*****************************************
Adagio, Tomaso Albinoni door verf ed
***************************************************
Recuerdos de la Alhambra T.Tarrega
**********************************************
In den beginne was er de tekst en het ritme, aangegeven door een stok. De gitaar kwam pas veel later. De spanning werd, eerst langzaam, opgevoerd naar een hoogtepunt. Het doet denken aan Arabische (huwelijks)feesten, waar het tempo aanzwelt tot de ontlading – en dan stopt het. Ook bij flamenco wordt dat ritme steeds opnieuw opgevoerd, gestopt, en weer hervat.
Flamenco: een melodie bouwt zich op en net wanneer het gevoel zijn volheid bereikt, valt het stil. Dit proces herhaalt zich eindeloos. Ik werd er gek van. Het raakte mijn puberale gevoelens en bracht ze in beroering. In die uithoek van Vlaanderen werd ik gegrepen door muziek uit het zuiden van Spanje.
Later bleek de enige flamenco-kenner en -speler in Antwerpen te wonen. De stad waar boten in het centrum aanmeerden en hun vele culturen voor een paar dagen of weken uitspreiden. Het was een hele tocht vanuit mijn afgelegen dorp naar de grote stad, maar mijn jeugdige hormonen dreven me erheen.
De zanger-schrijver-dichter woonde destijds in een rijtjeshuis in een zijstraat van de Gitschotellei. Oeroude Vlaamse instrumenten hingen aan de witte muren. Na een hartelijke ontvangst kreeg ik mijn eerste teleurstelling te verwerken: de enige kenner van deze hartstochtelijke muziek vertelde me dat hij ze niet meer speelde. Een Spanjaard had hem erop gewezen dat zijn spel veel te koel was. Hij stuurde me naar Leuven, waar een Vlaamse flamenco speler de muziek niet alleen speelde, maar ook lééfde.
Op dat moment kon ik er weinig mee; de volgende dag werd ik weer in de fabriek in mijn dorp verwacht. Maar een paar jaar later, toen ik de wijde wereld introk, bepaalde die ontmoeting mijn pad. Leuven werd vijf jaar lang mijn thuis.
Later, toen de ratio in mijn leven sterker werd, vroeg ik me vaak af waarom die verre muziek mij zo diep had geraakt. Misschien omdat de strenge rooms-katholieke cultuur en de armoede in het verre Andalusië gelijkenissen vertoonden met het leven hier. Een van de verhalen over de oorsprong van de naam bracht meer duidelijkheid: een Spaanse koning hoorde de zigeunermuziek en zei: "De passie die deze muziek uitstraalt, vind ik terug bij mijn Vlaamse lijfwachten, mijn flamenco's."
De zanger-schrijver-dichter die ik destijds ontmoette, schreef de regels die al jaren door mijn geest dwalen en mijn leven verblijden: "Ik wil deze nacht in de straten verdwalen, de klank van de stad maakt me zeer amoureus." — Wannes van de Velde.
Op de dag van de begrafenis van Wannes werd deze tekst gepubliceerd in de krant DE MORGEN.

