Natuurlijk is de vrouw een hoger wezen. Heeft U zuipend varken, beer en gulzig zwijn daar ooit aan getwijfeld?
Zelfs de grootmoeder. Die rond middernacht mijn kamer binnenkwam met een klysmabuis. Zij had mij goed begrepen.
Toch was het slechts een droom. Ook een vergissing. De nacht weet van de maan hoe zon verblindt.
Het stervende kind. Dat wegens gedwongen geboorte voedsel weigerde. Het lag in een andere kamer.
In de ochtend. Toen ik wakker werd. Voelde ik geen honger meer. Zelfs die laatste levenslust bleek uitgeblust.
Mijn vel was bleek. Tussen wit en roze. Ik mocht mee met Persephone. Zij nam mijn hand.
Ik mocht nog door die tuin. Waar vrouwen tederheid omhelzen.
Zij kunnen elkander werkelijk zomaar aanraken.
Op een manier. Die mij huilen doet. Van onschuld.
Ik kon enkel hopen. Dat zij vlees aten.
Al hield ik ook van die zinloosheid.
Van het bestaan.
uit de reeks 'Hormonoloog'