Ik liep op het strand
en ik dacht aan jou.
Er was vrijwel niemand.
En de zee was zelden zo mooi als nu.
Ik denk dat je op je mooiste bent
wanneer je niet probeert.
Zoals de zee niet probeerde
de wind de baas te blijven,
mijn voeten niet nat te maken
door meer en meer van het strand in te palmen,
ze probeerde niet kalm te blijven
en haar golven in toom te houden.
Laat het eens goed razen.
Soms vraag ik me af wie je zou zijn
als je niet zo zou proberen
in de smaak te vallen.

