Lezen

Lichtjes in het donker

Ik had een leesprobleem. Meer bepaald met lezen in het donker. Nu zal u zeggen, dan doet u toch gewoon een lichtje aan. Nee, zo eenvoudig is het niet, want als de andere persoon wil slapen moet het licht uit. Dan heb je dus een leesprobleem. Op de radio vertelde acteur Wim dat hij in bed altijd een hoofdlamp draagt om te lezen. U weet wel, een elastiek met een lampje aan, dat men gebruikt om in het donker te wandelen. “Het werkt fantastisch”, zei acteur Wim. “Het is alsof je ogen licht maken. Je stoort er niemand mee.” Het leek me een goed idee. “Je moet er alleen niet mee in slaap vallen”, zei Wim nog.  “Want dan zie je er ’s morgens uit zoals een overjaarse punker. Met die elastiek gaat je haar nogal omhoog steken.” Acteur Wim ken ik als een man van zijn woord, daarom begaf ik naar de sportwinkel waar ze hoofdlampjes verkopen. Ze lagen vlakbij de ingang. Misschien hadden ze die daar gezet omdat meer mensen het radioprogramma met acteur Wim hadden gehoord. Eén lampje zat niet in een doosje. Een testlamp wellicht. Ik plaatste het ding op mijn hoofd en drukte op het knopje. Er gebeurde niets. Tenminste, ik zag niets gebeuren, want het was volop licht in de winkel. Ik durfde ook niet vragen of ze een donkere kamer hadden, dat leek me wat ongepast. Gelukkig had ik een ruime jas aan. Ik trok mijn jas over mijn hoofd en haalde mijn arm uit de mouw om op het knopje te kunnen drukken. Het werkte fantastisch. Ik was meteen verkocht. Toen ik mijn hoofd uit mijn jas haalde, passeerde er net een verkoper. “Gaat het meneer?”, vroeg hij. Hij zei er verder niet veel van, maar ik was toch wat gegeneerd. Lichtjes.

Rudi Lavreysen
6 0

Gedachten tijdens een lange rit

* Hoe heerlijk is het om vroeg in de morgen nog even de ogen te sluiten op de passagiersstoel en je lot volledig in handen te leggen van een bestuurder die er alles zal aan doen om iedereen (2 mensen, 2 dieren) veilig op de bestemming te laten arriveren.* Je voelt hoe je hoofd zwaar wordt en naar beneden zakt, je zoekt steun voor je hoofd tegen het raam, de anorak maakt te veel lawaai, het hoefijzerkussentje verplicht je hoofd om hoog te blijven zodat je de hemel goed ziet.* Vreemd is het gevoel te ontwaken in een rijdende auto én in een ander land.* Telkens je de ogen opent, ontrolt zich een ander landschap. Vlakke akkers - zien we daar nog een veld zonnebloemen in november? - herfstkleuren, industriegebieden, ronde bergen, drukke valleien, parkings vol vrachtvervoer dat de zondag doorbrengt met wachten, zouden sommige chauffeurs naar de Autobahnkirche gaan?* Wolken wekken altijd verwondering op. Een Schilder heeft eerst alle kleuren blauw in de lucht gesmeerd en daarna witte stippen, slierten, vegen, vlekken... pointillisme op grote schaal. Er vliegt een heks op een bezemsteel door het zwerk, twintig kilometer verder heeft ze zichzelf getransformeerd tot een draak.* Dieren verplichten je om regelmatig halt te houden. Ook zij moeten het nieuwe land besnuffelen.* Om vier uur 's middags duikt de maan op aan de horizon, even wit als de wolken. Een koeltoren stoot zijn witte pluim tegen haar ronding.* Hoe erg is onze manier van reizen veranderd tegenover pakweg 200 à 300 jaar geleden. Geen karossen met paarden meer. Ondanks werken, files en omleidingen leggen we op een dag 760 kilometer af, ons continent binnen rij-bereik. Geen jaren onderweg door Europa zoals Leopold Mozart met zijn 2 wonderkinderen die dit avontuur ternauwernood overleefden. Is reizen dezer dagen veiliger dan toen? Of kennen we nu andere gevaren... Een vraag die goed is voor langeafstandsargumenteren.* Hoe komt het toch dat er, net als je wil tanken, tientallen kilometers lang geen tankstation te bekennen valt? Ha ja, dit land is groter dan het onze.* En dan een Italiaan waar allemaal Italianen werken, behalve de kok. Die komt uit Sicilië... En eindelijk een warm bed in een (te) warme kamer.                 Leuk   Opmerking plaatsen  Delen  

Vera Steenput
6 1

Te nieuwsgierig geweest

Hij was inmiddels wel kind aan huis, op het werk van het vrouwtje. De meeste mensen kenden hem nu wel en hij wist ook precies waar hij moest zijn als hij met de bal wilde spelen. Er kwamen regelmatig nieuwe mensen maar ook die waren prima om mee om te gaan. Natuurlijk mocht hij van het vrouwtje niet overal mee naar toe en mocht hij niemand voor de voeten lopen maar over het algemeen deed hij toch wel waar hij zelf zin in had. Dat was ook regelmatig tukken, want dat is nu eenmaal ook wel heel lekker, maar hij kon toch wel vaak op ontdekkingstocht. Laatst had hij zich alleen wel een beetje vergist. Het vrouwtje zat met een collega in een grote kamer en ze waren samen druk bezig met iets dat op het scherm stond. Hij had wel even gekeken en een dutje gedaan maar op een gegeven moment was hij toch maar eens verder gaan kijken. Er waren best veel mensen dus misschien had er wel iemand zin om met de bal te spelen. Eerst maar eens kijken waar zijn bal eigenlijk lag, dat wist hij niet precies. Toen hij over de gang liep, kwam hij een meneer tegen met een grote tas bij zich. Hmm, die had hij nog niet eerder gezien. De man liep hem voorbij, het leek of hij een beetje haast had, maar hij was er toch maar achteraan gelopen. De man ging dat rare hok binnen, waar het altijd zo warm was. Ze kwamen er niet zo vaak, je kon er ook niet werken. Hij keek eens rond, de man was bij de grote installatie bezig en had helemaal geen interesse in hem. Nou ja. Dan niet hoor, hij kon zichzelf ook wel vermaken. Er was genoeg te onderzoeken in dat hok. Alleen, de man had waarschijnlijk ook helemaal niet in de gaten gehad dat hij er nog was, want toen hij klaar was met zijn klus ging hij weg en deed gewoon de deur dicht. Zonder naar hem te kijken. Daar zat hij nu, opgesloten. En het vrouwtje wist niet waar hij was. Ai, dat was niet handig. Het was wel te hopen dat ze hem zou vinden want het was helemaal niet gezellig in het hok. Stel je voor dat ze hem niet vond en dan alleen naar huis zou gaan. Dan moest hij hier vannacht blijven. En hoe moest dat dan met zijn brokjes, en zijn varkensoor. Tjee, hij had zich toch wel in de nesten gewerkt. Hij werd er toch wel een beetje paniekerig van. Als hij nou eens bij de deur ging staan en ging roepen? Pff, gelukkig, de deur ging open en het vrouwtje keek hem aan. Ze was niet blij, dat zag hij wel. Maar hij kreeg gelukkig niet op zijn kop, waarschijnlijk was ze ook wel blij dat ze hem gevonden had. De rest van de middag was hij heel dicht bij haar gebleven. Volgende keer zou hij toch wat beter uitkijken, dat wist hij wel.  

Machteld
0 0