De ramen dampten de ruimte dicht door ons gehijg.
Ik trapte je vergeet-me-nietjes plat,
stootte je emmer aarde omver,
en piekte met mijn hand in een hark.
Zo benieuwd om te wroeten onder je grond,
het geheim van je lichaam te zien,
te hopen op blond borsthaar
en dat ook te vinden.
Na de de seksstorm in jouw serre,
En ijsblokjes op onze lichamen smolten
lagen we in een ademende stilte neer
op een nog woeste grond.
