen die in de haven werken nu niet meer met de auto op hun werkplek geraken, zonder eerst een rondje sightseeing fileleed te ondergaan. Sommigen hebben, uit pure ellende, zich een elektrische fiets aangeschaft waarmee ze langs de omgespitte putstraten kunnen manoeuvreren. Want er zijn teveel mensen, teveel files, teveel wegpiraten, teveel vertragingen, teveel versmallingen, teveel drempels, bloembakken en teveel omleidingen. En juist nu wordt die brug over het kanaal afgebroken, die ene brug die voor de inmiddels helft fietsende Antwerpenaren een behoorlijke shortcut bleek te zijn. Tot maart volgend jaar moeten ook de E-bike trappers een alternatieve fietsroute uitdokteren. Als je dan toch besluit, omdat je fiets ergens gepikt werd, opnieuw met je autootje richting stad of haven te pendelen, ben je uren zoet met het vinden van een parkeerplaats. Je bent in een wip een fortuin kwijt aan parkeergarages, parkeermeters of boete schrijvende parkeerwachters.  Want er zijn teveel mensen, teveel files, teveel wegpiraten, teveel vertragingen, teveel versmallingen, teveel drempels en bloembakken, teveel omleidingen en te weinig gratis parkeerplaatsen. Als enige tijdrovende alternatief heb je dan nog het openbaar vervoer. Dus je stapt op bus en tram en laat je statussymbool onbewaakt op je oprit of in je straat geparkeerd staan. Bij je thuiskomst kan je dan alleen maar vaststellen, dat tijdens je afwezigheid, dieven,  je velgen, je voor- of achterbumpers van,  en je gps- systeem, je radio, zelfs je airbag en stuur uit je auto gestolen hebben. Je auto-onderdelen rijden nu vermoedelijk, gedemonteerd, in een Oostblokvrachtwagentje richting rommel- of zwarte markt . Want er zijn teveel mensen, teveel files, teveel wegpiraten, teveel vertragingen, teveel versmallingen, teveel drempels en bloembakken, teveel omleidingen, te weinig parkeerplaatsen en veel te veel crapuul. Je wordt nog aangemaand om een nieuwe minder vervuilende auto te kopen, zodat je zonder problemen in de Antwerpse lage emissie zone binnen mag, maar je kan er nergens meer mee rijden, laat staan parkeren! Iedere burger zijn eigen auto. En daarom staan we nu met zijn allen uren met onze auto’s en camions benzine verdampend in de rij, stil, heel stil, onbeweeglijk, onveranderlijk, roerloos, stokstijf stil… En juist op het moment, als je dan uiteindelijk uit pure ellende beslist om je auto dan maar aan de kant of in je garage te laten staan, je de wandelschoenen wil aantrekken en te voet in de omgeving wil gaan rondstappen, valt er de jaarlijkse autoverzekering en de autobelasting in de brievenbus, de heilige koe moet gemolken worden….Want met die taks moet men de straten vernieuwen, versmallen, overal drempels en bloembakken plaatsen, omleidingen aanleggen, weg- en rioolputten graven, aan elke nog vrije parkeerplaats parkeermeters plaatsen en de lonen van de parkeersmurfen betalen..   Sim, op zondag wandelend door Edegem     16/7/2017

Sim
0 0