Eikesvandekiekskes

25 apr 2026 · 12 keer gelezen · 0 keer geliket

Ik had ze genoemd naar de vriendinnen van mijn moeder. Lucy. Rita. Monique. Goede Lieve.

Vier olijke dames in mijn tuin. Altijd druk. Altijd commentaar. Altijd honger.

Ik vond dat geestig. Een klein eerbetoon.

Tot die vier echte dames eens langskwamen. Koffie. Cake. Ge kent dat.

Zo’n namiddag waarop de tijd een beetje stilvalt en iedereen tegelijk praat en toch hetzelfde verhaal vertelt.

En ik — fier, onnozel — zeg: “Ja, en mijn kippen heten dus ook Lucy, Rita, Monique en Goede Lieve.”

Stilte.

Lucy — de échte — kijkt mij aan. “Dat vind ik eigenlijk niet zo plezant,” zegt ze.

Ik lach nog wat. Probeer te redden wat er te redden valt. “Maar allé Lucy, kippen zijn toch schoon beesten. Die geven terug. Dat is eigenlijk een compliment…”

Maar ge voelt dat ge aan het zakken zijt. Sommige metaforen moet ge gewoon binnenhouden.

Enfin. Ze liepen daar dus. Mijn vier.

En ik had een systeem. Een geniaal systeem, vond ik zelf. Afvalverwerking èn eten. Ideaal!

Maar kippen denken niet na over vraag en aanbod. Die hebben geen Excel. Geen grafiek. Geen besef van consumptie.

Vier kippen is vier eieren per dag. Dat is achtentwintig per week. Dat is honderd twaalf per maand. Dat is… te veel ei voor een mens.

Ge kunt uw best doen. Echt waar. Maar er zijn grenzen aan wat een lichaam aankan. Zelfs met pannenkoeken, cake en quarte quarts inbegrepen.

En daar begint het. Daar is ze... De vraag: “Kundegij iets doen met eikes?”

Want eieren blijven nooit liggen. Die moeten bewegen. Van mens naar mens. Van keuken naar keuken. Eieren. Dat is een project. En mijn ecologisch project draaide.

Tot er op een dag… bezoek kwam. Laat ons zeggen dat de natuur ook haar eigen economie heeft.

Zeven jaar later kan ik zeggen: de vriendinnen van mijn moeder zijn er nog altijd. Lucy, Rita, Monique en Goede Lieve.

Ze drinken nog koffie. Ze eten nog cake. Ze kijken nog altijd een beetje streng als ge iets zegt dat ge beter niet zegt.

Mijn kippenvriendinnen zijn er niet meer.

Maar de eieren wel. Ze komen nu van iemand anders. Iemand met hetzelfde probleem.

Te veel kip. Te veel ei. En de vraag : “Zeg, kundegij iets doen met eikes?”

En voor ge het weet zit ge daar terug.

Aan tafel. Koffie. Cake. Dezelfde stemmen, dezelfde verhalen die al duizend keer verteld zijn en toch blijven plakken.

En ergens in die cake — zacht, boterig, een beetje te veel van alles — zit een ei.

Want eikes zijn meer dan ne merci uit de poep van een kip.

Het is een beweging. Van mens naar mens. Van cake naar cake. Van moment naar moment.

En misschien is dat het wel.

Dat die kleine, banale eikesvandekiekskes er telkens opnieuw voor zorgen dat we blijven zitten. Nog een tas koffie. Nog een verhaal dat we eigenlijk al kennen maar toch nog eens willen horen.

Geraakt door deze tekst? Maak het hartje rood of deel de woorden met je vrienden.

Zo geef je mee een stem aan de woorden van deze schrijver.

25 apr 2026 · 12 keer gelezen · 0 keer geliket