“Ik heb de ziekte van het vergeten”, hoor ik een mevrouw op tv zeggen. Wat heeft ze dat mooi gezegd. Al is er natuurlijk niets moois aan.
Het is ook de ziekte van het verdoezelen. Zo lag er bij moeder een uitnodiging voor een bruiloft van onbekende mensen in het mandje van haar rollator. “Ge moet naar een feest ma.” “Is het echt?”, lachte ze. Ze bleef ook in het woonzorgcentrum aan de zwengel van de draaiorgel van het leven draaien. We draaiden mee.
De zoon van de mevrouw op tv wijst naar buiten. “Ge kijkt op een mooie boom.” Ik zie haar denken. “Waar zijn die andere bomen naartoe?” De bomen van haar tuin of die in de straat. Die heeft ze net als haar kinderen groot zien worden. Want de ene boom is de andere niet. Andere stammen, andere bladeren. Maar ook: aan deze boom hangen geen herinneringen.
