We moeten er gewoon uitsteken.
Niet boven. Niet onder. Eruit.
Dan leef je uitstekend.
Nochtans heb ik de neiging
alles wat uitsteekt
weer in te duwen.
Pasta heb ik graag
allemaal even lang.
Veterlinten ook.
Om van mijn kapsel te zwijgen.
Daar wil ik al helemaal
geen haar dat uitsteekt.
Ik zou mijn hoofd
zelfs met een waterpas nameten.
Mijn hemd strop ik liever op.
Stof die uitsteekt kan blijven haken.
Ik hang nu eenmaal niet graag
aan klinken vast.
Ik hoef er niet uit te steken
en lijn mijn stroom mooi af.
Niemand hoeft aan mij te blijven haken.
Ik wil geen kerstboom zijn.
Die tuig je trouwens af.
Daar heb ik al helemaal geen zin in.
Opgetogen,
maar afgetuigd.
Wie blijft hangen steekt ergens uit.
Koppige pasta.
Een avontuurlijk hemd.
Een weerspannig haar.
Een afwijkende veter.
Een steek uit de plooi.
Vandaag leg ik één haar goed.
De rest ligt uitstekend.
Afbeelding RelaxingTime Pixabay

